NederlandsEnglish
Verslag 2008
Verslag Zomer 2008

 25 juni 

Nog zo'n 2 en een halve week, dan vertrekken we weer naar Indonesië. En op veler verzoek (ik voel me zeer vereerd) ga ik weer proberen een reisverslag/dagboekje bij te houden. Ik had al een heel mooi schriftje gekocht, maar de computerheren in huis hebben iets heel anders en veel moderners voor mij bedacht. Een soort weblog (ik geloof dat het zo heet). Nu kan ik, in elk geval als er een pc in de buurt is, mijn teksten typen, zodat ik later niet meer hoef na te denken wat ik toch had opgeschreven (mijn handschrift is zelfs voor mijzelf niet altijd te ontcijferen). Zodra ik in de buurt van een pc met internetverbinding ben, kan ik zelfs de teksten op het wereldwijde web deponeren, zodat alle fans van Indonesië (en dat zijn er heel wat), en misschien ook nog wel wat fans van ons gezinnetje, onze belevenissen op www.geurts.cc kunnen volgen. Er moet zelfs de mogelijkheid zijn om foto's toe te voegen, maar zover ben ik nog niet gevorderd. Aangezien we geen laptop mee op reis gaan nemen, en ik vast niet elke dag een internetcafé induik (we hebben per slot van rekening vakantie), komt mijn nieuwe schriftje toch ook nog wel van pas.

Als we een beetje geluk hebben, kunnen we in Lombok ook nog gebruik maken van "onze oude laptop". Afgelopen najaar hebben Joep en Marijke een afgeschreven Orbis-laptop meegenomen naar Kampung Loco. Dit met het doel de oudere gesponsorde leerlingen een beetje computerwegwijs te maken. Daarnaast kunnen deze kinderen de laptop gebruiken om berichtjes te schrijven aan de sponsors in Nederland. Wij hebben al verschillende mailtjes van onze sponsordochter Daan gekregen. Heel erg leuk om op zo'n manier contact te onderhouden. Het laatste berichtje kregen we 2 weken geleden. Daan had een zusje gekregen! Wij gaan dus op kraamvisite in Kampung Loco.

Nu moeten we alleen nog even afwachten of de laptop nog goed werkt, een tijdje geleden kregen we een mailtje uit Lombok dat de laptop niet meer werkte. Helaas konden wij van afstand en met een flinke taalbarriere dat probleem niet oplossen. Daarna hoorden we een hele tijd niets. Totdat er een reiziger uit Italië, Andrea, een tijdje in Kampung Loco is geweest. Hij was bezig met een wereldreis, en was, hoe kan het anders, onder de indruk van de mensen uit de Kampung. Hij heeft mail-contact gekregen met Joep en Marijke en is heel spontaan en enthousiast begonnen met geld inzamelen voor Proyek Kampung Loco. En hij hield ook een weblog bij. Nieuwsgierig naar elk bericht uit Lombok, ben ik die gaan lezen. En daar kregen we dus het laatste nieuws van de laptop. Andrea, een werknemer van Google, dus niet onbekend met automatisering, had bij Boung een laptop gerepareerd. Het had hem wel wat tijd gekost, want het was wel een erg oud model, maar hij werkte weer. Dat bericht is weer van een paar maanden geleden, dus we zien wel in hoeverre we de laptop kunnen gebruiken.

Wij zijn inmiddels flink aan het aftellen naar de vakantie. Druk met spullen verzamelen. Uiteraard voor heel veel mensen een cadeautje uit Belanda. Voor onze sponsorkinderen Nurul, Daan en sinds afgelopen winter ook nog Nur Badjeri, een jongen van ongeveer 16 jaar (denken we, maar dat horen we over een paar weken wel precies). Daarnaast nemen we natuurlijk ook iets mee voor onze vriend Dewa uit Bali (in elk geval lekkere stroopwafels, iets anders verzinnen we nog wel). Hij haalt ons weer op van het vliegveld en heeft in Bali weer vanalles voor ons geregeld. Het was de bedoeling dat hij in Bali de eerste 3 dagen met ons zou doorbrengen in Amed, waar Peter en Tom gaan duiken. Helaas kan hij maar 1 dag bij ons blijven. Daarna krijgt hij een groep mensen die hij gaat gidsen. Dat zijn wij eigenlijk zelf schuld, want we hebben weer wat mensen aangestoken met ons enthousiasme over Indonesië. Familie Coenders, waar Tom en Anique al jarenlang zwemmen en duiken, gaat een dag later dan ons naar Bali, en heeft Dewa ingehuurd als gids. Na de eerste dag blijven we dus met de chauffeur achter in Amed, die ons na 3 dagen naar het vliegveld zal brengen. Dan vliegen we naar Lombok. Eerst een paar dagen naar Senggigi, dan 2 dagen naar Gili Meno, weer terug naar Senggigi, en de laatste dagen slapen we in Bola Bola Paradijs in Zuid-West Lombok. Een aardig programma dus, met heel veel tijd om lekker te genieten van de zon, zee, strand, lekker eten, Senggigi met alle bekende plekjes en mensen en natuurlijk van Kampug Loco. Natuurlijk zal er door Peter en Tom in Lombok ook gedoken worden. Mohni, de duikleraar van vorige vakantie, is inmiddels succesvol een eigen duikschool begonnen. De door ons gesponsorde boot is klaar, en naar we van andere Lombok-gangers hebben gehoord, heel erg groot en mooi geworden. Wij zijn heel benieuwd!

Maar zover is het nog niet, nu zitten we nog in (het nu ook warme) Blitterswijck, en het is hoogste tijd om aan het avondeten te beginnen. Geen Indonesische kost vandaag, maar broccolitaart, ook erg lekker. Nog even kijken of ik de tekst nu goed gepubliceerd krijg, dan uiteraard even wat mensen de link doorsturen, en eens uit gaan zoeken hoe het werkt met foto's en zo.

 

Maandag 14 juli, 11.30 Bali-tijd, 05.30 Nl tijd.
Nog 2 en een half uur, dan landen we op Bali, Denpasar. Ik heb net alle arrival-formulieren ingevuld. Het gaat me steeds sneller af. Nu ben ik wel erg moe, op 13 juli zijn we thuis om half 9 in de ochtend vertrokken. Onderweg naar Frankfurt scheen er zelfs een flauw zonnetje. We waren mooi op tijd. Via internet hadden we gisteren al ingecheckt. Blijkbaar doen niet veel mensen dat, bij de incheckbalie op het vliegveld hadden ze er moeite mee, maar wij vinden het altijd wel handig, hebben je iets meer kans om met z'n vieren bij elkaar te zitten.We hadden onze bagage optimaal ingepakt, 79 kilo, terwijl we 80 kilo mee mogen nemen. Hadden we nog wel één kilo drop mee kunnen nemen!!! Op Frankfurt hebben we een hapje gegeten, de heren pasta, de dames, om alvast in de stemming te komen, mie. We vertrekken om 15.00 uur, met Thai Airways. Helaas hebben we hier geen privé-beeldschermpjes in de stoel voor ons. We moeten het dus doen met het standaard film-programma-aanbod. Maar we moeten toch proberen om een beetje te slapen. De service in het vliegtuig is super. Lekker eten, geweldige stewards en stewardessen, vriendelijk en hele mooie uniformen. Sarongs en jasjes in hele mooie kleuren, van diep-zeegroen tot paars.
Maar het bvlijft toch een lange zit tot Bangkok, waar we moeten overstappen, ruim 10 en een half uur. Het vliegveld in Bangkok is erg modern, groot en nieuw. Heel veel winkels, maar niet onze smaak, veel merkkleding en electronica, parfums, rookwaar etc. Geen leuke shop-winkeltjes. Maar we zijn hier maar 2 uur, dus die komen we gemakkelijk door met naar de goede gate wandelen en een kopje koffie.

Nu zweven we dus ergens tussen Thailand en Bali. Ik ben over de slaap heen (na 22 uur op de been/zitten/hangen). De rest van de familie heeft de oogjes nog dicht. Ik hoop dat dat nog even zo blijft, want het wordt een lange dag.
Na aankomst in Bali aansluiten bij de diverse rijen om het land binnen te komen. Dan op zoek naar Dewa, die ons staat op te wachten met busje en chauffeur. Dan mogen we nog een paar uurtjes rijden naar Amed. Als we daar aangekomen zijn, zal het wel avond zijn. De eerste nacht blijft Dewa bij ons in Amed, daarna moet hij terug naar Denpasar om een volgende groep op te halen van het vliegtuig.
De chauffeur zal met ons in Amed blijven, kunnen we nog even ons Bahasa Indonesia oefenen.

De rest van de vlucht verliep snel. Om 13.45 zijn we geland op Denpasar. Dan de vraag wanneer zijn we er echt, na de landing of na de douane. We besluiten het laatste, en we willen er zo snel mogelijk zijn. Dat moeten we dus tactisch aanpakken. We hebben een voordeel met het feit dat we voor de derde keer op Bali zijn, we kennen de procedure. Dus als alle toeristen vertwijfeld staan te kijken waar ze naar toe moeten, lopen we iedereen voorbij om te betalen voor de visa. Dan snel naar de rij voor de visa zelf. Daar staan maar een paar mensen voor ons, en zo'n 10 minuten later hebben we allemaal de benodigde stempels en stickers in ons paspoort, terwijl achter ons nu hele lange rijen staan, die mensen staan er nog wel een uurtje. Wij kunnen verder, terwijl de kinderen en ik de koffers opwachten, gaat Peter snel wat Indonesische Roepia pinnen. We zijn tegelijkertijd klaar en kunnen dan met ons laatste formuliertje naar de douane. We hebben niets aan te geven en zien er heel betrouwbaar door, en mogen zonder verdere controle van de bagage doorlopen. Dan kunnen we op zoek naar Dewa.

Die hebben we snel gevonden, hij staat ons met een brede glimlach op te wachten. En weer met 4 hele mooie bloemenslingers voor ons.
We laten de warme Bali-lucht over ons heen komen en lopen samen naar de parkeerplaats, waar chauffeur Nengah of Menagh (maar noem hem maar Su, zo heet hij ook) op ons staat te wachten met zijn busje. Eigenlijk ligt hij te wachten, in diepe slaap, want hij had ons nog niet zo snel verwacht!
We maken kennis, en stappen in. Op weg naar Amed in Oost-Bali. Onderweg stoppen we nog even voor telefoonkaarten. Die willen we gebruiken in de prepaid toestellen van Tom en Anique. Dat is een stuk goedkoper als we lokaal bellen. Helaas slikken de telefoons de kaarten niet. Normaal gesproken zou dit moeten lukken, maar helaas. Ook de prepaid kaart van Dewa wordt niet door onze telefoons geaccepteerd, het zal dus wel aan de toestellen liggen.
We rijden verder terwijl Dewa overlegt met Su hoe we dit kunnnen oplossen.
Gezellig kletsend met Dewa verlaten we de drukte van Denpasar. We genieten van alles om ons heen, de mensen, de natuur, het verkeer en het klimaat. Wat voelt het goed om weer hier te zijn.

Inmiddels zijn Dewa en Su eruit. We kunnen een nieuw prepaid toestel kopen. Die hebben ze voor zo'n 15 euro. Dan doen we dat maar.
Dus stoppen we nog 1 keer voor de telefoon. Ook nog wat water en wat lekkers voor de komende dagen. Dan rijden we door naar Amed, volop genietend van alles wat we onderweg zien. Hoe verder we naar het oosten gaan, hoe mooier en rustiger het wordt.

Rond 6 uur zijn we er. We krijgen weer zo'n mooi huisje aan het strand. Dewa en de chauffeur krijgen een mooie tweepersoonskamer aan het zwembad. We spreken over een half uur af om te gaan eten. Voor we gaan gaan geven we Dewa zijn kado uit Nederland. Een heuptasje vol snoep, stroopwafels, drop, kaneelstaven en iets nieuws uit Nederland; zoethout. Helaas vindt Dewa dit erg vies, niet zoet maar bitter. Zijn gezicht is een foto waard. Maar hij vindt het geweldig en gaat al zijn vrienden het bitter-zoet hout uit Nederland laten proeven. Het andere kado, een digitale fotolijst, gevuld met foto's uit Bali, Lombok én Belanda, valt meer in de smaak. Hij is er heel gelukkig mee! Hij brengt zijn spullen even naar zijn kamer en wij komen onderweg naar het restaurant de chauffeur tegen. Hij gaat mee kijken waar Dewa is. Dan komen we Dewa tegen, zonder Su. Su komt zo naar de receptie.
Inderdaad, en wel met busje en al. Een beetje overdreven als we in het dorpje gaan eten, maar voor het geval dat we moe zouden zijn zou het wel handig zijn. Maar we lopen toch liever.

We belanden bij een klein restaurantje, Café Ketut. Mevrouw is druk in de keuken, daarom neemt meneer Ketut de bestelling op. En dat is erg moeilijk, zelfs met 2 rasechte Balinezen in het gezelschap. Je moet luisteren en alles goed opschrijven, bij voorkeur met de goede aantallen ervoor. Mevrouw vertrouwt het ook niet helemaal en komt nog even navragen. Uiteindelijk krijgt iedereen wat hij/zij besteld had (alleen één bananensap teveel, maar die ging er bij Anique nog wel in). Het eten was echt heerlijk, duurde wel erg lang, aangezien de kaart erg uitgebreid is, wij veel verschillende dingen bestelden en de keuken waarschijnlijk niet meer dan 2 kookpitten, één kokkin en een paar knechtjes (de kinderen) heeft. Maar ja, tidak apa apa, maakt niet uit, het is gezellig en we hebben veel bij te praten. En we kunnen het niet laten even naar Joep en Marijke te sms-en "De sate is bijna klaar en wij zijn gelukkig", en dat in vol-indonesisch!

Eigenlijk zouden we wat meer indonesisch moeten praten, maar we hebben zoveel met Dewa te bespreken en zien hem alleen vanavond, dan is nederlands toch iets praktischer. Zeker met een zakelijke bespreking. Wij zijn inmiddels zo ongeveer Dewa's nederlandse agentschap, zijn gidsenactiviteiten lopen prima, hij is hartstikke druk, maar zijn website is nog niet op orde. Webmaster Tom (ja, die van Proyek Kampung Loco) heeft de basis gelegd, maar nu moet Dewa nog de verdere info aanleveren. Daarnaast denkt hij over de mogelijkheid zijn site uit te breiden met andere Nederlandstalige gidsen, zoals zijn zusje Sri, die inmiddels ook al een hele tijd meedraait. Ook heeft hij plannen om uit te breiden met een eigen busje, zodat hij niet altijd afhankelijk is van anderen, dan heeft hij ook niet altijd een chauffeur nodig, maar geld lenen bij een indonesische bank is niet te betalen, tegen de tijd dat de bus is afbetaald, heeft hij hem al 2 keer betaald aan de bank. We besluiten er allemaal de komende 3 weken goed over na te denken, en er 4 augustus verder over te praten. Dan zijn we weer een nacht in Bali voor onze laatste nacht in Indonesië (maar daar willen we nu nog even niet aan denken).

Morgen vertrekt Dewa al rond 5 uur naar Denpasar, met het openbaar vervoer, dus dat kost hem een halve dag. We hebben hem al de bus met chauffeur aangeboden, wij kunnen onze plannen wel wat opschuiven, maar dat vond Dewa niet nodig. Wel geeft hij Su nog even de instructie veel Bahasa Indonesia met mij te spreken, en dan wel snel te praten, anders versta ik het niet goed. Dewa was altijd al de leukste thuis! Dewa's vader had trouwens al gevraagd wanneer wij weer bij hen thuis op visite kwamen, dan zou hij weer 4 lekkere kokosnoten voor ons regelen. Helaas zit dat er deze reis niet in, Lombok roept!
Na het eten nemen we afscheid van Dewa, en worden we overgedragen aan de goede zorgen van Su. En wij kruipen lekker in bed, we zijn zo moe...

 

Dinsdag 15 juli, 06.30 Bali-tijd, 00.30 NL tijd
Vroeg hè! Maar dit is zo mooi! De airco stond een tikkeltje te koud vannacht, ik was dus vroeg wakker. Ook van het geluid van de branding, de vissers op het strand en de hanen die hier overal lopen te kukelen (al zijn we dat laatste in Blitterswijck ook wel gewend).

Nu zit ik lekker op het balkon van de bovenverdieping te genieten van de opkomende zon, de mooie lucht, het uitzicht, de geur van houtvuurtjes, honderden perahu layar (geleerd van Dewa, zeilbootjes) van de vissers die al ver op zee zijn. Zacht briesje vanuit de zee, lekker, want buiten is het ook al erg warm. Hele kuddes kippen scharrelen op het strand, de oranjerode ochtendlucht schijnt door de palmbomen.
Ja, saya senang! Ik ben nu heel gelukkig.
Even later komen de vrouwen uit het dorpje en van de berg met grote plastic bakken aanlopen, en wachten op de mannen die met hun boten al bijna teruggekeerd zijn. De emmers zijn voor de gevangen vis, maar ze worden vandaag niet echt gevuld. Ik maak een hele serie foto's van dit schouwspel, maar weet van tevoren al dat die niet in de buurt van de werkelijkheid komen. Dit moet je zien, voelen, horen, ruiken en beleven.

Als de hele familie Geurts wakker is, gaan we ontbijten. Voor we het restaurant bereiken, wat 20 meter verderop ligt, worden we door heel veel mensen aangesproken. We kunnen kiezen uit Transport, massas (massage), snorkelling, diving, fishing, boattrips en nog veel meer. Maar nu even niet, eerst eten. Lekkere toast, omeletje, sapje, kopje thee, en uitzicht (vanuit een open restaurant) op zee.

Na het ontbijt gaan we naar de duikschool om afspraken te maken voor Peter en Tom voor woensdag.
Daarna even rustig onze spullen uitpakken, dan een wandelingetje over het strand, kopje koffie/thee bij een restaurantje, Café Indah, aan zee.
Even heerlijk rustig bijkomen na de lange reis.
Om 11 uur hebben we afgesproken met Su. We gaan dan naar het Japanse wrak uit de 2e wereldoorlog, dat hier een stukje verderop ligt. Daar gaan Peter, Tom en Anique snorkelen, terwijl ik lekker met een (dag)boek op het strand ga liggen. Maar dat strand is er niet, alleen dikke keien. Er staat wel een restaurantje in de schaduw van de bomen, waar we van harte worden uitgenodigd om te komen zitten, onze spullen neer te leggen, eventueel snorkeluitrusting te huren en uiteraard wat te eten en drinken.
De rest verdwijnt in zee, en ik installeer me met mijn boeken en een kopje thee op het terras. Maar van lezen en schrijven komt niet veel, iedereen die in het restaurant werkt/aanwezig is, komt een praatje maken.

De kans voor mij om Bahasa Indonesia te praten, dus ik vertel een jongeman dat ik zijn taal probeer te leren. "No problem, just ask me what you want to know." Dat is dus het probleem, losse woordjes lukt wel een beetje, een simpele tekst lezen soms ook nog, maar om snel te luisteren wat mensen zeggen, en zelf snel zinnen te spreken, zit er echt niet in. Laat staan een echt gesprek voeren met iemand. Hij probeert wat zinnetjes op me uit, maar het heeft niet het gewenste resultaat. Ik berijp er niet veel van. Dan maar verder in het Engels.

Als de zwemmers terug komen, drinken we nog wat, kletsen wat, en bestellen hier dan ook nog maar de lunch. Peter gaat nog even op zoek naar de chauffeur, zodat die mee kan eten, maar hij had bij een bakso-karretje al wat gepakt. Na het eten zoeken we ons busje en Su weer op en gaan terug naar het hotel.

Daar gaan we lekker op het strand zitten en krijgen veel gezelschap van mensen die een praatje komen maken en uiteraard iets willen verkopen.
Aangezien hier veel koraal ligt is het niet echt lekker zwemmen en schuiven we een stuk op richting hotel. Daar nemen Peter en Anique nog een duik. Even later komt Anique met een flinke bloedende schram op het been uit het water. Hier lagen dus ook nog wat stenen in de branding! Maar de schade valt, als het water en bloed is weggeveegd, wel mee. Aangezien de zon wel heel erg brandt, gaan we nog even bij het hotel zitten, doen een spelletje en kletsen nog wat. We twijfelen of we nog met een vissersbootje de zee op zullen gaan, maar het is al 5 uur, dus over een uurtje donker. Vandaag dus maar niet bootje-varen.

We wandelen naar Café Indah. Voor de zekerheid nemen we 2 zakjes oranje ballonnetjes mee. Voor het geval we kinderen tegenkomen. Voor we een kind zien, is de helft van de ballonnetjes al uitgedeeld aan vaders . Bijna als bedelende kindjes komen ze allemaal vertellen hoeveel kinderen ze hebben, en of ze voor elk kind een ballonnetje mogen. We raken in gesprek met de woordvoerder van de hangmannen bij het strand. Er staat hier altijd een groepje mensen, die vanalles aanbieden. Het hotel is hier niet zo streng als we op veel andere plekken hebben meegemaakt. Hier mogen ze (gelukkig en gezellig) gerust rondlopen en een praatje maken, als je geen interesse hebt, laten ze je verder met rust. Dat werkt hier prima, en wij vinden het altijd prettig als je wat meer contact hebt met de plaatselijke bevolking. Hier liggen de hotels ook midden tussen de kampungs, wat heel gezellig is, kinderen spelen samen op het strand, je zit niet alleen maar tussen de toeristen (die zijn hier trouwens ook niet veel).

Ze vragen hoe we naar Lombok gaan, wij vliegen, maar van hieruit kan het gemakkelijk met een bootje, zoiets als de duikscholen gebruiken, houten bootjes met één of twee buitenboordmotors. Daarmee ben je in 2 en een half uur in Gili Meno, Trawangan of Air bij Lombok. Dat wisten we niet, en we hebben de vliegticktets al betaald, dus we gaan toch maar vliegen. Helaas hebben de mensen hier geen websites waarop ze de service kunnen aanbieden. Zo komen we op het onderwerp pc's. Die hebben ze hier dus ook nauwelijks. Of wij er volgende keer niet een mee kunnen brengen, een 2e hands of zo. We leggen uit dat we pas een laptop naar Lombok hebben gestuurd, zodat de oudere kinderen leren omgaan met pc's, mail en internet, maar daar hebben ze hier natuurlijk niets aan.

Dat geeft weer de problemen hier aan, Amed is erg arm. Er komen nauwelijks toeristen, het is droog waardoor er nauwelijks landbouw mogelijk is. De restaurants zijn vrijwel leeg, er zijn wat souvenirwinkeltjes, maar de koopwaar is stoffig en zongebleekt doordat het er waarschijnlijk al jaren ligt. Een paar gelukkige mensen verdienen wat in de hotels en bij de duikscholen. Visserij is geen vetpot. De meeste kinderen gaan naar de basisschool, maar daarna houdt het vaak op. De middelbare scholen zijn vaak te duur en liggen te ver weg, zodat er ook nog hoge vervoerskosten bijkomen, of het kind op kamers moet, wat ook weer veel geld kost. De afstand is naar nederlandse maatstaven niet eens zo heel groot, maar Amed ligt in een uithoek aan een lange kronkelige bergweg. De reis naar de dichtsbijzijnde school kost dan meer dan een uur en heel veel geld.
Het is een uitzichtloze situatie, maar je kunt er erg weinig aan doen.

Maar met de ballonnetjes zijn ze wel erg blij. Dan schaam je je bijna als je bedenkt waar je nederlanders blij mee maakt. Niet met een oranje ballonnetje, en al helemaal geen volwassen mannen (tenzij Nederland een keer wint op het EK-voetbal).
We wandelen verder over het strand naar Café Indah, daar drinken we wat, geven de eigenaresse ballonnen voor haar kinderen en lopen dan het dorpje in dat tussen de weg en het strand ligt. Dit is mooi, maar erg arm. Het geeft ons een beetje het Kampung Loco gevoel, maar dan denk ik dat de mensen in Kampung Loco het, zeker met alle hulp van Proyek Kampung Loco, toch nog iets beter hebben dan de mensen hier.
Een groepje mensen zit op een bruka (zo'n leuk overdekt miniterrasje waar je heerlijk in de schaduw kunt zitten/hangen, het beste te omschrijven als een partytent van hout, bamboe en riet, met een zitvloertje op zo'n 70 centimeter hoogte. Wij willen er ook een in de tuin, bij voorkeur dan met het indonesische klimaat erbij). Ook hier zijn ze gek op ballonnen, de mannen willen er zelfs voor hun vrouw, kinderen, neefjes, nichtjes en de rest van de familie. Aangezien hier heel veel mensen familie van elkaar zijn, zullen ze wel allemaal veel ballonnen hebben vanavond.
Een jongeman, Delta genaamd, wil ons morgenvroeg om 6 uur meenemen op een vissersboot. Dat schijnt een hele belevenis te zijn! Het lijkt ons ook leuk, maar morgenochtend gaan Peter en Tom duiken, dus dat wordt lastig. Delta legt ons nog even het systeem uit. Ze hebben hier een soort vissersbond. Iedereen vist voor zichzelf, want vissen kan iedereen hier leren, maar als er met een visser toeristen meegaan, wordt dat geld over de vissers verdeeld, omdat de meeste vissers niet voldoende engels spreken om toeristen te lokken/over te halen om mee te gaan.
We spreken af dat we morgenavond wel even langskomen, misschien kunnen we donderdagochtend meegaan, als afscheid van Amed en Bali.

De ballonnen zijn nog niet op, en we lopen de hoofdstraat af op zoek naar anak-anak, kinderen. En die zijn er genoeg. Wat ons weer opvalt is dat de kinderen veel beleefder zijn dan de ouders, ze vragen niet, maar wachten netjes tot we ze een ballon aanbieden. Hierdoor moet je heel goed opletten dat je uit de groepen kinderen niemand vergeet. Als ze een ballon krijgen, zeggen ze netjes in het engels dankjewel, meestal vergezeld van een handje. Als we later de weg weer terug lopen, zien we overal blije kindjes met ballonnen spelen!
We gaan op zoek naar Su, kijken of hij mee wil gaan eten. En ja hoor, dat wil hij wel. We wandelen met z'n allen naar Café Ketut, daar kijken ze al erg blij als we binnenlopen. De conversatie met Su gaat vrij aardig. Zijn engels is stukken beter dan ons indonesisch. Toch hebben we af en toe het idee dat hij maar op de gok ja of nee zegt als we hem iets vragen. Ik slaag er vanavond in om iets van een gesprek tussen Su en de kokkin op te vangen. Hij antwoorde op haar vraag "Sudah kembali". Al teruggegaan (kembali heeft niets met Bali te maken). Dat ging dus over Dewa, de kokkin vroeg waar die andere indonesiër die er gisteren bij was is gebleven.

Het eten is weer heerlijk. Tijdens het eten belt de immer zorgzame Dewa om te vragen of alles goed gaat met ons en Su. Ja hoor, bij ons is alles oké!
Na het eten duiken we op tijd in bed. In het dorp speelt een bandje. De slechtste U2 covers die we ooit hebben gehoord. Bono zou er niet blij mee zijn! Maar rond 11 uur stopt de muziek.
Dat valt reuze mee.

 

Woensdag 16 juni

Vannacht hebben we toch nog kunnen genieten van een hele hoop muziek in het dorp. Keiharde indopop of zoiets. Het begon al rond half 4, en ging met enkele rustpauzes door tot half 7.
We gaan op tijd ontbijten, Peter en Tom moeten om half 9 bij de duikschool zijn. Daar krijgen ze te horen dat ze vandaag echt naar Tulamben gaan, waar de Liberty, een amerikaans oorlogsschip, inmiddels wrak, uit de 2e wereldoorlog op de bodem van de zee ligt.
Deze duik hadden ze in 2007 ook al gepland, maar toen was Tom ziek en waren de golven zo hoog en de zee zo onrustig, dat duiken op die plek niet mogelijk was. Maar nu lijkt het erop dat het toch gaat lukken. We hebben Su een dagje rust gegeven. Dat vindt hij vast niet erg, hij wordt betaald en mag de hele dag lekker wandelen, slapen of wat hij wil. Anique en ik vermaken ons wel in Amed.

We brengen de heren naar de duikschool. Daar spreek ik nog even met de hongaarse eigenaresse van de duikschool. Ze herkende ons nog van vorig jaar. Gisteren was ze naar Ubud in midden Bali geweest. Daar was de feestelijke crematie van één van de zonen van de koning (Bali heeft heel veel koningen). Feestelijk klinkt een beetje vreemd bij een crematie, maar vaak is de overledene al een hele tijd geleden overleden. Meestal worden mensen eerst begraven, dan, als er genoeg geld is voor een crematie en als het in religieus opzicht een gunstige dag is voor een crematie, wordt de overledene pas gecremeerd. En dat is hier niet zo'n droevige gebeurtenis. Uit heel Bali waren mensen naar Ubud gekomen om de crematie bij te wonen. Het was zelfs eng geweest in de gigantische mensenmassa, die bij de hoge temperaturen erg lang moest wachten, aangezien de plechtigheid erge vertraging had. Ze had het hoogtepunt van de dag, de crematie, niet bij kunnen wonen, omdat ze nog het hele stuk naar Amed moest terugreizen. Wij zijn in elk geval blij dat we gisteren lekker in het rustige Amed zaten!

Als Anique en ik bij terugkomst in het hotel een praatje maken met de vrolijkste receptionist, in half engels, half indonesisch (ja Marijke, we oefenen wel) worden we onderbroken door een boze franse meneer. Hij komt zich even beklagen over de herrie van afgelopen nacht. Dat kan toch echt niet, is hij in een hotel, en dan wordt hij midden in de nacht wakker van allerlei muziek en andere herrie! Kunnen ze hier niets aan doen?! De receptionist legt rustig en vriendelijk uit dat de herrie uit het dorp kwam, er was een feestdag in verband met een ceremonie. Ze vonden het heel vervelend, maar op dat moment kon het hotel daar geen invloed uitoefenen. Vanochtend vroeg was er al een gesprek geweest tussen de dorpsvertegenwoordiging en mensen van het hotel, en het zou in de toekomst niet meer gebeuren. De franse meneer was niet onder de indruk van de uitleg van de receptionist, hij had niet goed kunnen slapen en was heel erg boos. Zielig hoor, blijf dan lekker in Frankrijk!
Daarna ging de receptionist zich tegenover mij nog eens verontschuldigen. Onze reactie: tidak apa apa, maakt niet uit; wij doen niet zo moeilijk.

Met een hele rustdag voor de boeg, nemen we even de tijd om op het balkonnetje een boekje te lezen (Anique) en dit verslag verder te schrijven (Marianne). Als ik al achter loop voor we in Kampung Loco zijn, komt het nooit meer goed.
Daarna is het hoogste tijd voor een drankje. We strijken neer bij Café Indah en bestellen 2 hot lemon met honing. Lekker! Als we moeten afrekenen (17000 roepia, zo'n € 1,50) en betalen met een briefje van 100.000 roepia (ongeveer € 7,00) is er in de hele kampung geen wisselgeld te vinden. We beloven terug te komen voor de lunch (waren we toch al van plan), en dan af te rekenen. Dit is prima, blijkbaar zien we er wel betrouwbaar uit. We lopen nog een rondje door Amed, winkelen wat, zonder te kopen, en gaan dan nog even relaxen bij het hotel. Dan is het weer tijd voor de lunch en gaan we, volgens afspraak, terug naar Cafë Indah.
We zijn net op tijd, net na ons komt er een groep van 8 fransen, en daarna nog 2 nederlanders binnen. Maar met een snel opgetrommelde hulpbrigade in de keuken en bediening, staat alles toch snel op tafel. Het eten is erg lekker, en na een kopje thee en aflossing van al onze schulden, wandelen we terug naar het hotel. Als we daar net zijn, bellen Peter en Tom dat ze op de terugweg zijn. Het duiken was erg mooi, ze hadden veel gezien en zelfs onder water door door het gezonken schip gezworven, waar ze aangenaam kennis hadden gemaakt met een grote barracuda. We hangen nog wat rond bij het hotel/strand, krijgen een demo klapperboom klimmen en kokosnoot plukken van een van de plaatselijke jongens.

Tegen de avond komt Delta langs. Of we nog interesse hebben in de vistocht. Natuurlijk. Het wordt wel vroeg opstaan, maar tidak apa apa.
Als we het jengelende dochtertje van Delta (ze had door de feestelijkheden van vorige dag/nacht niet goed geslapen) blij hebben gemaakt met een Mickey Mouse-sleutelhangertje, is het weer tijd om te gaan eten. Het wordt al weer donker. We gaan, voor de afwisseling, nog een keer naar Café Ketut. Daar aangekomen, is het nog donker, de deur naar de keuken is nog dicht. We besluiten nog een blokje om te lopen, maar dan komt mevrouw Ketut eraan. We kunnen wel naar binnen, we zijn van harte welkom. De keuken wordt opengegooid en we bestellen. Als we bijna klaar zijn met eten, wordt het drukker in het restaurantje. Als er ineens 4 tafeltjes bezet zijn, schiet mevrouw Ketut in de stress. Meneer wordt ingeschakeld, maar doet alles fout en krijgt veel boze woorden van een gestresste mevrouw naar het hoofd geslingerd. Het is zeer vermakelijk, maar we besluiten het hun niet te moeilijk te maken en het toetje maar over te slaan. Dat kan er in de keuken vast niet meer bij. We rekenen af en belanden weer bij Café Indah. Daar is het ook druk, maar zitten ze iets ruimer in het personeel. We bestellen nog een toetje en wat te drinken.
Het is al een hele tijd donker, maar nog best wel vroeg als we weer in het hotel aankomen. Dan doen we nog maar een spelletje en duiken we op tijd het bed in. Morgen worden we om 6 uur verwacht als hulpjes cq sta/zit in de weg op een vissersboot.

 

Donderdag 17 juli
Om half 6 loopt de wekker af, maar dan zijn we net al wakker geworden van de vissers die op het strand bezig zijn. Als we om kwart voor 6 buiten komen (wat is het hier dan al/nog/altijd warm) staat Delta al op ons te wachten. We lopen naar het strand, de meeste vissers zijn al uitgevaren. We worden naar een bootje gebracht en overgedragen aan een jonge visser.

In alle stilte varen we weg. De vissers hebben buitenboordmotoren, maar in verband met de (ook hier) hoge brandstofprijzen gebruiken ze die bijna nooit. Ze peddelen door de branding en zetten dan het zeil op. Het blijven mooie bootjes, een uitgeholde boomstam-kano, aan beide zijden een drijver (meestal een dikke bamboestok) en een heel eenvoudig zeil. De bootjes zijn heel erg eenvoudig, geen overbodige luxe. Met uitzondering van de kleuren. De basiskleur is helder wit, maar wordt opgevrolijkt met felle accenten in allerlei kleuren.

Het uitzicht is prachtig. De zon is nog niet op, het is vrij donker ondanks de volle maan. In de verte steekt de Rinjani-vulkaan op Lombok mooi af tegen de oranje-rode lucht.
Het is rustig, maar zodra we iets verder van het strand zijn, trekt de wind aan en zeilen we lekker door.
Dan begint het vissen.

Op een grote rol zit een hele lange lijn. Om de 20 cm zit een kort lijntje met een haakje een een fel-gekleurd stukje katoen. Het is dus de bedoeling dat dit de makreel (daar vissen ze hier op) aantrekt. De lijn wordt met de hand afgerold en de hele tijd achter de boot aangesleept. Na zo'n 3 kwartier varen zijn we ver genoeg en keert het bootje. We varen terug naar Amed en de lijn wordt weer langzaam ingehaald. De visser voelt al direct dat er niets aan zit, geen vis tenminste. Het geweldige resultaat van deze tocht is dus 0 vis.
Als we het strand naderen, valt de wind weg. Aangezien het nog een heel eind is, beginnnen alle vissers fanatiek te peddelen. Maar onze visser heeft geluk, zijn broer Wayan, ook een visser, had of geld genoeg, of was een beetje lui en heeft de buitenboordmotor bij zich. Hij bromt verder, en wij krijgen een sleeptouw toegeworpen. Zo stuiven we alles voorbij en zijn we ongeveer als eerste aan het strand. We stappen uit, en zien Tom, die achterin de boot zat, ineens tot aan zijn schouders onder water verdwijnen, wij zaten één tot 2 meter voor hem, en krijgen natte knieën. Het strand loopt hier wel heel erg steil af.
Gelukkig schijnt de zon al volop, en is het al lekker warm, de kleren drogen wel weer (en Tom ook).
Dan gaan we voor het ontbijt toch maar eerst even omkleden, door het gespetter in de boot zijn we toch allemaal wel nat geworden.
De overige vissers komen nu ook allemaal binnen, we zien niemand met een goede vangst naar huis gaan, alle emmers blijven aan boord, slechts één visser zien we met de emmer weglopen, veel succes was er vandaag dus niet.

Wij gaan ontbijten, dan snel onze spullen inpakken, inmiddels zijn de natte kleren door de zon al vrijwel droog. We hebben nog een uurtje tijd en gaan bij Café Indah nog een afscheidsdrankje nemen. En ook nog wat foto's nemen in het mooie dorpje.

We raken aan de praat met Frenkie, de broer van de eigenaar van het café, een vlotte maar serieuze jongeman. Hij heeft, net als zijn broer, bij een duikschool gewerkt, spreekt goed engels en frans (hier komen veel franstaligen), en helpt nu zijn broer in het restaurant en bij de verhuur van snorkelspullen. Hij woonde voorheen op de berg, waar het leven niet zo goed is.

We horen een vergelijkbaar verhaal als in Kampung Loco. Alleen klinkt het hier allmaal nog iets schrijnender. De meeste mannen op de berg zijn vissers. Ze wandelen 's nachts om 1 uur weg, en zijn dan om 5 uur op het strand. Rond 8 uur zijn ze terug van het vissen, en moeten dan weer 4 uur terug naar huis lopen.
Daarnaast zijn de mensen afhankelijk van slechte waterbronnen, waar ze nog uren naar toe moeten lopen. Het aanleggen van een goede nieuwe bron op de berg kost tussen de 2 en 3 duizend euro.
Ook scholen zijn hier een probleem. Ze zijn er wel, maar voor veel ouders niet te betalen. Daarnaast zijn voor de kinderen die op de berg wonen, de afstanden naar school vaak een probleem. Dus blijven de kinderen thuis.
Dit zijn allemaal dingen waar je als toerist niet direct bij stilstaat als je de rieten huisjes tegen de berg geplakt ziet. Het ziet er allemaal zo mooi, rustig en vredig uit. Mooie natuur, zon, zee, strand en hele vriendelijke mensen.

Het is allemaal heel confronterend. Wij komen hier vanaf de andere kant van de wereld, blijven een paar dagen, vliegen dan naar Lombok. Maar in dit dorpje, wat niet meer dan 3 uur varen vanaf Lombok is, hebben we de afgelopen dagen pas 3 mensen gesproken die ooit in hun leven op Lombok zijn geweest.
Zelfs Denpasar, de hoofdstad van Bali, op 3 uurtjes rijden van Amed, is voor deze mensen een wereldreis.

Het is moeilijk, over een uurtje zijn we hier weg, op weg naar Lombok, we kennen hier nauwelijks iemand, maar hebben het gevoel dat we iets moeten doen om deze mensen te helpen, maar waar begin je mee/aan?
We wisselen in elk geval mailadressen uit met Frenkie, en nemen dan afscheid. Met gemengde gevoelens, we willen dolgraag naar Lombok, naar Kampung Loco, maar het voelt rot om hier weg te gaan, hier hebben de mensen ook hulp nodig.

Als we terug lopen, komt Frankie ons voorbij, of we nog even meegaan naar de school in het dorpje, hij gaat zijn nichtje ophalen, en omdat het vannacht volle maan was, zijn alle kinderen in traditionele kleding vandaag. Dat zouden we dolgraag zien, helaas redden we dat niet, Merpati (onze luchtvaartmaatschappij naar Lombok) wacht niet op ons (hoewel wij meestal wel op Merpati moeten wachten).

Als we in het hotel aankomen, vraagt de receptionist of iemand ons komt ophalen, ja de chauffeur. Waar hij vandaan komt, vanhier, hij heeft kamer nummer 21. Dat zijn ze hier duidelijk niet gewend, dat de chauffeur ook een kamer in het hotel heeft. Heeft Su toch maar weer geluk gehad met ons.
Wij halen snel onze spullen op, en kijken aan de straat nog even naar de groepjes kinderen, die inderdaad heel mooi uitgedost, uit school komen. Een heel mooi gezicht.
Dan komt Su met het busje en gaan we weer op pad.
Zo'n 3 uur te gaan naar Denpasar.

Het eerste stuk van de weg is kronkelig en bergachtig. Niet goed voor mij dus. Ik haat deze wegen, hoewel het uitzicht wel prachtig is. Als we weer op een betere weg zitten, ben ik niet meer misselijk, maar vooral heel moe. Zal wel door de combinatie vroeg opstaan en zeelucht zijn. Als we bijna in Denpasar zijn, belt Dewa om te vragen of alles goed gaat. Ja hoor, we zijn al bijna op het vliegveld, veel te vroeg, het is 1 uur, en de vlucht vertrekt om 4 uur, maar liever wat te vroeg dan te laat.

Op het vliegtuig nemen we afscheid van Su en kijken even of er misschien heel toevallig een Merpati-vlucht naar Lombok is die eerder vertrekt, en waar wij nog bij passen. Dat is ons een keer gelukt, dus wie weet.
Maar helaas, dat zit er nu niet in, dus we gaan eerst maar eens rustig lunchen.
Dan door alle controles, inchecken en hopen dat de gewichtscontroles niet te streng zijn, volgens ons ticket mogen we 10 kilo per persoon meenemen, maar we zitten waarschijnlijk net onder de 20 kilo pp. Een beetje veel dus, maar volgens Dewa is dat geen probleem. Inderdaad, niemand zegt er iets van.
Dan begint het wachten weer. Het boarden van 15.45 lukt niet. Even voor 4 uur wordt omgeroepen dat de vlucht pas om 10 voor 5 vertrekt. Balen, zitten we hier nog een uur, terwijl we naar Lombok willen! We sms-en naar meneer Nyoman van TRAC autoverhuur dat we wat later komen, wel zo netjes, want hun kantoor zit niet direct op het vliegveld, en we worden altijd netjes door hun opgehaald.

Om 5 uur vliegen we dan eindelijk. En wel met een supergroot toestel, voor Bali-Lombok begrippen. Merpati gaat erop vooruit, wat toestellen betreft, niet wat betreeft de stiptheid, maar je kunt niet alles hebben.
Zodra we in de lucht zitten, wordt de landing alweer ingezet. Het toestel is niet alleen groter, het vliegt ook sneller, 15 in plaats van 20 minuten. Dan zijn we echt in Lombok. Stappen uit en haasten ons naar de bagageband. 3 Tassen zijn er snel, maar nummer 4 is het op één na laatste bagagestuk van de vlucht. Even wachten dus.

Als we buiten komen, staat meneer Nyoman al naar ons te zwaaien, hij had ons sneller gezien dan wij hem. We stappen snel in de auto, deze keer een zwarte Toyota Kijang, en speciaal voor ons een luxere versie dan vorig jaar.
Het heeft voordelen als je vaker komt. Zoals de speciale korting die we ook nog krijgen.
Als op het kantoortje alle zaken (heel snel) zijn geregeld, stappen we iets na half 6 weer in de auto.

En nu echt naar Kampung Loco. We zijn weer direct helemaal om, Lombok is zo anders dan Bali. Ik weet niet wat het is, een heel andere sfeer, ander verkeer (die leuke chidomo's, paardenkarretjes), gezellig rommelig (zeker als je bijrijder bent ipv bestuurder). Ik voel me, na 10 minuten, al weer helemaal thuis. Kijken wat er allemaal veranderd is op de weg naar Senggigi. Zo te zien niet echt veel. Of toch. Vorig jaar hebben we heel verbaasd gekeken naar de net nieuw gebouwde Pasar Kebon Roek, een soort overdekte markthal bij Ampenan. Die zag er zo modern, on-Lomboks uit, dat viel gewoon heel erg op. Nu niet meer, het gebouw ziet eruit alsof het er al tientallen jaren staat. Onvoorstelbaar, smerig, rommelig, druk. Maar wel echt Lombok (moeilijk uit te leggen, ik bedoel niet dat Lombok smerig en rommelig is, nou ja, rommelig eigenlijk wel, maar mensen die de omgeving daar kennen, begrijpen het waarschijnlijk wel.)

Dan snel verder, de kustweg op. Hier wordt veel gebouwd, sommige gebouwen al zolang wij op Lombok komen, veel afgebroken, opgeknapt, maar geen echte ingrijpende veranderingen.
Dan wordt het spannend; we naderen Senggigi. Bij de Hindoe tempel in de bocht aan zee is een ceremonie aan de gang. Het is er waanzinnig druk. Het is inmiddels behoorlijk donker aan het worden, en dan moet je hier goed opletten in het verkeer. Verlichting is hier niet echt gebruikelijk, niet op straat in de vorm van straatlantarens, ook niet op de voertuigen. Vooral de langzame chidomo's rijden hier zonder verlichting. Daarom zijn we blij dat we voor het echt donker is bij Graha aankomen. We parkeren de auto op de gebruikelijke plaats. Zoals gewoonlijk staan er verder geen auto's, dus we mogen zelf kiezen.

Terwijl Peter en de kinderen de bagage pakken, loop ik naar de receptie om in te schrijven enzo, waar ik hartelijk word begroet met "Hello mister Peter!". De kamers zijn op naam van Peter Geurts gereserveerd, en onze gezichten zijn natuurlijk bekend daar, vandaar. We krijgen 2 kamers bij het zwembad. Met tussendeur, zoals beloofd.
Super. Na heel veel gezoek naar een passende sleutel voor de tussendeur, kunnen we onze spullen binnenleggen.

We zijn moe, maar willen zo snel mogelijk de omgeving verder verkennen. We denken er nog even over naar Kampung Loco te gaan, maar daar gaan 's avonds de mensen meestal op tijd naar bed, en we kunnen het niet maken om niet bij iedereen (d.w.z. alle 4 de projectleden) langs te gaan. Dus stellen we Kampung Loco uit tot morgen, en gaan we nu een hapje eten in Senggigi, natuurlijk in de hoop bekenden tegen te komen. Adi is meestal 's avonds wel bezig met de verkoop van horloges, dus dat zou moeten kunnen lukken.

Veel is er op het eerste oog niet veranderd in Senggigi. We hadden in de Lombok Times gelezen dat de verkoopstalletjes op straat verboden werden. Ze zouden Senggigi een te rommelig uiterlijk geven voor toeristen. De mensen die hier voornamelijk eten verkopen, zouden ergens een aparte plek krijgen waar ze zaken mogen doen. Het lijkt inderdaad wel of er minder staan dan voorgaande keren, maar ze zijn nog lang niet allemaal weg. Gelukkig, het kan wel rommelig uitzien, maar als je 's avonds richting centrum loopt, geven ze wel een beetje licht op de donkere straat, en ook een beetje gezelligheid, iedereen roept vrolijk goedendag, hoe gaat het, wil een praatje maken enzovoort. En zoals ik al eerder schreef. Lombok en rommelig hoort gewoon bij elkaar.

De souvenirverkopers op straat zijn er gelukkig ook nog. Soms zijn ze vervelend, maar meestal kom je er met een grapje wel gemakkelijk vanaf. Of ze vervelend of hardnekkig zijn, ligt denk ik ook een groot deel aan de manier waarop de toeristen ermee omgaan. Ze horen hier gewoon bij het straatbeeld, en als je een beetje interesse toont in de verhalen achter de "vervelende" verkopers, kijk je er vaak toch heel anders tegenaan.

We zien links en rechts wel wat bekende gezichten, maar tot nu toe nog niet de mensen waarnaar we op zoek zijn.
Dan gaan we maar op zoek naar het nieuwe kantoor van Mohni, van de pas opgezette duikschool, Lombok Dive. Na de goede ervaringen die we vorig jaar met hem hadden als duikinstructeur, hebben we hem een beetje op weg geholpen met het opzetten van zijn eigen duikschool. Tom (ja, dezelfde van de website van Kampung Loco en van Dewa, www.bali-tours.nl) heeft voor Mohni een hele mooie website gemaakt (www.lombokdiving.nl). Daarnaast hebben we hem een lening gegeven om zelf een boot te laten maken, die is onmisbaar als je een duikschool hebt.
Naar we hebben horen zeggen is het de mooiste "duik"boot van heel Lombok geworden. We zijn benieuwd. Zijn kantoortje moet hier ergens op de hoofdstraat zitten, in de buurt van het kantoor van Lombok Times. En daar zien we inderdaad een mooi verlicht reclamebord hangen van Lombok Dive. We lopen er naar toe, maar dan zien we ineens een bekend gezicht, Adi!
Hij heeft ons ook al gezien, en het is een heel hartelijk weerzien. We kletsen even bij, Adi kan er maar niet over uit dat Tom en Anique al zo groot zijn geworden. We vragen hem hoe het met zijn vrouw Mariam gaat. Hij vertelt dat nu weer alles goed is, maar dat ze een kleine week geleden in Oost Lombok, waar Adi vandaan komt, een brommer-ongeluk hebben gehad. Ze reden met de brommer langs een chidomo, daarvoor reed een vrachtautootje, die verloor wat lading, dat kwam tegen het hoofd van het paard, waardoor het paard plots opzij sprong. Hierdoor vielen Adi en Mariam. Adi heeft er een paar flinke schrammen aan overgehouden, Mariam was een tijdje buiten bewustzijn, maar knapte daarna snel weer op. Ze waren beide erg geschrokken, maar nu gaat het weer goed. Ik vraag maar niet of ze niet voor de zekerheid even met Mariam naar het ziekenhuis zijn geweest. Als het geen levenszaak is, doen ze dat hier niet. Er zijn hier geen ziektekostenverzekeringen, en geld voor dat soort ongeplande uitgaven is er meestal niet. We praten nog even, beloven morgen bij hem thuis langs te komen om Mariam te begroeten en nemen afscheid.
Dan lopen we snel naar Lombok Dive. Helaas, er zijn 2 jonge knapen in het kantoor, Mohni is er nog niet, hij is onderweg van Kuta Lombok, waar hij met klanten had gedoken, naar Senggigi. Het kan nog wel een tijdje duren voor hij er is. De eerste indruk van het kantoor is een beetje rommelig, de ruimte is niet groot, en voor duiken heb je nou eenmaal veel spullen nodig. En duiken doe je in zee, niet op kantoor, dus dat maakt ook niet uit. Gelukkig is Mohni zo verstandig om rustig te beginnen, niet te veel uitgeven, eerst wat verdienen, tenminste wat dit soort bijzaken betreft. Op de materialen en uitrusting mag natuurlijk niet bezuinigd worden, die moet in orde zijn. En dat vertrouwen we hem wel toe!
Het mooie van zijn aanpak vinden we dat hij de plaatselijke jeugd een kans wil geven. Zelf heeft hij het vak ook geleerd door bij een duikschool te beginnen als hulpje, sjouwen en dragen. Daarna af en toe snorkelaars begeleiden, dan leer je ook het onmisbare engels. Later heeft hij, in ruil voor hard meewerken, zijn eigen duikopleidingen verdiend. Nu is hij een gecertificeerde divemaster met een eigen duikschool, en probeert hij andere lokale jongeren ook zo op weg te helpen. Dat idee staat ons wel aan. Hier lopen zoveel mensen rond met talent, maar ze moeten wel een kans krijgen om er wat mee te doen. Zo heeft Mohni een jonge knaap op kantoor zitten die handig is met computers. Hij doet kantoorwerk, houdt het e-mailverkeer bij, ontwerpt bedrukkingen voor op T-shirts enzo. Dan zijn er nog een stel ijverige jongens die materialen schoonmaken, klaarleggen, sjouwen, af en toe mensen begeleiden die gaan snorkelen en mensen opvangen als Mohni er niet is. Zoals nu dus. De jongens hadden al gehoord dat wij aan zouden komen, en zullen doorgeven dat we zijn geweest. Dus gaan wij maar eerst een hapje eten, we komen later nog wel even langs.

Volgens traditie, geen idee waarom, gaan we altijd voor de eerste en de laatste maaltijd van ons verblijf in Senggigi naar Coco Loco, een leuk restaurantje aan zee. Dat doen we nu dan maar weer. Het is een eind lopen, helemaal aan de andere kant van Senggigi, maar dat maakt niet uit. Onderweg zien we dat er veel zaakjes, winkels en restaurantjes, zijn verdwenen, maar ook weer nieuwe zijn teruggekomen. Het blijft moeilijk om hier met succes een bedrijf te runnen. Wat we nog steeds heel jammer vinden, is dat het centrum zo verdeeld is. Halverwege de hoofdstraat zit een groot donker "gat". Geen winkeltjes, geen restaurants, allemaal leegstaande panden. Dat is jammer, want aan het eind van Senggigi zitten nog best leuke plekjes, wat veel toeristen waarschijnlijk niet eens weten.
Wij weten het wel, en lopen door naar Coco Loco. Daar is het heel rustig. We gaan zitten aan ons vaste tafeltje en zien nog geen bekende gezichten in de bediening. De man die ons helpt is vriendelijk, maar een beetje overdreven en werkt ons een beetje op de zenuwen. De muziek nog erger, zijn we weg uit Bali, en krijgen we nog meer gamelan muziek! Maar we moeten zeggen het eten is prima.
Toch besluiten we de kop koffie maar ergens anders te gaan nemen. We lopen terug naar het drukkere centrum en gaan naar Mata Hari, ons favoriete stekje van afgelopen jaar. Hier hebben we heel wat uurtjes gezeten, gezellig kletsend met de bediening, verkopers en andere toeristen. We kennen het bijna niet terug, geen idee hoe het er voorheen uitzag, het was meestal zo druk dat de inrichting niet opviel. Nu zit er bijna niemand, en de inrichting is een mengeling van een Oosterse bazaar en een Beiers familiehotel. Niets iets wat thuishoort in Lombok. We zien ook geen bekenden meer in de bediening. Nee, dit is het voor ons toch niet meer, jammer.
We rekenen onze drankjes af en maken dat we weg komen.

Dan gaan we nog maar even kijken of Mohni er is. Nog niet, zeggen de jongens, maar over een paar minuten zou hij er zijn. Dan wachten we maar even.
Als hij komt, worden we hartelijk begroet en kletsen we wat bij over vanalles en nog wat. Hij is hartstikke druk op het moment, heeft op het moment elke dag wel duikers en maakt lange dagen. Maar dat maakt niet uit, hij is ontzettend gelukkig dat hij nu echt zijn eigen duikschool heeft, dat het zo goed gaat, en dat hij de plaatselijke bevolking ook een beetje kan helpen. Daarnaast heeft hij nog het goede nieuws dat hij over een paar maanden voor de tweede keer vader wordt. Zijn dochtertje Dita, die nu 3 en een half is, krijgt er dan een broertje of zusje bij!
We spreken af binnenkort zijn gezin te ontmoeten, maken alvast wat afspraken voor de komende weken en nemen weer afscheid. We zijn intussen doodmoe en gaan weer eens terug naar het hotel. Morgen naar Kampung Loco!

 

Vrijdag 18 juli
Eerst even een beetje bijslapen, en dan lekker ontbijten. Iedereen van het personeel is heel blij ons weer te zien. Geweldig, mensen komen speciaal naar onze kamer om Mr. Peter welkom te heten. Daarmee bedoelen ze niet alleen Peter, maar ook de rest van het gezin, maar de kamer is op naam van Mr. Peter geboekt (en mannen zijn hier natuurlijk ook nog iets belangrijker dan vrouwen, helaas) dus wij zijn met z'n allen Mr. Peter.

Tijdens het ontbijt zien we alweer de bekende verkopers-gezichten langskomen. Rond ontbijt-tijd staan hier altijd heel veel verkopers op het strand. Officieel mogen ze niet voorbij het muurtje komen, dat is hotelterrein, maar echt streng is de security hier niet.

Als na het ontbijt Adi eraan komt, ga ik even een praatje maken. De overige verkopers weten inmiddels wel dat dit een vriendschapspraatje en geen verkooppraatje is en laten ons met rust.
Zo kunnen we even ongestoord bijpraten over Tom en Anique, het Proyek, de bemo (Adi is blij verrast en verbaasd dat er al zoveel geld bij elkaar is) en nog ever heel veel andere dingen.
Adi's moeder had al geïnformeerd of wij weer op visite komen deze vakantie. Vorig jaar zijn we een dag met Adi naar Masbagik in Oost-Lombok geweest. Zijn moeder heeft de hele tijd alleen maar naar Anique zitten kijken, zo'n mooie haren en zo'n witte huid. Vooral die witte huid is hier erg gewild. In Nederland verkoopt Nivea cremes om bruin te worden, hier cremes om blanker te worden, de wereld zit soms vreemd in elkaar.
Verder was het voor Adi's familie geen gemakkelijk jaar geweest, Adi's jongere broer en zijn vader hadden allebei een tijd in het ziekenhuis gelegen, maar nu waren ze wat gezondheid betreft weer opgeknapt. Financieel zal de familie (in zo'n geval helpt iedereen van de familie die kan) dit waarschijnlijk nog niet te boven zijn.

Met het Proyek loopt het goed. De kinderen hebben net vakantie gehad, hier hebben ze maar 3 weken vrij, en zijn begin deze week aan een nieuw schooljaar begonnen. Alleen de kinderen van de Senior Highschool zijn nog vrij.
De voorbereidingen voor het schooljaar waren wel intensief. Alle kinderen moeten nieuwe spullen hebben, uniformen moeten gecontroleerd en eventueel nieuwe gekocht. En dat viel niet mee; eerst aan de kinderen vragen welke kledingmaat ze hebben, die weten het niet, dan aan vader/moeder vragen. Die geven de maten door, alles wordt opgeschreven, gekocht en uitgedeeld, maar dan blijkt dat de ouders ook niet zo op de hoogte zijn van de maten, want bij de meeste kinderen pastte het niet.

In de vrije tijd doen de mensen hier niet moeilijk over kleding, alles kan, iets past niet als het echt te klein is. Te groot is nooit een probleem, tenzij een broek uitvalt, maar dan kan een touwtje eromheen wel uitkomst bieden.
Riemen en elastiek zijn hier niet zo bekend of te duur. Ook kleuren, modellen en gaten zijn hier niet belangrijk, de mensen zijn al lang blij dat ze iets hebben.

Ik vraag ook even hoe het gaat met Nur Badjeri, ons nieuwe sponsorkind. Aan de foto te zien is hij een jaar of 16, veel meer weten we niet over hem, behalve dat hij een halfbroer is van Cuk en Boung, de projectleden, en dat zijn ouders niet meer leven. Hij woont nu afwisselend bij zijn broers in Kampung Loco.
Adi zegt dat we dat beter aan Eful kunnen vragen, er was iets. Dat klinkt ernstig, dus vraag ik door. Dan blijkt dat Nur altijd werd gesponsord door toeristen uit Nieuw Zeeland, buiten het Proyek om. Die mensen kwamen elk jaar hier op vakantie en betaalden dan schoolgeld voor Nur. Dit jaar waren de toeristen niet gekomen, en was er geen sponsor. Daarom is Nur op de lijst van sponsorzoekende kinderen gekomen. Hij paste goed bij ons, wij hadden al 2 sponsormeiden, geen jongen, en wij kennen de familie van Nur vrij goed. Zijn broers Cuk en Boung, en heel ingewikkeld; Nur is de oom van Daan, het meisje van 16, dat ook door ons wordt gesponsord. Daans vader is de oudste broer van Cuk, Boung en Nur.
Zodoende hebben wij Nur onder onze hoede gekregen; probleem opgelost. Maar kort nadat de Kampung dit bericht had gekregen, kwamen de mensen uit Nieuw Zeeland weer naar Lombok, en zij wilden nog wel 1 jaar voor de sponsoring van Nur zorgen. Het jaar daarna, als Nur naar de Senior Highschool gaat, stoppen zij met de sponsoring, omdat het dan duurder wordt. Ik leg uit dat het ons niet uitmaakt, als er dit jaar door andere mensen voor Nur wordt betaald, gaat onze bijdrage bijvoorbeeld naar het Bemo-project. Dan kunnen we volgend jaar Nur gaan sponsoren.

Dit zijn typische dingen waarover de communicatie moeilijk verloopt. Zij willen ons niet teleurstellen, zijn misschien bang dat we heel erg boos worden als de plannen weer veranderen omdat ze ons de verkeerde informatie hadden gegeven. Het zit hier in de cultuur, maar het maakt de communicatie er niet eenvoudiger op.
Ik beloof dat ik het er met Eful nog wel even officieel over zal hebben, en dat er dan, in overleg met Joep en Marijke, wel een oplossing zal komen voor deze "moeilijke" situatie.

Dan is het tijd om op te stappen. We verzamelen onze spullen en gaan naar Kampung Loco. EINDELIJK!!!

Als we het pad naar Kampung Loco inslaan vanaf de hoofdweg in Senggigi, zien we al een verandering; er staat een mooi plaatsnaambord/boog boven het pad. We lopen snel verder en zien dat de moskee ook weer een stukje is gegroeid. Dat is een heel veel jaren project. De moskee wordt grotendeels door de inwoners zelf gebouwd. Als er geld is, komt er weer een stukje bij, anders niet. Dat gaat dus niet echt snel, maar zo wordt het wel echt een moskee van het volk.
Dan zien we iets wat een hele grote vooruitgang is, en waar Joep en Marijke ook heel blij mee zullen zijn. Vooraan het dorp staat een grote vuilnismand. Het is de bedoeling dat de bewoners daar hun troep ingooien. Om de week wordt de vuilnis dan opgehaald. Aangezien de meeste mensen hier nog erg aan moeten wennen, wordt er toch nog veel plastic, papier, zakjes en dergelijke gewoon overal neergegooid. Af en toe krijgen de kinderen een paar roepia's om het zwerfafval te verzamelen. Zo proberen ze een beetje milieubewustzijn te kweken, dat zit er hier nog niet in, maar is ook niet vreemd, de mensen zijn hier nog meer bezig met overleven dan met het milieu.
Even later zien we ook een bemo langsrijden, afgeladen vol met grote zakken. Daar zitten allemaal lege plastic flessen in, die worden dus ook netjes ingezameld. Het gaat de goede kant op!

Voor het huisje van Cuk zitten Cuk en Eful gezellig te kletsen. Een vertrouwd gezicht! Waarschijnlijk zaten ze ons al op te wachten. Ik voel me heel vereerd dat aan ons wordt gevraagd of we binnen of buiten willen zitten. Vorig jaar werden we nog heel officieel binnen in de huiskamer op een bankje gezet, terwijl de bewoners zelf op de grond gingen zitten. Dat we nu lekker buiten bij hun op het stoepje gaan zitten, geeft aan dat we nu meer als vrienden en minder als officieel bezoek worden gezien. En dat voelt goed!

Cuks vrouw June komt erbij en er worden flesjes ijsthee aangerukt. Lekker!
Dan horen we achter ons een stem die we uit duizenden zouden herkennen; Daan, een van onze sponsorkinderen. Ze komt haar nieuwe zusje showen, Sara, die ongeveer een maand geleden is geboren. Een schatje! Klein, grote nieuwsgierige donkere ogen en een dikke bos zwart haar waar Peter jaloers op kan zijn! We geven Daan de cadeautjes uit Nederland. Een broekje en shirtje voor Sara, zo te zien nog veel te groot, maar dan kan ze er lekker lang mee doen. Voor Daan zelf hebben we een heel dik Harry Potter boek in het engels meegebracht. Vorig jaar heeft ze een ander deel gekregen, dat was heel moeilijk, maar zo spannend dat ze het toch helemaal heeft uitgelezen. Daan zit op de senior highschool en wil graag lerares engels worden.

Boungs dochter Ani komt ons ook verwelkomen. Alle andere kinderen zitten op school.
Anique wordt door Daan en Ani meegenomen, waarschijnlijk naar Sareah, de vrouw van Boung, die vast al allerlei lekkere dingen staat te koken in haar keukentje.

Wij hebben nog een paar bezoekjes af te leggen, en gaan even later ook richting Sareah. Daar zit Anique inderdaad op de bruka, achter de watermeloen en lekkere kroepoek. Wij worden na de begroeting erbij gezet met een grote kop thee en er wordt nog meer lekkers aangerukt. Onvoorstelbaar dat het alweer een jaar geleden is dat we hier waren.
Even later druppelen de lagere schoolkinderen binnen. Dan komt ook onze andere sponsordochter, Nurul. Een lief rustig meisje, iets jonger dan Anique. Ze is heel blij ons te zien, komt ons netjes allemaal een handje geven en blijft lachen tegen Anique. We balen dat we haar cadeautje nog niet bij ons hebben, we wisten niet dat ze al zo vroeg uit school kwamen, en hebben haar spulletjes nog in het hotel liggen. We laten Eful dat even uitleggen aan Nurul, zo goed is ons indonesisch en haar engels nog niet.

We zien weer iets nieuws, de kinderen hebben een mooi rugzakje met opdruk Proyek Kampung Loco. Later zien we op straat ook allemaal kinderen uit school komen met deze rugzakjes om. Leuk, en weer wat extra bekendheid voor het Proyek. Je merkt als je hier met bewoners uit bijvoorbeeld Senggigi praat dat ze wel weten dat er in Kampung Loco een proyek is, dat kinderen naar school gaan, maar hoe het zit met de sponsors in Nederland, dat er heel veel mensen aan meehelpen, weten ze niet. Als je dat dan uitlegt, dat het meestal mensen zijn die nooit in Indonesië zijn geweest, hun sponsorkind niet persoonlijk kennen, merk je dat ze heel erg verbaasd en heel erg dankbaar zijn dat er aan de andere kant van de wereld mensen zijn die zo meeleven met de bevolking hier.

Wij hebben nog een hele belangrijke vraag voor Kampung Loco. Hoe zit het met de laptop? Afgelopen jaar hebben Joep en Marijke een laptop meegenomen, voor gebruik in Kampung Loco. We hebben ooit gehoord dat hij kapot was, later gehoord dat Andrea uit Italië, die een tijd in Kampung Loco heeft doorgebracht (nu ook sponsor is van één van de kinderen hier, en onder zijn vrienden/bekenden heel fanatiek geld is aan het inzamelen voor de bemo), de laptop weer had gerepareerd.
Nu hebben we al een tijd niets meer gehoord, en ik zou de laptop heel graag gebruiken om dit reisverslag uit te werken. Ik heb al heel veel in een schrift geschreven, maar om het verslag op internet te krijgen, zal het toch uitgetypt moeten worden, en om nou zo heel lang (ik schrijf veel te veel) in het internetcafé te gaan zitten trekt me ook niet. Maar ze hebben goed nieuws, de laptop doet het prima en wordt er direct bijgehaald.

Het is hier heel gezellig, maar we hadden beloofd ook nog bij Adi langs te gaan, het is al half 12, en over 3 kwartier moet iedereen naar de moskee voor het vrijdagmiddaggebed, het belangrijkste gebed van de week.
Bij Mariam krijgen we uiteraard weer een grote kop thee, Tom en Anique worden even tussen Mariam en Adi ingezet, en wat blijkt, tot grote verbazing van Adi; Tom is de grootste van de 4. En Tom is pas 14, Adi is 39!En Anique is Mariam ook al gepasseerd. We kletsen nog wat, drinken thee en dan nemen we afscheid. De moskee oproep zanger doet al een uur zijn best om alles te overstemmen, eigenlijk geen echte zanger, toen we bij Cuk zaten moest hij even weg om de cassette in de moskee op te starten! Nu wordt het tijd voor iedereen om naar de moskee te gaan.

We lopen het dorpje uit langs de watertank, kijken hoe het daar mee gaat. We krijgen elke keer te horen dat het zo'n goede zaak voor de kampung was dat die er is gekomen. En ook nu weer staan er vrouwen met emmers water te tanken. Daarna moeten ze met deze emmers op het hoofd de lange klim bergop maken, maar dat vinden ze niet erg, voorheen hadden ze in het droge seizoen helemaal geen water. De geschilderde letters met "donated by Orbis" zijn inmiddels onleesbaar geworden en vervangen door knaloranje plakletters.

Als we langs het huis van Boung komen, halen we snel even de laptop op. Er staan alweer 2 zakken lekkernijen voor ons klaar, een hele grote tros kleine banaantjes en allerlei kroepoek. Weigeren heeft geen zin, het is voor Tom en Anique...
We bedanken en lopen weer terug naar het hotel. Na al de hapjes van Sareah, hebben we niet veel honger meer.
Bij het hotel aangekomen, ga ik achter de laptop, beginnen aan de uitwerking van het reisverslag. Tom helpt mij op weg, schrijven en typen lukt wel, verder heb ik niet zoveel verstand van computers. Peter en Anique nemen een duik in het lekkere zwembad.
Als de kamerpoetsers komen, voer ik even een gesprek in het indonesisch. Zolang het eenvoudig blijft, waar kom je vandaan, hoe gaat het, hoeveelste keer in Lombok, is het koud in Nederland, hoeveel kinderen enzo, dan lukt het nog wel een beetje.
Om de mannen verder niet in de weg te zitten, gaan Tom en ik lekker naar buiten, vlak bij ons huisje staat een heerlijke bruka. Dan ontmoeten we ibu Iba, mevrouw Iba, de vaste masseuse/pedicure van het hotel. Joep en Marijke zijn trouwe gasten van haar, hebben ze verteld, dus ik doe ze de hartelijke groeten van Joep en Marijke uit Belanda. Ze straalt helemaal!
Als Anique uitgezwommen is, neemt ibu Iba haar vingernagels onder handen. Ze maakt er, al babbelend in engels en indonesisch, ware kunstwerkjes van. Ik kijk stiekem de kunst af, zodat ik dat zelf in Nederland ook kan doen.
Als we even later weer op de bruka zitten, komt kamerpoetser Zacchary een praatje maken, een oude man die heel gebrekkig engels spreekt. Hij wil ons meenemen naar iets, maar we begrijpen niet goed wat. Dan blijkt het Peduli Anak te zijn, een project van een man uit Nederland die hier een weeshuis/tehuis voor dakloze kinderen heeft opgezet. Dat vinden we wel een goed idee, we zijn altijd geïnteresseerd in dat soort projecten, en we hebben een tijd geleden op de Nederlandse tv een programma over dit project gezien, zo af en toe de website gevolgd en zijn benieuwd hoe het nu gaat. Wij gaan dus mee, daarna kunnen we uiteraard de kampung van pak(meneer) Zacchary bezoeken, en kennismaken met zijn familie, vrouw, 2 zoons en een dochter.

Aangezien we nog naar Gili Meno gaan, spreken we af voor woensdag, hari Rabu. Zacchary werkt tot 1 uur, kan daarna met ons meerijden naar de te bezoeken plaatsen. Elke keer als we hem tegenkomen lacht hij vrolijk en zegt Rabu! Dat vergeten we niet meer.

We willen ook nog een bezoekje brengen aan Debbie en Mindie, de jongedames van LombokCare. Een organisatie die heel veel projecten in Lombok uitvoert, een blindenschool heeft opgezet en ondersteunt en veel projecten uitvoert (bijv. schilderwerk, aanleg electra en water) met stagiairs uit Nederland. Debbie en Mindie zijn nu ook in Lombok, en we besluiten op de gok op zoek te gaan naar hun huis. We kennen de naam van het dorpje, vlak bij Senggigi, waar ze een huis hebben.
Op de eerste plek in het dorp waar ik, in het indonesisch, vraag waar ze wonen, krijg ik een heldere uitleg van een mevrouw, ook in het indonesisch, die ik ook nog begrijp (was die les van weg uitleggen en vragen toch nog ergens goed voor, he Marijke). We vinden het huis zonder problemen, maar alles zit op slot. Dan stoppen we maar een briefje met onze groetjes en ons "indonesische" telefoonnummer tussen de spijlen van de poort en rijden terug naar Graha.

Vervolgens lopen we via het strand richting centrum. Hebben de hele weg wel iemand bij ons lopen, om te kletsen, verkopen etc. We lopen helemaal door naar het eind van Senggigi, drinken wat bij de buren van Coco Loco en lopen via de gewone weg terug.
Dan komen we mijn grote grote vriend tegen, Mister Flores. De verkoper van batikkaartten, hele mooie kaarten, maar van Mister Flores word ik af en toe heel erg moe. Hij weet dat ik elke vakantie wel wat van hem koop, maar begrijpt niet dat ik niet elke dag iets koop. Van een kant is hij zielig, van de andere kant denk ik wel eens mens rot op. Maar hij is heel heel erg blij ons weer te zien, hij had al moeten huilen dat we er niet meer waren.
Wij hebben hem ook heel erg gemist.
Hij is zelfs zo van ons onder de indruk, dat hij vergeet zijn kaarten uit de tas te halen. Hij vertelt dat hij eigenlijk niet meer Mister Flores is, hij woont nu op Lombok en kort geleden zijn zijn vrouw en dochter ook overgekomen vanaf Flores, het leven in Flores was veel duurder dan in Lombok.

Wij gaan vanavond maar eens bij Taman eten, hier zijn we nog nooit geweest, en we komen het vaak tegen in de reisverslagen van Joep en Marijke. Het is een leuk restaurant, een overbehulpzame en geïnteresseerde ober helpt ons.
Al snel komt het gesprek op Kampung Loco en Lombok Dive.
Als we zitten te eten krijgen we een sms van Debbie en Mindie, ze hebben het briefje gevonden en vragen of we morgen in Senggigi zijn, dan is er een groot cultureel festival. Daar wilden we toch al naar toe gaan, dus dan kunnen we elkaar ontmoeten.
Als we na het eten afrekenen en weggaan, komt de ober heel netjes naar ons toe, we krijgen allemaal een hand en dan zegt hij heel formeel "On behalf of the local people I thank you for everything you do here to help." Dat is nog eens aardig!

We wandelen terug, drinken nog wat bij Happy Café en dan zien we ineens opa kikker langskomen. Een heel oud (denken we) meneertje, met een hippe pet en volgens mij al 2 jaar dezelfde veel te grote sportbroek. Hij verkoopt houtsnijwerk-kikkertjes. Van Joep en Marijke hebben we gehoord dat hij in Kampung Loco woont en alleen maar Sasak spreekt (en een beetje verkoper-engels). Als hij maar een beetje doelloos rond blijft lopen kunnen we het niet meer aanzien. Tom en Anique gaan een kikker van hem kopen. Dan is zijn dag in elk geval weer goed, en hebben wij nog zo'n mooi kwaak-beest erbij. Hij wordt helemaal gelukkig, we krijgen allemaal een handje, en ik probeer een gesprek met hem te voeren, maar dat wordt helemaal niks!

Dan wandelen we terug naar ons hotel, waar ik nog even achter de laptop ga zitten, tot ik bijna in slaap val, dan ga ik maar lekker slapen.

 

Zaterdag 19 juli

Vandaag wordt het gezellig in Senggigi, er is een groot festival met traditionele Sasak muziek dans en stickfighting. Vanmiddag is er een optocht door de hoofdstraat. Heel veel dorpen uit de omgeving sturen hun dansgroep, ook de grotere hotels uit Senggigi hebben een groep meelopen in de optocht.

Aangezien we geen idee hebben hoe groot en druk het wordt, besluiten we maar de auto niet te gebruiken vandaag. Er zijn geen andere mogelijkheden om hier van Noord naar Zuid te gaan dan via de hoofdweg, dus als die wordt afgesloten, kun je hier geen kant meer op. Na het ontbijt wandelen we naar het internetcafé tegenover de duikschool.
Daar zetten we alvast een deel van de verslagen op internet, het heeft even geduurd, maar we hebben vakantie.

De jongens die het internetcafé runnen, zijn zeer geïnteresseerd in wat we doen. Dan laten we de website van LombokDive zien. Die vinden ze heel erg mooi. Als we dan vertellen dat Tom die heeft gemaakt, vallen ze bijna om van verbazing, zeker als ze horen dat Tom 14 jaar is. Dan laten we ze ook nog even de site van Proyek Kampung Loco zien, leggen uit dat we reisverslagen erop zetten, hoe het proyek werkt. Ze vinden het fantastisch, zeker de pagina Wie zijn we, daarvan herkennen ze heel veel mensen. Ook de lijst van foto's van kinderen en sponsors is populair. Uiteraard herkennen ze veel kinderen, maar ook heel veel sponsors denken ze te kennen. Nu weten we dat er verschillende sponsors ooit in Senggigi zijn geweest, maar op een gegeven moment zeggen ze bij bijna iedereen "Oh, yes, we know them! Dat lijkt ons nou ook weer een beetje overdreven!

Als we uitgecomputerd zijn, lopen we even naar Taman voor een kop koffie met een cakeje. Het is net alsof we in Nederland zijn, maar dan wel met heel erg mooi weer.

Als we weer richting hotel lopen, zien we Adi en Eful voor het andere internetcafé staan. Daar heeft Eful een balietje/tafel waar toeristen info kunnen krijgen over diverse trips in Lombok. Ook Mohni van Lombok Dive heeft hier zo'n tafel. Aangezien hij in zijn echte kantoor geen internet heeft, kan hij hier dan ook zijn internetzaken, mails en dergelijke regelen.
Dit is een goede kans om Eful en Adi de nieuwe Kampung Loco site te laten zien. Ze vinden het geweldig, en begrijpen niet hoe Tom zoiets kan maken. Als ze uitgekeken zijn, hebben we nog wat andere zaken te bespreken.

Zelf zijn we een keer naar de watervallen bij Senaru geweest. Dat ligt een eind van Senggigi af en is een hele belevenis om te zien. Van de kinderen uit de kampung zijn er maar een paar die er ooit zijn geweest, de meesten komen niet verder dan Senggigi. Vorig jaar hebben we gezegd dat het leuk zou zijn om wat kinderen hier mee naar toe te nemen. Maar, ja, wie neem je mee, je kunt niet alleen "je eigen" sponsorkinderen meenemen vinden wij.
Dus hebben we met Eful dit probleem besproken. Hoeveel kinderen zouden er mee willen gaan, wat voor transport heb je dan nodig enzovoort. Eful vond dit een uitdagend project. Hij is reisleider, maar normaal gesproken niet voor lokale mensen, en al helemaal niet voor zo'n grote groepen. Maar hij vindt het een geweldig plan en gaat zich de komende dagen helemaal uitleven.

Dan wandelen we terug naar het hotel, we willen voor het festival begint nog even naar Kampung Loco, Nurul haar cadeautje uit Nederland brengen. We pakken de spullen en gaan op zoek naar Nurul. Ze is thuis en we geven haar de doosjes met kralen, draad en verschillende slotjes en hangertjes om sieraden te maken. Ze is heel blij, maar we weten niet of ze begrijpt hoe het werkt. Als we het uit willen leggen, neemt ze ons mee naar de bruka van Sareah. Daar gaan we zitten en Anique en Nurul beginnen aan een armbandje. Sareah komt erbij, en met z'n allen worden uit de kraaltjes, waar letters op staan, de letters n u r u l h a s a n a h gezocht. Als Nurul even later het armbandje om heeft, straalt ze van oor tot oor.

Ik vraag Sareah in het indonesisch (ze spreekt geen engels) of ze naar het festival gaat; ja, met de kinderen, Boung moet werken. Dat gaat goed. Sareah wil ons nog iets uitleggen, maar we begrijpen niet goed wat. Dit wordt een oefening indonesisch! Dan begrijp ik dat het over zien, dansen en het festival gaat, en iets van daar, met een weids armgebaar. Ja, wij willen daar op het festival dansen zien. Dan blijft ze een woord herhalen, als ik het opzoek blijkt het training te zijn. Dan wordt het een moeilijke combinatie. Gelukkig komt Daan uitleg geven. Daar, verderop in de kampung, oefent een groep de dansen voor het festival, of we nu mee gaan kijken. Natuurlijk willen we dat, en Daan neemt ons mee. We komen net op het moment dat de groep, mensen uit Batu Layar, waarschijnlijk de grotere gemeente waartoe Kampung Loco behoort, lunchpauze heeft. We moeten dus even op een bruka gaan zitten en wachten tot ze weer verder gaan. Dat duurt even, maar we kunnen zo even rustig bekijken wat er om ons heen allemaal gebeurt.

En dat is best wel veel. Door de vrouwen uit her dorpje worden hele pannen rijst aangerukt, de dansleraar (die kenden we nog van vorige vakantie), is heel erg druk met vanalles regelen. Kinderen rennen overal tussendoor. Bij ons op de bruka zitten 2 nette dames, met heel veel toilettasjes. Dat blijken de make-up dames te zijn.
Even later komen er allerlei jongetjes van een jaar of 10 aan. Ze moeten meedoen met de dans, maar eerst helemaal klaargemaakt worden. Het is echt een stel lekkere boefjes, oude korte broek aan, versleten T-shirt, en lekkere smerige smoeltjes. Ze worden door de make-up dames eerst naar de kraan gestuurd, gezichten wassen! Als ze allemaal met een tissue zijn schoon- en drooggeboend, moeten ze om de beurt onder handen worden genomen. Als vee op weg naar de slachtbank komen ze bij de dames staan. Eerst wordt de kleding onder handen genomen, ze moeten er wel netjes uitzien! De broeken moeten netjes zitten. Dus worden de touwjes waarmee ze zijn vastgebonden met een stanleymes losgesneden, de broeken met een veiligheidsspeld op maat en vastgemaakt. Dat ziet er al een stuk beter uit. Dan de snorren. Met een kohlpotlood worden de kinderen voorzien van een indrukwekkende snor. Als dat te langzaam gaat, komt een man op het idee om de grove vorm met houtskool aan te brengen. Dat is hier, met koken op houtvuurtjes, volop aanwezig. Daarna mogen de dames de snorren afwerken met hun potloden. Het is een prachtig gezicht. Een stuk of 10 boefjes, die zich zo op laten tutten. Dan krijgen ze nog een band om hun hoofd, een doek schuin over een schouder en zijn ze er klaar voor. Eerst een groepsfoto.

Even verderop staat een kindje van een jaar of 2 heel geïnteresseerd in een schriftje te "lezen". Als een klein professortje voor een collegezaal. Het is zo'n mooi gezicht, dat Tom een foto ervan maakt. Als ukkie dat ziet, zet hij het op een krijsen. Hij snelt naar mama en blijft steeds heel voorzichtig naar Tom kijken. Zielig!
Maar iedereen lacht zich rot.

Dan is het tijd om weer met de dans te beginnen. Onze verwachtingen zijn hooggespannen.
Er is een stuk plastic neergelegd waarop ze dansen. De kinderen mogen nog niet meedoen, eerst de ouderen. Een groep van zo'n 20 mannen/opa's. Er wordt muziek gemaakt op een echte elektrische viool. Een viool met een paar zielige stroomdraadjes eraan die weer zijn aangesloten op een versterker met joekels van boxen. Die staan op een soort karretje, wat later in de optocht wordt meegereden. Er barst een hels lawaai los, sasak muziek. Een hele oude man zingt/schreeuwt iets onverstaanbaars, vast sasak strijdkreten, terwijl hij, samen met een ander oud mannetje, een dans uitvoert die het midden houdt tussen disco en een oerdans. Terwijl een paar anderen ook muziek maken, staat de rest van de groep ern een beetje stilletjes bij, maar die moeten vanmiddag in de optocht natuurlijk gewoon meelopen.
Wij zijn heel erg onder de indruk, maar ook wel blij als ze weer stoppen.
We gaan terug naar het hotel, terwijl we onderweg nog snel wat foto's maken van een paar kinderdansgroepen, die in vol ornaat naar de oefenplek komen.

Wij gaan snel terug naar het hotel, het festival zou om 2 uur beginnen. We verwachten Debbie en Mindie vanmiddag, maar weten niet precies hoe laat. Bij de receptie weten ze niet precies hoe laat het festival begint. De antwoorden variëren van 2 uur tot 5 uur. Dat is een ruim begrip. Even later horen we wel al veel muziek op straat. Debbie en Mindie sms-en om te laten weten dat ze er zijn. Ze komen naar het hotel, samen met een nederlands meisje dat stage gaat lopen op één van hun projecten. We gaan naar het centrum en drinken wat, naast de opstelplaats voor alle groepen, die nu allemaal in vol ornaat en met veel herrie aankomen. Het wordt een ontzettende drukte, het is warm en alle mensen staan in hele warme kostuums en vaak met vele lagen make-up te wachten tot de optocht gaat beginnen. We zien ook de groep uit Batu Layar, die we hebben zien oefenen, verschijnen. Als de optocht begint, gaan we aan de kant van de weg kijken. De groepen zijn heel verschillend, een beetje carnaval idee, maar dan met mooi weer. Graha hotel heeft ook een klein groepje personeel dat meeloopt. Het is druk, warm en de optocht loopt niet echt door. Mindie, die hier samen met de rest van de familie een plaatselijke beroemdheid is, wordt nog geinterviewd voor de indonesische tv. En dat in, voor onze oren, vloeiend indonesisch (we moeten toch nog even oefenen, Marijke).
Even later komen Sareah, Nurul, Anna (Joep, Marijke, jullie kennen haar vast niet meer terug, wat is zij het afgelopen jaar gegroeid) en nog een paar kinderen langs. Ze vragen of we mee willen lopen, natuurlijk, dat kunnen we niet weigeren. We nemen afscheid van de rest en lopen mee naar het einde van de optocht. Dan zien we waarom het zo langzaam ging. Aan het eind mag elke groep (voor een jury) een dans/optreden doen. Als we langzaam beginnen te smelten van de warmte (en eigenlijk ook wel genoeg gezien/gehoord hebben) nemen we afscheid en lopen we naar het kantoor van Mohni. We moesten nog wat bespreken, en de heren moesten nog spullen uitzoeken/passen voor de komende dagen. Als we in Gili Meno zijn, willen Peter en Tom uiteraard wel een paar keer duiken.

Tegen dat we bij Mohni zijn uitgepraat, is de ergste drukte op straat voorbij. Het is alweer tijd om te eten (alsof we hier niets anders doen) en besluiten vanavond eens lekker royaal te doen.
We gaan naar Café Tenda Cak Poer. Voor de niet kenners; een tentzeil dat 's avonds over het trottoir wordt gespannen, klaptafels en plastic krukjes, een mobiele keuken achterop een pick-up autootje. Heel veel verse voorraden, een beperkte kaart, maar super lekker eten. We gaan ons helemaal te buiten met drinken, 4 hoofdgerechten en 4 nagerechten (een bord vol met heel veel pisang goreng), en betalen voor dit alles bij elkaar zo'n 5 en een halve euro. Onvoorstelbaar!
Wij kunnen er weer helemaal tegen!

Als we teruglopen naar het hotel, treffen we Eful weer bij het internet-café. We moeten nog wat dingen met hem afstemmen over het uitstapje volgende week zaterdag. Hij twijfelt een beetje. Hij heeft in de kampung geinformeerd, en komt op zo'n 120 personen die meegaan. 80 Kinderen en 40 begeleiders. Elk kind mag één volwassene meenemen als begeleiding. Wordt dat niet te veel, en hoe komen we daar? Het makkelijkste is met 2 grote bussen, dat moet lukken, maar mag dat? Wat ons betreft wel.
We vinden niet dat we kinderen kunnen uitsluiten, wie wil mag mee, en met allemaal kleine auto's of busjes rijden werkt ook niet. Het is een uitstapje wat door ons persoonlijk wordt gesponsord, in principe staat dit los van het Proyek, dus wij gaan accoord met de uitgaven die nodig zijn voor 2 bussen (naar nederlandse maatstaven valt het uberhaupt 100% mee wat het kost).
Eful kijkt heel blij en heeft al grootse plannen, hij wil een spandoek op de bus hebben, iets van uitstapje Kinderen Proyek Kampung Loco, gesponsord door familie Geurts. Hij is ook al druk bezig met de catering. Voor zoveel mensen kun je niet bij een restaurant binnen vallen, en het is goedkoper om alles zelf mee te nemen. Dan heeft hij als klap op de vuurpijl nog een gesprek geregeld bij de Lombok Times, een beetje publiciteit kan natuurlijk nooit kwaad.
We zijn blij dat hij de organisatie op zich neemt, wij zijn al druk met allerlei andere dingen, waaronder ook nog steeds vakantie vieren, en Eful weet hier de weg, en vindt het volgens ons ook een hele eer om dit te organiseren.

Dan is het al weer laat, tijd om onze spullen in te pakken. Morgen gaan we naar Gili Meno, waar we een nachtje zullen blijven slapen. Als de spullen gepakt zijn, probeer ik nog een stukje op de laptop uit te werken, maar het schiet niet echt meer op, dus neem ik maar voor een paar dagen afscheid van de laptop en ga lekker slapen.

 

Zondag 20 juli

Na het ontbijt leggen we bij Graha even uit dat we de komende nacht niet hier zullen zijn, voor het geval ze groot alarm slaan als we vanavond niet terugkomen.
Om kwart over 8 hebben we afgesproken met Mohni, nu gaan we eindelijk kennis maken met zijn nieuwe boot. Aangezien hij gisteravond op weg van zuid Lombok naar Senggigi met een kapotte auto ergens is gestrand, rijdt hij met ons mee naar de haven, de rest van de bemanning en de uitrusting gaat met een bemo.
Een half uur later staan we bij de haven, al is haven een groot woord, meer een strandje waar wat bootjes liggen.


De boot van Mohni ziet er prima uit. Hij is van hout, speciaal ingericht voor duikuitstapjes, en verder vrij eenvoudig, net als de vissersboten hier. Geen luxe dingen, gewoon standaard, wel lekker groot, ruim genoeg voor duikers en hun materialen.
Achterop zit een buitenboordmotor. Er zit een zonnedakje boven, en heel leuk, een dakterras erop. Helaas geen obers die je daar een cocktailtje komen brengen, maar ja.
Later blijkt dat dit dakterras geen overbodige luxe is. Met de wind en golfslag hier wordt je onderin de boot behoorlijk natgespetterd, dat droogt wel weer, maar veel mensen gebruiken deze boot ook voor niet-duiktochten, gewoon als taxiboot voor een verblijf naar de Gili's. En dan is het wel lekker en handig als je bagage op het dak kan liggen, kom je daar tenminste aan met droge spullen.
Al de spullen die we nodig hebben, en dat is met duiken heel wat, worden in de boot gelegd, daar is de bemaning voor, zelf hoeven we niets te doen. Wat een luxe.
In een minuut of 20 varen we naar Gili Meno. Daar aangekomen zien we onze "hotelkamers" voor de komende nacht al liggen.
Dat ziet er helemaal niet slecht uit. Gili Meno is een klein eilandje, ik verwacht dat je in anderhalf uur helemaal rond kunt lopen, als je rustigaan doet. Het eiland kan zo dienen als achtergrond voor de Bounty-reclame. Witte stranden, fijn zand, net poedersuiker, een blauwe lucht, een zee in de mooiste kleuren blauw die je je kunt voorstellen. En daar mogen wij 2 dagen blijven!!!!

Het hotel, Malias Child, bestaat uit hutjes op palen, die op het strand staan. Lekker in de schaduw van de bomen die erachter staan.
De service van Lombok Dive is super, we worden op het strand voor het hotel afgezet. Dat bespaart ons weer 100 meter lopen vanaf de haven. We zijn heel erg vroeg, en de kamers zijn nog niet gepoetst. De eigenaar verontschuldigt zich voor het feit dat ze geen 2 kamers/hutjes bij elkaar hebben, maar ndee kombee kombee, maakt niet uit!
We krijgen alvast een lekker welkomsdrankje.
Heerlijk, dit is weer eens iets heel anders. Wel een hotel, maar toch ook weer niet. Geen grote aantallen personeelsleden in nette uniformen, geen formeel gedoe, gewoon een stel leuke vriendelijke en behulpzame jongens die in hun dagelijkse kloffie alles runnen. Lekker eenvoudig.

Als we ons drankje en nog een kan koffie (dat is lang geleden) op hebben, is de kamer nog niet klaar, dat maakt niet uit. We kunnen onze spullen laten staan, en even het eiland gaan verkennen. En dat is heel leuk. Geen auto's, geen brommers, alleen een enkele fiets en heel veel paardenkarretjes.
Ook heel veel souvenirverkopers, redelijk wat hotels/restaurantjes, bijna geen toeristen. De verkopers blijven in rijtjes langs de hotels lopen. Dat werkt volgens mij niet, maar ja.
Wij trekken het binnenland in. Ik heb nog vaag de kaart van het eilandje in mijn hoofd zitten van het zoeken naar mogelijke slaapplaatsen op internet. We proberen naar het meertje te lopen, dat moet ergens aan de andere kant van het eiland liggen, maar we hebben geen idee hoe ver dat is. Zodra je de relatief drukke strandstrook verlaat, kom je in een heel rustig binnenland. Alles ziet er droog, dor en stoffig uit. De mensen zijn super vriendelijk, zoals overal hier. Echt iedereen roept vrolijk hallo als je langs loopt, een enkeling maakt ook nog een praatje, vraagt waar je naar toe gaat, waar je vandaan komt, hoe lang je blijft, en uiteraard of je interesse hebt in een rondrit per chidomo, uitstapjes enzo. Even later passeren we het Meno Birdpark, een soort vogel-dierentuintje. En dat op zo'n mini-eilandje. Wij lopen verder tot bij een kruising. Tja, welke kant nu op. Een man die in de buurt aan het werk is, hij legt waterleiding aan naar zijn huisje, komt ons uit de brand helpen. Een stukje verder en dan naar links, daar is het meer. We maken een praatje, hij laat zien wat hij allemaal gaat maken. Hij legt van pvc buizen een leidingwatersysteem aan (zoiets als wij in de tuin hebben, maar dan niet zo diep, hier vriest het niet zo vaak.) Hij tapt het af van de grotere leiding bij het ziekenhuisje (ja Marijke, een echte Puskesmas, het staat op de foto). We bewonderen zijn werk, en gaan weer verder.

Even later staan we dan voor het meertje. Het is niet helemaal wat ik in gedachten had (zo'n mooi diep blauw-groen kratermeer of zo, maar dat kan natuurlijk ook niet op een vlak eiland). Het is een erg groot uitgevallen modderpoel,
beetje wadachtige zijkanten, wit uitgeslagen, zoutwater dus. Aangezien we geen zin hebben in wadlopen, gaan we hier maar geen duik in nemen! Doen we straks wel in zee.

We lopen verder en zijn dan ineens aan de overkant van het eiland, dat is snel!
Daar komen we uit bij een heel erg leuk strandtentje, gerund door een paar echte rasta-indonesiërs. Vrolijke jongens, lekkere reggae-muziek.
Geweldige slingers hebben ze hier. Overal touwtjes met stukken koraal en mooie schelpen eraan, een heel apart gezicht. En dan hebben ze een paar bruka's aan zee. En wat voor bruka's, dat is handig, aan één kant hebben ze een soort schuine rugleuning, Met een paar flinke kussens erbij, kun je zo lekker gemakkelijk zitten.
Je kunt zelfs op de bovenverdieping zitten/liggen/hangen, daar hebben ze hangmatten hangen voor de nog luiere klanten. We bestellen een paar drankjes en gaan even genieten van het uitzicht hier. Mooie zee, en aan de overkant het volgende eilandje. Als we ons drankje ophebben, moeten we snel terug naar ons hotel. Mohni komt Peter en Tom daar om 1 uur ophalen om te duiken. We nemen dezelfde weg terug, en zien dat de waterleidinglegger al flink is opgeschoten. Nog één bochtje, dan is hij bij zijn huis.

Als we bij het strand komen, horen we van een verkoper dat "onze boot" een hele tijd heeft liggen wachten bij het hotel. We beginnen een beetje te twijfelen, maar hadden toch echt pas om 1 uur afgesproken.

Als we weer bij het hotel aankomen, blijkt dat ze wat met de kamers hebben geschoven (eigenlijk niet met de kamers, maar met de gasten). Wij krijgen een 2-kamer paalwoning, dat is helemaal super! Zo hebben we samen één groot terras.
De kamers zijn heel eenvoudig. Hebben 2 bedden, een gammel kastje, een ventilator (airco vreet teveel stroom, en heb je hier aan zee ook niet nodig), en een badkamer. De badkamer is heel groot en heel leeg. In de hoek hangt een douche, koud water, en er staat een toilet, met een grote kuip water en een emmertje om door te spoelen. Niet super-de-luxe, maar schoon en netjes. En nog altijd vele malen luxer dan wat de bewoners hier zelf hebben.

We leggen onze spullen neer en gaan snel een hapje eten. We hebben haast, maar het eten schiet niet op. Als het eindelijk klaar is, eten we maar snel snel, en gaan terug om de duikspullen te verzamelen. Dan zien we dan Mohni een sms heeft gestuurd naar de telefoon die nog in de tas zat. Helaas, andere klanten waren erg laat, hij komt een uurtje later. Hij was nog langs gekomen om dat te zeggen, omdat we de telefoon niet opnamen, maar we waren er niet!
Hadden we wel iets rustiger kunnen eten, maar nu hebben we nog even tijd om lekker op ons terrasje te zitten en te genieten van het uitzicht.

Netjes om 2 uur komt de boot eraan. De heren stappen in, ik maak nog snel wat foto's voor op de website van Lombok Dive. Dan gaan Anique en ik eens lekker rustig aan doen, beetje schrijven (lezen schiet niet op deze vakantie, ik heb nog niet één boek uit, te druk met schrijven), zwemmen, luieren. Heerlijk!

Als Peter en Tom terugkomen, luieren we met z'n allen nog even verder. Peter en Tom gaan vanavond nog een nachtduik doen. Nu is een nachtduik in het donker, en dat kan hier dus al vanaf een uur of 7. Rond zes uur komen de heren van Lombok Dive ons ophalen, kunnen we nog genieten van de zonsondergang en daarna kunnen ze duiken. Dan gaan Anique en ik lekker mee, de duik zal niet zo lang duren. Als we richting haven lopen, het is laag water en dan vertrouwen ze het koraal en de stenen niet zo, wordt bij het restaurantje van het hotel alles klaargezet voor het diner. Een barbecue, lekkere vis en vlees. Aangezien we na het duiken nog moeten eten, beloven ze voor ons iets apart te houden.
Mohni heeft vanmiddag weer pech gehad, zelf hoefde hij niet te duiken, maar had de boot uitgeleend aan een andere duiker met gasten. En die waren een beetje traag. Zo wordt het half 7 voor ze eraan komen. Hartstikke donker, en laag water, en een haven die ze niet zo goed kennen. En haven wil hier niet zeggen dat je overal kunt varen, het is gewoon een stuk strand waar boten aanleggen. Met zaklampen proberen ze ontdekken waar stenen en koraal liggen, langzaam varen en hopen dat het goed gaat. Op een gegeven moment komen ze tegen stenen aan en durven ze niet meer verder, we moeten dus een stukje door zee wandelen. Best lastig in het donker, glibberend over stenen. Maar we komen ongedeerd aan boord, een andere duikleraar, een vriend van Mohni die al 25 jaar in het vak zit, had minder geluk, toen hij van boord sprong om de boot vast te houden, sprong hij bovenop een zee-egel. Dat was pijnlijk, en is ook nog een paar dagen pijnlijk gebleven. Voor de zonsondergang zijn we inmiddels een beetje te laat, dus wordt direct alles klaargemaakt voor het duiken. Best lastig in het donker. Wij waren al zo slim om zaklampen mee te nemen, maar daar is de schipper niet blij mee, dan kan hij zich niet goed oriënteren, dus wordt alles in het donker klaargemaakt. Een paar hele grote zaklampen gaan mee de diepte in. Zien ze tenminste wat onder water. Peter, Tom en Mohni hebben er erge zijn in, ik ben heel blij dat ik aan boord kan blijven. Om hier nu in dat donkere water te springen...nee, dank je.

Wat wel weer leuk is van een nachtduik, is dat vanaf de boot prima is te volgen waar de duiekrs zitten. Je ziet een vage gele vlek onder water, daar zitten ze dus.
Anique en ik genieten samen met de bemanning van de boot, de schipper, de andere divemaster, met zee-egel in zijn tenen en nog een jongen, van de rust en stilte op het water. Het enige wat we horen is het kabbelen van het water en de moskee oproepen van de twee eilandjes waar we tussenin zitten. De lucht is prachtig. Het is net volle maan geweest, maar toch erg donker. We zien duizenden sterren, zoveel hebben ze er in Nederland volgens mij nooit. Anique en ik zijn op zoek naar een vallende ster, kunnen we wensen dat we hier altijd mogen blijven, maar helaas...
Toch ben ik blij als de duikers na een half uurtje weer bovenkomen. Ik blijf het eng vinden, zo diep onder water. Maar zelf vinden ze van niet, het was prachtig, heel andere vissen dan overdag, meer kreeften en krabben. Op mijn vraag (als grapje) waarom ze niets hebben meegenomen voor op de barbecue reageert Mohni een beetje geschrokken. Dat mag niet, duikers mogen niets meenemen. Daar is Mohni heel secuur in, als hij geen duikgasten heeft, werkt hij voor een overheidsorganisatie die de toestand van het koraal en de overige onderwaterwereld in dit deel van Indonesië in de gaten houdt en registreert; het zogenaamde coralmonitoring.

Nu iedereen weer bibberend (de duikers tenminste) aan boord zit, hebben we nog een zware klus te gaan, aan land komen. Het is er het afgelopen uur niet lichter op geworden en de stenen zullen ook wel niet vanzelf weg zijn gegaan. Heel voorzichtig varen we centimeter voor centimeter naar de kant, tot ze stenen voelen, dan moeten we verder lopen. Wij wiebelen naar het strand, de rest vaart terug naar Lombok, waar ze onze huurauto mee kunnen nemen naar Senggigi, kunnen ze morgen weer mee terug nemen als ze naar Meno komen, wij hebben vannacht geen auto nodig, zij hebben hun kapotte auto nog niet terug.

Bij het hotel aangekomen, gaan we maar snel eten, er liggen nog een paar mooie spiezen voor ons. Tom heeft meer zin in iets anders en neemt iets van de kaart. De rest krijgt een lekkere spies met vlees (de vis was al op, jammer) en groente, een gepofte aardappel en een maiskolf van de barbecue. Helemaal niet slecht!
Maar Tom zit bijna te slapen aan tafel, en we zijn de laatste gasten vandaag, dus maken we het maar niet te laat. De jongens moeten hier natuurlijk ook nog opruimen als we weg zijn, dus duiken we maar lekker ons hutje in. Lekker slapen met het geluid van de golven. Selamat tidur!

 

Maandag 21 juli

Als we wakker zijn, gaan we eerst even lekker ontbijten op een bruka met zeezicht. Genieten!
Dan maken we een wandeling naar het noorden van het eiland.
Mohni bood gisteren aan om nog twee duiken te doen vandaag. Dat konden Peter en Tom natuurlijk niet afslaan.
Dus komen ze ons over een uurtje ophalen. Het toeristische deel van Gili Meno houdt hier snel op, een paar hotels, en dan is het op. We lopen door tot aan de noordpunt van Meno. Daar liggen prachtige schelpen, ik kan me hier helemaal uitleven. Dat is nog eens wat anders dan de schelpen die we vroeger in Nederland vonden. We komen zo van de ontbijttafel en hebben helemaal niks bij ons, geen zakje, geen tasje, dus ik loop al snel met volle handen verder. Dan belt Mohni dat ze er over een kwartiertje zullen zijn. Soms zijn ze wat later, nu dan wat vroeger, dat is altijd moeilijk plannen hier. We lopen in marstempo terug naar onze mooie hutjes, pakken snel de spullen en dan komt de boot er al aan. Het is hoogwater, dus worden we weer recht voor ons hutje opgepikt. Dat is toch wat eenvoudiger dan gisteravond in het donker over de stenen glibberen.

Langzaam verdwijnt ons mooie hutje voor 1 nacht uit het zicht. We hebben hier wel heel erg verschillende vakanties.
Eerst Amed in Bali, mooie natuur, goede duiklocaties, veel contact met de bevolking, strand was wat minder, erg smal en met zwart vulkaanzand. Op zich niet smerig, het is gewoon zeezand, maar zo donker heeft het strand toch een andere uitstraling.
Daarna Senggigi, heel leuk centrum, redelijk druk vergeleken met Amed. Wat meer keuze in restaurantjes enzo. Gezellig. Dan uiteraard Kampung Loco, tja, wat zullen we daarover zeggen. Warm, gastvrij, we voelen ons er zo welkom, steeds meer als vrienden, minder formeel. Het voelt er gewoon goed.
En dit was dan Gili Meno, paradijslocatie, honeymooneiland wordt het ook wel genoemd. Wit strand, blauwe zee, blauwe lucht, palmbomen. Het heeft alles wat mooi is, maar na 2 dagen is het ook wel weer lekker om verder te gaan.

Maar voorlopig blijven we nog even rond de drie gili's, eilandjes, in noordwest Lombok. Als Peter en Tom gaan duiken, blijven Anique en ik op de boot. Lekker luieren op het 'dakterras'. Maar het is goed dat de duikgroep na zo'n 40 minuten weer bovenkomt, want op ons dakterras brandt de zon wel heel erg fel.
Als iedereen weer droog is en alle duikspullen weer opgeborgen zijn, varen we naar Gili Trawangan.
Dat is een heel ander eiland dan Meno. Het wordt niet voor niets party-eiland genoemd. Veel drukker dan Meno, de weg langs het strand is volgepropt met duikscholen en de bijbehorende hotels. Ook op dit eiland is geen gemotoriseerd verkeer, wel heel veel paardekrachten en fietsen.
Het leukste van Trawangan vind ik de plaats waar de boten van de andere eilanden en van Lombok aanleggen. Daar komen de toeristen aan die hier vaak een paar dagen of langer blijven, met koffers, tassen en veel bagage. Dat moet allemaal een meter door zee gedragen worden, er is geen aanlegsteiger of zo, de bootjes varen zover mogelijk naar de kant. Dan moet alles in de chidomo. En daarna de toeristen er zelf ook nog bij. Een prachtig gezicht.
We gaan even een hapje eten in een van de vele restaurants die hier zijn. Het is weer even wennen, harde muziek, veel jonge luidruchtige toeristen, en veel drukte. Het restaurant zelf is ook niet zo super. Als Peter en Tom hun eten al ophebben, moet de bestelling van Anique en mij nog komen. En als we nu iets heel ingewikkelds hadden besteld, kan ik me dat voorstellen, maar een gewone mie goreng kan toch geen half uur duren. Als het eten eindelijk komt, is het nog een beetje lauw. Tja, geef mij maar een ander eiland.

Na het eten wandelen we nog wat rond, en Anique en ik besluiten om in de middag maar weer mee op de boot te gaan. Dan hoeven ze na de duik ons niet meer op te pikken, en kunnen we rechtstreeks terug naar Lombok. Heel veel zin om hier langer te blijven hebben we niet. Laat ons dan maar lekker op zee zitten. Daar is het rustig!
Het is bloedheet, en we lopen snel terug naar de boot, daar springen Anique en ik even lekker in het water. Peter en Tom mogen nog even assisteren met de tewaterlating van een glassbottomboot. Een redelijk grote houten boot met een glazen bodem, voor mensen die onder water willen kijken zonder nat te worden (eigenlijk iets voor mij dus, maar ik kijk wel naar de foto's die Tom onder water heeft gemaakt met de nieuwe camera van Mohni).
De boot is net geverfd, ligt op het strand en moet over houten palen de zee in rollen. Er staat al een hele groep mensen te helpen, maar het vlot nog niet echt. Mohni, Tom en Peter gaan ook maar even helpen. Na veel "satu, dua, tiga" (1,2,3) en duwen, rolt de boot dan toch weer de zee in. De duwers houden er blauwe handen aan over, de verf was nog niet droog, maar er waren klanten, dus moest hij toch maar het water in. Als dank voor de hulp krijgt iedereen een soort frietzakje vol nasi, en een bekertje water. Peter en Tom slaan de nasi over, maar het water gaat er wel in.

Dan is het weer tijd om zelf ook het water op te gaan. Er volgt nog een wrakduik. Niet bij een scheepswrak, maar bij de overblijfselen van een restaurant op het water, aan het uiteinde van een soort pier. Het geheel is in zee gestort, begroeid met planten en koraal, en de duik daar valt onder de categorie wrakduiken. Anique en ik blijven wijselijk onder het zonnedak zitten. De zon brandt ons iets te hard voor het dakterras van de boot.
Als de duikers drie kwartier later weer in de boot zitten, kunnen we volle kracht terug naar de haven in Lombok.
Dan vluchten we toch maar naar boven, de enige manier om niet doorweekt te worden.
Blijkbaar staat er altijd de hele maand juli een stevige wind in de buurt van Lombok. Dat veroorzaakt flinke golven. Wij vinden die wind wel lekker, geeft tenminste een beetje verkoeling. De mensen hier moeten er niets van hebben, veel te koud! Je ziet zelfs mensen met een dikke winterjas aan en bivakmuts op tegen de kou.

Als we een half uurtje later weer veilig op het "vasteland" van Lombok staan, wordt de boot weer razendsnel uitgepakt, we zoeken de auto op, die netjes in de schaduw staat geparkeerd. Mohni en de bemanning heeft hem gisteravond na de nachtduik gebruikt om terug naar Senggigi te gaan. Dat was handig, hier in dit afgelegen haventje was geen veilige plek om de auto te laten overnachten, daarnaast bespaarde het de heren een huurauto/bemo, want hun vaste huurauto stond nog ergens in de bengkel, garage.
Vanochtend zijn ze weer met de auto hierheen gereden.

Mohni en de andere duikgasten van vandaag, een stel uit Slowakije, krijgen een lift van ons naar Senggigi. De rest van de bemanning en de duikuitrustingen gaan in een bemo.
De slowaken merken op dat ze in hun hele rondreis door Indonesië nog niet zo'n mooie taxi hebben gehad.
De Toyota Kijang is inderdaad een prima auto, netjes, ruim, wat duurder dan de auto's die je "op straat" kunt huren, maar wel op alle manieren goed verzekerd. En dat is met het plaatselijke verkeer geen overbodige luxe.
We rijden rustig terug naar Senggigi, de hele kustweg hier wordt gerepareerd/vervangen, dat is hier een enorme uitgelopen klus, zeker met de beperkte machines die ze hier hebben.

Onderweg wijst Mohni nog even aan waar hij zijn duikflessen opslaat en bijvult. Voorheen had hij de compressor/machine in Senggigi staan, maar na klachten van de buurt (het ding maakte wel erg veel kabaal, en werd altijd na de duiken, dus in de avond/nacht gebruikt) heeft hij een ruimte gehuurd buiten Senggigi.
Als we in Senggigi aankomen, droppen we eerst de Slowaken bij hun hotel. Dan Mohni bij zijn kantoor, moeten we natuurlijk even binnenkomen, praatje maken met iedereen, glaasje fris drinken. Intussen hebben we met Mohni afgesproken vanavond samen met zijn gezin uit eten te gaan. Hij mag een leuk restaurant uitkiezen, we laten ons verrassen. Om 7 uur komen ze ons ophalen.

Als we even later bij Graha uit de autp stappen, glijdt er een paar vreemde slippers onder de bank uit.
Vast van iemand die afgelopen dagen in de auto heeft gezeten, niet van ons.
De slowaken vallen af, als die bij het hotel op blote voeten uit de auto waren gestapt hadden ze het vast wel gemerkt. Redelijke kans dat ze van iemand van de duikschool zijn. Hier lopen de mensen toch nog het liefst op blote voeten. Het is altijd een mooi gezicht als de kinderen uit school komen. Het eerste wat ze doen buiten de poort is de verplichte (sport)schoentjes uittrekken en lekker op blote voeten naar huis rennen.

Wij gaan even lekker rustig bijkomen in het hotel, lekkere douche nemen, haren wassen, want daar zit volgens mij een flinke portie zout in. Beetje bijschrijven, ik probeer elke dag wat in te halen, anders komt de weblog nooit bij.
Dan is het zo 7 uur en gaan we Mohni, Sofie en Dita opwachten. Ze komen met z'n 3-en op de brommer. Hij vraagt of we van vis houden, ja, best wel. Dan gaan we, met de auto, het restaurant ligt een eindje buiten het centrum, naar Warung Menega.
We hebben geen idee wat we ons daarbij moeten voorstellen. Maar we zijn blij verrast. Een mooi groot restaurant, tafels op het strand. Maar voor we aan tafel gaan, moeten we ons avondeten uitzoeken, aan kaarten doen ze hier niet. Je wijst in een koelbak de lekkerste vis aan, die wordt voor je op de barbecue gegooid.

Wij gaan voor een grote red snapper, 2 kleinere witte snappers (geloof ik) en lekker veel hele grote garnalen.
De inktvis, die er ook niet verkeerd uitziet, slaan we af, dat wordt wel erg veel.
Als we aan tafel zitten, delen we eerst de cadeautjes uit Nederland uit. Wat teken/knutselspullen en vrolijke haarelastiekjes voor kleine Dita, een flesje parfum voor Sofie, en een pak echte hollandse stroopwafels voor Mohni.
Dita straalt van oor tot oor. Het is een vrolijke kletstante, die volgens Mohni geen moment stil is, die indruk kregen we ook al. Sofie is wat stiller. Ze spreekt geen engels, en ons indonesisch gaat in een gesprek ook niet zo goed. Maar Mohni (waar heeft Dita dat toch van) kletst vrolijk verder.
Over Lombok Dive, de jongens die er werken, zijn werk in de coralmonitoring, en de veranderingen in hun leven sinds hij voor zichzelf werkt. Die zijn positief, hij kan zelf iets gaan opbouwen, kan anderen een beetje helpen. Soms is het ook wel moeilijk,voor zo'n jonge knaap, we weten het niet precies, maar we schatten hem rond de 25 jaar) is het een hele verantwoordelijkheid, zo'n duikschool. Het is meer dan met klanten het water inspringen. Hij moet ook het kantoor draaiende houden, dat vreet energie. De jongens die voor hem werken, hebben nog veel begeleiding nodig. Dus maakt Mohni lange dagen. Voor hij met klanten vertrekt, moeten de flessen gevuld zijn, de overige uitrusting schoon zijn, klaarliggen en gecontroleerd zijn, vervoer en schipper moeten ingeseind worden, eventueel free-lance dive-master ingehuurd als er meerdere klanten op een dag zijn, dan het duiken zelf, tussen de duiken door nog wat telefoontjes afhandelen (zijn telefoon is nooit langer dan 15 minuten stil), en na de duik terug naar kantoor, kijken wat daar die dag is gebeurd, klanten terugbellen, mails beantwoorden en weer alles voor de volgende dag voorbereiden. Ja, hij maakt lange dagen, maar dit is natuurlijk wel hoogseizoen waar hij nu mee bezig is. Na augustus zal het wel weer veel minder worden. Maar Mohni klaagt niet, is dolblij dat het nu zo lekker loopt.

Waar vooral Sofie wel moeite mee heeft gehad, waren de reacties van mensen uit het dorp. Waarom kan Mohni voor zichzelf beginnen, hoe komt hij aan het geld?
Een vorm van jaloezie, misschien begrijpelijk, maar in onze ogen toch wel erg onredelijk. Iedereen wilde ineens geld van Mohni hebben, omdat ze ons met Mohni in contact zouden hebben gebracht, omdat Mohni nu geld genoeg heeft, allerlei redenen werden erbij gehaald. Hij heeft zelfs iemand het contract dat hij met ons heeft laten zien, om zo aan te tonen dat hij het geld voor de boot niet heeft gekregen, maar geleend van ons. Dat hij alles weer terug moet betalen.
Dat is niet leuk om te horen, maar zaken doen gaat hier op een hele andere manier dan bij ons. Niets is voor niets. Overal zitten mensen tussen die procenten willen van de omzet. Soms terecht, als een reisagentschap hem klanten levert, krijgen zij daar een beloning voor. Maar zelfs de verhuurder van de kantoorruimte en auto krijgt een deel van de omzet die Mohni maakt. Dat is voor ons onbegrijpelijk. Dat heeft toch niets met elkaar te maken. Mohni vindt het heel gewoon, dat is omdat de auto en kantoor niet zo duur zijn.
Dat zijn dingen die wij niet begrijpen, in onze ogen komt het erop neer dat je, als je hier eenmaal geld en bezit hebt, je alles kunt profiteren. Voor beginners wordt het daardoor extra moeilijk om zelf iets op te bouwen.

Als we even later achter grote schalen vis zitten, genieten we! Wat is dit lekker! Het lukt ons niet om alle vis op te krijgen, maar wat overblijft wordt netjes ingepakt en door Mohni meegenomen.
Als we weer terug zijn bij Graha, nemen we afscheid van Mohni, Sofie en Dita, en gaan we nog snel even naar het internetcafé. Tom is bekaf en valt bijna achter de pc in slaap. Hoogste tijd om het hotel en bed weer op te zoeken!

 

Dinsdag 22 juli

Vandaag hebben we een rustdag, geen afspraken, geen plannen.
Als we gaan ontbijten zien we weer een oude bekende. Een verkoper, meestal verkoopt hij gevlochten sleutelhangers, boekenleggers en armbandjes. Daar hebben we geen behoefte aan, maar de man, die alleen maar wawawa kan zeggen en heel druk erbij gebaart, is zo blij dat hij ons weer ziet, dat we hem niet kunnen negeren. Hij is waarschijnlijk zwakbegaafd, heeft een spraakprobleem en zal het hier niet gemakkelijk hebben. De jongere verkopers houden hem behoorlijk voor de gek, ouderen helpen hem wel eens mee met onderhandelen en het vertalen van wat ze zijn "bodylanguage" noemen. Nu kennen we hem inmiddels een paar vakanties, weten wat hij verkoopt, dus begrijpen zijn gebaren wel. Vandaag besluiten we hem maar eens gelukkig te maken. We kopen 2 zelfgemaakte boekenleggers, en dingen niet af. Hij is heel blij, we krijgen allemaal een handje, en worden uitgebreid uitgezwaaid na ons ontbijt.

Ik schreef al dat we geen afspraken hadden, maar we (of eigenlijk Anique) heeft er toch één. Met Mohni.
Vorig jaar wilde hij haar al mee duiken hebben, maar Anique, die in Nederland in het zwembad al heel wat duiklessen heeft gehad, durft de zee nog niet aan. Nu heeft Mohni met haar een zwembadles afgesproken. Wij vonden het bij Graha wel handig, maar Mohni aarzelde, mag dat daar wel? Misschien was het beter als Peter dat zou vragen, als Mohni het vraagt, zeggen ze misschien nee, als gasten vragen, heb je meer kans op medewerking.
Aangezien het zwembad meestal heel erg rustig is, lijkt het ons geen probleem. Gisteren hebben we gevraagd, en na overleg met de badmeester mag het, onder voorwaarde dat Mohni gewoon zwembadentree betaalt, hij is hier geen gast. Daar hebben we begrip voor, en Peter koopt netjes een kaartje voor Mohni.

Als Peter Mohni heeft opgehaald met zijn hele uitrusting, wordt het druk rond het zwembad, niet met gasten, maar met personeel van Graha, die willen allemaal zien wat er gaat gebeuren. Dat is heel eenvoudig, Anique duikt, na instructie van Mohni, vertaald door Tom, onder met Mohni en komt een half uur later weer bibberend boven. Mohni is onder de indruk, wat hem betreft mag ze zo mee de zee in, ze hebben alle oefeningen voor het eerste diploma gedaan, en alles ging goed. Maar Anique denkt er nog eens over na, zwembad is leuk, verder hoeft voor haar nog niet. Maar dat komt misschien nog wel. Mohni vertelt nog dat dochtertje Dita zo blij was met de cadeautjes van gisteren. Ze heeft ze allemaal bij zich gehouden toen ze ging slapen. Mohni mocht ze niet wegleggen!
Nu Mohni toch hier is, kan hij meteen de verdwaalde slippers meenemen die in de auto lagen. Hij was al door zijn vriend gebeld, die was ze vergeten.

Na het zwemmen gaan we naar het internetcafé. Dan horen we dat Eful een afspraak heeft geregeld met Lombok Times. Een journaliste wil met ons spreken over het project en het uitstapje naar de waterval. Eigenlijk zou dat volgende week, na het uitstapje gebeuren, maar dan is het stuk te laat voor de uitgave van deze maand, dus vragen ze nu een interview, en kunnen we zelf na zondag een foto mailen voor bij het artikel. Wij vinden alles prima.
Voor de afspraak met de journaliste, wil Peter Mohni nog even helpen met zijn mailbox op internet.
Daarin moest iets worden aangepast. Peter en Tom lopen alvast, Anique en ik komen zo wel.

Als wij even later ook richting internet lopen, treffen we Eful en een vriend op het muurtje voor hotel Bukit Senggigi. We stoppen even, apa kabar, waar gaan we naar toe enz.
Maar daar kom je meestal niet mee weg. Ik krijg een papiertje onder mijn neus geduwd waar ik onze naam op moet schrijven voor het spandoek op de bus. Nadat we een half uurtje gezellig hebben zitten kletsen over vanalles en nog wat, gaan we de heren bij internet maar weer eens opzoeken. Peter en Tom zitten met Mohni bij de pc, en leggen hem uit hoe alles werkt. Mohni zit er heel hopeloos bij te kijken. Zijn mond zegt dat hij het begrijpt, zijn gezicht schreeuwt "HELP, ik snap er niks meer van". Gelukkig staat zijn computerdeskundige Adi of Edi erbij, en kijkt niet zo hopeloos als Mohni.
Dat komt wel goed, en zo niet dan zijn wij nog heel wat dagen hier in de buurt om uitleg te geven.
Dan moeten we weer snel naar het hotel, daar zal zo Eful met de journaliste langskomen.
Maar Eful zit nog steeds op het muurtje, de journaliste zou wat later komen. Wij lopen alvast naar het hotel, bestellen een drankje en wachten. We zien geen Eful, geen journaliste, maar wel ineens familie Coenders. Die hebben net een rondreis met Dewa door Bali erop zitten, en blijven nu een paar dagen in Graha. Bali en Dewa waren allebei goed bevallen!

Dan komt eindelijk Eful opdagen, zonder journaliste. Die was toch nog wat later, en komt naar Kampung Loco. Ook goed, dus lopen wij met Eful naar zijn huis. Daar gaan we op de bruka zitten. Even later komt Adi voorbij. Aangezien Kartini, de vrouw van Eful, nog niet thuis is (en mannen hier geen thee kunnen zetten), komt Adi even later met Mariam terug om ons een kop thee te brengen. Inmiddels is de journaliste, een jong meisje uit Java, die nu een paar maanden in Lombok is, gearriveerd.
Ze is volgens mij nog niet vaak in een Kampung geweest en kijkt nieuwsgierig rond. We vertellen wat over het Proyek, het komende uitstapje, en de website, waarop ze alle informatie in het engels kan vinden. Ze is echt geïnteresseerd, vraagt honderduit over de opzet van het Proyek, wat de beweegredenen van de sponsors zijn en waarom nou net Kampung Loco in Lombok? We proberen zo goed mogelijk antwoord op haar vragen te geven.
Ze legt nog even uit dat ze het een heel interessant onderwerp vindt, belangrijker dan reclames of openingen van bijvoorbeeld luxe hotels. Maar zij schrijft alleen het stuk en of het wel of niet geplaatst wordt is natuurlijk afhankelijk van de redacteur. Dat begrijpen we, we bedanken haar voor de tijd en belangstelling. Moeten hartelijk lachen als we haar pijnlijk van de bruka af zien komen, dat hadden we in het begin ook, nu worden onze benen iets leniger en kunnen we wat langer in kleermakerszit doorbrengen.

Als Kartini met zoon Gilang thuiskomt, hebben we eindelijk iedereen van de projectleden ontmoet, ze is weer blij ons te zien, babbelt er vrolijk op los in net engels, naast haar baan als onderwijzeres op een basisschool, studeert ze engels aan de universiteit. Knap hier, zeker voor een vrouw!

Dan wandelen we weer terug naar het hotel, nemen daar maar een lunch, en kletsen nog even bij met familie Coenders.
Daarna wandelen we nog even Senggigi in, gaan even langs bij Mohni, komen dan uit bij de dagelijkse voorstelling stickfighting in het centrum. Zelfs al zouden we het graag zien, dan nog zou het ons niet lukken. Het is er erg druk!!! Rijendik staan de mensen te kijken, ze hangen in de bomen, staan op muurtjes, allemaal om te zien hoe 2 mensen elkaar proberen te slaan met stokken. Er zal een hele cultuur en traditie achter zitten, maar ik hoef het niet te zien.
Wat wel weer leuk is, is het publiek bekijken. Als er hard wordt gejuicht, zal er ook wel hard worden geslagen, denk ik. We kletsen nog even met een jongedame van een duikschool die we al eerder hebben ontmoet, een indonesische, maar niet uit Lombok. Supermodern, vlot, ze ziet er goed uit. (Ze is een oud-collega van Mohni, en als we het later met hem over haar hebben, vraag hij "The sexy girl?" Klopt, die bedoelden we.) Ze is met een kennis naar het stickfighten gekomen, maar die staat nu vooraan ergens aan te moedigen, zij durft niet meer te kijken. Als het gevecht is afgelopen, worden we door de massa uitelkaar gedreven. Wij vieren vluchten naar de kant, en wachten rustig tot alle drukte weg is. Dan lopen we terug naar Graha.

Onderweg zien we Meneer wawawa weer zitten met zijn koopwaar. Hij begint weer tegen ons te "praten".
We zwaaien vrolijk en willen verder lopen, maar een andere verkoper roept dat we even moeten komen.
Dan krijgen we van meneer wawawa 3 hele mooie schelpen. Niet echt schelpen, maar een soort afdekklepjes van de opening bij slakkenhuisvormige schelpen. Ze worden vaak verwerkt in sieraden. Hier op het strand vind je ze wel eens, maar dan zijn ze helemaal verweerd. Deze zijn nog mooi gaaf, en hebben aan de buitenkant een mooie diepbruine glanzende kleur. Ik kan me herinneren dat pap er heel erg lang geleden eens een van een collega heeft gekregen, die had ze meegebracht van een vakantie (naar Indonesië?) en vertelde erbij dat ze daar werden gebruikt als betaalmiddel. Dat vonden wij (fervent schelpenverzamelaars) een heel indrukwekkend verhaal achter zo'n mooi schelpklepje. Nu krijgen wij dus drie van die mooie schelpjes van meneer wawawa. Wat lief!

's Avonds gaan we met familie Coenders nog een keer lekker eten bij Warung Menega. Voor we kunnen gaan, moeten we eerst proberen hoeveel nederlandse mensen er in de Toyota passen. Lopen naar de warung is te ver, taxi is te lastig, 2 keer op en neer rijden is zonde. Maar het lukt, er passen er zeker 10 in!
Beetje krap, maar daar doet de bevolking hier ook niet moeilijk over.
Het was wel een leuk gezicht om de mensen bij het restaurant te zien kijken; komen er nou nog meer mensen uit die auto???

We bestellen maar een vismix, vanalles wat voor iedereen, dat is het handigste met veel personen.
Het is niet zo lekker als gisteren, toen hadden we meer gefileerde vis, maar het smaakt toch prima.
Als bij iedereen de oogjes kleiner worden, proppen we ons maar weer in de Toyota, en rijden terug naar Graha Hotel.

 

Woensdag 23 juli

Vandaag is de dag dat we met Pak Zacchary op pad gaan. Elke keer als we hem zien, zegt hij Rabu 1 clock (woensdag, 1 uur), we zijn het nog niet vergeten. Dan vertelt hij een heel verhaal waarvan we Peduli Anak, kampung en buku sekolah verstaan. We gaan dus eerst naar Peduli Anak, het weeshuis/tehuis voor straatkinderen, dan naar zijn dorpje, en waarschijnlijk mogen we een bijdrage leveren voor de schoolboeken?
We besluiten maar wat schriften, schrijfgerei en zo mee te nemen, de dingen die ze altijd nodig hebben op school. En ook nog wat "luxe dingen", een groot tekenboek, waterverf met penselen, kleurpotloodjes enzo.
Maar we gaan pas om 1 uur, dus de ochtend hebben we nog "vrij". We hebben getwijfeld of we naar Mataram zouden gaan, Mataram Mall, een voor Lombokse begrippen hypermodern en veel te duur winkelcentrum (maar er zit een hele grote toko buku, boekenwinkel, en daar hou ik erg van), en dan naar Cakra market, de hele grote lokale markt.
Maar dat wordt wel krap voor 1 uur, en als we horen dat Mohni nog geen auto heeft en morgen naar de Gili's moet, bieden we hem onze auto maar aan, onder voorwaarde dat hij om één uur terug is.

Nadat we na het ontbijt wat gezwommen hebben, wandelen we Senggigi in. In een restaurantje aan het strand bij art market eten we rond de middag wat, dan snel terug naar het hotel, kijken of Zacchary al staat te wachten. Maar het is nog net geen één uur, dus we zijn mooi op tijd. Als we onze spullen gepakt hebben, en Zacchary hebben gevonden, vertrekken we. In de auto vinden we weer een paar schoenen, geen slippers, maar nu sportschoenen. Die zijn vast weer van iemand van Lombok Dive. Straks maar even terugbrengen!
Het is zo'n 3 kwartiertjes rijden naar Peduli Anak, pelan pelan, rustigaan. Dan komen we bij Peduli Anak.
We parkeren de auto, krijgen allemaal een officiële visitor-badge en worden welkom geheten door een medewerkster. Helaas is de oprichter van Peduli Anak, een nederlandse jongen, niet aanwezig.
Het geheel, een gebouwencomplex waar zo'n 50 kinderen wonen, ziet er prima uit.

We krijgen een uitleg over de dagindeling, gang van zaken en soort kinderen wat er verblijft.
Wat ons als eerste opvalt, is dat alles zo netjes, mooi en schoon is. Er zijn groepjes kinderen bezig met opruimen, vegen van de vloeren etc. Daarvoor hebben ze een soort corvee-rooster. De kinderen wonen in grote gebouwen. Een grote zaal met eettafels, tv-kamer, kamer voor de medewerkers en verschillende slaapkamers waar de kinderen in groepjes slapen in mooie stapelbedden.
De meeste kinderen hebben de standaard Peduli Anak kleding aan, fris groen-gele pakjes.
Ook de gebouwen (met hele hoge plafonds, tegen de warmte) en meubels zijn allemaal in die kleuren geschilderd, leuke muurschilderingen van kinderen. Het ziet er heel erg mooi, gezellig en fris uit!
Buiten hebben de kinderen verschillende sprotveldjes en een mooi zwembad, waar ze ook zwemles krijgen. Dan zijn er op het terrein nog een basisschool, en een gebouw waar de kinderen praktijklessen krijgen, technisch, houtbewerken, naaien.

De kinderen die er verblijven variëren in leeftijd, ik dacht dat de jongste 4 of 5 was, de oudste 18.
Sommige kinderen hebben geen ouders, anderen wel, maar woonden op straat of hadden thuis problemen.
Deze kinderen hebben wel toestemming van de ouders nodig, voordat ze hier kunnen komen. Het wordt gestimuleerd dat de kinderen contact met de ouders houden, af en toe op bezoek, ouders kunnen af en toe hier komen en ze mogen op vaste tijden telefonisch contact hebben.
Rond hun 18e is het de bedoeling dat de kinderen weer terugkomen in de "normale" maatschappij.
Wij denken dat dat wel een hele grote overschakeling is van deze beschermde, frisse, schone wereld, naar het gewone Lombok. Maar na hun terugkeer zullen de kinderen ook nog wel begeleid worden, en natuurlijk gaan de oudere kinderen vaak ook al buiten Peduli Anak naar de middelbare school.

In het hoofdgebouw zit de beveiliging, administratie, een spreekkamer van de dokter en dat soort dingen.
We zijn ervan overtuigd dat de kinderen hier niets tekort zullen komen.
Ze zijn allemaal blij met de ballonnetjes die we uitdelen, bedanken netjes, een paar kindjes komen zich zelfs in het engels aan ons voorstellen en een gesprekje voeren. De begeleidster legt uit dat dit hoogbegaafde kinderen zijn, die buiten Peduli Anak naar een internationale school gaan.
Als we alles gezien hebben, concluderen we dat veel kinderen (en volwassenen) op hete eerste oog jaloers zouden zijn op deze kinderen, maar ja, als je beseft dat deze kinderen opgroeien zonder hun eigen ouders, zouden wij toch kiezen voor een leven met je eigen familie!
Als we de medewerkster bedankt hebben voor de rondleiding en een financiële bijdrage voor het project hebben achtergelaten, gaan we op weg naar de Kampung van onze meneer Zacchary.

Dat is maar een paar minuutjes rijden. Het doet ons een beetje denken aan Masbagik, waar we vorig jaar met Adi zijn geweest. Heel anders dan Kampung Loco. Meer een stadje, geen groen, smalle streegjes, veel huisjes, en nog veel meer mensen.
Als we bij zijn huisje aankomen, worden we al gevolgd door een hele stoet kinderen.
We gaan binnen zitten, op een kleed op de vloer. Zacchary verontschuldigt zich voor het feit dat hij geen stoelen heeft, maar inmiddels kunnen we ook best goed op de grond zitten zonder kramp te krijgen.
Als Zacchary en zijn vrouw ons drinken klaarmaken, thee, liever geen lombok koffie, kijken we even rustig het huisje rond. Eenvoudig, waarschijnlijk een gecombineerde zit- en kinderslaapkamer, 1 extra slaapkamer, een buitenkeukentje. Verder geen meubels, behalve 2 kleine kastjes, een radio en een kleine tv.
De oudste van 3 kinderen, een jongen van 12, komt vragen of hij mag gaan voetballen, dat mag. De andere 2 kinderen, jongetje van 8 en meisje van 2 of 3, zijn verlegen.
Even later krijgen we allemaal een kop thee en lekkere gebakken banaantjes. We praten een beetje in half engels, half indonesisch, aangevuld met gebarentaal. Buiten het huis staat al een menigte te kijken.
Hier zijn meer kinderen dan dat wij schriften hebben, dus we besluiten de spulletjes maar in een gesloten zak aan Zacchary te geven, dan kan hij later kijken of en hoe hij het verdeelt.
Maar daar denkt hij anders over, hij gaat direct uitpakken en weggeven. Iedereen verdringt zich bij de ramen en deuren om iets te pakken te krijgen. Binnen een minuut is alles weg, behalve de verf en tekenblok. Die blijven liggen voor zijn eigen kinderen. We zien buiten heel veel gelukkige, maar ook veel teleurgestelde kinderen, vaders en moeders. Als ik mijn handtas doorspit, kom ik nog een paar zakjes met kleine rolletjes snoep tegen. Een jonge moeder kijkt heel blij, ze maakt een lippenstift-gebaar. Helaas, dat is het niet, maar "permen", snoepjes willen ze ook heel graag. Die worden allemaal uitgedeeld, en dan hebben we niets meer. We zijn weer onder de indruk van de manier waarop mensen hier alles met elkaar delen. Zacchary had ook wat schoolspullen voor zijn eigen kinderen apart kunnen leggen, maar geeft alles weg.

Als we de thee ophebben, gaan we weer terug, we zouden rond 4 uur weer in het hotel zijn.
We nemen afscheid van heel veel mensen, die toegestroomd zijn, lopen terug naar de auto, en nemen Zacchary weer mee naar Graha, daar staat zijn brommer nog. Als we hem nog wat geld toegestopt hebben als dank voor deze interessante middag, nemen we afscheid, en kan hij beginnen aan de lange reis naar huis, nu op zijn brommertje.

Als we bij het hotel zitten, komt Mohni langs, zijn schoenen ophalen. Die raken ze hier nogal eens kwijt.
Hij vraagt of Tom zin heeft om morgen mee te gaan naar de Gili's, kan hij een beetje meehelpen en zelf ook nog duiken. Daar zegt Tom natuurlijk geen nee tegen. Vast veel leuker om met de heren van Lombok Dive op pad te gaan dan met papa, mama en zusje. Wij vinden het prima, Mohni is te vertrouwen, is gek op Tom en houdt hem wel in de gaten, boven en onder water.

Als familie Coenders terug is in Graha, willen ze wel eens zien wat Proyek Kampung Loco nu precies is, we hebben het er wel vaak over, nu kunnen ze het in het echt zien. Dus wandelen we met 10 personen de Kampung in. We geven een beetje uitleg over wat er speelt, hoe het proyek in elkaar zit, wandelen een rondje door het dorp, praten met bewoners, die kennen ons inmiddels allemaal wel, Sara wordt weer uitgebreid bewonderd en geknuffeld.
We maken nog snel en foto van haar wiegje. Onder de bruka hangt een mooi rieten mandje waar ze lekker in kan slapen.
Hier is geen gehannes met maxi-cosis, wandelwagen, buggy, wipstoeltjes en wiegjes naar bepaalde voorschriften. Gewoon lekker in een mandje, op de arm of in een sarong gewikkeld bij moeder op de rug of op de heup.

Als we weer terugkomen in het hotel, maken we een praatje met de vrolijke badmeester. Het is bijna donker en ineens zien we iets kleins spartelen in het water. Het is een heel klein vogeltje, waarschijnlijk op eerste vliegles geweest met papa en mama, maar nog niet zo succesvol.
De badmeester vist hem uit het water en zet het beestje op zijn hand, met het idee dat het beestje wel weer wegvliegt. Maar vogeltje is koud, en blijft lekker zitten bibberen. We grappen dat hij nu de papa van het beestje is en hem maar mee naar huis moet nemen, lekker weggestopt in zijn zak, zodat het beestje droogt en opwarmt. Misschien kan hij dan nog even naar de puskesmas om te laten controleren of de vogel niet ziek is. Als het beest echt niet weg wil vliegen, zet hij hem maar in een struik.
Als we een uurtje later gaan eten, zit het vogeltje nog steeds in de struik, op precies dezelfde plek. Dat gaat vast niet goed!

Wij wandelen naar Senggigi, gaan lekker eten bij Cak Poer. En dan niet te laat naar bed, Tom is nu al moe en staat morgen weer een lange dag te wachten, vroeg weg, en 's avonds laat terug, na een nacht/avondduik, dus dat zal wel 10 uur in de avond worden. Onderweg naar Graha komen we Eful tegen, hij heeft de begroting klaar voor het uitstapje van zondag, en wil die even laten zien, zodat we weten waar ons geld naartoe gaat. Hij gaat even met Peter in het restaurant zitten, en overlegt wat de bedoeling is. Anique, Tom en ik blijven hangen bij de oprit van Graha. Daar staat onze grote vriend van de security ons alweer op te wachten. Een vrolijke jongeman die in Kampung Loco woont. Nadat hij mij een keer ndee kombee kombee heeft horen zeggen (maakt niet uit) is hij begonnen ons Sasak te leren. Volgens hem veel makkelijker dan indonesisch. Zelf wil hij wat beter engels leren, zo kunnen we elkaar een beetje helpen. Ja, dat komt goed. We lachen meer dan dat we leren, maar ndee kombee kombee, we begrijpen elkaar zonder al die moeilijke talen ook wel!

Als ik de kids naar bed heb gestuurd, luister ik nog even mee naar het verhaal van Eful. Om geld te besparen, heeft Sareah de catering op zich genomen. Samen met de dames van de proyekleden en nog een groepje dames uit Loco, gaat zij picknickpakketjes maken voor bij de waterval.
Zaterdag gaan ze inkopen doen, daarna voorbereidingen treffen (snijden, marineren), zondagochtend beginnen ze te koken. Als ik mijn mond open heb om mijn hulp aan te bieden, zegt Eful " They will start at 4 in the morning." Dan denk ik er nog even over na, dat is erg vroeg!
Als alles met Eful is doorgepraat, gaan Peter en ik nog even snel naar het internetcafé. Even een stuk verslag op internet zetten, zodat iedereen in Belanda weer kan lezen hoe wij hier genieten van alles!

Daar worden we aangesproken door een man uit Kampung Loco, hij wil even vertellen dat hij het geweldig vindt wat het proyek allemaal doet, nu kan zijn kind, een jongetje, ook naar school! We vragen of zijn zoontje zondag ook meegaat naar de watervallen. Dat weet hij nog niet, het kind vraagt elke dag of hij meemag, maar vader en moeder moeten werken, dus is er niemand om mee te gaan, en het is blijkbaar een druk jochie, dus zijn de ouders een beetje bezorgd om hem zo mee te laten gaan, zo ver weg. Dat kunnen we ons heel goed voorstellen, voor de mensen hier is dit bijna een wereldreis, en dan wil je je kind natuurlijk het liefste zelf begeleiden.

Wederom zijn we ontroerd door alle spontane, oprechte dankwoorden die we hier krijgen, en bij deze willen we die woorden doorgeven aan alle sponsors van Proyek Kampung Loco in Nederland (en inmiddels ook vele andere landen dankzij superheld Andrea uit Italie); zonder jullie zouden hier heel veel kinderen noodgedwongen niet naar school kunnen gaan! Terima Kasih Banyak, heel veel dank!!!

 

Donderdag 24 juli

Vandaag gaat Tom met Mohni op pad. Aangezien de huurauto van Mohni nog steeds kapot in de garage staat, brengt Peter ze met onze huurauto naar de haven in Teluk Nara, een stukje onder Bangsal.
Anique en ik gaan even lekker lezen/schrijven op ons terrasje.
Dan komt de vrolijke badmeester naar ons toe. Met een vaasje met mooie zelfgeplukte bloemetjes, die zijn voor op ons terras. Zo kunnen we bij het lezen en schrijven genieten van de heerlijke geur van verse gardenia’s.
We vragen nog even hoe het is afgelopen met het vogeltje van gisteravond. Waarschijnlijk niet goed…

Als Peter terugkomt, gaan we met ons drietjes naar Mataram.
Daar gaan we eerst naar Mataram Mall, het modernste winkelcentrum van Lombok.
Vandaag ook het meest stinkende winkelcentrum van Lombok. Er zit een grote supermarkt in, met een luxe groente- en fruitafdeling. Wat daar wordt verkocht is van verre te ruiken. Onze favoriete (maar dan niet echt) doerian-vrucht.
De hele benedenverdieping van het winkelcentrum stinkt als een open riool. Bah, onvoorstelbaar dat mensen die vruchten kunnen eten.
Het is een dure luxe lekkernij, maar nadat wij hem één keer in Maleisië geproefd hebben, hoeven wij niet meer.
De echte liefhebbers vinden de smaak zo lekker dat ze de geur voor lief nemen, wij vinden de smaak net zo smerig als de geur...

We hebben van alles op ons boodschappenlijstje staan. Om te beginnen gaan we op zoek naar een fotoservice. We hebben een paar foto’s gemaakt van mensen hier, die we graag willen geven voor we weer naar Nederland gaan.
Van Daan en haar kleine zusje, misschien wel de eerste foto die ze van Sara hebben. Van Mister Flores, de kaartenverkoper, hoeft hij misschien niet meer zo te huilen als wij weer naar Nederland gaan…
Ook van een jonge verkoper. Een jochie van een jaar of 12 die elke dag en avond op straat spullen verkoopt, meestal kettingen met een soort amuletjes gemaakt van koeienbotten. Het is een hele vrolijke jongen, spreekt super engels, beweert dat hij naar school gaat, maar gezien de momenten dat hij op straat loopt, geloven wij daar niets van. Elke dag maken we wel een praatje met hem, proberen erachter te komen waarom hij niet op school zit, hoe oud hij echt is, en hoe hij zo goed engels heeft leren spreken.

Wat betreft de fotoservice hebben we goed gegokt, in het winkelcentrum vinden we een moderne zaak waar we de foto’s kunnen laten afdrukken.
Dan gaan we op zoek naar de boekenwinkel. Daar slaan we weer een stapel kinderboekjes in, variërend van sprookjesboekjes, tot lesboekjes voor de laagste klassen. Ook vinden we een lesboek Indonesisch – Engels. Plaatjes van dagelijkse dingen met de Indonesische en Engelse vertaling erbij. Zo hebben we het komende jaar in Nederland weer wat te oefenen.
Wat ons opvalt in de winkel is dat bijna alles wat voor kinderen wordt verkocht is gericht op leren. We zoeken voor Dita, Mohnis dochtertje, een eenvoudig kleurboek. We hadden viltstiften en knutselpakketjes uit Nederland voor haar meegebracht, maar voor de knutselpakketjes is ze nog te klein. Maar een simpel kleurboek is hier niet te vinden, wel veel lees-, taal-, reken- en andere oefenboekjes.
Blijkbaar hebben pennen en potloden hier alleen met school en leren te maken.
Er zijn hier wel een paar echte “speelgoedwinkels”, maar daar worden weer andere dingen verkocht, barbiepoppen, autootjes en ander opvallend speelgoed, wat voor de doorsnee Lombokker absoluut onbetaalbaar is.

Na de toko buku gaan we nog wat andere dingen zoeken die we hier misschien wel kunnen vinden. Maar het wordt wel lastig. We zoeken een eerste hulp-verbanddoos, voor op de boot van Mohni. Dat lijkt ons, met dagelijks klanten op de boot en stenen en koraal in het water, geen overbodige luxe. Toch blijkt dat vrijwel niemand er een aan boord heeft.
In het woordenboek zoeken we maar even op hoe we dat in de winkel moeten vragen. Het wordt een PPPK, uitgesproken als PtigaK (P3K).
We wandelen een grote drogisterij binnen, maar zien van alles, behalve verbanddozen.
Dan proberen we het op de terugweg maar ergens bij een apotheek.

Ook zoeken we voor Mohni nog een batterijlader en oplaadbare batterijen. Hij heeft een onderwatercamera van iemand gekocht, Tom heeft er de afgelopen dagen wat foto’s mee geknipt, maar na elke duik (van hooguit een uur) zijn de batterijen leeg. Dat worden dus kostbare foto’s. In de eerste elektronicazaak waar we vragen, slagen we al en we kopen een lader met 2 setjes batterijen, dan kan hij ze elke avond thuis weer opladen.

Dan hebben we wel weer genoeg luxe gezien voor een dag.
We besluiten Kentucky Fried Chicken en Mac Donalds over te slaan (veel te duur hier, bijna Europese prijzen). We hebben hier om de hoek ooit met Adi gegeten in een lokaal restaurant. Heerlijk eten (veel lekkerder dan KFC en MacDonalds bij elkaar) en heel goedkoop. Daar gaan we nu weer lekker lunchen.

Na het eten halen we de auto weer op bij de parkeerplaats van Mataram Mall en rijden richting Cakra markt. Een hele grote markthal, met verschillende afdelingen; op de begane grond kleding, op de hogere verdieping groente, fruit, vlees, vis, kruiden etcetera. Onderweg komen we een apotheek tegen. Daar vragen we naar een PtigaK. Ze begrijpen wat we bedoelen, maar verkopen helaas geen verbanddozen. Wel losse pleisters enzo, maar daar hebben we niet zoveel aan. Dan proberen we dat straks nog maar een keer.

We parkeren de auto een stukje van Cakra markt en wandelen verder. Misschien komen we hier wat tegen. Even verderop zit weer een apotheek, daar hebben ze een PtigaK, maar wel een kleine, in een niet zo handig doosje. We zochten eigenlijk iets in een stevige plastic doos, wat op de boot kan blijven liggen/hangen. Maar dit is een soort plastic etui, en vrij klein. Als we iets groters vragen, worden we naar een andere winkel gestuurd, een paar deuren terug. Dan proberen we het daar maar, het ziet er meer uit als een huishoudartikelenzaak, maar wie weet. Als we twijfelend vragen naar een grote PtigaK, weet de verkoper precies wat we nodig hebben. Ze hebben medicijnkastjes die je op kunt hangen in een badkamer (ik betwijfel of hier ergens in de wijde omtrek een badkamer is te vinden met zo’n kastje aan de muur, maar daarom verkoopt de man deze vast zo graag). Uiteraard is het een kastje zonder inhoud. Dat schiet ook niet op, op een boot.
We gaan dan maar weer terug naar de apotheek waar we vandaan kwamen en kopen de kleine verbanddoos. Beter iets dan niets.

Dan wandelen we verder naar Cakra markt. Lekker genieten van alle kleuren en geuren op de levensmiddelenafdelingen. En van de giebelende marktverkoopsters. Hier komen weinig toeristen, en al helemaal weinig blonde meisjes. We (Anique) hebben de volle aandacht, worden de oren van het hoofd geklets en gevraagd, en kunnen af en toe zelfs antwoord geven op een vraag.
Een groot voordeel van spreektaal-Indonesisch is dat het een taal zonder overbodige woorden is. Wij zouden vragen: Waar kom je vandaan? Zij vragen: Dari mana?, (Van waar?). Dan hoef je ook niet te antwoorden met een perfecte volzin, een simpel Belanda (Nederland) is voldoende.
Zo ook; Waar ga je naar toe? Wordt; Ke mana? (naar waar?). Zo kun je met een beperkte woordenschat toch al een heel eind komen, dat maakt de conversaties lekker eenvoudig.

Na de levensmiddelen dalen we af naar de kledingmarkt. Daar gaan we op zoek naar een echte traditionele kebaja voor de moeder van onze buurvrouw. Die komt oorspronkelijk uit Indonesië, woont al lang in Nederland, en zou het fijn vinden om weer een echte Indonesische outfit te hebben.
Een paar dagen geleden hebben we al een mooie sarong gekocht. Dat viel niet mee. In Lombok zijn de kleren erg eenvoudig. Sarongs zijn niet uitbundig, eenvoudige katoenen stoffen, geen luxere exemplaren. Die zie je wel bij speciale feesten, ceremonies enzo, maar waar ze dan gekocht worden???
Op de festivalmarkt in Senggigi zagen we een mooie geweven blauwe sarong met gouddraad. Die vonden we wel geschikt.
Maar zo’n sarong is niet compleet zonder een kebaja, een soort kanten langere blouse, met een topje eronder.
Die gaan we nu dus op de markt proberen te vinden. We belanden vrij snel in een redelijk toeristisch winkeltje, en vragen naar een kebaja.
Die hebben ze, in veel kleuren en maten. We gokken maar een beetje welke maat we moeten nemen. De verkoper vraagt al verschrikt of hij voor mij bestemd is. Nee hoor, daar zou ik me vast niet in kunnen wurmen. Grotere maten daar doen ze hier niet aan. Of eigenlijk wel, ze hebben een maat Large, maar de verkoopster die hem aan gaat doen om te laten zien hoe hij staat, is in onze ogen toch echt niet Large, naar Nederlandse maatstaven eerder xx-small. Maar goed, we gokken er maar op en kopen de kebaja.

Dan gaan we de uitgang van de markthal weer eens proberen te vinden. Alle paadjes lijken op elkaar, en alle winkeltjes verkopen dezelfde spullen. Lastig dus. Maar even later zien we weer daglicht en komen we aan de rand van de markt. Die is ook leuk, hier zitten de technische afdelingen. Gereedschappen, ijzerwaren, fiets-, auto- en brommeronderdelen, in propvolle kraampjes. Lekker rommelig, maar heel leuk om te zien.
We zoeken wel nog wat gereedschappen,ook voor op de boot van Mohni, maar gaan daarvoor terug naar een grotere winkel buiten de markt. Dat groter wil niet zeggen zoiets als de Praxis of Gamma, meer zoiets als de oppervlakte van 3 marktkraampjes aan elkaar.

Dat winkeltje hebben we vorig jaar ook met verbazing bekeken, ze hebben er heel erg veel, je moet alleen net het goede zien te vinden.
Maar gewapend met een woordenboek moeten we toch een heel eind kunnen komen.

Er staan 2 mannen in de winkel. Waarschijnlijk vader en zoon. Vader spreekt een heel klein beetje engels. Dat moet dus gaan lukken.
We beginnen eenvoudig. Een paar tangetjes. Die zien we hangen, en we kunnen zo aanwijzen welke we willen hebben.
Dan wordt het lastiger. We zoeken wat schroeven, en wel roestvrijstalen schroeven. Leg dat maar eens uit. Maar met ons woordenboekje erbij komen we een heel eind. Ze beweren in elk geval dat de schroeven niet roesten. Nou ja, in elk geval zijn roestende schroeven beter dan roestende spijkers, dus we kopen er maar een bergje van.
Dan hebben we natuurlijk schroevendraaiers nodig. Bij voorkeur passend op de schroeven die we hebben uitgekozen.
Dan blijkt dat zoonlief niet zo technisch is. Waarschijnlijk slaat hij schroeven altijd met een hamer in het hout, want we moeten zelf maar even de schroevendraaiers uitzoeken, dat is voor hem net iets te moeilijk.
Voor de zekerheid kopen we ook nog maar een mooie hamer voor Mohni.
Dan zoeken we nog een boormachine, of iets om de schroefgaatjes alvast een beetje voor te boren. Er staan wel een paar elektrische apparaten op een hoog schap in stoffige dozen, maar die zien eruit alsof ze er al heel erg lang staan. En op een boot heb je meestal niet zoveel stopcontacten, dus gaan we voor een handboor. Met gebarentaal komt die ook op de toonbank. Tja, dan is het nog handig om een paar houtboortjes te hebben.
Geen probleem volgens vader, na lang zoeken vindt hij een paar doosjes met boren voor hout. Het ziet er niet uit als een houtboortje, het is ook geen houtboortje, nadere inspectie van het doosje levert het woordje Metal op. Staalboortjes dus. Maar ja, beter een staalboortje dan geen boortje, iets anders is hier vast niet te vinden, dus we doen het er maar mee.
Dan kopen we nog een mooie houtzaag en vragen naar een gereedschapskoffertje om alles in op te bergen. Helaas,dat hebben ze hier niet. Mogen we nog even naar een gereedschapskoffertjes winkel zoeken.
Helaas is een gereedschapskoffer iets teveel gevraagd voor mijn woordenboek.
Dan maar creatief zijn. Het stikt hier van de winkels met rugzakken en tasjes.
Daar gaan we dan maar iets zoeken. We komen uit op een handig tasje, waar alles behalve de boor en zaag in past. Die kopen we dan maar, blijven de spullen in elk geval een beetje bij elkaar.

Dan vinden we dat we wel genoeg hebben gewinkeld en rijden we terug naar Senggigi.
Bij het hotel aangekomen staat de badmeester op ons te wachten. Er staat iets voor ons op het terras. Naast het vaasje met bloemen van vanochtend staat een fruitschaal. Met banaantjes, appels, peren, mandarijn en slangehuidvruchten. Een cadeautje van de manager, zegt hij erbij. Dat is nog eens aardig, en lekker!
Terwijl Peter en ik de spullen voor Mohni even gaan uitpakken en inspecteren, gaat Anique naar Kampung Loco. Alvast kijken of haar vriendinnetjes thuis zijn.
Ik begin met het inspecteren van de verbanddoos. Daar zit niet heel veel in, en wat er in zit, ziet er niet echt geweldig uit. Een paar pleisters, een propje watten, een flinke plastic fles met levertraan, een flesje jodium, een schaartje, rolletje verband, een plastic doosje met een of ander poeder en een paar gaasjes die in krantenpapier zijn verpakt. Vast niet steriel…
Ik haal eruit wat me niet zo noodzakelijk lijkt, en vul het pakket aan met spullen uit onze eigen verbanddoos. Wat steriele gaasjes, snelverband, pincet, extra pleisters, rolletje tape, daarmee moeten ze een heel eind kunnen komen.
Dan stoppen we de gereedschappen in het nieuwe tasje, voegen nog wat van onze eigen spullen toe, een rol stevig reparatietape, wat koordjes, elastieken enzo. Altijd handig voor eerste hulp aan de boot.

Dan wandelen we ook naar Kampung Loco. Onderweg komen we Boung al tegen die gras verzamelt voor zijn koe. We vragen of hij Anique heeft gezien; natuurlijk, die zit bij hem thuis op de bruka met de meiden.
En inderdaad, Anique zit gezellig op de bruka met Daan, Ani, Nur, Nurul en een vrouw met een klein jongetje van een jaar of twee. De vrouw vertelt dat ze werkt in hotel Buma Aditya, het hotel in Kampung Loco. Dat was een heel goedlopend hotel, mooi aangelegd, eenvoudige maar mooie kamers, groot zwembad, mooi restaurant, receptiegebouw en verschillende nieuwe kamers in aanbouw. Dat was een jaar of 8 geleden. Toen stortte het toerisme in. De kamers in aanbouw, heel mooi tegen een heuvel aan, zijn nooit afgebouwd, het zwembad staat leeg, restaurant (met rieten dak) is vervallen, en in de ooit volle kamers, komen af en toe nog een keer toeristen. Nu is er één kamer verhuurd, wel voor een maand, dus heeft de vrouw weer even een beetje werk. Maar een groot deel van het jaar zijn er helemaal geen gasten. Zonde, het hotel ligt mooi, rustig in de Kampung, maar toch op korte afstand van het gezellige centrum van Senggigi en het strand.

Het zoontje van de vrouw zit ons nieuwsgierig aan te kijken. Ik wil nog eens wat in het Indonesisch zeggen, ik moest elke dag wat oefenen, en zeg “chantik” wijzend op haar zoontje. Als we met Anique ergens lopen, bijvoorbeeld op een lokale markt, roepen alle vrouwen Chantik naar Anique, en ik heb me laten vertellen dat dat Mooi betekent.
Maar de moeder van het jongetje kijkt me verschrikt, bijna beledigd, aan. “Het is een jongetje” zegt ze. Ja dat had ik wel gezien, maar het jochie ziet er ondanks dat het een jongen is, mooi uit! Alleen gebruiken ze hier de term Chantik alleen voor meisjes, niet voor jongens. Die krijgen een ander compliment, vast iets wat stoerder klinkt, maar het precieze woord ben ik alweer vergeten. Nou ja, heb ik in elk geval weer wat geleerd vandaag.

Even later komen Boung en Sareah weer thuis, met een flinke maaltijd voor de koe.
We zaten inmiddels al aan de thee, maar Sareah gaat nog even wat andere lekkere dingen voor ons maken. Ze kan het maar niet laten.
Dan komt ook Kartini, Efuls vrouw eraan. Boung verdwijnt, vast naar de koe. Er komt nog een vrouw met een baby, vorig jaar was ze nog hoogzwanger. Het meisje, chantik dus, is niet zo heel erg blij met onze komst in Kampung Loco. Ze wil heel graag naar ons kijken, maar als we terugkijken, iets zeggen of glimlachen, betrekt haar gezicht en zet ze het op een huilen. Zo gaat het al een paar dagen, heel zielig. Maar Kartini vindt dat ze maar aan ons moet wennen, en komt met de baby op schoot naast mij zitten. Heel even gaat het goed, dan wordt het weer een gekrijs en gaat de baby maar weer terug naar mama.
Het is eind van de middag, en we zitten midden in het Dames-uurtje. Veel mannen gaan rond deze tijd naar het strand om te kletsen en voetballen. De dames en kleinere kinderen komen bij elkaar en kletsen/roddelen heel wat af.

Als onze oren toeteren van al het geklets, nemen we afscheid. We lopen terug naar Graha en komen langs het huis van Cuk, aan het begin van de Kampung. Daar zit een volgende “dames-groepje”. Met June, de vrouw van Cuk en Mariam, de vrouw van Adi en nog een paar vrouwen en babies (er komen de komende jaren weer heel wat sponsorzoekende kindjes bij).
Of we er even bij komen zitten. Dat kunnen we natuurlijk niet weigeren. De thee slaan we wel af, maar een glaasje water gaat er wel in. Aangezien we hier geen Engelssprekende Kartini hebben, verloopt het gesprek een beetje moeizaam. June spreekt een beetje engels, maar veel verder dan “het weer en de kinderen” komen we niet.

Het zoontje van Cuk en June, Judy, gaat sinds afgelopen week naar een andere school. Een soort kostschool. Hij komt nog maar één keer per twee weken thuis. Het weekend dat hij niet thuis komt, mag hij wel op school bezoek ontvangen. Ze hebben voor deze school gekozen omdat het onderwijs daar heel goed is, beter dan op andere scholen, en om Judy in een beschermde wereld op te laten groeien.
Het lijkt me toch niets, een kind van 12 jaar, en dan al min of meer het huis uit. Zeker als het hele dorpje bruist van het kinderleven, overal zie je kinderen spelen, kletsen, rennen.
Van de andere kant geloof ik ook wel dat het onderwijs op de standaard scholen hier niet zo hoog van niveau is. Over het algemeen spreken de kinderen die veel op straat lopen, zoals verkopertjes, veel beter engels dan de kinderen die al jaren engelse les krijgen op school. En hoe je het ook bekijkt, in Lombok wat het toch moet hebben van de toeristen, is Engels wel heel erg belangrijk. Wil je kinderen die goed Engels spreken, en die niet op straat tussen de toeristen rondhangen, dan kun je natuurlijk kiezen voor een (meestal erg dure) betere school.
En volgens June heeft Judy het erg naar zijn zin op de nieuwe school, heeft hij al veel vriendjes, maar kan hij helaas komende zondag niet mee naar de watervallen. Dat is jammer!

Dan zijn we echt helemaal uitgepraat, wat is het lastig als je elkaars taal niet spreekt (Adi vertelde de dag erna ook al dat Mariam had gezegd dat ze het een beetje rot vond, zaten we bij elkaar en konden we niet echt met elkaar praten. Zo voelden wij ons ook.) Des te meer reden om er nog eens flink tegenaan te gaan met de lessen Bahasa Indonesia!
We wandelen terug naar het hotel, frissen ons een beetje op en wandelen Senggigi in.
Eerst maar eens lekker eten bij Cak Poer. Dan even internetten.

Dat schiet niet op, op één computer na, ligt alles eruit. Maar we mogen wel even achter de balie de nog niet gecrashte computer gebruiken. De beheerder van het internetcafé, een hele aardige man, komt Anique en mij, terwijl Peter achter de pc zit, zijn geldverzameling laten zien. Hij verzamelt biljetten van over de hele wereld, maar vooral veel Indonesische. Uit alle tijdperken, ook uit de tijd dat de Nederlanders het nog voor het zeggen hadden in Indonesië. Hij heeft een paar boeken vol, en nog stapels biljetten die hij nog moet sorteren en opbergen. Anique krijgt van hem nog een biljet van 100 en een biljet van 500 roepia. Allebei uit 1992 (huidige waarde: bijna niets en 5x bijna niets). Daar heeft hij hele stapels van.
Als we uitgekeken en uitge-internet zijn, drinken we een kopje koffie bij Papaya. Als we net aan de koffie zitten, belt Tom dat ze over een half uurtje terug zijn in de haven. Dus moet Peter even opschieten met de koffie, naar het hotel sprinten, de auto ophalen, een jongen bij Lombok Dive oppikken die meegaat om de spullen op te halen en dan snel naar de haven rijden.

Anique en ik nemen de tijd en drinken rustig ons drankje op. Dan wandelen we naar Graha, kletsen onderweg nog wat, en krijgen bij Graha van de Security jongen nog wat les in Sasak. Hij krijgt van ons Nederlandse les.
Als hij netjes Welterusten kan zeggen, vinden wij het weer welletjes voor vandaag en gaan naar onze kamers.
Even later komen Peter en Tom terug.
Tom heel erg moe, en op blote voeten. Hij wordt al een echte Indonesiër. Hij is zijn slippers kwijtgeraakt!

 

Vrijdag 25 juli

Vandaag wordt een rustig dagje, niets op de planning.
Maar dat wil niet zeggen dat we niets gaan doen. Integendeel. Peter en ik zijn, als gewoonlijk hier, vroeg wakker. Rond 5 uur worden we dagelijks gewekt door de oproepen van de moskee. Daarna dommelen we nog wel wat, maar echt slapen niet meer. Dan besluit Peter naar Loco te gaan en te kijken als de kinderen naar school gaan. Tom is nog in diepe rust, Anique wil wel met Peter mee. Ik neem de tijd om nog even achter de laptop te gaan zitten, lekker buiten op het terrasje.


Als Peter en Anique rond kwart over 7 terug komen, doen we nog even rustig aan, laten Tom een beetje uitslapen en gaan dan ontbijten. Na het ontbijt gaan Peter en ik even Senggigi in. Tom en Anique relaxen even, zwembad, boekje lezen.
Wij gaan naar het internetcafé. Bij de eerste loopt het niet echt lekker, of eigenlijk helemaal niet. Alles loopt vast, hoewel de problemen van gisteravond opgelost zouden zijn. Dus niet.
Dan proberen we het bij Milennium internet. Dat werkt iets beter, maar echt snel gaat het hier nooit.
Als we weer helemaal bij zijn, bezoeken we een nieuw winkeltje. Daar hebben ze wel hele leuke spullen. Weer eens wat anders dan de standaard verkoopwaar. Hier kunnen we wel wat souvenirs inkopen.
We besluiten even wat te drinken, Tom en Anique te bellen, en vragen of ze ook even komen, kunnen ze mee spulletjes uitzoeken.
Even later komen ze en als we de drankjes op hebben, gaan we inkopen doen.
Dan kletsen we nog even bij met ons kleine vriendje, de jonge verkoper.
We geven hem de foto. Hij is helemaal onder de indruk van zichzelf. Dan proberen we nog eens uit te vogelen hoe het met zijn school zit.

Hij is wel een tijd naar school gegaan, 5 jaar lang zelfs, maar het laatste jaar van de basisschool heeft hij niet meer afgemaakt.. Nu gaat hij niet meer naar school. Hij zou wel willen, maar zijn vader verdient niet genoeg geld. Dat klinkt schrijnend, is het ook, en je krijgt dan de neiging om hem 25 euro te geven, dat is voldoende geld om een jaar naar de basisschool te gaan.
Maar of dat geld daar dan ook aan zou worden besteed? Als we doorvragen naar zijn gezinssituatie, wordt zijn oudere broer, die ook straatverkoper is, erbij gehaald.
We leggen die jongen uit dat het zonde is dat zijn broertje, die toch absoluut niet dom is, is gestopt met school. Ook geven we aan dat we, als we zeker weten dat hij naar school zal gaan, hem daarbij willen helpen. Dat vraagt om gezinsoverleg. In het Indonesisch vraagt de oudere broer of het knaapje naar school zou willen gaan (soms handig als je de taal een beetje kunt volgen). Het antwoord is duidelijk, en niet positief. Hij wil niet echt naar school. Zijn oudere broer zegt dat ook eerlijk tegen ons, hij heeft er niet veel zin in, is liever op straat. Dan weten wij genoeg, al vinden we het heel erg jammer.
In zo’n geval kun je weinig doen, kinderen moeten zelf willen, of er moet iemand achter staan die erop toeziet dat een kind echt naar school gaat en zijn best doet.
Voor dit jongetje, die volgens de laatste informatie 14 jaar is, maar er jonger uitziet, zal er waarschijnlijk geen onderwijs meer komen. Zonde!
Even later zien we Mister Flores de kaartenverkoper ook weer. Ook hij is blij met de foto waar hij samen met Tom op staat. Zo blij dat hij weer vergeet dat hij ons eigenlijk nog heel veel kaarten moet aansmeren en de nieuwe kerstkaartencollectie moet showen. Een andere keer dan maar weer.

Even later wandelen we, een paar souvenirs rijker en een paar foto’s armer, weer terug naar ons hotel. Daar spreken we even met de badmeester. Hij is vandaag vroeg uitgewerkt, hij moet naar een bruiloft. Als we vanmiddag in Senggigi zijn, zullen we het feestgezelschap wel zien.

Dan wandelen we maar weer een stuk. Nu via het strand, waar we direct worden “aangevallen” door Kim, een vrolijke verkoper van houten schaaltjes, maskers en andere houten souvenirs. Hij spreekt inmiddels heel behoorlijk Nederlands. Vorig jaar heb ik ook verschillende keren met hem gesproken, en uiteraard weet hij dat nog.
Nu komen we niet om zijn verkoopwaar heen, het zijn ook echt mooie spullen, en niet zo duur, Madurodam prijs, Goedkoper dan Zeeman, Morgenprijs, Avondprijs, Vriendenprijs, alles wordt in de strijd gegooid om te verkopen. Dan zoeken we maar wat moois uit. Inmiddels heeft hij zijn hele tas uitgepakt en uitgespreid op het muurtje van het hotel. De Security komt even meekijken, uitzoeken en commentaar geven.
Als we eruit zijn wat we willen kopen, volgt de onderhandeling over de prijs. Niet mijn favoriete onderdeel van de koop, wij zijn veel te soft, dingen niet genoeg af, nu blijkbaar weer niet. Als de koop is gesloten, krijgen we nog een mooie schildpad cadeau. Als dat er nog vanaf kon, hebben we dus weer veel te veel betaald, maar dat maakt niet uit, hij gelukkig, wij gelukkig. We maken een foto “Voor Aandenken”, zoals ze dat hier zo mooi noemen, en nemen weer afscheid van Kim.
Dan lopen we verder, af en toe lastig gevallen door verkopers, maar het valt hier nog wel mee. We lopen over het paadje langs Hotel Senggigi Beach. Dat ziet er niet uit; het hotel niet, beetje vervallen, rommelige tuinen, somber. Het pad ook niet. De grote blokken waar je overheen loopt, zijn gedeeltelijk ingestort, waardoor je over de rots/steenblokken moet klauteren. Zonde dat, dat niet wordt opgeknapt.

Op de hoek ontmoeten we de mensen uit Kampung Loco die hier een verkoopstalletje hebben. Andere jaren hebben we hen ook wel gezien, maar wisten we niet dat ze uit Loco kwamen. Ze hebben geloof ik 5 kinderen, waarvan er 3 in het project zitten.
Ze zijn blij ons weer te zien, vragen uiteraard wanneer Joep en Marijke weer komen, en nodigen ons uit een keer in Loco op visite te komen, ze wonen vlak bij de moskee.

We lopen verder richting Art Market. Daar worden we op het strand bijna agressief aangevallen door verkopers. Deze mensen verpesten het voor veel anderen. Zo hardnekkig. Vreselijk. Nee is nee, en hoe vervelender zij worden, hoe minder kans ze maken. Hier hebben we geen zin in, en we verlaten het strand. Lopen terug richting centrum, via de gewone weg, en komen erachter dat het inmiddels wel tijd is geweest voor de lunch. Dan maar snel wat pakken bij Angel, een leuk tentje! Als we daar zitten, komt de bruiloftsstoet langs. Veel muziek, een opgedoft bruidspaar in traditionele kleding en veel feestelijke mensen erbij.
Als we weer naar het hotel lopen, spreken we nog even met de chauffeur van het hotel. Hij biedt aan om onze auto te wassen. Hij heeft verder niets te doen. Veel klanten zijn er niet, en wij hebben al een chauffeur, Peter. Na een paar dagen Lombok ziet onze donkere auto inderdaad erg stoffig. Dus als hij er zin in heeft, waarom niet.
Als Peter hem de sleutel geeft, is hij verbaasd. Vertrouwen we hem zomaar de auto toe? Tja, hij is de chauffeur van het hotel, ziet er netjes en betrouwbaar en voorzichtig uit, dus waarom zou hij de auto niet een paar meter verderop kunnen rijden naar een geschikte waslocatie?
Als we in het hotel zijn, belt Mohni. Hij wil nog even langskomen met zijn gezinnetje. Dat is prima, kunnen we direct zijn nieuwe spullen afgeven.
Even later komen ze eraan, Mohni, Sofie, Sita en nog een vriendje van Dita.
We gaan buiten op een bruka zitten en halen wat lekkers te drinken. Voor de kinderen hebben we nog een paar ballonnetjes. Mohni is blij met zijn nieuwe verbanddoos, gereedschap en oplaadbare batterijen.
We leggen even uit hoe alles werkt. Als het donker wordt, verhuizen we naar de bruka met verlichting, zien we elkaar tenminste nog.
Als de kinderen er genoeg van hebben, gaat de familie weer naar huis, en wij op weg naar ons avondeten.
Als we ’s avonds terug komen van een lekker Cak Poer dineetje, straalt de auto ons al tegemoet. Meneer de chauffeur heeft wel een beloninkje verdiend! Hij is helemaal gepoetst. Nu hoeven we hem alleen nog maar schoon zien te houden.

Tom en Anique zijn moe. Tom gaat morgen weer op tijd met Mohni op pad, en de kinderen duiken lekker in bed. Wij vinden het nog een beetje te vroeg, en hebben nog wel zin in een kop koffie. Bij Graha is het erg stil en rustig, dus lopen we een stukje terug naar Marina Café, de disco van Senggigi.
Toen we er net langsliepen, zat er een man gezellig op een gitaar te spelen en rustig te zingen. Ideale achtergrondmuziek bij een kopje koffie. Maar zodra we de koffie op tafel krijgen, pakt de zanger zijn spullen in, en gaat de “gewone” muziek aan. En dat is een herrie, die horen we dus elke avond vanaf een uur of 10.
Veel lawaai, moderne rotmuziek. Niet geschikt voor onze leeftijd. Dus laten we het vanavond maar bij één kopje koffie en zoeken we ook ons bed maar weer eens op.

 

Zaterdag 26 juli

Vandaag hebben we weer van alles op het programma staan.
Tom wordt rond kwart voor 8 opgehaald door Mohni, hij gaat weer een dag mee naar de Gili’s om te duiken en mee te helpen.
Wij gaan om 8 uur met een groepje uit Kampung Loco naar de markt, inkopen doen voor de lunchpakketjes voor het uitstapje van zondag.
Wij houden altijd wel van de lokale markten, Boung vond het heel handig als we mee wilden gaan, we hebben een huurauto, zonder ons zouden ze met de bemo moeten gaan, en er moet heel wat ingekocht worden.

Even voor 8 uur staan we met auto klaar bij het pad naar de Kampung. Boung komt eraan met de dames van de catering. Sareah en nog een vrouw uit Loco.
We rijden naar de Pasar Kebon Roek, het nieuwe marktgebouw bij Ampenan.
Sareah en de andere vrouw zitten opgewekt te tetteren achterin de auto. We verstaan er geen woord van, maar Boung vertaalt. Ze vragen zich af of dit nou hetzelfde voelt als in een vliegtuig. Ze hadden nog nooit in zo’n snelle auto gezeten!
Nou houdt Peter meestal wel van doorrijden, maar op deze bochtige weg met veel verschillend verkeer, auto’s, bemo’s, fietsen, voetgangers en chidomo’s, kun je met geen mogelijkheid boven de 50 á 60 kilometer per uur komen (net als in de rest van Lombok trouwens). Iets langzamer dan een vliegtuig dus.

Als we bij het marktgebouw aankomen, parkeren we de auto en is het tijd voor shoppen.
We splitsen op, de dames uit Loco, Anique en ik gaan inkopen doen. Boung en Peter gaan gezellig wat rondwandelen over de verschillende afdelingen van de markt.
Wij beginnen met de rijst. En dat is best wel veel. 30 Kilo om precies te zijn. Ik vraag me al af of we de rijst niet beter op het eind kunnen kopen, dit wordt anders zo’n gesleep. Maar met mijn gebrekkige kennis van het Indonesisch hou ik mijn mond maar dicht. Als de rijst betaald is, lopen we weg zonder rijst. Die zullen we blijkbaar dan later wel weer ophalen.
Dan gaan we naar de vleesafdeling. We hebben kippenpoten nodig. En best wel veel, wel 12 kilo. En alle pootjes worden door de verkoopster netjes in stukken gehakt, met bot en al. Dan gaan we naar de rundvleeskraam. Daar wordt ook nog een paar kilo vlees ingeslagen. Weer wordt er niets meegenomen. Maar dan beginnen we het systeem te begrijpen. Er loopt een jonge mevrouw met ons mee en alles wat we kopen, wordt door haar naar de auto gebracht. Op een indrukwekkende manier, alles op het hoofd, zware zakken rijst, de bloederige zakken met gehakte kippenpoten.
Als we voldoende vlees hebben, gaan we groente inslaan. Ook weer veel; uien, knoflook, heel erg veel pepertjes, wortels, kastanjes, gember, kruidenpasta’s en nog veel meer.
Dan gaan we even naar buiten, kijken of de spullen wel bij de auto aankomen. Als dat allemaal goed gaat, winkelen we nog even verder.
Een paar zakken mihoen, nog meer pepertjes, bouillonpoeder, kroepoek, blokken tofu en tempeh en olie om in te bakken. Niet in flessen, maar in plastic zakken. Nu maar hopen dat die onderweg niet knappen, dat wordt zo’n puinhoop.
Dan hebben we nog wat eitjes nodig, een stuk of 70. Die worden stuk voor stuk door de dames bekeken. Te kleine en geblutste eieren worden aan de kant gelegd. We willen wel waar voor ons geld! Als de draagdame de eieren op haar hoofd veilig naar de auto heeft gebracht, gaan we nog 125 doosjes kopen om de lunchpakketjes in te doen. Mooie opvouwbare kartonnen doosjes, zoiets als je in Nederland krijgt voor gebakjes. Ook nog wat papier om de doosjes mee te bekleden, zodat het karton droog blijft.
Dan hebben we alles bij elkaar.

Boung kent inmiddels mijn kledingsmaak en vraagt of ik nog een sarong wil kopen. Natuurlijk, die heb ik nooit genoeg. En hier op de lokale markt heb je vast veel keuze voor weinig geld. We wandelen naar de buitenafdeling, daar zit een winkeltje met wel heel erg veel keuze. Lastig hoor, ik vind ze allemaal wel mooi.
Dan kiezen we er maar gewoon één uit, volgens Boung een echte traditionele Lombok sarong. We vragen de prijs. Even snel omrekenen naar euro’s. Bijna 20 euro! Dat is wel heel veel voor een lap stof en ik kijk bedenkelijk. Als Boung dat ziet, zegt hij dat we natuurlijk wel kunnen onderhandelen. Dan kijkt Peter mij vreemd aan. Duur? Nog geen 2 euro. Ja, inderdaad, ik was nog een nul vergeten. Lastig hier.
Tja, 2 euro voor zo’n mooie sarong, dan ga ik ook niet meer afdingen hoor. De koop is gesloten! We wandelen terug naar de inmiddels volgepakte auto. Snel naar huis, voor de hele auto straks naar kip en kruiden ruikt.
Als we de parkeerplaats afrijden, moet Peter nog even stoppen. Boung gaat nog iets voor ons kopen. Lekkere zoete ananasjes en mandarijnen. Lekker!

Op de terugweg in de auto kan Boung weer even vertalen. De dames hadden vandaag wat moeite met onderhandelen. Twee blanken erbij is niet zo handig. Dan veranderen de lokale prijzen in toeristenprijzen. En die liggen een stuk hoger. Maar Sareah heeft alles aan de verkoopsters op de markt uitgelegd. Wij zijn dan wel geen Indonesiërs, maar gaan wel zo ongeveer een heel Indonesisch dorpje meenemen naar de watervallen. Dus zijn wij geen normale toeristen en zijn de spullen die we inkopen bestemd voor lokale mensen. Na die uitleg gingen de verkoopsters overstag en hoefden we geen toeristenprijzen te betalen!

Als we Kampung Loco naderen, besluit Peter de spullen netjes bij het huis van Sareah en Boung af te leveren. Dat houdt in dat we over het smalle weggetje naast de (droogstaande) rivier moeten. Het past net, maar je moet hier geen tegenliggers krijgen, dan heb je toch een probleem.
Als we er zijn, zorgt Boung voor de thee, Sareah duikt direct de keuken in. Er is nog heel wat te doen voor alle inkopen verwerkt zijn tot kant en klare lunchpakketjes!
Boung kan er nog steeds niet over uit dat we teh manis (zoete thee) niet lekker vinden. Doe ons maar teh pahit, “bittere thee”, zonder suiker. Hier houden ze wel van heel wat scheppen suiker in de koffie en thee.
Bij de thee komen de lekkere ananassen en mandarijnen. Hebben we onze vitamientjes voor vandaag ook weer binnen, dat is hier geen probleem!

Voor we weggaan, kijken we nog even naar de voorbereidingen van de kokkinnen.
In het keukentje van Sareah, wordt driftig gewerkt. De tante van Nurul is bezig met marineren van de kip. In een grote vijzel worden kruiden en knoflook fijngemalen. Dan worden de kruiden met wat olie en water in een grote plastic kuip gedaan, en gemengd met de stukjes kip. In een hoekje van de keuken wordt het vuur al gestookt. Onderin een soort oventje worden lange stukken hout, die zeker een meter uit de oven steken, opgestookt. Als het hout een stuk is opgebrand, wordt het resterende deel weer verder in de oven gestopt. Zo hoef je het hout niet van tevoren op maat te zagen. De keuken zit in een klein donker schuurtje. De ruimte is donker, heet en rokerig. Aan één kant staat iets als een aanrechtje. Verder hangen er wat potten en pannen.
Vorig jaar hebben we Sareah wel eens achter een petroleumstelletje in een andere ruimte bezig gezien, maar dit is dus haar echte keuken. Onvoorstelbaar dat ze hier al die lekkere maaltijden kan maken. Op deze manier zouden wij nog geen eitje gebakken krijgen!
Sareah legt al uit dat ze wel een hele tijd bezig zullen zijn met koken. In principe wordt alles vandaag klaargemaakt, alleen de rijst nog niet. Dat is niet lekker als die te lang staat. Dus beginnen ze morgenvroeg om 3 uur met het koken van de rijst.
En aangezien de rijst onderin de doosjes moet komen, de andere dingen erbovenop, moeten morgenvroeg ook nog alle doosjes worden ingepakt.
Daar beginnen ze om 5 uur aan.
En als ik zin heb, mag ik komen helpen! Jippie. Lijkt me heel leuk, maar ook heel erg vroeg. Ik beloof niets!

We laten de dames maar even rustig hun gang gaan, en rijden, met de overgebleven ananassen en mandarijnen (die zijn voor Tom, die er niet bij is) voorzichtig over het smalle pad terug naar ons hotel.
Daar komt de chauffeur van het hotel, die uiteraard ook al op de hoogte is van onze plannen voor morgen, met de handige tip dat we misschien wel wat middeltjes tegen wagenziekte nodig hebben als we met 2 volle bussen op pad gaan, zeker gezien het feit dat we over een bochtige bergweg moeten met heel veel kinderen (en volwassenen) die normaal gesproken nooit in een auto zitten, laat staan in een bus.
Daar hadden we zelf nog niet aan gedacht, dat moeten we maar even afstemmen met de heren projectleden. Die hebben er vast meer verstand van.

Boung had vanochtend vrij, om inkopen te doen, maar moet vanmiddag weer werken. Hij werkt bij Mandalika Homestay, een hotelletje een paar dorpen verderop, eigendom van Martin, een vriend van Joep en Marijke, die oorspronkelijk uit Zwitserland komt. Hij is inmiddels getrouwd met een Indonesische vrouw en runt Mandalika Homestay en een drogisterij/apotheek. Martin is momenteel in Zwitserland, maar zijn vrouw en kinderen zijn in Lombok. Boung heeft gevraagd of we zin hebben om vanmiddag even langs te komen.
Tuurlijk, we hebben inmiddels zoveel over Martin, zijn gezin en de Homestay gehoord, dat we nieuwsgierig zijn geworden.

We nemen een snelle lunch in Senggigi. Dan kijken we even of we nog een kleinigheidje hebben voor de kinderen van Martin, altijd leuker dan met lege handen aankomen, en gaan op weg.
Boung heeft uitgelegd hoe we moeten rijden, en we vinden de Homestay zonder problemen. Martin en zijn gezin wonen in een prachtig huis. Indonesisch, maar je ziet qua bouwstijl toch wel wat Europese invloeden.
Terwijl Boung voor een kopje thee zorgt, maken we kennis met Martins vrouw en 2 kindjes. Een jongetje van een jaar of 7 en een meisje van 3. Ze is duidelijk niet blij met ons bezoek. Ze werd net wakker en is met het verkeerde been uit bed gestapt! Zelfs het sleutelhangertje en de frisbee die we hebben meegenomen, brengen haar niet op andere gedachten. Het zoontje wel, als hij ziet hoe de frisbee werkt, gaat hij met Anique de tuin in en zien we ze niet meer terug.
Na de thee kijken we met Boung nog even naar de hotelkamers, eenvoudig maar netjes en gezellig! Ook brengen we nog een bezoekje aan de winkel. De grootste drogisterij uit de omgeving. Niet echt groot, maar wel met een groot assortiment aan poedertjes, pilletjes enzovoort.
Dan is het weer tijd om op te stappen, Tom zal ook wel voor de avond terugkomen, dan is het wel zo gezellig als wij er ook zijn.

Een half uur nadat we in het hotel zijn aangekomen, komt Tom inderdaad terug. Hij heeft weer een lekkere duikdag gehad en ziet er moe uit.
Dan maar niet te laat gaan eten, even lekker naar Cak Poer, vandaag kan het nog, morgen, op zondag, is Cak Poer altijd gesloten/niet aanwezig!
Daar eten we weer eens heel goedkoop vandaag. Nu moeten we omgerekend precies € 3,30 afrekenen, let wel, voor in totaal 4 hoofdgerechten en 4 drankjes, en dan bestellen we niet eens het goedkoopste van de kaart. En het eten is erg lekker, ruim voldoende, vaak krijgen we het bord niet eens leeg, en helemaal vers, alles wordt voor je ogen gesneden en klaargemaakt. Voor dat geld kun je in Nederland nog niet eens zelf koken, laat staan uit gaan eten!
Na het eten lopen we nog even naar Loco. Kijken hoe het met koken gaat, en met Eful nog wat financiën regelen.
Op het smalle pad komen we een oude bekende tegen, opa Kikker. Hij kent ons inmiddels ook, we krijgen een handje, dan loopt hij verder naar Senggigi met zijn houten kikkertjes, op zoek naar kopers.

Op de bruka bij Sareah is het donker en stil. Niemand te zien. Dan horen we stemmen bij het huisje van Nurul. Daar zitten Nurul en Daan samen te eten. We vragen ons hier altijd af wie wanneer waar en wat eet. Je ziet hier nooit een gezin samen op een vaste tijd eten.
Je ziet überhaupt zelden mensen eten. Waarschijnlijk doen ze dat meestal binnenshuis.
Sareah heeft ons vast gehoord, en komt slaperig uit haar huisje. Ze waren klaar met alles, behalve de rijst. En aangezien ze daarvoor morgen om 3 uur uit bed moet, is ze maar op tijd gaan slapen. Ze herinnert me er lachend aan dat ze morgen om 3 uur gaan koken, om 5 uur gaan inpakken. Dat was ik nog niet vergeten!

Ze duikt weer in bed en wij lopen verder, Peter en Anique dwalen af naar Eful, Tom en ik wandelen naar Adi en Mariam.
Daar gaan we lekker genieten (sorry Joep en Marijke, jullie mogen over 2 maanden weer). Adi en Mariam wonen aan de rand van de kampung, met uitzicht op de heuvel. En daar is het in de avond stil en donker. Je hoort af en toe wat dierengeluiden, vage stemmen in de kampung, verder niets. En natuurlijk het geklets van Adi.
En we konden het niet laten, even een sms naar Joep en Marijke; we zitten lekker bij jullie buren aan de thee. Joep en Marijke kasian, zielig!
Lombok is altijd mooi, maar dit plekje in de avond is wel heel bijzonder. Rustig, niet te warm, echt donker, geen straatverlichting of andere storende lampen, duizenden sterren, een lekkere kop thee en natuurlijk fijn gezelschap. We kunnen ons voorstellen dat Joep en Marijke dit heel erg missen.

We kletsen wat over koetjes en kalfjes, kinderen, familie, toerisme en uiteraard over het uitstapje wat ons morgen te wachten staat. Iedereen zit er vol van. Ook Adi en Mariam.
Even later komen Nurul, Daan en nog een vriendinnetje er even bij zitten. Nurul heeft weer driftig kettingen en armbandjes gemaakt. Zo ongeveer alle meisjes uit de Kampung hebben nu een zelfgemaakte ketting of armbandje van haar gekregen. Zelfs het kleine zusje van Daan heeft al nieuw armbandje om.
Als Peter en Anique van Eful afkomen, hebben ze nog even de laatste berichtjes m.b.t. de organisatie. Eful heeft al een hele indeling gemaakt wie in welke bus komt te zitten. Iedereen eerlijk verdeeld, zelfs ons gezinnetje. Peter en Anique in één bus, Tom en ik in de andere. Toch heeft er nog een kleine wijziging plaatsgevonden. Daan en Nurul zaten bij Tom en mij in de bus, maar ze wilden toch heel erg graag bij Anique in de bus. Dat is nog even aangepast in de planning.
Nu zal wel iedereen tevreden zijn.
Als we de thee ophebben en het sms-verkeer met Joep en Marijke hebben afgesloten, wordt het tijd om op te stappen. Morgen volgt een lange dag. Zeker voor de dames, Adi herinnert mij er ook nog even aan, 3 uur rijst koken, 5 uur inpakken...

 

Zondag 27 juli

Rond half 4 werd ik wakker. Sareah is vast al druk bezig met de rijst, maar ik draai me toch nog even om. Dommel nog een uurtje, en kom dan toch maar mijn bed uit. Kan ik nog mooi op tijd aanschuiven om doosjes te vullen.
Heel Hotel Graha is nog in diepe rust, niemand te zien hier, zelfs de slagboom zit nog dicht. Heel vroeg opstaan heeft hier wel wat, het is lekker rustig, lekkere temperatuur, warm genoeg, maar niet benauwd. Heerlijk.
Zelf in Kampung Loco is het nog rustig. Alleen bij de bruka van Sareah is het al druk.
Daar wordt al hard gewerkt.
Sareah kijkt verrast als ik aankom, ze begint druk te praten, het enige wat ik versta is iets van verzamelen en Mariam. Ze pakt me bij de arm en samen lopen we naar het huis van Adi en Mariam. Is bij het huis van Mariam al een groepje mensen verzameld en kan ik daar meehelpen? Geen idee, maar ik zie het wel. Blijkbaar niet, bij Adi en Mariam zit alles dicht en is het donker en stil. Sareah begint Mariam te roepen en even later verschijnt Mariam in de deuropening. Ze komt er zo aan. Dan lopen we weer terug naar de drukke bruka.
Er staan grote manden gekookte rijst, hoge stapels doosjes, en grote bakken met vlees, mihoen, gekookte eitjes, sambal, tempeh en kroepoek.
Kartini, de tante van Nurul en de vrouw die ook mee inkopen heeft gedaan, zijn al druk bezig met inpakken van de doosjes. Daar mag ik mee helpen.


Mijn taak wordt het vullen van de doosjes met een flinke laag gekookte rijst.
Daarbovenop komen dan de andere lekkernijen.
Als Mariam even later komt, mag zij de stukjes kroepoek in een zakje pakken, en bovenop leggen. Zo blijft de kroepoek lekker knapperig.
Boung (volgens mij de meest geëmancipeerde man van Loco), die inmiddels ook wakker is, bezorgt ons allemaal een lekkere kop thee.
We werken flink door, ik in stilte, de rest in druk gebabbel waar ik geen woord van kan volgen, als het heel spannend wordt vertaalt Kartini wel even iets.
Als het langzaam licht wordt, komt er ook wat meer leven in het dorpje.
De stapel volle doosjes wordt langzaamaan hoger dan de stapel lege doosjes. We gaan de goede kant op.
Rond half 7 komen Peter en Anique ook even kijken. Dan zijn de meeste mensen uit de kampung ook al uit hun bed (al zullen de meeste mensen geen bed hebben maar een matje op de vloer).
Op dat moment komen ook de eerste kinderen met rugzakjes al aanlopen, klaar voor vertrek naar de watervallen. Het zijn kinderen die op de berg wonen, en zeker op tijd willen zijn voor het uitstapje. Stel voor dat de bus zonder hen vertrekt. Maar dat kan geen kwaad, de bus komt pas om 8 uur.
Eindelijk wordt rond 7 uur het laatste doosje ingepakt. Op de doosjes wordt met een viltstift een kruis gezet. Geteld, gecontroleerd, geen idee?
Dan worden we uitgenodigd voor het ontbijt bij Sareah. Er was nog wat rijst over, we kunnen mee-eten. Maar na zoveel doosjes vullen met rijst, zo vroeg op de ochtend, kan ik voorlopig even geen rijst meer zien, laat staan eten. En we moeten Tom nog uit bed timmeren, dus lopen we terug naar Graha, halen Tom op en gaan even een meer westers ontbijt nuttigen.
Om half 8 lopen we terug naar de kampung. Dan komen de bussen net aanrijden, 2 grote bussen. Ze stoppen bij het paadje naar de kampung. Helemaal doorrijden naar Loco is geen optie, met een normale auto valt dat al niet mee.
Als wij het paadje inlopen, komen we al groepen mensen tegen. Waarschijnlijk Hindoe-families van de berg. In hele mooie feestelijke sarongs. Met zakken lunchpakketjes. We vragen ons af of ze echt in die kleding naar de watervallen gaan. Beetje vreemd.
Als we in Loco aankomen, loopt daar het hele dorp leeg. De winkels van Boung en Cuk worden gesloten, vandaag zijn er toch niet veel klanten meer in het dorp. Iedereen is in uitgelaten stemming. Eful loopt met zijn bus-lijsten rond.
De moeders met kleine babies zwaaien de oudere kinderen uit. Dan wandelen we met de laatste mensen naar de bussen. Daar wordt nog snel het spandoek op de bus bevestigd, zo kan iedereen zien wie wij zijn en waar we naar toe gaan.
Dan is Eful even het overzicht kwijt, de bussen zitten al bijna vol, maar niet volgens zijn schema. Maar dat maakt niet uit. Hij loopt de achterste bus in, en stuurt iedereen eruit die hier niet in moet zitten. Dan hetzelfde verhaal in de eerste bus, en dan klopt even later alles. Het eten en de bekertjes water worden ingeladen, alle kinderen krijgen een plastic zak, te gebruiken in geval van ernstige wagenziekte.
Er wordt nog even snel gecontroleerd of iedereen er is, en dan, 10 minuten voor 8, rijden we weg.

Op naar de watervallen. De afstand naar Sidanggila is niet eens zo heel groot, ik schat zo’n 100 kilometer, maar de weg is niet echt goed, veel bochten en bergen. En dan 2 grote bussen, we zullen er wel zo’n 2 uur over doen. Maar dat maakt niet uit. Het is gezellig in de bus. Iedereen is uitgelaten, de kinderen (maar ook de volwassenen) kijken hun ogen uit. Vooral als we Senggigi uitrijden. De meeste mensen komen hier nooit. Als ze verder dan Senggigi komen, is dat meestal in zuidelijke richting, naar de Pasar in Ampenan, of naar de middelbare school in Ampenan of Mataram. Maar nu rijden we dus naar het noorden. Dat is nieuw.
Als we even later de Gili’s in zicht krijgen, de eilandjes Meno, Air en Trawangan, is iedereen heel enthousiast. De mensen horen wel vaak over deze eilandjes, die vaak door toeristen worden bezocht, maar de meeste lokale bewoners zijn er zelf nog nooit geweest.
Te ver (half uurtje met de auto, kwartiertje met de boot), te duur.
Een jonge vader die bij ons in de bus zit, heeft er ooit in een hotel gewerkt, en kan vertellen welke gili welke naam heeft. Dan is iedereen weer gelukkig.
Langzaam rijden we verder. Onze buschauffeur heeft moeite met de hellingen. Hij komt een paar keer tot halverwege de berg. Moet dan stoppen, terugschakelen naar de eerste versnelling, en dan weer wegrijden. Zoiets als de hellingproef, maar daar is hij niet zo goed in. Met als gevolg dat de bus bij het wegrijden steeds een paar meter terugvalt. Dit leidt bijna tot paniekaanvallen bij de dames in de bus. Maar alles gaat goed, het duurt alleen even.
Inmiddels zijn er een paar kinderen die zich niet zo lekker voelen, maar niemand zeurt, iedereen blijft kalm, een paar vroege kookdames doen nog een dutje, en zo hobbelen we vrolijk verder. Hier is voor iedereen genoeg te zien, zeker als we na een tijd de kustweg gevolgd te hebben, weer naar het binnenland gaan en richting Rinjani, een grote vulkaan klimmen. Daar wordt het landschap heel anders. De wegen lekker smal en steil.
Heel spannend!
Dan, eindelijk, rond 10 uur, rijden we de parkeerplaats op.
Iedereen uit de bus, frisse lucht happen, en even de benen strekken.
We gaan straks bij de waterval picknicken, dus alle lunchpakketjes en dozen met bekertjes water moeten mee naar de waterval. Maar dat is geen probleem. Iedereen pakt wat. De dozen water gaan bij mensen op het hoofd, en dan begint de afdaling over een smal paadje en veel trapjes naar de waterval.

Er zijn hier 2 watervallen. De eerste is de kleinste. Daar zijn we vorig jaar ook geweest. De volgende waterval is een stuk verder lopen, hoger, en het water is dieper, je kunt er echt zwemmen. Daarom hadden we voor dit jaar de tweede waterval in de planning staan, maar nu houden we het toch maar bij de eerste waterval. Voor iedereen die hier nog nooit is geweest is de eerste waterval al heel erg mooi en indrukwekkend, en met zoveel kinderen naar een diep water gaan lijkt ons ook niet zo’n goed idee. Zwemles zit in Lombok niet in het standaard lespakket.

We zijn, met deze groep, een hele bezienswaardigheid. Nu eens lokale mensen in plaats van toeristen. Daar kijken ze hier wel van op. Wij genieten, van de natuur, de mooie uitzichten over het jungle-achtige bos, maar toch vooral van alle blije gezichten om ons heen. Als even later de waterval in volle glorie in zicht komt, wordt iedereen stil.
Ze hebben de watervallen vast wel een keer op een foto gezien, maar dit is dan toch heel anders, onvoorstelbaar hoog, en het water dendert met heel veel kracht omlaag. Dit is heel indrukwekkend.
Nu zijn wij heel benieuwd wat er gaat gebeuren. Iedereen had opdracht gekregen droge kleren of zwemspullen mee te nemen. Nu heeft hier vrijwel niemand zwemspullen, en het water is natuurlijk steenkoud, anders dan de zee waar ze wel eens in badderen.
Maar even later sprint Cuk voorbij in zijn zwembroek. Hij daalt het glibberige paadje naar het water af, en gaat voorzichtig richting waterval.
Dan volgen er meer dappere mannen en kinderen. De meesten gewoon met hun kleren aan. Lekker spetteren en spelen in het ijskoude water.


Even later komen de dames ook op gang, Mariam en June duiken het water in. Als na een tijdje de zwemmers weer bibberend op de kant staan, is het tijd voor een hapje eten. Alle doosjes en bekertjes water worden uitgedeeld. Nu begrijp ik ook waarom er een kruis op alle doosjes is gezet. Eigenlijk niet op alle doosjes, Peter, Tom, Anique en ik krijgen een doosje zonder kruis erop. Dan zien we het verschil.
Wij krijgen een beetje minder dan de rest. En dat vinden we helemaal niet erg, we missen in ons doosje een flinke portie sambal.
Maar zonder sambal vinden wij het ook al pittig genoeg. Het smaakt allemaal prima, ook al is alles koud. Iedereen zit lekker in groepjes bij elkaar te eten, heel gezellig.

Na het eten worden alle lege doosjes verzameld en opgestookt. Zo laten we geen rommel achter! Een paar kinderen en volwassenen hebben nog niet genoeg water gezien vandaag en nemen nog een frisse douche onder de waterval. Een paar slimmeriken hebben shampoo meegenomen en wassen hun haren.
De overige toeristen die hier rondlopen (niet veel hoor) begrijpen er niet veel van. Zo’n groot gezelschap met lokale mensen. Dat is vreemd.
Er is ook een groepje Indonesische studenten. Ze studeren engels en moeten hier van hun leraar met toeristen gaan praten. De jonge leraar praat honderduit, vraagt ons de oren van het hoofd, wel allemaal standaard vragen alsof ze zo van een lijstje worden opgelezen, hoe heet je, waar kom je vandaan, is dit de eerste keer in Lombok, wat vind je van Lombok etc. Zijn studenten, het merendeel jonge meiden, staan er verlegen bij te kijken en doen hun mond niet open. Dat schiet niet op. Na een paar minuten heb ik er ook genoeg van en stuur de jongen door naar Tom. Die is heel goed in Engels.
Het is wel pech voor de studenten vandaag. Heel veel toeristen bij de waterval, maar weinig Engels sprekenden.
Dan wordt het langzaam tijd om weer op te stappen. Iedereen heeft weer droge kleren aangetrokken, en is klaar voor de terugreis. We willen nog een groepsfoto maken met de waterval op de achtergrond. Dat wordt lastig, verschillende mensen zijn al aan de klim naar de parkeerplaats begonnen. Dan maar een beperkte groepsfoto.
Zijn toch nog heel veel mensen en kinderen.

Dan gaan we weer klimmen. De heenweg vond ik leuker, ik loop liever omlaag dan omhoog, maar ja. Nu haal je heel snel de mensen uit Loco eruit die op de berg wonen. Die huppelen naar boven, terwijl veel anderen toch ook wel opvallend veel pauzes nemen (vast om nog even extra van het uitzicht te genieten, net als ik).

Als we bij de bussen zijn aangekomen, stapt iedereen weer in en vertrekken we. Het plan was om via een andere weg terug te rijden naar Kampung Loco. Meer door het binnenland, dan komen we langs Monkey Forest. En daar zitten heel erg veel wilde aapjes. Helaas durven de buschauffeurs die route niet aan. De weg is slechter, kronkeliger en op veel plekken erg steil en smal. Niet geschikt voor onze voertuigen. Jammer, maar niets aan te doen.
Onderweg stoppen we nog even om een nieuwe lading plastic zakken in te slaan. Ik schreef al dat in “onze” bus een paar wagenzieken waren, maar in de andere bus waren er maar een paar die niet wagenziek waren. Nieuwe zakjes zijn dus wel nodig, zeker net na de lunch!
Als we na een tijdje weer bij de kustweg uitkomen, maken we een tussenstop bij het strand. Maar volgens mij is iedereen erg moe. Niemand neemt de moeite om naar de zee te lopen, iedereen gaat lekker lui zitten op de bankjes en bruka’s. Het is hier ook wel erg warm, zeker na de koelere ochtend bij de watervallen.
Als iedereen weer een beetje is bijgekomen, stappen we weer in de bus voor de laatste etappe. Bij een groot deel van de passagiers vallen de ogen dicht. Als we Senggigi naderen wordt iedereen weer wat fitter. Dit komt weer een beetje bekend voor, al hebben veel mensen geen flauw idee waar we zijn. Dan merk je weer dat veel mensen, vooral de vrouwen, bijna nooit buiten het eigen dorpje komen.
Rond half 6 zijn we terug in Loco. We lopen even mee naar het dorpje en belanden weer eens bij Sareah op de bruka. Lekker, een kopje thee gaat er nu wel in, een schaaltje kroepoek ook wel, vooral bij Tom, maar dat is hier al bekend. Daarom wordt de schaal al voor Toms neus neergezet

Even gezellig nakletsen, heel veel bedankjes in ontvangst nemen, zelf Eful hartelijk bedanken voor de perfecte organisatie van het geheel, en natuurlijk Sareah en haar kookploeg voor de catering.

Het was echt een onvergetelijke dag. Voor alle mensen die mee zijn geweest, maar ook voor onszelf. We hadden de watervallen al een keer gezien, dus daarvan waren we niet meer zo onder de indruk, maar wel om te zien hoe iedereen hiervan heeft genoten, hoe vlekkeloos alles is verlopen, geen geruzie, geen geschreeuw, geen gezeur, zelfs niet van de zieke kinderen in de bus.
Met deze mensen willen we wel vaker op pad gaan.
Zo denkt Eful er ook over. Het spandoek van de bus wordt netjes opgevouwen en bewaard. “Kunnen we de volgende keer gewoon de datum aanpassen en hetzelfde doek gebruiken.” Slimme jongen die Eful!
Even later komt ook de badmeester van Graha Hotel, die in Kampung Loco woont, langs. Hij is niet meegeweest, maar heeft wel een cadeautje voor Anique. Een houten dolfijntje, niet zelf uitgesneden, wel zelf geverfd!

Dan nemen we maar weer eens afscheid van Loco. Maar niet nadat we weer wat afspraken hebben gemaakt voor morgen.
Om half 7 in de ochtend bij Cuk, dan gaan alle kinderen in hun maandaguniform naar school, met petje en stropdasje. Dat lijkt Cuk een goede dag voor een groepsfoto.
En voor het diner morgenavond zijn we uitgenodigd door Kartini, Eful, Boung en Sareah. Kartini en Sareah gaan dan voor ons koken als bedankje voor deze leuke dag. In de bus heeft Kartini me al uitgehoord wat we willen eten, vis of kip. Maar dat heb ik maar helemaal aan de gastvrouwen overgelaten. Wij lusten alles!

Nu moeten we nog even nadenken waar we vanavond zelf gaan eten. Onze bovenste beste Cak Poer is er vandaag niet. Helaas.
We lopen een beetje te dubben, hebben niet erg veel honger en zijn ook wel moe.
Dan maar eerst even kijken hoe het bij de heren van Lombok Dive gaat.
Even druk en gezellig als altijd. Nog steeds een beetje chaotisch, ze moesten eigenlijk iemand hebben, die hier een weekje op kantoor kwam zitten om ze een beetje structuur bij te brengen. Tom is in elk geval al bezig om wat standaard formulieren te ontwerpen, waar ze klantgegevens, prijsafspraken e.d. kunnen noteren.
Nu staat alles op losse papiertjes. Als een klant een week later nog een keer wil duiken, moeten ze weer alles opnieuw navragen, maat duikpak, schoenmaat etc. Dat kan veel eenvoudiger! Maar dat komt ook wel goed, alle begin is moeilijk.

Vanavond gaan we maar eens bij Jessey Café eten. Omdat ze op straat erg irritante verkopers/klantenwervers hebben, hebben we er nog nooit gegeten. Maar het is er druk, ziet er wel gezellig uit, dus gaan we het maar eens proberen.
Ik bestel voor de afwisseling maar eens nasi goreng, mijn favoriet. Die is prima. Maar de rest is minder tevreden. Toms spaghetti bolognese ziet eruit als een portie spaghetti die in de tomatensoep is gevallen. De nasi campur van Peter en Anique is wel erg karig en fantasieloos. Morgen bij Kartini en Sareah krijgen we vast iets lekkerders, en dinsdag kunnen we weer gewoon naar Cak Poer!

Dan wandelen we terug naar het hotel. Als we er bijna zijn, wordt alles donker. Een stroomstoring. Een leuk gezicht, want dit is een flinke, heel Senggigi is donker.
Na een paar minuten is bij Graha Hotel de generator opgestart en gaat in elk geval daar het licht weer aan. Tom en Anique duiken direct in bed, Peter en ik gaan nog even lekker douchen voor we naar bed gaan.
Als we net ingezeept zijn, wordt het weer donker. Na een halve minuut weer licht, dan weer donker. Gelukkig blijft het water van de douche wel warm, en we blijven lekker zitten tot het licht weer aangaat. Maar dat duurt wel erg lang.
Dan maar in het donker, kletsnat, op zoek naar de zaklamp. Die zit ergens in mijn handtas, zodat ik hem altijd bij me heb. Behalve in de douche dan…

Een overzicht van de foto's van het uitstapje met de jeugd van Kampung Loco staan op: http://flickr.com/photos/proyekkampungloco/sets/72157606674469127

 

Maandag 28 juli

Vandaag mogen we dus weer op tijd uit bed, om half 7 zouden we bij Cuk zijn, en foto’s maken van de schoolkinderen.
We zijn iets te vroeg, en treffen June aan in het winkeltje. Even later komt Cuk met een slaperig gezicht ook boven water.
We zijn royaal op tijd. De kinderen vertrekken over een klein kwartiertje naar school.
Om de meeste kinderen “te pakken te krijgen” kunnen we het beste bij de grote weg gaan staan, dan missen we niet de kinderen die via het andere pad, aan de andere kant van de rivier, naar school lopen. Helaas missen we wel nog een groepje kinderen dat op de berg woont. Zij lopen meestel via nog een andere route naar school.
We laten June achter met het grote boek voor de middelbare scholieren en wandelen met Cuk naar de grote weg. De middelbare scholieren halen dagelijks geld op voor het vervoer naar de school. Zo is er tevens controle of alle kinderen naar school gaan.

Als we bij de weg aankomen, komen al snel de eerste kinderen. We proberen ze ‘vast’ te houden, maar dat valt niet mee. Ze zijn op weg naar school, en hebben niet zoveel geduld. Met veel moeite blijven ze wachten, intussen kan Cuk nog even controleren of ze er wel netjes genoeg uitzien.
Op maandag moeten ze voor de officiële weekopening op school er netjes uitzien. Mooi rood-wit uniformpje, met stropdasje en petje. De basisschoolkinderen hebben trouwens 3 verschillende schooluniformen. Een rood-wit, een bruin-beige en een lichtgroen uniform. Afhankelijk van de dag van de week moeten ze andere kleren aan. Heel ingewikkeld, en in mijn ogen ook een beetje geldverspilling.

Dan komen er uit het andere pad ook kinderen aan en moet Cuk die op gaan vangen. De middelbare scholieren moeten met het openbaar vervoer, en kunnen niet wachten. Die gaan alvast naar school.
Dan zijn er nog oudere scholieren die met de brommer naar school worden gebracht, of zelf met de brommer gaan en eerst hun kleinere broertjes en zusjes op de basisschool in Senggigi afzetten. Die kunnen ook niet wachten. Dan is er geen houden meer aan, er komen te veel kinderen die naar school willen, we knippen maar wat losse foto’s en geven het idee van groepsfoto maar op.
We willen nog 2 kinderen ontmoeten, we hebben een paar tekeningen voor Muhammed Fasah. Gemaakt door de sponsorkinderen in Nederland. Die willen we even persoonlijk overhandigen.
En de groep van juffrouw Olga op de Keg uit Venray, die Hariadi sponsort, heeft een boekje gemaakt met tekeningen en korte briefjes. Dat moet ook nog overhandigd worden.

Als we staan te wachten, zit de nachtdienst van de Security man van Graha erop, en hij loopt terug naar de kampung. Hij is wel erg nieuwsgierig naar het boekje voor Hariadi. We leggen uit van wie het is, voor wie het is, dat de klas waar Anique in zit geld heeft ingezameld om Hariadi naar school te laten gaan. Hij gaat het hele boekje doorkijken en vindt het geweldig. Zeker de Indonesische zinnetjes die de kinderen uit Nederland hebben geschreven.
Dan zien we Hariadi aankomen, met 2 vriendjes. Hariadi is het laatste jaar erg veranderd, van een klein verlegen jongetje in een bijna puber. We zien hem al kijken en denken; daar heb je die mensen weer, moet ik zeker ook weer op de foto, en dat terwijl mijn vrienden staan te lachen…
Dat was eigenlijk wel de bedoeling, maar gaat dus niet lukken.
We pakken snel het boekje uit de handen van de security man, houden de fotocamera in de aanslag en blokkeren Hariadi de weg. Hij pakt nog sneller het boekje aan, stopt het zonder te kijken in zijn rugzak, en loopt snel achter zijn vriendjes aan.
Sorry, Olga en kinderen van de Keg, helaas geen mooie foto van dit moment, het ging te snel. Maar Hariadi en de kinderen hier kennende, gaan ze om de hoek even stoppen en met z’n allen kijken naar het boek uit Nederland. Alleen niet als wij kijken!

Hariadi, links, wil eigenlijk niet op de foto!

Dan zijn de meeste kinderen voorbij. Het broertje van Muhammed Fasah komt er nog aanlopen, met zijn vriendje. Cuk vraagt waar zijn broer is. Helaas, die voelde zich niet zo lekker vandaag, en blijft een dagje thuis. Dan moeten de tekeningen nog maar even wachten.

Als alle kinderen op weg naar school zijn, gaan wij rustig ontbijten.
We doen het vandaag weer een beetje rustig aan. We moeten nog even langs bij Lombok Times om de foto’s van het uitstapje te bezorgen. Gisteravond hebben we nog een poging ondernomen om ze via de mail te versturen, maar dat wilde niet echt lukken. Persoonlijk afleveren gaat vast veel sneller.
Als we bij het kantoor aankomen, is alles nog gesloten. Dan maar even bij Lombok Dive langs, die zitten een paar deuren verderop. Daar is het vrij rustig, Mohni is met klanten op pad. Hamdi, zijn beste en meest Engelssprekende kantoorkracht, zit achter het bureau.
Hij vraagt of Tom morgen plannen heeft. Eigenlijk niet, en we denken dat hij Tom wil vragen om mee te gaan duiken. Vreemd, meestal vraagt Mohni dat. Maar Hamdi heeft andere plannen.
Hij wil Tom vragen om mee te gaan naar zijn oude middelbare school. Scholieren vinden het fijn om Engels te spreken met toeristen. En hij had bedacht dat het voor de scholieren nog leuker zou zijn om Engels te spreken met een leeftijdsgenoot. Daar zit wat in. Tom lijkt het ook wel wat, moeten we alleen even uitzoeken waar de school is en zo.
Maar dat is geen probleem. Hij kan Tom morgen in de ochtend wel oppikken, kan Tom achterop de brommer, en een paar uurtjes later brengt hij Tom weer terug. Prima, dat is dan geregeld.
Inmiddels zijn ze bij Lombok Times ook wakker geworden. We wandelen het kantoor binnen waar 3 mensen zitten. Putri, met wie we vorige week hebben gesproken, is nieuwsgierig hoe het uitstapje is verlopen. Ook is ze erg onder de indruk van Proyek Kampung Loco. Ze heeft de website bekeken en wil er een leuk stukje over schrijven. We hebben een memorystick met de foto’s bij ons, helaas kunnen ze nog niet overgeplaatst worden op hun pc. Eén of andere beveiliging. Maar de baas komt in de loop van de ochtend, die zal het wel op kunnen lossen. We vragen nog even hoe het zit met de website van Lombok Times zelf. Die is al meer dan een half jaar uit de lucht. Jammer vind ik, ik vond het altijd leuk om het Lombokse nieuws een beetje bij te houden. Maar dat zit er voorlopig waarschijnlijk nog niet in. Lombok Times is een tijdje geleden door iemand anders overgenomen, en ze moeten alles opnieuw opzetten enzo.
Ze bieden Tom al een baan aan als webmaster, ze waren erg onder de indruk van “zijn” LombokDiving en Proyek Kampung Loco site. Tom zou wel willen, beetje websites bouwen, af en toe duiken, klinkt niet slecht…

Als Tom later de Lombok Times op papier door zit te bladeren, moet hij erg lachen; er staat een mooie advertentie in:
Design Services. Website design by The Lombok Times. Professional, creative, fast.
Waarschijnlijk hebben ze het zo druk met deze service, dat ze hun eigen website nog steeds niet klaar hebben. Zo ziet hun website er nu uit:
after 50 issues it was time for a new website...
and that's what we're doing now...
so stay tuned, we're launching very soon...
15 Februari 2008...

Misschien toch maar februari 2009 van maken?

Ik heb vanochtend besloten dat ik even geen verslagen meer op internet ga zetten. Het neemt zoveel tijd in beslag. Daarbij loop ik nog steeds heel erg achter. Ik probeer elke dag een dag uit te werken op de laptop en op internet te publiceren, maar moet ook weer wat dingen van die dag zelf op papier zetten, anders weet ik later niet meer wat we allemaal hebben gedaan.
Dat kost allemaal best veel tijd, en we zijn hier razend druk. Daarnaast ben ik met een hele stapel boeken uit Nederland vertrokken, waarvan ik er pas één uit heb gelezen (grotendeels in het vliegtuig op de heenreis). Om nou die hele stapel ongelezen weer mee terug naar Nederland te slepen vind ik ook een beetje gekkenwerk. Ik ruil het uitwerken van de verslagen dan maar in voor lekker rustig lezen, en ga na thuiskomst maar weer flink aan het typen. Blijf ik dan ook lekker lang in de Lomboksfeer hangen!
Aangezien we het Joep en Marijke niet aan kunnen doen om niets meer te laten horen uit Lombok, houden we Joep en Marijke (en een trouwe lezer in Thailand) maar via korte mailtjes op de hoogte. (Bang dat wij anders uit wraak over 2 maanden geen berichtjes van hun krijgen als zij in Loco zitten!)

Voor de middag gaan Peter en Tom met Cuk en Eful auto’s kijken. Bemo’s om precies te zijn. Heel hoog op het verlanglijstje van Proyek Kampung Loco staat een bemo. Daarmee kunnen de middelbare scholieren naar school gebracht, zo besparen ze veel op de vervoerskosten. Buiten schooltijd kan de bemo gebruikt worden als openbaar vervoer, zodat men er geld mee kan verdienen. Er is inmiddels een heel bedrag binnen voor de bemo, nog lang niet voldoende, maar de heren vinden het toch wel leuk om even bij de dealer te gaan kijken.
Als ze een uurtje later terugkomen, zijn ze ervan overtuigd dat we met het Proyek maar effe flink verder moeten gaan met sparen, een bemo kan de sponsorbijdrage voor de middelbare scholieren flink verminderen. Daarnaast geeft het de Kampung ook de mogelijkheid om zelf een bron van inkomsten te hebben!

’s Middags gaan we even inkopen doen. We willen vanavond, als we bij Kartini gaan eten, een cadeautje voor de gastvrouwen meenemen. Maar wat?
Dat valt niet mee. In Senggigi zijn heel veel leuke spullen te koop, mooie schalen, souvenirs, vanalles. Maar het zijn waarschijnlijk niet de dingen die de lokale bevolking kan gebruiken. Bij Sareah in huis is in elk geval geen plek waar ze een leuk schaaltje, beeldje of zoiets neer zou kunnen zetten..
Dan proberen we maar iets leuks voor de kinderen te vinden. Voor de meisjes van Sareah en Boung vinden we een paar leuke vlinders op een prikker, gemaakt van vrolijk gekleurde veertjes, met glittertjes, lekker bling bling.
Voor alledrie nog een mooie haarspeld erbij en klaar zijn we. Gilang, het zoontje van Eful en Kartini krijgt een frisbee en een echte nylon vlieger uit Nederland.
Voor de papa’s kopen we een zak snoepjes, en de mama’s krijgen een grote trommel, gevuld met westerse koekjes. De koekjes gaan wel op, de trommel is altijd handig om later spullen in op te bergen.

Om 7 uur wandelen we naar het huis van Kartini en Eful.
De dames zijn nog druk in de keuken, maar Eful komt even gezellig bij ons kletsen.
Er wordt op de vloer een groot kleed uitgespreid, en even later vol gezet met schalen vol lekker eten. Ze hebben zich helemaal uitgeleefd in de keuken.
Op het menu van vandaag staat:
- heerlijk krokant gebakken en lekker gekruide zoetwatervis
- gewone gekookte witte rijst
- lontongrijst (een soort klein frietzakje van bananenblad, waar rijst inzit, die wordt gekookt in het zakje en vormt dan een compacte rijstblok. Het zakje haal je eraf, het rijstblokje eet je op)
- kroepoek
- blokjes tofu en tempeh in een kokossausje
- gewone gekookte groente, wortel, bloemkool, broccoli, boontjes
- iets wat eruit ziet als een soort boontjessalade, maar wat zo pittig is dat ik niet echt weet of het lekker is
- kentang goreng, oftewel frietjes
- uiteraard heel erg veel sambal
En het is allemaal heel erg lekker, behalve die pittige groente dan, de sambal heb ik maar helemaal niet geprobeerd. Die frietjes zijn vast speciaal ter ere van ons op tafel gekomen. Een paar dagen geleden had ik het toevallig met Kartini over westers eten. Dat de kinderen frietjes altijd lekker vinden, en of ze hier ook wel eens frietjes eten. Nee, bijna nooit, aardappels zijn veel duurder dan rijst, dus die eten ze hier niet.
We voelen ons dan ook een beetje schuldig dat ze frietjes op tafel, of eigenlijk op de vloer, hebben staan, en dat terwijl ik toch de voorkeur geef aan de lekkere rijst. En er staat zoveel eten dat er door ons weinig van de frietjes wordt gegeten. Maar dat vinden ze niet erg, zelf eten ze daarna de frietjes tot het laatste kruimeltje lekker op.

Als de tafel, nee, de vloer, wordt afgeruimd, komt er nog een toetje, lekker fruit; banaan en papaya.
Dan uiteraard nog heel veel koppen thee. Heel erg manis, zoet. Ze waren even vergeten dat wij geen suiker in de thee doen. Maar dat maakt niet uit, thuis gaan we wel weer over op de ongezoete versie.
Als we allemaal zijn uitgegeten, en de cadeautjes zijn uitgedeeld (de vlinders vallen erg in de smaak, Kartini heeft ze al tot in detail bestudeerd, en wil ze op school met de kinderen uit haar klas na gaan maken), gaat de tv aan.
En kunnen we genieten van een soort Indonesische versie van Idols. Heel spannend, zeker als de muziek niet om aan te horen is, en je de rest niet zo goed verstaat. Maar dat maakt niet uit. Af en toe kunnen we wel wat teksten opvangen. Vooral van de reclameboodschappen tussendoor, daar leer je volgens mij wel wat Indonesisch van.
Die zijn al redelijk te volgen.

Inmiddels zijn Sareah en dochters naar huis gegaan, bedtijd. Wij praten nog wat met Boung en Eful over het Proyek. Nu er een nieuw logo voor het Proyek is, hadden Joep en Marijke het idee voor iedereen visitekaartjes te maken. Dat is voor de jongens ook handig, ze spreken geregeld met toeristen over het Proyek, dan kunnen ze een kaartje met website-adres en telefoonnummer achterlaten.
Ze mogen zelf doorgeven welke naam er op het kaartje moet komen. Dat is moeilijk. Wij kennen ze als Eful, Boung, Cuk en Adi. Maar hun volledige namen zijn heel anders.
Nu komen we er ook achter, dat mensen hier geen achternaam hebben. Geen familienaam, je kunt aan de volledige naam niet ziet dat bijvoorbeeld Cuk en Boung broers zijn.
Na veel overleg tussen Boung en Eful komen de namen en telefoonnummers op papier, en lijkt het ons verstandig om toch ook de bij het Proyek bekende namen erbij te zetten, maar dat mogen Joep en Marijke lekker uitzoeken.
Dat is het voor ons ook hoogste tijd om ook het bed op te zoeken. We bedanken nogmaals voor het lekkere eten en de gezellige avond. Weer eens wat anders dan in een gewoon restaurant.

Als we richting Graha lopen, zien we nog fel licht in de moskee in aanbouw van Kampung Loco. Er wordt nog hard gewerkt. Dan zien we ook nog een bekende aan het werk, de badmeester van Graha Hotel. Hij is bezig met schilderwerk aan de binnenkant van de moskee. Hij komt even een praatje maken. Aangezien hij overdag bij Graha heeft gewerkt, heeft hij vanavond nog maar even meegeholpen.
Stom eigenlijk, maar zo’n jongen verwacht je hier niet zo. Jonge knaap, beetje macho als hij bij het zwembad rondloopt, moderne kleren, niet het beeld wat de gemiddelde Nederlander van een moslim heeft.
De moskee wordt in elk geval wel heel mooi, we weten niet of we binnen mogen kijken, we zijn geen moslims, dus kijken we maar uitgebreid door het raam. De grote zaal is in fris blauw geschilderd, de kozijnen worden rood. Ziet er mooi uit!

We houden ze maar niet langer van het werk en gaan terug naar Graha.
Alweer een vakantiedag om, de tijd vliegt hier!

 

Dinsdag 29 juli

Het wordt weer een “van alles en nog wat” dag vandaag.
Eerst maar eens lekker ontbijten. Bij Graha is het elke ochtend een verrassing hoe het geregeld is. Soms krijgen we in de avond een echte officiële ontbijtvoucher onder het asbakje op het terrastafeltje. Inmiddels hebben we bedacht waarom dat is. Meestal blijven de mensen bij Graha een paar dagen, en zijn de gezichten van de gasten wel bekend. De laatste tijd komt er wel eens een grotere groep mensen van een reisgezelschap. Die komen in de middag aan en vertrekken de dag erna na het ontbijt. Dat kan het personeel natuurlijk niet allemaal in de gaten houden. Als er zo’n rondreisgezelschap is, moet iedereen dus een officieel ontbijtbewijs laten zien. Maar onze namen en gezichten zijn inmiddels wel bekend bij de bediening.
De laatste dagen wordt er in het ontbijtrestaurant ook nog getest met verschillende buffetopstellingen. Elke ochtend dus even kijken waar we alles kunnen vinden!
Wij kiezen altijd voor een min of meer standaard westers ontbijt. Toast, soms met omeletje, beetje fruit, sapje, kopje thee, en de kinderen af en toe een lekker pannenkoekje. Om de dag al te beginnen met nasi vind ik een beetje veel van het goede, dat is meer iets voor de middag en avond.

Na ons ontbijt gaan we even lekker bij het zwembad liggen. Tom wacht op Hamdi, die hem komt ophalen om samen naar zijn oude school te gaan. Als Tom en Hamdi weg zijn, wandelen wij maar weer eens Senggigi in. Onderweg moeten we weer overal even uitleggen waar Tom is. Nee, vandaag is hij niet duiken, hij is naar school. Welke school, waarom, met wie??? Zoals ik al vaker heb gezegd/geschreven; de mensen zijn hier niet nieuwsgierig, ze willen gewoon alles weten.

We gaan even naar internet, wat drinken, bij Lombok Dive kijken.
Peter en Tom gaan morgen naar Gili Lampu om te duiken. De kogel is door de kerk. Het wordt definitief een dagje Gili Lampu, in noordoost Lombok. Het is ver weg, zo’n 2 uur rijden, dan nog een half uurtje met een bootje. Maar volgens Mohni is het de mooiste duiklocatie bij Lombok, en die mogen ze natuurlijk niet missen. Peter had het voorstel rond 6 uur te vertrekken, dan zijn ze voor de ergste drukte en hitte bij het eilandje. Anique en ik hebben nog getwijfeld of we mee zouden gaan.
Alle eilandjes hier zijn zo mooi, en naar ik heb gelezen is Lampu supermooi, rustig en vind je er heel veel mooie schelpen.
Maar ja, als de heren gaan duiken, zitten wij natuurlijk nog niet op het strand. Het is op zo’n dag altijd even afwachten hoe alles logistiek gezien verloopt. Als we pech hebben, zitten we de hele dag in de auto en op de boot. Daar hebben we niet zoveel zin in, en Anique en ik hebben besloten dat we een dagje lekker in Senggigi gaan doorbrengen. Ook niet verkeerd, we moeten nog wat inkopen doen, hebben nog genoeg bij te kletsen en zien wel wat het wordt morgen.

Nu moeten we wel alvast iets gaan regelen voor morgen. Als ze om 6 uur vertrekken, is het restaurant natuurlijk nog gesloten. Dus moeten we wat ontbijtpakketjes maken. Theo heeft besloten ook mee te gaan, en natuurlijk Mohni en één van zijn hulpjes.
Dat worden dus 5 ontbijtjes. We gaan maar naar de grootste supermarkt. Daar vinden we brood, boter, kaas en jam. Komen we een heel eind mee. Plastic zakjes komen we niet tegen, wel vuilniszakken, maar dat is wel erg overdreven. Dan maar plastic wegwerpbakjes. Die doen het ook. Een paar pakjes drinken, en voor de lekkere honger een paar koffiebroodjes. Moet voldoende zijn voor 5 ontbijtjes.

Als we weer richting hotel lopen, komen we Mister Flores tegen. Hij ziet ons al van ver aankomen en spurt naar ons toe. Die komt vast zijn kaartencollectie showen. Maar nee hoor, hij komt iets vragen. Natuurlijk waar Tom is, maar ook nog iets anders. Zijn dochter van een jaar of 14, heeft de foto gezien die we hem hebben gegeven, van Tom en Mister Flores. En zij was erg onder de indruk van Tom. Ze wilde wel graag een keer kennismaken, zodat ze Engels konden praten. Misschien konden we een keer op visite komen. Jammer dat Tom er niet bij is, dan had hij zelf een smoesje mogen bedenken om hier onderuit te komen. Wij houden het er maar op dat we de komende dagen heel erg druk zijn, dat het deze vakantie vast niet meer gaat lukken. Misschien volgend jaar?!

Als we even later weer terug zijn bij Graha, komt de badmeester/moskeeschilder nog even langs. Vanochtend zagen we hem ook al met de tuinman in de weer om struiken te snoeien. Een man met vele talenten. En dan schijnt het zo te zijn dat hij voor hij badmeester werd, in de hotelkeuken heeft gewerkt.
We vragen of hij niet een tijdje naar Nederland wil komen. Kan hij schilderen, tuinieren, en af en toe lekker koken, daar heb ik natuurlijk ook geen bezwaar tegen.
Dan komt het gesprek op huizen en tuinen in Nederland. Wat voor een huis wij hebben. Op de kleine camera staat nog een fotootje van ons huis. Ja, daar zit inderdaad wel wat schilderwerk aan, dat ziet hij zo. Als we vertellen dat het een oud huis is, is hij verbaasd. Hoe oud dan? Bijna 200 jaar oud. Dat kan volgens hem niet. Zo oud ziet het er echt niet uit. Vreemd, dan realiseren we ons dat hier in Lombok waarschijnlijk geen echte oude gebouwen zijn. Misschien wel wat tempels of moskeeën, maar zo’n oude gewone woonhuizen hebben we hier niet gezien. Die halen de 200 jaar vast niet.
Ibu Iba, de manicure/masseuse van het hotel komt ook nog even meekijken, de foto’s van onze kippen en katten zijn favoriet. Wat een grote hanen! Ja, heel wat anders dan de zielige kippetjes en haantjes die hier rondscharrelen.
Wat betreft dat baantje voor de tuinier/schilder/kok in Nederland gaat het niet lukken, tenzij het in Nederland nooit koud is. Dat kunnen we natuurlijk niet garanderen. Helaas, zullen we na de vakantie toch zelf weer aan de slag moeten.

Tom blijft wel erg lang weg. Aangezien we ervan uitgaan dat hij nog niet heeft gegeten, wachten we maar op hem.
Peter en Anique lopen even naar Kampung Loco. Peter wil aan Cuk vragen of hij morgen zin en tijd heeft om als chauffeur mee te gaan naar Gili Lampu.
Dan kan Peter rustig aan doen, en kan Cuk wat verdienen. Maar dat zit er waarschijnlijk niet in. Een broer van Cuk gaat morgen trouwen. Dan is er een feest of plechtigheid van 2 tot 4 in de middag. Cuk zou dan in de ochtend de duikers weg kunnen brengen en in de avond ze weer op komen halen, maar dat kost wel heel erg veel tijd, en waarschijnlijk zijn ze rond 4 uur in de middag wel uitgekeken onder water. En dan zou het nog 2 uur duren voor Cuk hen op komt halen. Jammer, dat gaat niet lukken. Dan moet Peter zelf rijden.
In de Kampung zijn ze Adi ook nog even tegengekomen. Die vertelt dat hij ‘s middags naar de kapper gaat. Daar wilde Peter eigenlijk ook nog naar toe. Voor de vakantie in Nederland is het er niet van gekomen. In de vakantie tot nu toe ook niet, zonde van de tijd, maar zo samen met Adi is natuurlijk wel leuk. Dus komt Adi hem vanmiddag met de brommer ophalen.

Als dit allemaal in de Kampung geregeld wordt, zit ik dus bij het hotel op Tom te wachten. Rond 1 uur komt hij terug van de Junior Highschool. Vol verhalen. Eerst waren ze naar de school geweest, in een paar klassen werd Tom het hemd van het lijf gevraagd. Hoe heet je, hoe oud ben je, waar kom je vandaan etc.
Daarna is hij nog samen met Hamdi bij een juf, die ook graag Engels wilde spreken, thuis op de thee geweest. Op mijn vraag of dat de juf Engels was, moest Tom hartelijk lachen. “Ik hoop het niet, alles wat ze heeft gevraagd moest door Hamdi vertaald worden, ze sprak geen woord Engels.” Dus was het waarschijnlijk niet de Engelse juf…

We besluiten ook maar richting Loco te lopen. Halverwege het zandpad komen we Peter en Anique tegen. Dan gaan we maar even wat eten. Lekker gemakkelijk bij Graha.
Als we na het eten even op onze kamer zijn, komt meneer Zacchary langs. Met een cadeautje van de manager. 2 Fruitschalen met snoepjes erbij. Tjonge, waar hebben we dat nu weer aan te danken?
We eten een appeltje. Maar die zijn in Nederland toch lekkerder. Typisch, hier zijn appels en peren een specialiteit en erg duur vergeleken met ananas, meloen en banaan.

Als Peter naar de kapper gaat, gaat Tom even een boekje lezen, en gaan Anique en ik eens kaarten kopen. Dat is er deze vakantie nog niet van gekomen. Mister Flores heeft nog steeds niet zijn kaarten laten zien.
Ook moeten we naar het postkantoor voor de postzegels. Van de Security meneer horen we dat het postkantoor nog anderhalf uur open is. Dat moet lukken. Aangezien we geen Mister Flores zien, kopen we maar gewone kaarten bij de supermarkt. Niet echt hele mooie, maar het gaat om het idee zullen we maar zeggen.
Dan hebben we nog heel veel tijd tot het postkantoor sluit, maar we gaan er toch maar eerst naar toe. Ons, en de mensen tussen de supermarkt en het postkantoor kennende, kunnen we over de paar honderd meter naar het postkantoor heel erg lang doen als we overal waar we worden aangesproken blijven staan.
Maar we zijn er ruim voor sluitingstijd. We zien dat ze bij het postkantoor veel mooiere kaarten verkopen dan bij de supermarkt, maar ja, weten we dat voor volgend jaar.
We kopen de postzegels. Van te voren hebben we nog zitten bedenken wat goedkoper zou zijn, versturen vanuit Indonesië, of meenemen naar Nederland, en daar op de bus doen. In het laatste geval komen de kaarten in elk geval sneller bij de geadresseerden dan wanneer we ze vanuit Lombok sturen.
Maar met een echte Indonesische zegel erop is de kaart veel leuker, dus we versturen ze gewoon van hieruit. Met 2 mooi zegels van 4000 Roepia erop, zo’n 56 eurocent in totaal. Dus toch duurder dan de 44 cent die je in Nederland zou betalen voor binnenlandse post. Maar dat mag ook wel voor zo’n lange afstand!
Dan wandelen we terug naar Graha, drinken onderweg bij Mario’s nog een lekkere ijscappucino, en maken uiteraard bij de Security nog een praatje. Die vertelt ons al dat Peter weer terug is en zijn haren zijn Bagus, goed. We zijn benieuwd.

Dat klopt inderdaad, netjes geknipt. Wel erg duur hoor. Maar liefst 6000 roepia moest hij ervoor neertellen. Wel € 0,42. Volgend jaar maar weer in Indonesië naar de kapper, dat is nog eens geld besparen!


We wandelen met z’n 4-tjes nog even naar het strand. Geen Kampung Loco sporters vanmiddag. Vorig jaar waren ze wat fanatieker! Dan wandelen we maar eens de andere kant op, niet naar het noorden maar naar het zuiden. Hebben we nog nooit gedaan! Hier is het nog rustiger. Alleen een stukje verderop bij Alberto’s restaurant zijn wat verkopers. Maar wij hebben helemaal niets bij ons, in elk geval geen geld en kunnen dus ook niets kopen. We lopen tot we weer een mooie zonsondergang op de foto hebben, en gaan dan in het donker terug naar Graha.

Voor de avond hadden we een afspraak onder voorbehoud met Debbie en Mindie. Ze zijn vandaag met Mohni naar de Gili’s. Als ze op tijd terugkomen, gaan we samen eten bij Coco Beach, een restaurantje in de buurt van Kerandangan. Maar dat gaat helaas niet lukken.
De duiken zijn uitgelopen, en rond etenstijd zitten ze nog op de boot tussen Trawangan en Lombok. Aangezien onze heren morgen weer op tijd gaan duiken, gaan we de afspraak maar uitstellen. Of het deze vakantie nog gaat lukken???

Dan gaan wij maar naar Cak Poer. Even lekker en snel eten, daarna nog even bij Mohni kijken, die net terugkomt van het uitstapje met Debbie en Mindie.
Dan terug naar Graha. De heren pakken hun spullen voor morgen bij elkaar, ik maak de ontbijtjes klaar, boterhammen, broodjes, drinken en wat fruit (handig zo’n fruitschalen).
Weer een dag om, de tijd gaat hier veel te snel!

 

Woensdag 30 juli

Als de heren om 6 uur de deur uit zijn, duik ik nog even het bed in met een boek.
Als Anique wakker is, gaan we rustig met z’n tweetjes ontbijten.
Daarna gaan we, tot de zon te warm wordt, even lekker bij het zwembad liggen. Beetje luieren, en zoals we mevrouw Iba hebben beloofd, onze nagels mooi laten versieren. Het is nog niet de laatste vakantiedag, maar waarschijnlijk wel de laatste rustige vakantiedag. Dus zoeken we Ibu Iba op bij haar “behandelbruka”.
Ik mag eerst, en zoek een mooi kleurtje uit. Bloemetjes op mijn nagels hoeft niet, dus dat gaat redelijk snel. Dan is Anique aan de beurt. Weer een basiskleur uitzoeken, twee kleuren voor de bloemetjes en nog een kleur voor de takjes. Ja, het worden weer echte kunstwerkjes op mini-formaat.
Intussen babbelen we gezellig met Ibu Iba. Over van alles en nog wat, maar vooral over ons uitstapje naar de watervallen. Ze was om 8 uur zondagochtend komen kijken naar het vertrek van de bussen, maar toen waren we net vertrokken. We hadden er ook zo’n zin in!
Natuurlijk wil ze ook precies weten wat we hebben gedaan, wat we hebben gegeten, hoeveel mensen er mee zijn geweest enzovoort.
Als onze handen er weer toonbaar uitzien, rekenen we af. Nee, onze teennagels hoeven echt niet (want dan zitten we hier nog een uur).
Dan is het inmiddels tijd voor de lunch. Maar weer eens lekkere noedelsoep bij Angel, met grote garnalen erin, smullen!

Links en rechts kletsen we wat, kijken lekker op ons gemak bij alle souvenirwinkeltjes, en lopen verder richting art-market. Daar kopen we nog wat bij strandverkopers, en ik laat Anique het onderhandelwerk doen. Dat bevalt prima. Ik heb daar altijd zo’n vreselijke hekel aan. Je weet van te voren dat de verkopers heel veel te veel vragen. Maar hoeveel te veel? De helft, een derde, driekwart? Tja, dan moet je gaan afdingen. Vooral laag genoeg inzetten, anders kom je uiteindelijk nog veel te hoog uit. Maar het gaat allemaal om bedragen die eigenlijk niets zijn. Persoonlijk geef ik de voorkeur aan een winkel waar de spullen gewoon een prijskaartje hebben, dan weet je of je het ervoor over hebt of niet. Vind je het te duur, dan koop je het gewoon niet. Past de prijs bij jouw idee, dan is het prima. Dan betaal je waarschijnlijk nog teveel, maar daar kies je voor.
Bij de straatverkopers heb ik meestal geen flauw idee wat iets moet kosten.
Wat is een parelketting hier waard? 50 cent, 2 euro, 5 euro, misschien wel 10 of 15 euro. Ik heb geen flauw idee. En gewoon puur informatief vragen hoeveel iets kost, zit er niet bij. Dan krijg je een prijs waarvan je weet dat die veel te hoog is, dat wordt er ook min of meer bijgezegd; “Dit is de prijs, maar je kunt nog onderhandelen.”. Maar daar heb ik nou net geen zin in!!!!
Maar Anique doet het prima. Even serieus kijken, met mij overleggen, en lief lachend een belachelijk laag tegenbod doen. De verkoper kijkt heel verontwaardigd, maar komt dan met een tegenbod wat al redelijk in de buurt komt van wat wij in gedachten hadden.
Dan nog even doorgaan, wikken en wegen, en de spullen zijn gekocht. Volgende keer mag Anique dat weer regelen!

We drinken nog wat bij een restaurantje bij art market en wandelen daarna via het strand weer terug richting Graha.
Het is ontzettend druk op het strand. Vooral op het stuk waar de lokale mensen altijd komen. Maar die zijn er normaal gesproken alleen op zondag. Nu is het woensdag.
Dan horen we van iemand dat het vandaag een feestdag is. Welke precies begrijpen we niet, heeft in elk geval iets met geloof te maken.
Daarom is het zo druk!

Bij Senggigi Beach hotel neemt de drukte weer wat af, hier zitten een paar toeristen, en er lopen wat verkopers op het strand. Het hotel heeft weer iets nieuws in de strijd tegen de verkopers. Halverwege het strand is een touw gespannen. Daarachter staan bordjes, die alleen vanuit de hotelkant te lezen zijn. Als we stiekem lezen wat erop staat, ben ik toch weer blij dat wij lekker in Graha Hotel zitten. Of de toeristen aub geen contact willen maken met de verkopers als ze op het afgesloten stuk strand zitten. Dat is storend voor de toeristen die niet van verkopers houden. Iets in die strekking.
Bah, soms zijn de verkopers vervelend, maar het zijn allemaal mensen die met heel veel moeite een paar centen willen verdienen. Niet iedereen is daar even goed/handig/gezellig in, maar het minste wat je kunt doen is deze mensen met respect behandelen. Maak eens een praatje met ze, vraag naar hun gezin, kinderen. Dan kom je erachter hoe ze wonen, hoe ze leven, hoe ze hun geld moeten verdienen. Als je dan duidelijk zegt dat je geen interesse hebt in de spullen die ze verkopen, doen ze daar niet moeilijk over. Maar ga ze niet behandelen als vervelend ongedierte. Dat verdienen ze niet.
Nu moet ik zeggen dat de verkopers in Senggigi over het algemeen ook wel heel aardig zijn, in voor een praatje, een grapje.
Op andere plaatsen, met name Kuta Bali en Kuta Lombok, hebben we wel eens anders meegemaakt. Mensen die je bijna agressief benaderen en blijven achtervolgen. Dan is mijn vriendelijkheid ook snel verdwenen. En dan werkt maar één ding, duidelijk “nee, dank je” zeggen en verder nergens op in gaan.

Maar dat hoeft hier niet, hier kunnen we gelukkig gezellig kletsen, of we nu wel of niet iets kopen. Op de punt bij Senggigi Beach hotel staat de familie uit Kampung Loco met hun tentje met hapjes en drankjes. Moeder zit bij de spullen, vader komt in de verte aanlopen met nieuwe voorraden om te verkopen. Ze verkopen en bereiden hier van alles, van snoepjes tot koffie, van vers gebakken banaantjes tot noedelsoep. Geen water of electriciteit in de buurt, geen voorraadruimte, niets. Aan één kant afgesloten hotelterrein, aan de andere kant strand. Alles wat ze nodig hebben en verkopen moeten ze hier te voet naar toe brengen. We maken een praatje, beloven als we tijd hebben nog een keer in de kampung hun huisje te bezoeken (maar we hebben het nog zo druk de komende dagen). We nemen afscheid en wandelen weer verder.

En dan, een stuk verderop, op het muurtje bij het strand, zit onze Mister Flores. Daar waren we al de hele dag min of meer naar op zoek. We gaan er gezellig bij zitten, kletsen wat over koetjes en kalfjes. Over zijn dochtertje die vandaag vrij is. Ze is met zijn vrouw naar een tent bij Ampenan. Daar is iets te doen, maar we hebben geen idee wat.
Natuurlijk moeten we uitleggen waar Peter en Tom zijn, en dat Tom nog geen tijd heeft om bij zijn gezin op visite te gaan.
Dan vraag ik toch maar eens of hij nog kaarten verkoopt en of wij alsjeblieft een paar kaarten mogen kopen. Natuurlijk, maar jullie blijven toch nog een week? Daarom had hij ons dus nog niets aangeboden, tijd zat.
Klopt wel een beetje, maar over twee dagen gaan we naar Sekotong, daarna komen we nog wel even naar Senggigi, maar vooral om afscheid te nemen in Kampung Loco, dus of we dan nog aan kaarten kopen toekomen betwijfel ik.

De tas met kaarten komt tevoorschijn. Hele stapels, gewone kaarten en de speciale kerstcollectie. Nou, doe ons maar de gewone! We zoeken tien mooie kaarten uit.
Dan komt het moeilijke deel weer. Hoeveel kosten ze? We krijgen het meest ellendige antwoord wat je kunt krijgen. Bepaal zelf maar wat jullie ervoor geven.
Daar kan ik niets mee, dan nog liever een belachelijk hoge verkoopprijs.
Maar daar doet die slimme Mister Flores niet meer aan, bij ons niet tenminste. Hij weet vast nog, net als ik, dat we vorige jaren veel te veel hebben betaald. Dat zeg ik dan maar even voor de duidelijkheid, weet hij ook dat wij dat weten.
In de winkels hebben we dezelfde kaarten voor minder dan de helft zien liggen. Dat zeggen we ook maar voor de duidelijkheid.
Ja, dat kan kloppen, soms verkoopt hij ook kaarten aan de winkels. Maar daar zijn ze wel erg goedkoop. Tja, hoe dat kan snapt hij ook niet.

Maar nu weten wij nog niet wat hij een redelijke prijs vindt voor de kaarten.
Aangezien hij dat ook niet gaat vertellen, moet onze prijs maar goed zijn. We geven, denken we, een mooie prijs voor de kaarten. Als hij dan nog aanbiedt dat we wel 2 extra kaarten mogen uitzoeken, is ons duidelijk dat we nog ruim voldoende hebben betaald.
Nu de zaken zijn gedaan, kletsen we nog even verder, over Lombok, of we volgend jaar echt weer terugkomen. Natuurlijk, elk jaar!
En daar komt onze andere verkoopvriend ook nog aanlopen, Kim, de jongen die houten kommen, bakjes enzo verkoopt. Daar kunnen we lekker Nederlands mee praten. Handig voor Anique. Ook hem beloven we volgend jaar echt terug te komen, kunnen we hem de foto geven die we een paar dagen geleden genomen hebben.

Inmiddels is het einde van de middag geworden. We nemen afscheid van de heren en lopen terug naar Graha. Daar zijn ze druk bezig met versieringen op het strand. Er is vanavond een barbecue/buffet, voor een Nederlands reisgezelschap. Maar we mogen ook wel op het strand komen eten als we dat willen, moeten we wel gewoon betalen. Nou nee, aardig aanbod, maar we gaan vanavond al eten met familie Coenders. Andere keer misschien (maar liever niet met een hele buslading Nederlanders).

We wandelen verder naar onze kamer. Het hotel puilt inderdaad uit van de Nederlandse gasten, die bij het zwembad zitten.
Peter en Tom zijn nog niet terug. Dan wandelen we nog even terug naar het strand, leesboek mee, even lekker rustig zitten. Misschien komen de bewoners van Loco ook nog wel, meestal voetballen/zwemmen ze rond deze tijd wel, maar nu het een feestdag is, kan de planning anders zijn.

Als we op het strand aankomen vallen er zowaar een paar druppels regen. Leuk voor de barbecue vanavond. Maar het blijft bij een paar druppels en we gaan lekker zitten. Rustig een boekje lezen komt er niet van. We hebben snel gezelschap. Een verkoper die we nog nooit hebben gezien, komt een praatje maken. Hij verkoopt sleutelhangers gemaakt van een soort balletje, een ronde vrucht, zo groot als een kleine walnoot, die in de bomen hangt. Die worden uitgehold, beschilderd en aan een sleutelhanger vastgemaakt.
Hij vraagt waar wij vandaan komen, wij vragen waar hij vandaan komt. Uit Loco. Uit Kampung Loco, hierachter? Ja echt. Als we vertellen dat we heel wat mensen in Loco kennen, maar hem nog niet, weet hij direct dat wij die mensen zijn van het uitstapje naar de watervallen. Wereldberoemd zijn we hier op Lombok!
We besluiten hem maar van een paar sleutelhangers te verlossen, die passen nog wel ergens in onze koffers, genieten nog even van de rust op het strand en lopen, aangezien de sportievelingen uit Loco vast niet meer komen, terug naar het hotel. Het begint donker te worden, en de heren zullen nu inmiddels wel bijna terug zijn.

Bij de weg komen we Adi tegen. Die vertelt ons dat hij Peter en Tom net zag rijden. De auto staat nog niet op de parkeerplaats, dus zullen ze wel bij Lombok Dive zijn, spullen uitladen en zo.
Als we nog even staan te kletsen, komen Peter en Tom eraan. Ze hadden Theo bij het hotel afgezet, en zijn toen nog even met Mohni mee geweest.
Ze hadden een geweldige duik-dag gehad. Gili Lampu is niet zo groot, je vindt er geen toeristen (alleen vandaag een paar), en het koraal was supermooi.
En als ze dan ook nog een paar hele mooie schelpen laten zien, zo op het strand gevonden, denk ik dat we de volgende keer ook maar meegaan naar Gili Lampu!

Als de heren een beetje opgefrist zijn, gaan we met familie Coenders uit eten. We gaan naar Papaya. Daar hebben we nog nooit gegeten, wel af en toe wat gedronken. Het duurt even voor de bestelling van 10 personen goed is overgekomen, maar dat maakt niet uit. We hebben leuk gezelschap, en een aardig bandje op de achtergrond. Dan duurt het ook nog even voor alle bestellingen op tafel komen. Zoals hier niet ongebruikelijk, komen de voorgerechten niet altijd voor de hoofdgerechten. Maar goed, moet kunnen. Anique en ik hebben nasi goreng besteld. Die is heel lekker, maar ook heel pittig. Zo pittig dat Anique het na een paar happen voor gezien houdt. Ik eet netjes mijn bord leeg, want de nasi is wel erg lekker, dan maar een glaasje extra drinken erbij.
Als iedereen klaar is met eten, en Tom bijna in slaap valt, stappen we weer op.
We wandelen nog even naar Lombok Dive, er moesten nog wat duik-logboeken worden ingevuld en afgestempeld. Dan is het een mooie tijd om naar bed te gaan.
Nu tellen de dagen wel erg snel af, over een week zijn we al weer in Nederland…

 

Donderdag 31 juli

Dit wordt weer onze laatste dag in Senggigi. Een dag van afscheid nemen, en buiten dat ook nog een drukke dag.
Allereerst nemen we in de ochtend afscheid van familie Coenders. Zij gaan weer terug naar Bali, van daaruit naar Nederland. Over een paar weken zien we elkaar daar wel weer. Ze komen vragen of we wat spullen kunnen gebruiken voor Kampung Loco, kleding, handdoeken etc. Natuurlijk, die zijn altijd welkom daar. Kunnen we de spullen straks direct gaan brengen, zelf hebben we ook nog wat liggen wat we niet meer mee terug nemen naar Nederland. Hebben we weer wat extra ruimte voor souvenirs!

Als familie Coenders is vertrokken, lopen we direct door naar Kampung Loco. Bij Adi en Mariam op bezoek. We geven de spullen af, ook nog een hele stapel pennen die bij de huisartsenpraktijk in Meerlo zijn verzameld, die mag Adi in het huis van Joep en Marijke bij de voorraad schoolmaterialen leggen. Dan nog een stapel boeken die we zelf uithebben of waar nog niet aan toe zijn gekomen, mogen ook naar Joep en Marijke. Kunnen ze een bibliotheek gaan beginnen voor Nederlandse vakantiegasten in Loco, of gewoon lekker zelf lezen.

Als Mariam ons allemaal heeft voorzien van een lekker kopje thee en kroepoek, kletsen we nog wat, en moeten we nog wat zaken doen met Adi. Tom, Anique en ik kunnen nog wel een horloge gebruiken. Peter heeft de afgelopen jaren al zoveel gekocht, en ze doen het nog prima, dus die hoeft niet meer. Het valt niet mee, kiezen uit zo’n groot assortiment. Maar het lukt. Alle drie zijn we weer voorzien. De horloges voor Tom en Anique worden op maat gemaakt.

Dan komt het moeilijkste deel. Hoeveel kost het?
Op dit moment krijgt Adi altijd buikpijn. Om vrienden geld te vragen is heel moeilijk, dus moeten we zelf maar een prijs bedenken. Lastig!
Als we eruit zijn, nemen we afscheid, nog niet echt, maandag komen we nog even terug naar de Kampung, maar het voelt al helemaal niet leuk. Dat is het nadeel van vrienden die zover weg wonen.

Als we teruglopen, komen we langs het huis van Sareah. Ze is thuis, Boung is werken.
We proberen uit te leggen dat we vanmiddag nog even langs komen om afscheid te nemen, dan zijn Boung en de kinderen er ook.
Maar ja, mijn Indonesisch is nog steeds niet super, ik zeg iets van “We gaan vanmiddag weg”, in plaats van “We komen vanmiddag terug”.
Sareah kijkt heel verschrikt, en begint te vragen hoe laat, dan zie ik de fout in, en kunnen we duidelijk maken dat we vanmiddag naar Sareah komen, als Boung en de kinderen er zijn. He he, lastig zo’n taalbarrière.

Dan gaan we terug naar Graha. We hebben lang zitten denken wat we voor het personeel van Graha zouden kunnen doen. Iedereen iets toestoppen is moeilijk, er werken zoveel mensen, in verschillende ploegen, dat wordt lastig. Een gezamenlijke fooienpot hebben ze niet, en om iemand geld te geven om te verdelen weten we ook niet, het is de vraag wie er dan wat krijgt.
Wat hier altijd leuk en nuttig is om te geven zijn schrijfwaren, schriften, pennen enzo. Die kan iedereen gebruiken, veel mensen hebben schoolgaande kinderen in de familie.
Dus besluiten we een paar stapels schriftjes en pennen te kopen. Die mogen ze dan zelf verdelen. Op hoop van zegen…
Maar de schriftenvoorraad in de supermarkt van Senggigi hebben we de afgelopen weken al helemaal opgekocht. We zullen dus wel even naar Mataram moeten gaan.
Eerst eten we snel een hapje bij het hotel. We hebben nog een paar leuke pennen en sleutelhangertjes op de kamer liggen. Die geven we aan de ober bij Graha, een klein vrolijk mannetje, hij is Hindoe en woont met zijn gezin op de berg bij Kampung Loco.
Hij is heel blij met de spullen, zijn kinderen waren vorig jaar ook zo blij met de pen en ballonnetjes die ze van ons hadden gekregen!

Na het eten rijden we naar Mataram. Eerst gaan we even naar Mataram Mall, het dure luxe winkelcentrum. Niet voor de schriftjes, die zijn hier veel te duur, maar voor wat kantoorartikelen voor Mohni.
Duiken kan hij prima, maar een beetje kantoor-organisatie kan hij wel gebruiken.
We kopen een paar ordners, perforator, nietmachine, en zoeken tabbladen. Alles te vinden hier, maar geen tabbladen. Vragen aan het personeel is een optie, maar leg eens in het Indonesisch uit wat je nodig hebt. Dus lopen we alle rijen kantoorartikelen een paar keer door. Maar nee, echt niets wat ook maar lijkt op tabbladen.
Dan moeten we maar creatief worden met knippen en plakken, maken we ze gewoon zelf!
Na Mataram Mall gaan we richting Cakra markt, het gezellige centrum, daar staan langs de straat verschillende kraampjes met schriften enzo.
Nu hebben we 100 schriftjes nodig. Maak dat een verkoper eens duidelijk. En natuurlijk een goede prijs voor de 100 schriftjes. Beetje kwantumkorting moet er wel in zitten.
Daar komen we uit, dan willen we nog 100 pennen. Dat kan, de verkoper komt aan met een doosje met 6 gelpennen. Dat is wel erg veel luxe, maar hij heeft blijkbaar niets anders. Als we de prijs vragen, valt dat niet tegen. Maar dan blijkt het de prijs van 1 pen te zijn, niet het hele doosje. Tja, dan weet ik in Nederland nog wel adressen waar de pennen goedkoper zijn. Die vallen dus af.
De verkoper begrijpt er niets van,het zijn hele mooie pennen. Klopt, maar we willen 100 van die pennen, dat wordt een beetje duur. Misschien heeft hij potloden. Pencils? Een buurman-verkoper begrijpt het, denken we. De verkoper sprint weg, wij moeten even wachten. Een paar minuten later komt hij buiten adem terug, met een doosje vol puntenslijpers. Helaas, daar hebben we niets aan.
Als hij aan puntenslijpers kan komen, zouden potloden toch ook moeten lukken, maar hij heeft blijkbaar genoeg van ons. Ook goed, we kopen de schriftjes en zoeken zelf wel verder.
Als we langs de winkeltjes en kraampjes lopen, zien we de vorige verkoper langslopen, met het doosje slijpers. Dat gaat vast terug naar de winkel waar het vandaan komt, en daar hebben ze hoogstwaarschijnlijk ook potloden. We volgen hem en komen bij een echt kantoorartikelenwinkeltje uit. Klein, rommelig, stoffig en heel erg vol. Maar we zien al allerlei potloden liggen. Nu moeten we alleen nog uit zien te vinden wat ze kosten. En dat is lastig. De potloden zitten per 20 stuks in een zakje. We willen er 100 hebben. Niet 100 zakjes, 100 potloden. Na veel over en weer geschuif van de rekenmachine waarop de prijs en dan ons tegenbod wordt ingetoetst, krijgen we eindelijk een mooie prijs voor 100 potloden. We hebben alles bij elkaar. Dat viel niet mee!

We rijden rustig terug naar Graha. Als we daar aankomen geven we de schriftjes en potloden af bij de receptie. Daar zijn ze er heel blij mee. We leggen uit dat het voor al het personeel is, er worden wat andere mensen bijgeroepen, iedereen loopt met een stapeltje spullen weg. Hoeveel verder de spullen nog zijn verdeeld is ons niet bekend.
Misschien volgende keer toch maar iedereen persoonlijk iets geven?

Als we weer op onze kamer zijn, gaan Peter en Anique een duik in het zwembad nemen.
Ik ga me bezighouden met de knutselcursus alfabet-tabbladen maken. Tom gaat op de laptop even verder met de standaard-formulieren die hij voor Mohni heeft ontworpen, klantenformulieren, met gegevens over kleding/schoenmaten, materialen, afspraken, prijzen etc en een duidelijk weekplanningsformulier.

Als we daarmee klaar zijn, is het tijd om naar Kampung Loco te gaan, anders denkt Sareah nog dat we echt al vertrokken zijn.
We nemen de laptop mee, die hebben we hier niet meer nodig, en nog wat kleine dingetjes voor Daan en Nurul. Voor allebei een leesboekje, een siervlinder op een stokje (die vonden ze zo mooi toen Ani en Nur die afgelopen maandag kregen) en voor Nurul nog wat kleren die Anique bijna te klein zijn.
We worden al verwacht. Binnen no-time staat de thee op de bruka, met een bak kroepoek en een bak popcorn. Als we de foto’s van het uitstapje laten zien, die hebben we op de laptop gezet, blijft iedereen die langsloopt staan. Dit vinden ze geweldig. Zichzelf zien op een computer! Er wordt heel wat afgelachen.

We praten wat met Nur, Ani en Daan. 3 Pubermeiden die allemaal naar Highschool gaan. Het blijft moeilijk om een beeld te krijgen wat ze precies op school leren. Voorzover we begrepen hebben, volgen Ani en Daan een iets hogere opleiding. Maar Nur, die de vlotste babbel heeft in vreemde talen, zegt ineens iets in het Duits. We vragen of ze dat van Boung heeft geleerd, die hoort bij Martin uit Zwitserland misschien wel eens wat Duits. Maar nee, ze krijgt Duitse les op school. En Frans en Engels, natuurlijk ook Arabisch en Indonesisch. Dat vinden we merkwaardig. Duits en Frans. Heel erg veel zullen ze er niet van opsteken, want ze krijgt die talen maar een paar maanden. Ze haalt haar schriftjes erbij, en daar zien we inderdaad het beginners-Duits en Frans, zoiets als in Nederland op de brugklas. Dat is best pittig, zeker voor iemand uit Indonesië. Dan blijkt dat Daan en Ani in het volgende schooljaar ook Duits en Frans krijgen. Het is een onderdeel wat hoort bij het vak toerisme. Op zich zit er wel wat in, maar ik denk dat het toch meer zin heeft om de tijd die erin wordt gestoken bij de Engelse les te voegen. Daar kun je hier toch net iets meer mee dan met Frans en Duits.

Nur in haar school sport uniform

Het is inmiddels druk geworden op en om de bruka. Kartini komt weer eens gezellig naast mij zitten met haar baby-nichtje (die het altijd op een krijsen zet als ze mij ziet).
Nu twijfelt het meisje even, zal ik gaan huilen of niet. Ze houdt zich sterk, een lachje kan er echt nog niet vanaf, maar huilen is het ook niet. Na een paar weken toch gewend aan dat gekke witte gezicht! En dat net nu we bijna naar huis gaan…
Ook de moeder van Daan, met baby Sara komt langs en nog een andere vrouw met baby. Zo te zien heeft Proyek Kampung Loco over een paar jaren weer wat nieuwe sponsors nodig.
Eful is er ook bij komen zitten. Hij vertelt dat het hotel in de Kampung, Bumi Aditya, te koop staat. Of we het even willen zien?

Ja, waarom niet, niet dat we direct plannen hebben om hier een hotel te kopen, maar je weet maar nooit.
Het hotel heeft een stuk of 10 kamers, in leuke huisjes. Dan is er nog een groot nieuw gebouw met hotelkamers, gebouwd, dak erop, maar nooit afgewerkt. Er is een receptie/ontbijtgebouw, een heel mooi groot zwembad met poolbar, en een restaurant wat betere tijden heeft gekend. Het hele hotel trouwens. Aditya liep prima, vandaar de uitbreiding met nieuwe kamers die tegen een berg liggen. Helaas is het toerisme op Lombok toen ingestort. De nieuwbouw is nooit klaargekomen, het restaurant is letterlijk ingestort, het zwembad staat al jaren leeg en in de bestaande huisjes komen heel af en toe een keer gasten.
Zonde, het ziet er best mooi uit, natuurlijk heel wat achterstallig onderhoud, maar hier is echt iets van te maken. Zeker voor de prijs die je ervoor moet betalen. Daar heb je in Nederland nog geen gewoon huis voor.
In principe koop je de grond, de gebouwen krijg je er gratis bij. Er zit een hele lap grond bij, die doorloopt tot boven op de berg. Van daaruit moet je een formidabel uitzicht hebben! Helaas gaat het met het toerisme in Lombok nog steeds heel slecht. En of dit ooit weer een goedlopend rendabel hotel kan worden betwijfelen we. Daarvoor staan hier in de buurt te veel van dit soort hotels te koop. Nee, we gaan vandaag toch maar geen hotel meer kopen, maar even dromen mag natuurlijk wel…

Dan is het weer tijd om op te stappen. We komen maandagochtend nog even terug, maar dan zijn de kinderen er niet. Dus moeten we nu al afscheid gaan nemen van Daan, Nurul en de andere kinderen. En dat is niet leuk, konden we dit maar overslaan, maar ja dat gaat niet.
Met tranen in de ogen geef ik Daan een dikke knuffel, die barst spontaan in tranen uit, de stemming is gezet. Boung kan er nog mee lachen; “Marijke huilt ook altijd”.
Dan nog een knuffel voor Nurul, die nu nog stiller is dan anders.
Dit vind ik de meest ellendige momenten van de vakantie. Afscheid nemen voor weer een heel jaar. In de paar weken dat we hier zijn is het zo vertrouwd, alsof we hier al jaren rondlopen, dat gevoel wordt elk jaar sterker, elk jaar leer je de mensen beter kennen, trek je meer met ze op, en dan ineens zie je ze weer 11 maanden niet. Maar het is niet anders, het hoort erbij, naar Lombok vlieg je niet eventjes op en neer, daarvoor is het net iets te ver en te duur. We zeggen de rest van de kinderen nog gedag, en lopen terug naar Graha.

Daan, Daans moeder en zusje, en Nurul

Daar komen nog een paar personeelsleden afscheid van ons nemen, we zijn er morgenochtend nog wel, maar degenen die in de middagploeg werken, zijn er dan nog niet. Aardig dat ze daar aan denken! Er zegt zelfs iemand bedankt voor de schriftjes, zijn ze toch nog een beetje verspreid aangekomen.

In het hotel pakken we de spullen voor Mohni bij elkaar. Dan wandelen we naar Senggigi. Eerst maar bij Mohni kijken, en hopen dat het daar een beetje rustig is, dan kunnen we hem uitleggen hoe de formulieren werken enzo. Maar rustig is het niet.
Chaotisch en druk. Zoals meestal in de avond, spullen komen terug, moeten schoongemaakt, gecontroleerd, en weer nieuwe spullen moeten voor de volgende dag klaargezet worden, dan komen er nog wat mensen die afspraken hebben, nieuwe klanten, mensen die informatie willen, en dat allemaal in dat kleine kantoortje.
Aangezien de printer hier het niet doet (waarschijnlijk zo lang niet gebruikt dat de inkt is opgedroogd) gaat Peter aan de overkant bij het internetcafé een stapeltje formulieren printen.
Als dat gelukt is, probeert Tom Hamdi alvast uit te leggen wat de bedoeling is van de ordner met tab-bladen en formulieren. Hamdi ziet er het voordeel wel van in. Nu is hij steeds alle losse briefjes kwijt met klantgegevens, moet hij weer navragen welke maten ze hebben etc. Als dit netjes wordt bijgehouden, hoeft dat dus niet meer. Hamdi geeft het goede voorbeeld en gaat direct wat formulieren invullen. Die komt er wel, nu de rest van het personeel nog overtuigen!

Spannend zo’n computer!

Mohni heeft een minder leuk bericht, hij heeft bericht gehad dat het huurcontract voor zijn pand waarschijnlijk niet wordt verlengd. Dat is jammer, hij zit hier centraal, midden in het uitgaanscentrumpje van Senggigi. Aan de andere kant is de ruimte gewoon te klein. Hoe je het ook indeelt, het blijft vol en rommelig. Hij heeft wel wat andere panden op het oog, maar die hebben allemaal wel wat haken en ogen. Te ver uit het centrum, te ver van de weg, te duur of gewoon leegstaand maar niet te huur. Het valt niet mee.
De drukte in het kantoortje neemt nog niet af, wij gaan eerst een hapje eten, wippen daarna nog wel even binnen.
Dit wordt dan onze laatste Cak Poer van deze vakantie. Weer iets wat we het komende jaar zeker gaan missen!
Na de lekkere maaltijd zijn ze bij Lombok Dive nog steeds druk bezig.
We spreken af dat we morgen voor we naar Sekotong gaan nog wel even binnenwandelen, kunnen we dan concrete afspraken maken over de duikdag in Sekotong. Daar willen de heren zaterdag nog eens de onderwaterwereld gaan bekijken.
Voor ons is het nu tijd om naar het hotel en naar bed te gaan. De laatste nacht in onze leuke kamertjes bij Graha…

 

Vriijdag 1 augustus

We gaan eerst maar eens ontbijten, dan de rest van onze spullen inpakken.
Nadat we van iedereen bij Graha afscheid hebben genomen, moeten we nog even Senggigi in. De auto nemen we maar mee, anders moeten we zo weer terug komen, en nogmaals iedereen een handje gaan geven. Dan komen we hier nooit weg!
We parkeren de auto bij het internetcafé. Sturen Joep en Marijke nog snel even een laatste mailtje vanuit Senggigi. Dan een kopje koffie drinken en even naar Lombok Dive.
We spreken met Mohni af dat hij ons zaterdag rond 11 uur met een boot ophaalt bij het hotel in Sekotong. Er komen waarschijnlijk nog meer duikers mee.
Ik duik snel even een souvenirwinkeltje in (soms vind ik duiken wél leuk), daar heb ik nog hele mooie kettingen gezien. Ze hebben er heel veel, allemaal verschillend. Moeilijk kiezen, maar ik kom eruit. Een mooi parelmoerachtige hanger, met een zilveren randje. Helaas met een lelijk koordje, terwijl andere hangers een mooiere ketting hebben.
Even onderhandelen dus. Dat lukt, heb ik weer een goede bijdrage geleverd aan de plaatstelijke handel.
Intussen komt onze jonge verkoopvriend nog een praatje maken. Misschien dat hij toch nog ooit terug gaat naar school. Ja, zal wel, maar daar geloven wij niet in. Het zou heel mooi zijn, maar klinkt niet erg geloofwaardig. Een jongen van een jaar of 14 die al zo lang niet naar school is geweest en de hele dag op straat rondhangt, en de laatste dagen wel erg veel op de snelle brommer van grote broer rondtoert, krijg je vast niet meer in de schoolbanken. Maar het blijft een schattig jochie!
Ook van hem nemen we afscheid, hoewel de kans redelijk groot is dat we hem maandag nog wel een keer tegenkomen. Dat is het voordeel van mensen die de hele dag op straat rondhangen, op zoek naar toeristen.

We pikken onze auto weer op en rijden naar Sekotong. Op naar Bola Bola Paradis. Klinkt in elk geval heel paradijselijk!
Vorig jaar zijn we ook naar Sekotong geweest, dus de weg hebben we al een keer gezien. Het is vrijdag rond de middag, een mooi tijdstip om te rijden, want de meeste mensen zijn dan thuis of bij de moskee. De mannen tenminste, of de vrouwen ook naar de moskee gaan weten we niet, we zien ze er in elk geval nooit.

Het is dus niet druk op de weg. Een groot deel van de weg, tot aan de haven bij Lembar, is best wel goed. Na Lembar wordt de weg een stuk slechter.
Smal, slecht wegdek, en zo af en toe is de weg weg. Het wegdek tenminste, weggeregend, weggehaald, geen idee. Dan rijden we maar een stuk door het zand tot het wegdek weer goed ligt. Echt doorrijden lukt dus niet.
Maar dat geeft niet, hebben we des te meer tijd om van de omgeving te genieten. En die is hier best mooi. De hele weg loopt langs de kust. Die is afwisselend, stukken met mangroveplanten, witte zandstrandjes, bergen, gebieden met zoutwinning, van alles door elkaar.
Toeristen kom je hier vrijwel niet tegen. Nog wel wat in Taun. Van daaruit kun je met kleine vissersbootjes oversteken naar o.a. de eilandjes Nanggu en Sudak, wat wij vorig jaar ook hebben gedaan. Maar voorbij Taun zien we voorlopig geen toeristen meer.
Hier zijn we ook nog niet eerder geweest.
In deze omgeving zijn weer veel van het soort steen”fabriekjes” die we vorig jaar in Bali hebben bezocht. Klei wordt uitgegraven, in mallen tot baksteen gevormd, luchtig opgestapeld met open ruimtes in het midden. Die ruimtes worden later opgevuld met zaagsel en kokosvezel. Dit wordt aangestookt, blijft een hele tijd branden/smeulen, waardoor de stenen worden gebakken. Overal langs de weg zien we stapels stenen staan. Dat verklaart waarschijnlijk ook waarom er toch nog wel wat stenen staan, terwijl het gebied er verder heel erg arm uitziet.

Overal zien we nu groepjes mannen met tapijtjes lopen. Op weg naar de moskee voor het vrijdaggebed. Elk dorpje heeft wel een moskee. Meestal een redelijk open ruimte, blinkend witte vloertegels. Zelden zien we een moskee die af is, meestal wordt er nog druk aan gebouwd. Waarschijnlijk gaat het overal als in Loco. Als er weer geld is, bouwen ze verder.

Na zo’n 2 uur rijden komen we aan op de plaats van bestemming. We parkeren de auto en komen binnen in een hele grote hal met receptie, restaurant met open keuken, bar en zithoeken. Best wel modern ingericht, mooi vijvertje in het midden, ziet er geweldig uit. We zijn benieuwd naar de rest van het hotel!
We worden door het personeel ontvangen met een welkomstdrankje. Intussen worden onze spullen naar de kamers gebracht. Die liggen aan de zijkant van de grote hal. De kamers zijn erg ruim, licht en hebben een mooi uitzicht op zee. De badkamer ziet er netjes uit, helaas geen warm water, maar daar valt mee te leven. Een frisse douche is hier ook niet slecht. Wat we wel missen is een deur tussen de kamer en de badkamer. Of op zijn minst een gordijn of iets. Een beetje privacy op badkamer/toilet vinden we geen overbodige luxe.

We pakken onze spullen uit en gaan de tuin verkennen. Een groot grasveld, waar nog wat gebouwtjes met hotelkamers staan, leidt naar de zee. Het strand is vrij smal, het zand een beetje wad-achtig. Met hoog water staat de zee tot aan het muurtje, bij eb kun je heel ver lopen/soppen. Geen mooi lig-strand. Maar wel mooie ligstoelen op het grasveld!
Het is blijkbaar rustig in het hotel, andere gasten zien we niet.
In de middag gaan Peter en ik een stukje wandelen. De kinderen gaan met een boekje op het terras zitten. Wij wandelen over het strand naar het westen. Je zit hier in een soort grote baai, je hebt geen zee-idee, het lijkt alsof je aan een groot meer zit, zeker door de eilandjes die voor de kust liggen en het ontbreken van een branding.

Wat ons opvalt, is dat we hier geen contact krijgen met de lokale bevolking. Anders dan bijvoorbeeld in Amed, Bali, waar de situatie hier toch een beetje op lijkt. Alleen een groepje kinderen komt op het strand naar ons kijken, maar als ze zien dat in het tasje wat ik bij me heb alleen een paar schelpjes zitten en een fototoestel, willen ze wel even op de foto, daarna zijn ze zo weer vertrokken. Hadden we toch nog wat ballonnetjes moeten hebben!

Als we weer terugkomen in het hotel, eten we een hapje en gaan dan even lekker op het terrasje zitten. Inmiddels zijn er nog wat andere gasten opgedoken. Een groep jonge surfers. En best wel een luidruchtige groep. Ze hangen in de zithoek van de grote hal, die grenst aan onze kamers, en hebben zo te horen grote lol. Wij iets minder, rustig een boekje lezen zit er zo niet bij.
Dan gaan we maar een stukje over het strand lopen, nu de andere kant op. Fototoestel mee, want de zon gaat zo onder. Tom leeft zich helemaal uit met de camera. De zonsondergang is hier super!

Als we terug zijn in het hotel, gaan we weer wat eten, jammer dat je hier in de buurt geen andere restaurants of iets hebt, het eten smaakt goed, maar je zit hier wel 3 keer per dag in hetzelfde restaurant. Als we zitten te eten, komt er nog een groep surfers terug. Een stuk verder naar het westen zit een mooie surflocatie en veel keuze aan hotels heb je hier niet. We hopen maar dat ze flink moe zijn en vanavond snel naar hun kamers gaan, anders zal er van onze nachtrust niet veel terecht komen. ’s Avonds krijgen we nog een sms van Debbie. Waarschijnlijk komt ze morgen met Mohni mee. Gezellig!
We spelen nog een spelletje kaart op ons terras en gaan dan naar bed. Hopen dat de grote hal snel leegloopt…

 

Zaterdag 2 augustus

Het viel mee vannacht. We hebben goed geslapen. Het werd vrij snel rustig in de hal.
Als we gaan ontbijten is het er weer rustig. Waarschijnlijk ligt iedereen nog in bed, of is iedereen al vertrokken.
Na het ontbijt hebben we nog even, Mohni zou pas rond elf uur komen. Even na 10 uur wandelen Tom en ik naar het water. Het is vloed, en de zee staat tot aan het muurtje. In de verte komt een bootje aan. Maar er zit geen Mohni in, alleen een schipper. Hij legt wel bij het hotel aan, zal wel voor andere gasten zijn. Wij gaan nog even lekker op ons terrasje zitten. Ik haal mijn naaisetje tevoorschijn. Mijn favoriete sarong begint ernstige slijtageplekken te vertonen. Vast geen echte Lombok-kwaliteit (kan ook kloppen, want ik heb hem in Bali gekocht, en eigenlijk was het geen sarong maar een grote sjaal).
Ik probeer er nog maar wat van te maken.
Een jongen van het hotel loopt langs en kijkt heel geïnteresseerd. Hij begint een praatje, als hij weer wegloopt, vraagt hij of we vandaag weggaan. Ja, naar Gili Rengit. Dan ligt jullie boot daar te wachten. Daar ligt inderdaad nog steeds een boot, maar zonder Mohni. Ik leg uit dat we door iemand van Lombok Dive worden opgehaald, rond 11 uur, met een bootje. Dan weten we het samen ook niet meer.
Even later proberen we Mohni maar eens te bellen, kan hij misschien uitleggen waar hij zit, en of dit onze boot is. Helaas is in dit gebied de ontvangst van mobiele telefoons erg slecht. We krijgen hem niet te pakken. Dan probeert iemand van het hotel het met de vaste telefoon. Op dat moment rijdt er een auto het terrein op. Met Mohni, Adi (één van de jongens die bij Mohni werkt), Debbie en nog 2 duikgasten.
Ze zijn vanochtend vanuit Senggigi vertrokken. Onderweg hebben ze wat duikspullen opgehaald in Taun. We dachten dat ze daar ook een bootje zouden nemen, maar de boot kwam dus ergens anders vandaan.

We pakken snel onze spullen, de auto wordt leeggehaald, dat is altijd een heel gesjouw, flessen, pakken, andere apparatuur, water.
Als alles in de boot zit, wij ook, varen we naar Gili Rengit.

Daar duiken 5 personen het water in. Wij (Anique, Debbie en ik) mogen snorkelen als we dat willen. Ikke niet, Anique twijfelt, maar als ze in het water een paar grote en heel veel kleine kwallen ziet, hoeft het voor haar ook niet meer.
Dan kletsen we gezellig bij met Debbie!
Als een uurtje later iedereen weer veilig in de boot zit, varen we een stuk door, naar Gili Sudak. Mijn favoriete eilandje van vorig jaar.
Wit strand, blauwe zee, hele mooie schelpen, zo’n 50 inwoners, geen elektra, geen verkeer, heel paradijselijk. En er staat een restaurantje. Niet voor de 50 inwoners, meer voor de duikers en snorkelaars. Niet dat die er zoveel zijn, maar de meeste schippers die hier met gasten in de buurt komen, leggen hier aan voor de lunch. Enerzijds omdat het restaurantje volledig door lokale mensen wordt gerund, anderzijds omdat ze zelf hier gratis kunnen eten. En vast ook omdat dit zo’n mooi eilandje is, en de kok zo lekker kookt. Ik vertel Debbie het verhaal van vorig jaar. Toen kregen we een uitgebreide menukaart. Ik bestelde een meloensap, stond op de kaart. Dat kon niet, er is geen elektriciteit. Een storing dacht ik, maar later bleek dat op het hele eiland geen elektriciteit is. En dan werkt een blender of sapcentrifuge natuurlijk niet zo goed. Maar waarom al die lekkere sapjes dan op de kaart staan?


We moeten dan ook lachen als we nu weer een kaart krijgen met heel veel sapjes.
Voor de grap proberen we het toch nog eens, maar helaas, de sapjes kunnen ze niet maken, ze hebben (nog steeds) geen elektriciteit en nog steeds geen andere kaart. Dan maar cola en water!
Het eten komt in etappes, waarschijnlijk hebben ze ook niet zoveel pannen, maar dat maakt niet uit, we zitten hier heerlijk!

Na het eten vertrekken we weer direct, jammer, hier hadden we nog wel even willen blijven, maar de duikers hebben andere plannen.
Morgen willen we zelf terugkomen naar deze eilandjes, dan met een bootje vanuit Taun. Verder is hier in de buurt niet zo heel veel te zien. Je kunt hier niet echt het binnenland in. Misschien dat we in de ochtend eerst iets verder naar het westen rijden, even kijken bij de surfers, daarna terug naar Taun. We zien wel.
Nu varen we naar een plek tussen Gili Nanggu en het vasteland. Daar springen ze weer in het water. Wij genieten van de rust.
Na de duik varen we rustig terug naar ons hotel. Rond half 6 komen we daar aan. Wij hoeven dan niet meer verder, maar de rest moet dan nog een paar uur in de auto, terug naar Senggigi.
Het valt nu niet mee om aan de kant te komen. Het is eb, en zonder water kan de boot niet verder komen.
Dus moeten we een heel stuk lopen. Eerst door ondiep water met wat stenen en glibberige planten. Daarna over een wadachtig stuk. En dat met alle duikuitrustingen. Dat valt niet mee, zonder utrusting vind ik het al lastig genoeg. Mijn schoenen zuigen steeds vast in de modder, zonder schoenen lijkt me niet verstandig met het oog op de zee-egels die we gisteren op het strand zagen.

Als alle bagage weer in de auto ligt, nemen we afscheid van Debbie, waarschijnlijk zien we haar niet meer terug voor we in Nederland zijn. Met Mohni spreken we af dat we maandagochtend nog even langskomen.
Dan wordt het weer rustig in het hotel. We frissen ons een beetje op, en gaan dan eten. Nasi goreng, lekker! Na het eten gaan we weer terug naar onze kamers. Kaarten nog wat, bedenken wat we morgen gaan doen, gaan dan naar bed.

 

Zondag 3 augustus

Van slapen is vannacht niet zo veel gekomen. De andere gasten waren gisteravond wel erg luidruchtig, en bleven lang in de hal zitten. Dat is een nadeel van de kamers waar we zitten. Alles wat in de grote hal gebeurt, klinkt hier heel hard door.
Daarna waren midden in de nacht buiten vlak bij onze kamers een paar honden een hele oorlog uit aan het vechten. Ook niet iets waar je doorheen slaapt.

Als we aan het ontbijt zitten, bedenken we wat we vandaag gaan doen.
De eilandjes waar we gisteren waren, zijn heel erg leuk. Maar dan zitten we vanavond weer hier, en het is hier zo stil (als je de andere gasten buiten beschouwing laat). Het hotel is mooi, maar in de omgeving is niet veel. En wij zijn gewend om juist niet veel in het hotel te zitten, maar lekker erbuiten, omgaan met de lokale bevolking, beetje wandelen, ergens wat drinken. Dat lukt hier niet zo. Dus eigenlijk gaan we het liefste lekker terug naar Senggigi. Om de laatste echte dag van onze vakantie hier maar een beetje te zitten vinden we ook zonde.
Dus rekenen we de kamers af, pakken onze spullen en stappen in de auto.
Op naar Senggigi.

Zo komen we rond 11 uur aan in Senggigi. Onderweg hebben we na zitten denken over een slaapplaats voor vannacht. We kunnen natuurlijk altijd terecht bij Graha. Maar het is maar voor één nacht. Zullen we Hotel Bumi Aditya in Kampung Loco proberen?
Waarom niet, het is vast niet duur, er is plaats genoeg, en we zitten lekker in de Kampung. Daarnaast hoeven we geen wekker te zetten, dichter bij de moskee kun je niet zitten, dus morgen worden we om 5 uur gewekt.
Ja, we zien het wel zitten een nacht echt in Kampung Loco te verblijven. En we zijn benieuwd naar de reacties als we ineens op de stoep staan.

We rijden maar direct met de auto het paadje in. Héél voorzichtig, want het pad is en blijft erg smal, hier moet je geen tegenliggers krijgen, dan moet één van de 2 een heel stuk achteruit, over een kronkelend pad naast een (droogstaand, maar toch) riviertje.
Als we veilig aan de andere kant komen parkeren we ook maar direct bij het hotel.
Er komen inderdaad veel verbaasde gezichten naar ons kijken. Jullie zouden toch maandag terug komen? Ja, maar we misten jullie zo, Sekotong was mooi, maar erg stil.
En bovenal hebben we nu tijd om rustig afscheid te nemen. Als we maandagochtend terug waren gekomen, hadden we overal snel-snel dag moeten zeggen. Dat is ook niet prettig.

De vrouw die het hotel beheert, heeft het er druk mee. We krijgen een welkomstdrankje terwijl zij de sleutels gaat pakken. Het worden 2 kamers naast elkaar, in het eerste huisje. Dat vinden we prima.
Tom en Anique ook, er zit een hele mooie grote gekko op hun kamermuur. Die hebben in elk geval gezelschap vannacht. Maar als de vrouw de kamers verder naloopt, blijkt dat er in de kamer van Tom en Anique een probleempje is met de elektriciteit. Jammer, ze nemen afscheid van de gekko en verhuizen naar een kamer in het volgende huisje. Wij mogen ook meeschuiven, maar hebben al wat spullen uitgepakt, en blijven liever zitten.

We wandelen maar weer eens Kampung Loco in. Bij Sareah zitten de kinderen op de bruka. Sareah is druk in de weer in de keuken. Ze zijn blij en verrast ons hier nu alweer te zien. Sareah wordt er helemaal vrolijk van, en vraagt of we vanmiddag plannen hebben. Nee, niet echt. Dan worden we uitgenodigd om mee te gaan naar het strand, om 4 uur.
Leuk, zeker als we horen dat Sareah dan speciaal voor ons lekkere rempejek gaat maken, kunnen we die op het strand eten. Klinkt niet verkeerd.
We kletsen nog wat met de dames, kijken dan even in de keuken hoe het gaat met de rempejek. Respect voor Sareah, het is bloedheet in het keukentje. Zoals ik al eerder schreef een donker rokerig hok. Ze is nogal wat van plan, er ligt al een hele berg gebakken rempejek, en ze heeft nog een hele kom beslag staan. En het ruikt heerlijk.
Ik kijk even de kunst af, ik neem me altijd voor dat thuis dan ook eens te gaan proberen, maar meestal komt dat er niet van. Als ik dan eens iets probeer, smaakt het altijd stukken minder lekker dan hier. Zal wel aan mij liggen (of aan de omgeving waar je het eet).
Of misschien wel aan de keuken, misschien moet ik ook eens in een donker hok een paar stenen opstapelen, hout eronder aansteken, wok erop zetten, olie erin en bakken maar. Ik moet er eerlijk gezegd niet aan denken, maar hier is dat heel gewoon. Je blijft je verbazen als je ziet hoe de mensen leven in Lombok.

een vage foto, maar geeft wel een beeld van een Lombokse keuken

Wij wandelen terug, even een hapje eten in Senggigi.
Na het eten gaan we even naar Lombok Dive. Eigenlijk zouden we morgen afscheid van Mohni gaan nemen, maar vandaag zit hij op kantoor, dan hoeft hij morgen niet voor ons hier te blijven. Mohni is natuurlijk ook verrast om ons te zien, maar hij wil toch graag morgen pas echt afscheid nemen, want hij heeft nog wat cadeautjes voor ons.
We wandelen terug over het strand. Daar is het weer hartstikke druk, het is zondag, dus zijn er weer veel mensen uit Lombok die lekker op het strand zitten te eten en drinken.
We drinken nog iets bij de mensen uit Loco die van alles verkopen op de punt bij Senggigi Beach hotel. Helaas is het er niet meer van gekomen om bij hen thuis langs te gaan. Dan hier maar een drankje.

We moeten even opschieten, bijna 4 uur. Maar we zijn net op tijd bij Sareah. Ze zit al op ons te wachten met een groot blik vol rempejek. Het blik komt ons bekend voor, daar zaten de koekjes in die we afgelopen week cadeau hebben gedaan.
Kartini gaat ook mee naar het strand, Boung kan niet, iemand moet op de winkel passen.
Uiteraard gaat er een hele groep kinderen mee, Daan Ani, Nur, Anna, Nurul en nog een paar anderen.
We wandelen naar het strand over een pad waar een nieuw gebouw staat. Allemaal kleine winkelruimtes in een lang gebouw.
Hier zouden de eetstalletjes en kraampjes naar toe moeten, die i.v.m. met de uitstraling van Senggigi niet meer aan de straat mochten staan. Nu zouden ze dus naar deze plek moeten, tussen de straat en het strand in. Volgens Kartini staan de gebouwen er al een hele tijd, maar nog niet één winkeltje is in gebruik. Ze verwachten ook niet dat, dat nog gaat gebeuren, want alle stalletjes staan weer gewoon aan de hoofdweg. Wel zo gezellig. Alleen heel erg jammer dat hier nu van alles is gebouwd, hadden ze dat geld dan niet aan iets nuttigers kunnen besteden? (onderwijs, gezondheidszorg, genoeg te bedenken hier)

Als we op het strand zijn, gaan de kinderen lekker spelen. We hebben vanmiddag een mooie bal gekocht, die wordt direct in gebruik genomen. Als ze moe gebald zijn, duiken ze lekker in zee. Wat opvalt is dat er maar weinig kinderen zijn die echt kunnen zwemmen. Best gevaarlijk, want het water kan hier ineens erg diep zijn, en meestal staat er een flinke stroming.
Sareah kan wel heel goed zwemmen, en springt ook het water in. Net als de kinderen, gewoon met alle kleren aan. Zwemkleding heeft bijna niemand, en als je uit het water bent, droog je redelijk snel weer op.
Ik zit gezellig met Kartini te kletsen. Ze is voor Lombok begrippen een opvallend moderne vrouw. Werkt als lerares, studeert na schooltijd Engels en dat terwijl ze zegt dat haar man daar eigenlijk niet zo blij mee was. Een getrouwde vrouw hoort eigenlijk thuis te zitten. Maar daar trekt ze zich niet zo veel van aan, thuiszitten is niets voor haar; veel te saai!


Lekker, rempejek met zand!

Intussen komen er steeds meer mensen naar het strand. Een grote groep jongens en mannen is aan het voetballen. Een paar kokosnoten mogen voor doelpaal spelen.
Ook Boung is op het strand, blijkbaar is de winkel gesloten.
We blijven op het strand zitten tot het donker wordt. Nog één keer genieten van de mooie zonsondergang! Nu kan het nog.



Na het speel-uurtje, “moeten” we toch echt even thee komen drinken bij Boung en Sareah. Dan spreken we af dat we morgen het vervoer van Daan en Ani naar school zullen regelen. We zijn eigenlijk wel nieuwsgierig hoe hun school eruit ziet. Dan zijn wij ook op tijd uit bed, we hebben morgen voor we naar het vliegveld gaan nog heel wat te doen.
We nemen weer afscheid voor de nacht en gaan naar Senggigi. Daar gaan we nogmaals afscheid nemen bij Lombok Dive. We nemen een kijkje in de nieuwe administratie-mappen. Er wordt al wat mee gewerkt, maar er zweven ook nog heel wat losse briefjes rond. Alle begin is moeilijk…
Als het ernaar uitziet dat we hier nog wel even zitten, gaan Anique en ik er even tussenuit om naar de overburen te gaan. De hele grote souvenirwinkel. Nu is hij open, morgenvroeg niet! En we weten nu ongeveer hoeveel ruimte we nog in de koffers hebben.
We leven ons helemaal uit, en komen met volle tassen terug bij LombokDive.
Dan gaan we eten. Helaas is Cak Poer er op zondag niet. Dan maar naar Angel. Ook lekker en gezellig. Als we zitten te eten, komt de jonge verkoper weer langs. We leggen uit waarom we er nu alweer zijn, en kopen nog een laatste souvenirtje bij hem.
Dan is het tijd om naar bed te gaan.
We wandelen terug naar ons hotel in Kampung Loco. Snel even kijken of toevallig de nieuwe Lombok Times er al is. Want daarin zou een artikel over het uitstapje naar de watervallen staan. Helaas, hij is nog niet klaar. Dan morgenvroeg nog maar eens proberen.
Als we bijna bij de Kampung zijn, komen we “opa Kikker” weer tegen. Op weg naar Senggigi met zijn verzameling verkoopkikkers.
Wij duiken ons bed in, zonder airco, maar wel met een hele mooie klamboe erboven.
Verdrietig omdat dit de laatste nacht in Lombok wordt, maar dolgelukkig dat we vanochtend al zijn teruggekomen naar Kampung Loco. Dit voelt als een echte bonus-extra-vakantiedag!

 

Maandag 4 augustus

Vanaf vandaag waren we niet meer zo in de stemming om vrolijke foto’s te maken, vandaar een foto-selectie van andere vakantie-dagen.

Dit worden de laatste Lombok-uurtjes, helaas.
We staan op tijd op, want we gaan Daan en Ani naar school brengen.
Dan moeten we onze spullen nog inpakken, overal afscheid nemen, en naar het vliegveld.
Volgens de laatste gegevens vliegen we om 4 uur in de middag, maar we vliegen met Merpati, dus dat kan nog een paar keer wijzigen…

Eerst maar eens bij het begin beginnen, naar Mataram, Daan en Ani wegbrengen.
Ik besluit om in Loco afscheid van Daan en Ani te nemen, dan kunnen Peter en de kinderen mee naar school en kan ik in de tussentijd onze spullen inpakken.
Als ze met de auto wegrijden, vraagt Cuk of ik een kopje thee wil. Hij zit klaar met het grote administratieboek van de middelbare scholieren. Rond deze tijd vertrekken ze allemaal naar school, en komen bij hem geld halen voor de bemo.


Tegen een kopje thee zeg ik geen nee, zeker niet zo vroeg in de ochtend, dus ga ik gezellig bij hem op het muurtje zitten. Beetje kletsen, kijken wie er allemaal naar school gaan. Gezellig.
Zo gezellig dat ik helemaal vergeet dat ik spullen in zou gaan pakken.
Als ik er weer aan denk, komen Peter, Tom en Anique al terug.
Dat schiet niet op, dan gaan we maar eerst ontbijten. We hadden de mevrouw van het hotel al uitgelegd dat we iets later komen ontbijten, ze begreep er niets van toen Peter en de kinderen vanochtend zo vroeg vertrokken. Nu zijn we er dus klaar voor, benieuwd wat voor een ontbijt we zullen krijgen. Dat valt heel erg mee, lekkere toast, boter, jam, kopje thee of sap, bordje fruit. Niets mis mee.
Na het ontbijt gaan we dan maar even allemaal samen inpakken. Is dat ook weer gebeurd.
We zoeken nog wat spullen uit die we hier kunnen laten, wat kleren, handdoeken, zaklampen, slippers, en nog een stapeltje boeken. Ik was al een paar dagen mijn zakwoordenboekje Nederlands-Indonesisch/Indonesisch-Nederlands kwijt. Totdat Peter me vertelde dat dat op de stapel boeken lag die bij Joep en Marijke terecht zijn gekomen. Dat was niet de bedoeling. Dus als we naar Adi gaan, moet ik dat boekje weer even van de stapel afhalen.

Allereerst lopen we naar Adi en Mariam. Ze zijn thuis, en we krijgen allemaal een grote kop thee en lekkere kroepoek. We geven wat spullen af, en ik vraag of Adi even wil kijken of bij de boeken die we vorige week hadden gebracht nog een woordenboek ligt. Adi wordt even stil. Ja, een woordenboek, dat zat er inderdaad bij, maar ligt niet bij Joep en Marijke. Hij vond het zelf wel interessant om wat Nederlandse woordjes te leren, dus het woordenboek ligt hier in zijn eigen huis. Dat is geen probleem, ik zeg dat hij het wel mag houden, kan hij Nederlands leren voordat Joep en Marijke weer komen, maar hij staat erop dat ik het weer meeneem.
Als we de hete thee ophebben, is het de hoogste tijd om weer te vertrekken. Om 9 uur zouden we afscheid nemen van Mohni, en we weten nog niet hoe of waar.
Met pijn in het hart nemen we afscheid van Adi en Mariam, dit wordt nog een zware dag!

Dan wandelen we terug naar het hotel. Intussen belt Mohni om te vragen of we naar zijn huis willen komen. Dat is prima, we weten ongeveer waar hij woont, ook in Kampung Loco, maar dan aan de andere kant van het riviertje. Aangezien er geen water in staat, kunnen we er wel doorheen lopen, maar er staan aan die kant wel heel veel huisjes. Dus toch maar even naar de grote weg wandelen, waar Mohni ons zal opwachten.
Via deze route zijn we de eerste keer ook naar Kampung Loco gewandeld, zo’n anderhalf jaar geleden. Toen zijn we met een andere Adi, ook een horlogeverkoper, meegelopen. Hij woont ook aan deze kant van de rivier.

De sfeer is hier heel anders. Aan deze kant wonen voornamelijk mensen in gehuurde huisjes. Vaak mensen die niet zo lang in Kampung Loco wonen. Mohni woont met zijn vrouw en dochtertje in een klein huisje. Eén kamertje en een afdakje (wat tevens dienst doet als kookplaats en terras.
Dita is net wakker, en zo vroeg op de dag nog erg rustig voor haar doen. Sofie wil al thee voor ons gaan maken, maar dat slaan we even over. We hebben al veel thee gehad vandaag, een glaasje water is ook prima. Ze hebben nog allerlei cadeautjes voor ons. Voor iedereen een mooi Lombok T-shirt. En een paar zakken kroepoek. Echte kaki ayam, kippenpoten-kroepoek. Klinkt vreemd, ziet er niet uit, maar is wel lekker. Het zijn flinke verpakkingen. 2 Zakken zijn al gebakken. 2 Zakken kroepoek zijn nog niet gebakken, en Sofie legt uit hoe we die thuis kunnen bakken in olie.

Mohni praat ons nog even bij over de laatste zaken binnen Lombok Dive. 2 Panden die hij min of meer op het oog had, vallen af. Eén pand omdat de bovenverdieping wordt gebruikt als broedplaats voor zwaluwen. De zwaluwnestjes zijn een zeer exclusieve delicatesse in China, waar onder andere soep van wordt gemaakt.
Het pand, wat dus op het oog leeg is en redelijk vervallen, levert blijkbaar nog genoeg geld op, in elk geval is het niet te huur.
Een ander pand in het centrum is inmiddels aan iemand anders verhuurd. Voorlopig is het dus nog even verder zoeken naar een geschikte locatie.
Verder loopt alles goed, soms een beetje te goed. Momenteel zijn vrijwel elke dag alle eigen materialen en uitrustingen in gebruik. Andere duikscholen hebben minder klanten (en waarschijnlijk een ruimere voorraad materialen). Mohni merkt nu dat het steeds moeilijker wordt om spullen van andere duikscholen te lenen. In het begin was iedereen bereid om hem te helpen. Nu hij drukker en drukker wordt, en de andere scholen niet, wordt hij niet direct tegengewerkt, maar de hartelijke medewerking van een tijdje geleden is er ook niet meer. Dat is jammer, maar waarschijnlijk een nare bijwerking van succes...

Het is nog even afwachten hoe lang de drukte aanhoudt, nu is het natuurlijk hoogseizoen.
Maar gelukkig kan Mohni in rustiger tijden nog altijd uitwijken naar zijn andere bron van inkomsten, coral monitoring. Daarmee hebben wij direct een verklaring voor alle scheikundige formules die we hier overal opgeschreven zien. Er zijn in de omgeving van Lombok diverse projecten waarbij in zee op metalen bouwwerken een soort elektrische spanning wordt gezet. Daardoor wordt het koraal aangespoord om sneller te groeien. En dat is niet zomaar een stekker in een stopcontact, er komt heel wat meer bij kijken. Mohni is één van de experts op dit vakgebied, en zit hier waarschijnlijk heel wat avonden op de formules te broeden.
Hij heeft een beetje dubbele gevoelens bij het werk voor de coral monitoring. Fantastisch dat het koraal in de gaten wordt gehouden, en zo nodig zelfs opknapbeurten krijgt. Maar er wordt door de overheid wel heel erg veel geld in gestoken. En dat in een land waar onder de bevolking nog zo veel armoede is.
Als we weer op moeten stappen, lopen Mohni, Sofie en Dita even met ons mee naar het hotel. En nu via de sluiproute door de rivier. Dat is inderdaad een heel stuk korter. Handig om te weten voor de volgende vakantie!
Dan is het toch echt tijd om afscheid te nemen.
Als we weer komen, zal Dita er een broertje of zusje bij hebben. Spannend!

De volgende op ons lijstje is Eful. Als het een beetje meezit, is hij thuis, Kartini en Gilang zijn op school. Als we bij zijn huis kijken, komen we een open deur tegen, maar treffen we niemand aan in huis. De zus/schoonzus van Eful komt eraan, nee, Eful is er niet. Dan zetten we de spullen die we voor hem hebben maar in huis. Eful komen we voor we vertrekken nog wel ergens tegen! Die is altijd “overal en nergens”.
We wandelen naar Boung en Sareah. Boung is even weg, Anna van school halen. Voor Boung terug is, staat de bruka alweer vol met thee (de zoveelste kop vandaag), meloen, banaantjes en nog meer lekkers. Dan komt Boung met Anna en Eful eraan. Eful vertelt dat we de afgelopen dagen nog wat Nederlandse toeristen zijn misgelopen.


In het internetcafé had hij gisteren iemand ontmoet die geïnteresseerd was in het proyek. Vandaag was hij nog een echtpaar tegengekomen dat vaker in Lombok/Loco was geweest. Ze hadden, net als voorgaande jaren, een donatie gedaan voor het proyek.
Bij deze, bedankt namens Proyek Kampung Loco!
Helaas zullen we deze mensen allemaal niet meer tegenkomen deze vakantie, want voor ons zit het er nu echt bijna op. Dus maar weer eens afscheid nemen. Nu van Boung, Sareah, Eful en Anna. Snik snik.
Boung heeft ook nog een verrassing voor ons. Een zak met lekkere kroepoek om thuis te bakken, geen kaki ayam, maar “gewone” kroepoek, maar dan wel met mooie felle kleurtjes erin. Kunnen we thuis nog een beetje de Lombok sfeer oproepen.
Dan hebben we bijna iedereen gehad. Alleen Cuk en June nog.
Vanochtend heb ik tegen Cuk gezegd dat we rond één uur vertrekken uit Senggigi.
Maar we hebben onze spullen ingepakt, alles staat al in de auto. We besluiten nu alvast te vertrekken. Kunnen we in Senggigi nog een hapje eten voor we naar het vliegveld gaan. Als we daarna de auto nog in de kampung komen ophalen, moeten we weer overal afscheid nemen, dat wordt een beetje teveel, dus gaan we nu maar afscheid nemen van Cuk en June. Maar dat is een probleem.
June vertelt dat Cuk naar de markt is, en zeker om één uur terug is, want hij wil nog afscheid van ons nemen. Dan wijzigen we onze plannen maar weer, gaan we toch maar zonder auto naar Senggigi. Weggaan zonder Cuk gedag te zeggen is ook niet zo netjes. June is gerustgesteld. Wij gaan alvast onze hotelrekening betalen.

Benieuwd hoeveel het is, want dat hebben we van te voren niet gevraagd.
Het valt wel mee. Totaal € 13,98, voor 4 personen, inclusief ontbijt en een welkomstdrankje.
Daar is niets van te zeggen. Daarvoor heb je in Nederland net een ontbijt voor één persoon, zeker niet voor vier, en al helemaal niet met twee kamers erbij.
Als we naar Senggigi wandelen, komt Cuk er net aan. Hij heeft blijkbaar snel inkopen gedaan. Dan nemen we nu maar afscheid, en gaan we voor deze vakantie definitief weg uit Kampung Loco. Helaas, maar het moet.

In een niet zo vrolijke stemming rijden we naar Senggigi. We lunchen bij Angel. Als we afrekenen zegt de serveerster al opgewekt “Tot morgen”. Als dat zou kunnen... We houden het maar bij Sampai jumpa tahun depan. Tot volgend jaar!
We wippen nog even bij Lombok Times binnen. Kijken of de nieuwe editie van augustus al klaar is. We zijn erg benieuwd naar het artikel over het uitstapje naar de watervallen. Maar helaas, nog niets. Ze beloven het artikel te mailen als het klaar is. Tot nu toe (27 augustus) hebben we niets ontvangen. Misschien volgende maand, volgend jaar???

Dan toch nog maar één allerlaatste keer, om het af te leren. Ja, afscheid nemen bij Lombok Dive. Snel kijken hoe het is op kantoor, iedereen een handje geven. We zullen ze missen!
Als we weer buiten staan, komen er weer wat kinderen uit school. We kijken uit naar Nurul, haar hebben we nog niet gedag gezegd.
Even later komt ze eraan met een paar vriendinnetjes. Snel een dikke knuffel, sampai jumpa, en dan hebben we het gehad. De “belangrijkste mensen” dag gezegd.
Maar je blijft hier dag zeggen. Ook de meeste andere kinderen die uit school komen kennen ons inmiddels. En de verkopers op straat, andere mensen die hier altijd op straat rondhangen. We gaan ze allemaal heel erg missen.

Volgende week roept er vast niemand meer Boe naar mij. Hier wel, dagelijks. Of eigenlijk Bu, afkorting van Ibu, mevrouw. En Mam wordt ik hier ook veel genoemd. En niet alleen door Tom en Anique. Peter is meestal Pak Peter, meneer Peter.
Tom is gewoon Tom, lekker gemakkelijk. Anique heeft verschillende namen, Ani, Anieks en heel soms ook wel “gewoon” Anique. Nu is het ook niet meer Sampai nanti, tot straks of sampai besok, tot morgen. Helaas, sampai tahun depan, tot volgend jaar! En dat duur nog lang… Zeker nog zo’n 11 maanden.

Dan beginnen we maar eens aan de hele lange terugreis.
Eerst naar Trac in Mataram, vlak bij het vliegveld. De auto terugbrengen.
Daar aangekomen wordt de auto even snel gecontroleerd, terwijl wij van meneer Ketut in het kantoortje een bekertje water krijgen. Dit is elke keer raak. Een plastic bekertje, heel vol met water en dan een folietje er strak overheen om af te sluiten. Je krijgt er een rietje bij, kun je door het folie prikken en dan drinken. Peter heeft er altijd moeite mee. De kunst is om in een snelle ferme beweging het rietje erin te prikken, zonder in het bekertje te knijpen. En vooral niet voorzichtig, dan gaat het mis. Als Tom, Anique en ik, na een paar druppeltjes knoeien, lekker zitten te drinken, worstelt Peter nog met zijn beker. Maar nu gaat het lukken. Maar niet echt. Hij ramt het rietje erin, en er komt een waterfontein van zo’n halve meter hoogte uit de beker. Wij liggen dubbel van het lachen, terwijl Peter het bureau van meneer Ketut droogdept. Volgende keer toch maar geen water drinken?
De auto wordt goedgekeurd, en meneer Ketut levert ons veilig af op het vliegveld.
We gaan maar direct inchecken, en hebben geluk, de vlucht is nog steeds volgens planning.
Valt dat weer mee.
We gaan rustig wat lezen, veel is er op het vliegveld niet te doen, en souvenirs kopen slaan we maar over, onze koffers zaten net al bijna aan het maximale gewicht van 20 kilo per stuk. We hebben weer geluk, volgens de papieren mogen we op deze vlucht maar 10 kilo meenemen, maar Merpati doet daar nooit moeilijk over. Alles wordt netjes gewogen, gewichten worden genoteerd en daar blijft het bij.
We wachten … en wachten, maar dan plots om half 4 verandert de vertrektijd van 16.00 u naar 17.00 uur. We nemen ons nogmaals voor om in de toekomst nooit meer met Merpati te vliegen. Want dit gebeurt elke keer. Om kwart voor 5 is er nog steeds geen toestel, dus de vertrektijd van 5 uur gaan we ook niet meer redden. Wat is dit balen, we hadden dus nog veel langer in Loco/Senggigi kunnen blijven. En nu zitten we hier te wachten. We sms-en even naar Dewa, vanavond gaan we samen uit eten, maar we hebben geen idee hoe lang we hier nog zullen zitten. Kan laat worden.
Maar dan, even na 5 uur komt er een Merpati toestel aan. Dat moet eerst leeg, dan kunnen we eindelijk instappen.
Met ruim anderhalf uur vertraging beginnen we aan de vlucht. En die vlucht stelt niets voor. Klein stukje over Lombok, stukje over zee en een kwartiertje later staan we op Bali. Daar is het een chaos, er zijn net een paar toestellen geland, en ze hebben maar 2 bagagebanden. Onze vlucht staat aangegeven bij de eerste band, net als 3 andere vluchten. Daar kom je dus met geen mogelijkheid in de buurt van de korte bagageband.

Even later heeft Peter het goede idee om even bij de tweede band te kijken. Daar rollen heel wat koffers over, en staat bijna niemand. Dan blijkt dat de koffers van onze vlucht op deze band komen. Dat staat niet op de schermen aangegeven, maar aan de labels te zien is het wel zo. We hebben onze spullen zo bij elkaar, terwijl het bij de andere band nog een drukte van jewelste is.
We lopen snel naar buiten, taxi regelen naar Hotel Aneka Kuta. Dat werkt hier handig, bij een loket aanmelden en vaste prijs afrekenen. Zij zorgen dan dat we een chauffeur krijgen.
Met Dewa spreken we af dat we om 7 uur bij het hotel worden opgehaald door onze Bali-chauffeur Su. We gaan vanavond in een visrestaurant eten in Jimbaran. Daar moest Dewa zijn omdat hij daar gasten heeft die een compleet programma hebben, inclusief diners etc.

De taxichauffeur die ons naar Aneka gaat brengen, kijkt niet blij. Het is maar een kippeneindje naar het hotel, maar aangezien het spits is, zit heel Kuta verstopt, vooral richting strand. Maar een half uur later staan we dan voor het ons inmiddels bekende hotel. Niet het leukste, hoewel, het hotel is niet verkeerd, Kuta wel, vinden wij. Maar ja, smaken verschillen.
De overgang van Lombok naar Bali is al erg groot, en helemaal naar Kuta-Bali. Het hele zuiden van Bali, alles in de buurt van Denpasar, is niet onze ideale bestemming. Modern, druk, vol. Dat zijn we na Amed en Lombok niet meer gewend.
Maar we moeten het er maar mee doen. Als we de spullen op de kamers hebben staan, gaan Peter en Anique even een internet café opzoeken. We kunnen nu de vlucht van Bali naar Bangkok en de vervolgvlucht naar Frankfurt al inchecken via internet. Dan hebben we de stoelen al vastgelegd. Altijd handig als je met een gezin reist. Tom en ik frissen ons een beetje op voor het avondeten. Precies op tijd zijn we allemaal klaar en staat Su op de parkeerplaats van het hotel. Op naar Jimbaran.
En dat is nog een hele tijd rijden, zeker door de avonddrukte van Zuid-Bali.

We stellen ons voor dat we gaan eten bij een restaurant als Warung Menega in Lombok, waar we met Mohni zijn geweest. Volgens Dewa is het op het strand, en het is een visrestaurant.
Op zich klopt dat ook wel, het restaurant lijkt wel op Warung Menega, met als enige verschil de omgeving. We eten bij Gekko Restaurant, tafeltjes op het strand, lekkere barbecues vol vis.
Maar hier is niet één zo’n restaurant. Het hele strand staat hutje mutje vol tafeltjes, zover je kunt kijken zijn er van dit soort restaurants. Je moet wel heel goed kijken, want de lucht boven het hele strand is één grote grijze barbecuewolk. Zijn wij even blij dat we voor we vertrokken geen tijd meer hadden om te douchen en schone kleren aan te doen. Binnen 5 minuten ruiken we naar rook!
Dewa is er nog niet, dus nodigen wij Su maar uit om bij ons aan tafel te komen zitten. Ook zo zielig als hij op de parkeerplaats moet blijven wachten.
We moeten echt weer even een knop omzetten, maar dat is elke keer als we in Kuta aankomen. Druk, vol, lawaai, heel ander soort toeristen en ook weer Bali-prijzen op de menukaart. Wat een verschil met Lombok.
Als Dewa even later aankomt, zitten wij al achter een lekker sapje. Heel even dreigt het etentje in het water te vallen, of het water in het etentje. Er vallen een paar spetters uit de lucht. Regen, dat is lang geleden. We vragen ons af hoe het gaat als er nu een plensbui komt. Het hele strand zit vol, tot aan het water, en binnen hebben de restaurants geen plek om te zitten. Zeker niet voor alle mensen. Maar het valt mee, het blijft bij een paar druppels. Waarschijnlijk komt de rest niet door de dikke smoglaag heen die boven het strand hangt.

Als we het eten hebben besteld (m.a.w. als Peter en Dewa de vissen hebben aangewezen die we op ons bord terug willen zien), gaat Dewa even voor kerstman spelen. Hij heeft een hele tas vol cadeautjes bij zich. En die zijn allemaal voor ons. We worden er stil van.
Anique krijgt een heel mooi houten ei, beschilderd met allerlei vlinders en bloemen. (Dewa had gehoord dat Anique sinds kort een echte vlinder-slaapkamer heeft). Tom krijgt een mooi fotoboek en een fotolijst. Peter een heel dik fotoboek, en ik krijg een hele mooie sarong. Blauw-paars-bordeaux met gouddraad geweven. Een traditionele doek die hier wordt gedragen bij trouwfeesten. Maar ik mag hem vast ook op andere dagen dragen.
De vis die we even later voorgeschoteld krijgen is heerlijk. Red snapper, gamba’s, en daarbij rijst, sausjes en lekkere waterspinazie. Mmm, dit gaan we ook missen.

We zouden het met Dewa nog hebben over een auto. Wij willen hem wel een lening geven, tegen een gunstiger rentetarief dan de Indonesische banken. Die berekenen zo’n 4% per maand, dat schiet niet echt op als je ooit weer van je schuld af wil komen.
Dewa is al naar de showroom geweest, en heeft wat foldertjes bij zich. Zijn keuze is gevallen op een klein Suzuki-busje. Die is heel betaalbaar, ziet er netjes uit en is qua indeling handig voor rondreizen / dagtochten met kleine gezelschappen.
We spreken af dat we morgen voor we naar het vliegveld gaan nog even met Dewa naar een dealer gaan, kunnen wij ook even zien hoe de auto er in het echt uitziet, en er misschien wel eentje bestellen. Hoe eerder Dewa hem heeft, hoe sneller hij er geld mee kan verdienen.
Als we zijn uitgegeten, en de overgebleven vis netjes voor Su is ingepakt, gaat Dewa zijn andere gasten terugbrengen naar hun hotel. Wij worden door Su weer bij Aneka in Kuta afgeleverd.
Daar spoelen we de rook van ons af en duiken dan in bed. Morgen wacht ons weer een lange dag.

 

Dinsdag 5 augustus

We vliegen vanmiddag om 20 over 4 naar Bangkok. Aangezien we al via internet zijn ingecheckt, hoeven we pas rond 3 uur op het vliegveld te zijn. We kunnen dus lekker rustig doen vandaag.
Eerst maar eens ontbijten, dan even naar het strand, rondje Kuta wandelen. Maar het boeit ons allemaal niet zo. De sfeer is hier zo anders dan in Lombok.
We vinden het dan ook niet erg als Dewa ons komt ophalen. Op autojacht!
Onze spullen nemen we vast mee, kunnen we straks rechtstreeks naar het vliegveld.

Volgens Dewa zijn er hier 3 Suzuki garages in de buurt. We beginnen bij nummer 1.
Een mooie grote showroom, moderne werkplaats erbij. En, ik blijf het vreemd vinden, een showroom met alleen maar jonge verkoopsters. In mooie Suzuki-mantelpakjes.
Dewa heeft al een goed idee van wat hij wil, het belangrijkste is eigenlijk de levertijd, en eventueel de kleur van de auto.
In deze garage hebben ze niet de goede auto op voorraad. Levertijd is een paar weken, een ruim begrip. Aan de prijs is verder niets te veranderen. Heel vreemd, als je hier een zak rijst koopt, ga je eerst over de prijs onderhandelen, maar een auto heeft gewoon een vaste prijs. Ik stel Dewa voor om te informeren of ze misschien op een andere manier “korting” kunnen geven, bijvoorbeeld een mattenset erbij of andere accessoires. Maar nee, dat kan niet. In de showroom hoef je niet af te dingen.
Dan gaan we naar de volgende garage. Hier krijgen we hetzelfde verhaal. Veel auto’s, een paar van het goede type, geen mogelijkheid tot handelen. Dewa kan er wel een paraplu bij krijgen als hij hier een auto koopt, verder niets, behalve de standaard Suzuki-dingen, als garantie, gratis servicebeurt etc, maar dat krijg je bij alle garages.
Nu gaat Dewa eens serieus naar de kleuren kijken. Het wordt zijn auto, maar als hij ons vraagt, zeggen we dat hij beter geen zwarte of heel donkere auto kan nemen. Daar zie je alles op, krasjes, stof, etc.
Wij zouden de voorkeur geven aan een antraciet-grijze auto. Dat vindt Dewa ook wel mooi. Maar aan zijn gezicht zien we dat hij twijfelt.
In elk geval hebben ze hier ook nog niet direct een auto op voorraad. Heel misschien kunnen ze volgende week een auto leveren, maar dat moet de verkoopster dan eerst met de baas overleggen, en die is er niet.

Geen probleem, dan gaan we nog even bij garage nummer 3 kijken.
Onderweg belt Dewa’s vader geregeld. Hij is wel erg benieuwd hoe het gaat, of er al een auto is gekozen. Maar zover zijn we nog niet, even geduld hebben!
Dewa zit nog steeds te tobben over de kleuren.
Bij garage 3 hebben ze een auto staan, goede model, direct leverbaar, aardige kleur, donkergrijs/metallic. Dat moet hem dan worden.
Dewa fleurt helemaal op, gaat erin zitten, probeert de radio uit (ook niet onbelangrijk) en poseert alvast bij de auto voor een mooie foto. Als we even later aan het verkoopbureau zitten, wordt Dewa erg nerveus.
We zeggen dat hij nog niet hoeft te beslissen, denk er anders even over na. Wij hoeven niet bij de koop te zijn, dat kan hij ook alleen regelen als wij weg zijn.
Dat is het probleem niet, de auto wil hij heel graag, maar de kleur zit hem dwars. Dewa woont dicht bij een kazerne, en alle hoge pieten daar rijden in die grijze kleur auto.
Dat vindt hij dan toch eigenlijk geen kleur voor toeristen.

Hè, het is eruit. De kleur is fout. Gelukkig heeft hij nog niets getekend. En nog meer geluk, ze hebben nog eenzelfde busje staan, in een andere kleur. Zilverkleur met een vleugje lila. Die is ook heel mooi, en kan volgende week geleverd worden.
Dat is prima, wij moeten als we thuis zijn toch eerst zorgen dat het geld wordt overgemaakt naar Bali. We informeren of het niet net zo handig is om het geld rechtstreeks naar de garage over te maken. Maar dat hebben ze liever niet, graag contant. Ik wens ze heel veel plezier, wetende dat het grootste bankbiljet hier 100.000 roepiah waard is, zo’n 7 Euro. Dat wordt dan stapeltjes geld tellen!

Dewa is helemaal gelukkig. Wij niet, we moeten nodig naar het vliegveld. Dus gaat Dewa ons eerst wegbrengen, en spreekt af dat hij daarna terugkomt naar de garage om alles verder af te handelen.
We zitten een paar minuutjes van het vliegveld af. We worden afgezet, nemen afscheid van Dewa, en gaan inchecken.
Dat gaat snel. Dan luchthavenbelasting betalen, wat stempelen etc. Daarna hebben we nog net genoeg tijd om een hapje te eten.
Dit is dan echt de laatste nasi van deze vakantie! Na het eten kunnen we zo doorlopen naar de gate en instappen. Dat loopt gesmeerd.
Dan wordt het weer een paar uurtjes zitten, tot in Bangkok.
Daar mogen we een tijdje rondlopen en eten en hangen.
Dan, rond middernacht, vertrekt de vlucht naar Frankfurt. Helaas met een uur vertraging.
Een passagier die wel was ingecheckt kwam niet opdagen. Leuk, mogen we een uurtje extra in het vliegtuig!

In de (Europese) ochtend landen we woensdag rond half 7 op Frankfurt. Jippie!
Daar staan ellenlange rijen bij de paspoortcontrole. Dat kost ruim een half uur. Voordeel daarvan is dat we niet zo lang op de koffers hoeven te wachten.
Dan snel naar buiten, op zoek naar het busje naar de parkeerplaats. Die wil net wegrijden, maar stopt nog voor ons. 2 Personen en de bagage kunnen mee, de rest moet wachten. Dan gaan Tom en ik maar vast mee, wachten Peter en Anique op de volgende bus.
Bij de parkeerplaats blijft Tom bij de koffers staan, ik haal de auto op, en dan wordt het wachten op het busje. En dat duurt even, busje komt niet altijd zo!
Maar dan kunnen we toch op weg naar Blitterswijck, en zit de vakantie er weer helemaal op. Jammer!

Maar we genieten nog even na, van de foto’s, berichtjes, mails, sms-jes die we van Dewa en uit Kampung Loco krijgen als we weer thuis zijn. En ik natuurlijk ook door het schrijven van dit verslag. Kom ik toch weer even helemaal in de Lombok-stemming als ik achter de pc zit. Maar ik mis Lombok nog steeds, dat gevoel wordt na elke vakantie erger.

Dewa heeft inmiddels zijn auto. En de auto is al gezegend door een priester tijdens een officiële ceremonie. De foto’s komen nog.
Mohni is nog steeds erg druk. Daan en Nurul hebben genoten toen we er waren, maar missen ons nu heel erg.

Wij zijn ook weer druk. De kinderen weer naar school, Peter aan het werk, ik schrijven en dromen van de volgende keer...
Dat duurt nog even. Nu zijn eerst Joep en Marijke aan de beurt, over een kleine 2 maanden. Ik verlang al naar hun reisverslagen en foto’s.
En dan gaat Peter, tja, het is niet eerlijk. Hij combineert een cursus in India met een paar dagen in Lombok. Ik mag mee, maar ben solidair met de kinderen, die moeten naar school en zouden ook dolgraag naar Lombok gaan. Maar dat kan niet, helaas, dan blijf ik ook thuis, “samen uit, samen thuis” zullen we maar zeggen.
Half november vertrekt Peter, eerst een paar dagen India, dan een paar dagen Lombok. Als het een beetje meezit (als Joep en Marijke het schema een beetje aanpassen) komt hij in Lombok aan op de avond voordat Joep en Marijke weer naar Bali gaan. Kunnen ze samen eten bij Cak Poer, dat is al geregeld. En dan svp geen sms naar de super kasian thuisblijvers, Tom, Anique en ik. Dat is te gemeen!

Over onze vakantiebestemming voor volgende zomer hoeven we niet meer na te denken.
LOMBOK.
We zijn al driftig op zoek naar de beste vluchten. Als het even kan niet meer via Bali.
De voorkeur gaat uit naar een vlucht naar Singapore, van daaruit rechtstreeks naar Lombok. Kunnen we echt een keer in Lombok komen zonder met Merpati te vliegen. En hoeven we ook niet meer naar Kuta in Bali. Want daar worden we nooit vrolijk van.
En, misschien nog wel de belangrijkste reden, dan hebben we weer een paar dagen extra in Lombok. Want daar hebben we het altijd erg druk…. Moeten we wel even regelen dat Dewa dan een paar dagen naar Lombok komt, want die willen we natuurlijk niet missen.

Als ik het verslag zelf nog eens doorkijk, klinkt het af en toe niet eens als vakantie. Beetje druk druk druk. Maar dat is het niet hoor, we komen wel altijd tijd te kort, maar genieten daar echt met volle teugen.
Of we nu toeristisch bezig zijn, of gewoon een dagje in Senggigi of Loco zijn, het maakt niet uit. De dagen vliegen voorbij, steeds sneller. Je merkt nu ook dat je steeds meer betrokken raakt bij Kampung Loco. We leren steeds meer mensen kennen, zien de familierelaties, weten een beetje welke kinderen bij welke ouders horen, hoe de mensen leven, hoe ze met elkaar omgaan, de cultuur, godsdienst, dat soort dingen worden nu steeds duidelijker. Dat valt pas op als je ergens vaker bent geweest. De eerste keren kwamen we al ogen tekort om de grote dingen te zien, toen was alles nog nieuw, nu kijken we niet meer zo op van de opvallendste dingen van Lombok, het verkeer, de natuur, dat soort dingen.

Wat ik wel nog erg mis is de kennis van de taal. Ik ben wel iets verder dan vorig jaar, maar een echt gesprek voeren zit er nog niet in. Zeker niet met iemand die helemaal geen engels spreekt, en die lopen er veel rond. Voorlopig gaan Tom, Marijke en ik dus vrolijk verder met de lessen Indonesisch, af en toe via e-mail bijgestaan door onze guru Dewa!

Verdere plannen voor volgend jaar hebben we nog niet. Hotel Bumi Aditya in Loco is prima bevallen. Eenvoudig maar dan ook wel spotgoedkoop, en het grote voordeel is dat je midden in de kampung zit, dat heeft toch een andere sfeer dan in een hotel. Hoewel we over Graha ook heel erg tevreden zijn. We zullen er nog eens over denken.
De heren willen vast weer duiken, een overnachting op zo’n mooi Bounty eiland als Gili Meno is heel leuk, misschien een overnachting op of in de buurt van Gili Lampu in het oosten. En verder lekker genieten in en om Loco. Misschien weer een uitstapje voor de hele club uit Loco. Want dat was toch wel een heel bijzondere ervaring.
We zien wel, we hebben nog heel veel tijd om te dromen en plannen te maken.

 


info@impian-anak.com - tel: +31 478 539091 - Bankrekening: NL77 KNAB 0205 9517 32 t.n.v. Stg. Impian Anak te Blitterswijck.             .