NederlandsEnglish
Verslag Maart 2013
Woensdag / donderdag 13 en 14 maart

Daar gaan we weer, een nieuw reisverslag…wegens tijdgebrek in een andere - stripverhaal-vorm, veel plaatjes, minder tekst (haha, voor zover mij dat lukt).

Vanochtend op tijd vertrokken vanuit een ijzig koud Blitterswijck, 10 graden onder nul!
De jubelstemming die ik altijd heb als we naar Lombok gaan, ontbreekt enigszins. Niet dat ik niet graag ga, meer omdat de kinderen niet meegaan. Kasihan, die blijven eenzaam en alleen in Blitterswijck en Velp achter.
Ik geloof dat ik de enige ben die er moeite mee heeft. Tja, ooit moet je de kinderen los kunnen laten.
We gaan er dus met zijn tweetjes maar een leuke vakantie/vriendenbezoek van maken in Lombok.
De reden van deze reis is ook anders dan normaal. We gaan voornamelijk in verband met het overlijden van Pak Di, nu ruim een maand geleden.  
Toen konden we onmogelijk op korte termijn naar Lombok. Was misschien ook maar beter zo, nu alle drukte na het overlijden een beetje voorbij is, komt ons bezoek misschien ook beter uit.
Misschien….zeker weten we het niet, want in Lombok weet helemaal niemand van onze komst. Verrassing, zullen we maar zeggen, nu nog hopen dat het een aangename verrassing wordt. Over een dag weten we het.
Als we op Schiphol arriveren is het voornamelijk ijskoud. Ik vertik het om een winterjas mee te nemen naar de tropen en sta dus klappertandend bij de parkeerplaats op de bus te wachten. Als we goed en wel binnen zijn, begint het weer te sneeuwen. Tjonge, de winter houdt hier nooit op. Heerlijk om even de zon op te zoeken, maar o wee, arme kinderen, die moeten er elke dag doorheen, en nu is er geen papa of mama in de buurt die ze eventueel kan halen of brengen. Niet dat we dat zo vaak doen, maar in noodgevallen kàn het normaal gesproken wel. Nu dus even niet…
Het inchecken gaat vlot. De 41,3 kilo die we samen bij ons hebben, mag zonder problemen door. Gelukkig wordt de handbagage niet gewogen. Een jongen  die aan een andere balie incheckt heeft in zijn eentje 41 kilo. Dat gaat het personeel van Singapore Air toch iets te ver. Dat zal een flinke toeslag worden, of veel spullen achterlaten…
Met een flauw zonnetje in de lucht, maar in een wit landschap stijgen we rond de middag op. Later dan gepland, de de-icing nam nogal wat tijd in beslag. Het is een rustige vlucht, het toestel zit lang niet vol, dus we hebben lekker een rijtje van 3 stoelen voor ons alleen.
Rond half 7 lokale tijd landen we in Singapore. Temperatuur: 26 graden, boven nul!!!
Eerst maar even opfrissen, dan door de douane, want we willen even de stad in.
Daarna drinken we wat, brengen we de handbagage naar de ‘opvang’ en gaan we naar het metrostation.
Op naar het centrum. Maar wat is het verschrikkelijk benauwd. Zeker in de volgepropte ochtendspitsdrukte in de metro. Ik sta net onder de airco, en voel me alsof ik zo flauw kan vallen. Gelukkig staan we zo opgepropt dat ik geen kant op kan. Om 9 uur zijn we in Chinatown, daar is het gelukkig rustig. Eerst gaan we op zoek naar een flesje water, dan gaan we rustig, vooral heel rustig, wandelen. Peter leeft zich uit met de camera, ik amuseer me met het koele drinken.





Alle winkels zijn nog gesloten. De stad komt pas laat op gang. Jammer als je vlucht zo vroeg aankomt, en je vroeg in de middag weer naar het vliegveld moet.
We nemen een kijkje bij de vrolijke bonte hindoe-tempel. Daarna willen we nog even onderduiken in de boeddhistische tempel, maar net voor we aankomen wordt er een buslading toeristen naar binnen geleid. Dan slaan we die nu over, we komen vast nog wel een keer terug.
We wandelen even verder en zijn wel weer toe aan een fris drankje en een beetje rust.
We drinken wat bij een hippe koffietent en lopen daarna naar het water. Langs de baai lopen we terug richting Chinatown. Rond 11 uur begint daar een beetje leven in de brouwerij te komen, maar wij beginnen langzaam moe te worden. De lange vlucht, de temperatuurverschillen met thuis, het hakt er flink in.
Maar voor we naar het vliegveld gaan, willen we nog een hapje eten. In de kelder van een groot winkelcentrum zit een foodcourt. Lekker rommelig, maar o zo leuk om te kijken wat er allemaal te krijgen is. Het smaakt ook nog prima, de entourage moet je maar voor lief nemen. Maar ik vind het wel wat hebben, deze plekken. Gelukkig, want in Lombok eten we meestal ook niet bepaald luxe.
Rond 1 uur in de middag zijn we weer op het vliegveld. Nu zijn we toe aan een lekkere douche en schone kleren. Daarna drinken we nog wat, dan is het tijd om naar de gate te gaan. De Lombok-kriebels komen weer. Nog een paar uurtjes vliegen! De vlucht naar Lombok is wel redelijk vol. Ons geduld wordt aan het einde erg op de proef gesteld. De piloot blijft rondjes vliegen boven Lombok.  Leuk voor de luchtfoto’s, maar eigenlijk wil ik gewoon landen.


Als we dat eindelijk gedaan hebben, is het zaak zo snel mogelijk bij de balie voor het visum te komen. Hoe verder je achteraan in de rij staat, hoe langer (heel veel langer) je erover doet om van het vliegveld af te komen. We hebben geluk met onze plekken vrijwel voorin in het vliegtuig.
We staan bijna vooraan en gaan als een trein langs de verschillende balies. Ook de tassen zijn netjes op tijd (kan Schiphol nog wat van leren!), en de man die ons op komt halen met de huurauto staat al klaar.
Half 7 stonden we aan de grond, 7 uur zitten we in de auto. Een nieuw record!
Lombok, here we come, of beter, here we are!
Ook hier is het warm, volgens de jongeman die ons naar het kantoortje van Autobagus brengt, regent het wel vrij veel. Och, alles beter dan sneeuw, vinden we.
In het kantoor worden we opgewacht door meneer Nyoman, een oude bekende. Leuk!
Snel wordt alles afgehandeld. Meestal huren we bij Trac, maar deze keer proberen we dit bedrijf. Een stuk goedkoper, zelfde verzekeringsvoorwaarden.
De auto ziet er ook netjes uit, maar alles oogt iets minder chique dan bij Trac. De autoradio vind ik wel erg heftig, het lijkt wel een discobal. De felle neonkleurtjes wisselen elkaar af. Het geluid dat eruit komt is niet om aan te horen, snel uit dus, maar de verlichting krijgen we er niet af. Maakt niet uit…
Niet veel later rijden we naar Ampenan. Ik krijg nu echt de kriebels, hoe zal iedereen reageren? Straks bezorgen we nog iemand een hartaanval…
We parkeren de auto op de vaste plek bij het strand. Dan lopen we het overbekende straatje in.
Bij Opan en Ida is alles donker, de deur is dicht. Dan maar verder, naar het huis van Pak Umpuk en Ibu Misroh. Het is buiten donker, maar ondanks dat zien we dat hun huis er super uit ziet. De afgelopen maanden is hun huis helemaal opgeknapt. Of eigenlijk herbouwd. Het oude huis was slecht en had een hartstikke versleten dak. Toen ze het dak gingen vervangen, stortten de muren in. Toen zat er niks anders op dan het hele huis te herbouwen. Enkel een paar stukken muur zijn blijven staan.
Maar het is een waar paleisje geworden. Maar we hebben nu geen tijd om het uitgebreid te bekijken, we kloppen op de deur en gaan naar binnen. Pak Umpuk zit met Aufa in de kamer. Hij kijkt alsof hij geesten ziet. Dan vliegt hij overeind en begint te lachen, roepen en ik weet niet wat. Zo’n ontvangst hebben we nog nooit gehad.  Binnen 5 minuten zijn al onze vrienden opgetrommeld. We laten het even allemaal over ons heenkomen, misschien hadden we onze komst toch voorzichtig aan moeten kondigen.
Als Ibu Diah, de vrouw van Pak Di binnenkomt, krijg ik het te kwaad, en zij ook.
Samen snotteren we een half uurtje, ik wil zoveel zeggen, maar het lukt niet. Niet in het Indonesisch, niet in het Engels. Och, we zijn bij elkaar, dat is nu even het belangrijkste.
Uiteraard staan er binnen no time een paar glazen thee voor onze neus, en even later voelt het alsof we niet weg zijn geweest.
Het is een heel warm weerzien, maar ook moeilijk. Eén plek blijft leeg, dat zal niet meer veranderen.
Peter en ik zijn bekaf. Door de lange reis, de warmte, de emoties. We blijven nog anderhalve week, dus spreken we af dat we morgen weer terug komen en nemen nu afscheid. Bij Pak Umpuk en Ibu Misroh staat nog een doos met spullen die we vorig jaar hier hebben achtergelaten. Die nemen we mee, dan stappen we weer in de auto. Op naar Bumi Aditya. Daar staat Dedi ons op te wachten. Hij en meneer  Nyoman waren de enige personen op Lombok die van onze komst wisten. We wilden in elk geval zeker zijn van een auto en een slaapplek.
Bumi Aditya is erg veranderd. Tjonge, het is een echt hotel geworden. Mooi, maar ik weet nog niet of ik het een vooruitgang vind. Dedi heeft voor ons de eerste kamer gereserveerd, waar Tom en Anique normaal gesproken slapen. Die ziet er keurig netjes uit. We hebben zelfs warm water, vertelt Dedi trots.
Eigenlijk zouden we direct het bed in moeten duiken, maar we weten allebei dat we voorlopig toch niet kunnen slapen, hoe moe we ook zijn. Dus lopen we even naar Boung, die is vast nog wakker.
Inderdaad, hij is druk aan het werk, maar zodra hij ons ziet laat hij alles uit zijn handen vallen. Wat een verrassing! Sareah en Ani, die al lagen te slapen, worden ondanks onze protesten uit bed getrommeld.
Ook kleindochtertje Olivia mag ons komen begroeten, al is ze daar niet blij mee, die enge witte mensen weer…
Boung en schoonzoon Wawan knappen samen een deel van het huis op, zodat Ani en Wawan een eigen kamer en badkamertje hebben.
Even later zitten we achter een dampende kop thee en koffie en komt Sareah er nog aan met een schaal vol ote-ote en tempeh. Speciaal voor ons klaargemaakt. We voelen ons weer helemaal thuis…
Het loopt tegen twaalven als we onze eigen kamer weer op gaan zoeken. Even bellen naar Blitterswijck, daar heeft Anique goed nieuws, ze is vandaag geslaagd voor het EHBO-diploma. En verder is het vooral erg koud in Nederland.   
Hier is het vooral erg warm, ondanks de ventilator die zich suf draait. We twijfelen, direct het bed in of eerst een douche. Ik ben toch wel benieuwd of we echt warm water hebben. En ja hoor, het werkt.
Ik heb nooit moeite gehad met de koude douches hier, maar een warme douche is toch net effe fijner.
Als Peter me hoort jubelen neemt hij ook nog een lekkere douche, dan storten we neer in bed.
Ik ben moe, maar kan de slaap niet vatten. Nog even acclimatiseren.

Ik geloof dat ik het 'schrijven' van een stripverhaal nog niet helemaal onder de knie heb. Komt misschien over een paar dagen nog wel goed...

 
Vrijdag 15 maart

We zijn vroeg wakker, na een korte, warme nacht. Even wennen aan alles!
Om 8 uur lopen we naar het kantoor van Lombok Dive. Even een paar mensen laten schrikken…
Het lukt, Mohni en Sarah hadden ons duidelijk niet verwacht. Wel leuk dat we nu een keer buiten het hoogseizoen hier zijn. Kunnen we eindelijk een keer kennis maken met ibu Corry, over wie we al zo veel verhalen hebben gehoord. Ze is nu in Lombok en gaat vandaag ook mee duiken.
Maar de duikers moeten snel door naar Teluk Nare, dus maken we het niet te lang. We zien elkaar de komende week vast nog wel.
Dan lopen we terug naar Bumi Aditya. Eerst ontbijten. Eén ‘verbetering’ van het hotel vind ik een achteruitgang….de receptie/eetzaal is dichtgemetseld. Konden we normaal gesproken vanuit de ontbijttafel het weggetje in de kampung zien, nu zien we enkel dichte muren. Alleen het zicht naar achteren, naar de tuin is nog open. Ook mooi, maar voorheen vonden we het mooier. De reden van de dichte zaal is dat er klanten geklaagd zouden hebben over het moskeegeluid. Tja…. Nu moet ik toegeven dat de speakers wel een tandje harder staan dan afgelopen jaar, maar om daarvoor nou alles dicht te metselen? Alsof dat geluid niet overal is te horen, muur of geen muur.    
Het ontbijt is nog hetzelfde als voorgaande jaren. Toast, jam, omeletje, kopje koffie of thee en suiker met mieren. Waarschijnlijk krijgen we ook nog wel een pannenkoekje als we dat zouden willen, maar ik vind dit ook oke.


Verder wordt er nog flink gebouwd, er zijn al veel nieuwe kamers in gebruik genomen. Ze zien er prima uit. We gaan ze even inspecteren, we hebben voor Jeanne en Bonnie, die komende zomer met ons naar Lombok gaan, al een kamer gereserveerd. Goed nieuws, dan zal ook het zwembad klaar zijn.
Bumi Aditya begint echt akelig veel op een echt hotel te lijken.
Nog iets wat ons opvalt…de hele kampung ziet er veel schoner uit. Boung vertelde al iets over afvalinzameling. Hij en Cuk zijn druk met het schoonmaken van de kampung. Er staan wat bakken verspreid, die geregeld worden leeggemaakt. Het afval wordt  vervolgens door Cuk naar grote containers bij Pasar Seni gebracht. Maar nog niet alles belandt in de afvalbakken in de kampung. Gewenningsproces, zullen we maar zeggen. Maar tot iedereen het begrijpt, wordt ook het ‘zwerfvuil’ opgeruimd. Boung en Cuk nemen die taak op zich, soms geassisteerd door wat jeugd uit het dorpje. Complimentjes hoor, het oogt heel wat netter dan vorige jaren!   
Om 10 uur zijn we in Ampenan. Pak Umpuk kan nog steeds niet geloven dat we er echt zijn. Nadat we uitgebreid zijn huis hebben bewonderd, krijgen we thee. Daarna gaan we samen op bezoek bij Pak Harfin, die afgelopen zomer is getroffen door een beroerte. Benieuwd hoe we hem en zijn familie aantreffen. Ibu Wita, zijn vrouw, is afgelopen januari bevallen van een dochtertje.
Als we bij hun huis aankomen, in Mataram, zien we Pak Harfin op het dakterras, bezig met ophangen van de was. Dat is een goed teken, ze hebben hier vast geen roltrap of lift, dus trappen lopen kan hij weer!
En een beetje helpen in de huishouding dus ook. Fijn voor Ibu Wita!
Als hij beneden is, merken we dat het lopen toch erg moeizaam gaat. Ook één arm wil niet meewerken. Spreken is nog lastiger. Maar hij gaat nog trouw naar therapie en zit thuis dus ook niet stil.


Ibu Wita komt net thuis met de kinderen. Ze zien er allemaal prima uit. We proberen wat foto’s te maken, maar niet iedereen werkt mee, steeds is er wel iemand verdwenen.
We bespreken met Ibu plannen om een winkeltje te beginnen bij een school. Daarmee zou ze zelf weer wat geld kunnen gaan verdienen. Ze heeft een winkeltje op het oog, maar het is nog niet helemaal duidelijk of dat wel of niet beschikbaar is.
Pak Umpuk blijft druk praten met, of vooral tegen, Pak Harfin. Hoe hard hij ook aandringt, veel duidelijke antwoorden krijgt hij niet, maar hij geeft niet op. Als hij geen werk meer heeft als divemaster, kan hij misschien als therapeut aan de slag, of als commandant in het leger.
Pak Harfin heeft één grote wens, duiken. Tja, hoe goed de duikers in het gezelschap zich dat voor kunnen stellen, dat zal echt niet mogelijk zijn. Maar Peter en Pak Umpuk hebben wel een ander voorstel. Zwemmen. Dat zou Pak Harfin ook heel graag doen.
Dat moet wel te regelen zijn, denken we. Onder begeleiding van Peter en Pak Umpuk is het in elk geval te proberen. Zetten we op de ‘nog te doen’ lijst.
Opan, die via de tamtam heeft gehoord dat we hier zijn, komt ook nog even langs. Maar wij staan al weer op het punt om te vertrekken. Vrijdag, bijna middag, dus Pak Umpuk zit op hete kolen.
Moskeetijd!
Als we in Ampenan komen, is Ibu Misroh druk aan het koken. Pak Umpuk vraagt toestemming om even naar de moskee te gaan. Prima, we amuseren ons wel even met de dames.
Vrouwen gaan hier trouwens zelden naar de moskee, die kunnen ook thuis bidden. Soms heeft het voordelen om vrouw te zijn…     
Even later zitten we aan de soto, sate, nasi, kerupuk en pisang. Het gaat ons weer goed!
Halverwege de middag rijden we terug naar Senggigi. We willen een stuk gaan wandelen, maar er komt een heel donkere wolk aan. Toch maar even wachten. Terwijl we met laptop op het terrasje zitten (handig, we hebben hier nu draadloos internet) zien we bij de receptie een bekende achter de computer zitten. Jay. Hij heeft ons niet gezien. Ik twijfel of hij het is, het is zo donker in de receptie. Makkelijk, even checken of hij nu aanwezig is op facebook. Inderdaad. We chatten even, over koetjes en kalfjes, dat het koud is in Nederland, dat we nog lang niet naar Lombok komen etc. Dan schrijf ik dat hij even naar rechts moet kijken.
Ik zie hem rondkijken. Dan ziet hij ons. Haha, weer iemand verrast.
Langzaam begint het te regenen, maar even later barst de grote bui los. Tjongejonge wat een water. Gelukkig zitten we droog! Maar we ‘staan ook droog’. We hebben geen waterkoker en kunnen geen kopje thee zetten. Geen probleem, zegt Jay, hij bestelt wel roomservice-thee voor ons. Kasihan, Abdul neemt de bestelling serieus en komt even later met paraplu onze thee brengen. Wat een service hier!
Als het bijna droog is gaan we een stukje wandelen. Maar niet over het strand nu. Via de weg lopen we naar Pasar Seni. Het is stil in Senggigi. Er zijn ook weinig verkopers. Wel komen we Mister  Flores, de vrolijke kaartenverkoper tegen. Iedereen is verrast ons nu te zien, we komen toch altijd in het hoogseizoen?! Ja, klopt, maar nu niet. En waar zijn de kinderen? Helemaal alleen in Belanda? Ja, kasihan…    
Als we bij Coco Loco binnenlopen horen we direct iemand ‘Welcome home’ roepen! Ja, zo voelt het bijna
in Lombok. Na een lekker drankje lopen we terug, het regent nog steeds een beetje. Onderweg doen we wat inkopen, daarna gaan we nog even zitten voor we bij Graha gaan eten.
Als we net besteld hebben, belt Mohni met de vraag of hij langs wil komen. Dat kan, maar dan wel bij Graha. Even later komt hij met Sofi en 2 dochtertjes gezellig bij ons zitten. Er wordt nog wat eten en drinken bijbesteld. Ze hebben zelfs cadeautjes voor ons meegebracht,  een paar Lombok Dive t-shirts en een zak fruit. Ik weet niet meer hoe het heet, maar lekker is het zeker. Iets lychee-achtigs, waarschijnlijk iets wat in juli-augustus niet is te krijgen, want we hebben het nooit eerder gehad.
Na het eten nemen we afscheid van het gezin en lopen we nog even Senggigi in. Veel is daar niet te beleven. Als we weer bij Bumi aankomen bellen we nog even naar Nederland om te horen dat alles goed is, behalve het weer; dingin!!! Konden we maar wat warmte opsturen. Hier hebben we meer dan genoeg! Dan nemen we een lekker warme douche en duiken we het bed in. Nu maar hopen dat het slapen beter lukt dan afgelopen nacht, maar ik denk het wel.

 
Zaterdag 16 maart

Vandaag gaan we naar de Gili’s om te duiken. Tenminste, Peter gaat duiken, ik ga mee voor de gezelligheid. En natuurlijk om te genieten van de prachtige zee en de mooie eilandjes.
Pak Umpuk gaat mee als Peters duikmaatje. Ook hebben we Opan en Ida meegevraagd. Helaas had Ida verplichtingen op school, ze werkt als stagiaire op een school in Gunung Sari. Opan is vrij en neemt de uitnodiging dankbaar aan. Een dagje duiken slaat hij niet af!


Op de boot maken we kennis met wat nieuwe personeelsleden; Herman de kapitein en Aan, die helpt met van alles en nog wat. Ook begeleidt hij snorkelgroepen.
Adi, de man van Nur, werkt ook nog steeds bij Lombok Dive. Niet als kapitein, maar als duiker in opleiding en snorkelgids. Ibu Corry is vandaag ook van de partij, zodat we wat uitgebreider kennis kunnen maken.  Het is weer ouderwets gezellig op de boot.
Maar het doet pijn om iemand anders aan het roer te zien staan. Herman doet het prima, maar ik mis Pak Di, meer dan ooit. Vooral als alle duikers onder water zitten. Gelukkig is er een bewerkelijke snorkelgroep aan boord die voor wat afleiding zorgt; 5 Javanen waarvan er 3 eigenlijk niet kunnen zwemmen. Adi en Aan hebben er hun handen vol aan. Ze blijven wel drijven met hun zwemvesten aan, maar snorkelen kun je het niet noemen. Twee van de drie drijvers zijn ook nog eens vreselijk misselijk. Nummer 1 klautert na een paar minuutjes weer aan boord en ziet erg bleek.  De dame geeft niet op, en wordt door Adi geholpen om in het water haar snorkelbril op te zetten, over haar hoofddoek heen. Een vermakelijk schouwspel, want zodra Adi haar hand loslaat begint ze in paniek om zich heen te slaan. Al met al zal ze toch wel een minuut of 5 iets hebben gedaan wat op snorkelen lijkt.  Als ze daarna weer aan boord komt, is ze razend enthousiast. Haar man/vriend iets minder, hij kijkt inmiddels groen en geel… en dan is de zee nog wel spiegelglad!


Als alle duikers weer aan boord zijn, varen we naar Trawangan. Daar gaan we lunchen, bij warung Dewi.
Het eten is, als altijd, heerlijk. Al ruik ik de hele tijd een akelige lucht, en vermoed dat er een vuilnisbak achter me staat, waar rottend groente of fruit van het marktje in wordt gedropt. Als ik later opsta zie ik waar de geur vanaf kwam… Op een muurtje achter me ligt een doerian. Ik had het kunnen weten. Doeriantijd in Lombok, jasses…
Op Trawangan is het een stuk drukker dan in Senggigi, maar toch ook veel stiller dan in het hoogseizoen.
Tijdens de middagduik word ik weer beziggehouden door de snorkelgroep. De zieke jongeman blijft, heel verstandig, op Trawangan. Zijn vrouw plonst even in het water en komt dan ook weer aan boord. Daar gaat ze me uithoren over van alles en nog wat. Als ze voldoende over me te weten is gekomen, volgt een uitgebreide fotosessie. Adi mag veelvuldig mee poseren, en als alle vrienden ook uit het water zijn, volgt zelfs een fotosessie met mij, altijd leuk om foto’s te kunnen laten zien waar je op staat met een Nederlandse toerist die een beetje Indonesisch spreekt?!
Als we na het duiken terug zijn in Senggigi, gaan we met zijn allen bij Yunas op het terrasje zitten. Dat is, hebben we ook ooit gelezen in een verslag van Joep en Marijke, een standaard ritueel met ibu Corry.
Na afloop van de duikdag even een drankje nemen en gezellig met personeel en eventuele klanten na kletsen over het duiken of wat dan ook.
Wij vinden het een geweldig idee, gaan we vaker doen, hoewel dat in het hoogseizoen lastig is, in elk geval zolang dat nog in de ramadan valt. Dan komt de Lombok Dive staff vast niet meedrinken.
Mohni heeft aan een ander tafeltje nog een bespreking met een klant. Een Indonesisch gezin. Het zoontje, ik schat een jaar of 12, had nog nooit gedoken, maar is nu net begonnen of gaat binnenkort beginnen met een duikcursus. Daarvoor schaft vader alvast een complete duikuitrusting aan voor het jochie (dat overigens niet na de middag wil duiken omdat hij dan te bruin wordt…). Tja, en dan te bedenken dat de lokale mensen die hier duiken voor hun beroep vaak niet eens een fatsoenlijke duikuitrusting hebben. De verschillen tussen arm en rijk vallen zo weer eens goed op. Maar voor Lombok Dive zijn de Indonesische klanten goed, die verkiezen een echte lokale Lombokse duikschool toch boven een Duitse, Engelse of wat dan ook.

We maken het niet te laat, want we willen nog even opfrissen voor we naar Ampenan gaan. Om 7 uur worden we voor het eten verwacht bij Ibu Diah.
Als we het huisje binnenkomen, is het weer even slikken. Ook Ibu Diah krijgt het weer te kwaad.
We hebben voor haar een fotoboek laten maken met foto’s van het gezin, van Pak Di aan het werk, op Impian Anak uitstapjes. Een boek vol mooie herinneringen. We hebben lang getwijfeld of we dat zouden doen, maar toen we via Ida de vraag van Zaldi, de jongste zoon van Pak Di en Ibu Diah, kregen of we misschien nog een foto van zijn vader hadden, hebben we besloten de mooiste foto’s in een boekje te bundelen. Voor alle kinderen hebben we ook een mooie ingelijste foto meegebracht. Het is voor ons onvoorstelbaar dat mensen zelf helemaal geen foto’s hebben. Ik geef Ibu het boekje en zeg erbij dat ze misschien het beste straks rustig met de kinderen kan kijken. Even later zie ik de kinderen al in het achterkamertje over het boek gebogen zitten. Gelukkig zijn ze er blij mee.
Het winkeltje van Ibu Diah loopt nu weer goed. Tijdens de laatste weken van Pak Di’s leven en de eerste weken na zijn overlijden is de winkel veel gesloten geweest. Begrijpelijk, maar het leven gaat door en er zal toch weer geld binnen moeten komen. Ook zegt Ibu dat het fijn is om wat aanloop te hebben. De winkel is aan het huis vastgebouwd, ze is dus altijd thuis voor de kinderen.
De oudste zoon, Wahyudi, neemt de taken van zijn vader als gastheer prima over. Hij schenkt de thee bij, kletst gezellig over van alles en nog wat. Hij is dolblij dat hij nu eindelijk weer kan studeren, dankzij een geweldige Impian Anak sponsor. Eerlijk gezegd denken we dat hij de studie min of meer slapend door kan komen. Zijn Engels is al hartstikke goed. Doordat hij jaren in Mataram Mall bij Kentucky Fried Chicken heeft gewerkt, heeft hij vrij veel contact gehad met toeristen. Maar daarnaast is hij gedreven en fanatiek, wil hij in alles de beste zijn, dus ook in zijn studie. Een goede mentaliteit, waarmee je het hier ver kunt schoppen. Inmiddels heeft hij een baantje bij een immigratie-dienst. Hij behandelt visa en vergunningen voor Lombokse mensen die in het buitenland (bv Midden-Oosten, Maleisië, Singapore) gaan werken.  
Het eten, gemaakt door ‘de drie dames in Ampenan’, Ida, Ibu Misroh en Ibu Diah, is weer overheerlijk en overvloedig. Sate, nasi, garnalen, inktvis, mais, fruit. En een lekker toetje. Ziet er uit als klepon op een stokje. Ida vertelt trots dat zij het heeft gemaakt. Het lijkt ook op klepon, maar dan net iets anders.
Een soort kleefrijstmeelballetjes in vrolijke kleuren, gevuld met palmsuiker en kokos. Eromheen nog een laagje poedersuiker. Komende zomer gaan we het een keer samen maken, belooft Ida. Dat gaan we onthouden!
Aufa, de jongste dochter van Pak Umpuk en Ibu Misroh, begint langzaam aan ons te wennen.
Na enig aandringen komt ze zelfs naast me zitten en kletsen we een beetje. Ze is nu bijna 5 en ik vraag haar of ze morgen mee wil naar een school. We gaan morgen naar Batu Tumpeng, de school bezoeken, kijken hoe het nieuwste klaslokaal eruit ziet. Papa Umpuk gaat ook mee. Als Aufa twijfelt zeg ik dat ze haar moeder ook maar moet vragen, die mag ook mee. Maar moeder moet morgen wassen. Geen idee of dat echt zo is, of een smoesje om niet mee te gaan. Volgens mij wordt Ibu Misroh nogal eens ziek in de auto. We zien morgen wel.
Opan en Ida gaan in elk geval mee. De auto is groot genoeg. Al zou Ida eigenlijk liever op de motor gaan, heeft ze iets minder last van wagenziekte.
Het is laat als we weer naar huis gaan. Het was een geweldige avond. Als we naar de auto lopen, duwt Ida ons nog een doosje met sate-klepon in de hand. Voor straks. Tja, ik denk niet dat we zo nog een hap door de keel krijgen. Maar we nemen het morgen wel mee, voor onderweg.

 
Zondag 17 maart

Vandaag gaan we naar de school in Batu Tumpeng. Opan, Ida, Pak Umpuk, Ibu Misroh en Aufa gaan gezellig met ons mee. In Batu Tumpeng weet nog niemand dat we in Lombok zijn. Ze denken dat er vandaag bekenden van ons komen, die graag de school willen bekijken.
De weg naar Batu Tumpeng is bekend, maar de brug bij Meninting is vernieuwd, uitgebreid zelfs met een extra brug/baan. Twee keer twee rijbanen dus. En dan is het de bedoeling dat je aan de ene kant naar het noorden rijdt, aan de andere kant naar het zuiden. Langzaam verkeer kun je dan op de extra baan inhalen. Handig!
Maar op Lombok wordt er altijd weer wat extra spanning ingebouwd. Van hieruit aan de linkerkant, waar de weggedeelten gesplitst zijn, gaat nog een weggetje het binnenland in. Verkeer van het zuiden dat dat weggetje in moet, rijdt dus vrolijk een stuk tegen het verkeer in. Erg leuk als je nietsvermoedend iemand inhaalt en opeens een tegenligger op je baan hebt. Dus zoals altijd, pelan-pelan in het verkeer, haastige spoed is hier zelden goed.  Maar we komen veilig aan in Batu Tumpeng. De groene school lacht ons weer tegemoet. Hamdi en Pak Haji die ons op staan te wachten ook. Dat hadden ze niet verwacht, een gezelligheidsbezoekje van ons.



Maar zoals altijd worden we van harte welkom geheten, en (fijn dat het nu geen Bulan Puasa is!) binnen no time heeft Ibu Haji weer wat eetbaars tevoorschijn getoverd en zitten we weer te smullen. Les van 'juf in opleiding' Ida; heb je lekkere honger maar is de maiskolf te heet, geef hem dan een frisse duik in een glas water.





Als we de school van binnen en van buiten bekeken hebben en onze buikje rond hebben gegeten, stappen we weer op. We zouden rechtstreeks terug kunnen gaan naar Ampenan, maar we kunnen er net zo goed een dagtocht van maken. Onze gasten mogen kiezen waar naar toe. Ida weet het wel, ze zou zo graag naar Kuta gaan....als dat kan.
Natuurlijk kan dat, dus Kuta here we come!



Rondrijden in Lombok blijft een genot, zoveel moois te zien om je heen. De rijst ligt weer te drogen op de middenberm. Ideale plek toch?!



Aufa heeft het beste middel tegen wagenziekte ontdekt; lekker slapen! Maar zodra Kuta in zicht komt is ze wakker, de zee!!! Grappig vinden we, in Ampenan woont de familie bijna op het strand. Zo af en toe komen de golven er zelfs tot aan de voordeur. Maar een dagje naar het strand is een geweldig feest. In Ampenan zien we trouwens zelden kinderen op het strand spelen. Ook wel verstandig, de zee is leuk, maar kan heel gevaarlijk zijn. Zeker met steil aflopende stranden en kinderen die niet kunnen zwemmen.
Ibu Misroh is ook helemaal blij dat we nu in Kuta zijn. De laatste keer dat ze hier is geweest was in 1998, toen ze getrouwd is met Pak Umpuk. Soort huwelijksreisje. Dat wordt dus een uitstapje in romantische stijl vandaag! Tja, dit is ook een prachtige plek. Zelf zijn we er al jaren niet geweest. De drukte valt wel mee, ondanks dat je hoort dat er veel nieuws gebouwd wordt, ook doordat het vliegveld nu wat gunstiger ligt ten opzichte van het zuiden. Maar als de nieuwe resorts die er zijn zullen die hun klanten wel goed weten te binden aan de eigen horeca, strandjes etcetera. De meeste mensen die we op het strand zien zijn Lombokse mensen die ook een dagje uti zijn. En uiteraard veel verkopers. Jonge kinderen en vrouwen. Armbandjes en sarongs....   





We zijn niet zo geïnteresseerd in de verkoopwaar, wel in een lunch. We vinden een plekje waar we kunnen eten. De menukaart is weer geweldig, helemaal in stijl! Wat eten we vandaag? Stroganop, blak papper, of zullen we toch een shizel nemen. Dat is denk ik zo'n plat stukje vlees met breadcream eromheen? Bij ons noemen ze het ook wel schnitzel.
Speciaal voor Tom, die gek is op shizel én op leuke menukaarten, een paar fotootjes.
Maar we krijgen onze vrienden niet aan de Europese keuken, het wordt dus voor iedereen nasi goreng, veel lekkerder, vind ik ook! 





Als het eten op is, en alle verkopers zijn afgewimpeld, lopen we weer richting auto. Het laatste stukje in flink tempo, want er komt een bijna zwarte lucht aan.
Dat belooft niet veel goeds. Maar we zitten net op tijd in de auto. Als we goed en wel rijden barst de bui los.
Het is nog geen avond, dus hebben we nog tijd voor spontane programma-voorstellen. Pak Umpuk zou, nu we toch in Kuta zijn, graag even bij Jathe langs gaan, een collega duiker die hier een duikschooltje runt. Prima, goed idee, kan Peter direct bespreken wat de mogelijkheden zijn om komende week hier in de buurt te duiken.





We hebben Jathe snel gevonden. Zijn kantoor zit bij een gezellig koffietentje. Lekkere koffie, gezellige inrichting. Leuke plek!
Maar duiken wordt lastig, zolang het veel regent is het zicht onder water niet geweldig. Maar als er komende week verbetering inzit, zal Jathe dat laten weten.
Ik neem van de gelegenheid gebruik om even naar het toilet te gaan. Een mooi, net en schoon westers toilet. Fantastisch!
Als we weer in de auto stappen, begrijpen we dat we nog even bij Jathe thuis op visite gaan. De reden van dit bezoekje is ons snel duidelijk. Ida en Ibu Misroh moesten ook hoognodig naar het toilet, maar zo'n westers toilet durven ze niet aan, vandaar dat ze hebben geregeld dat ze bij Jathe naar het 'gewone' hurktoilet kunnen. In de tussentijd worden we nog even volgepropt met mierzoete thee en cakejes...
Als we terugrijden naar het noorden, stelt Peter nog voor om even langs het nieuwe vliegveld te rijden. Dat valt in de smaak, Pak Umpuk is er nog nooit geweest. De rest waarschijnlijk ook niet. Maar bij nader inzien valt het tegen. Ja, dat zeiden we van tevoren al. Het is heel anders dan Selaparang, het oude vliegveld bij Ampenan. Het is smerig, druk, rommelig en ongezellig. Naast het gebouw ligt een soort markt voor lokale mensen. Vooral souvenirs, hapjes en drankjes voor vliegveldkijkers. Maar je loopt er letterlijk over het afval. Wat een bende! Ook onze gasten zijn niet onder de indruk, niet op een positieve manier tenminste.
Als we weer in de auto stappen, kijkt Ida een beetje beteuterd. Al snel blijkt waarom. Ze vond dit een echte dag vol verrassingen, en ze vermoedde op een gegeven moment dat er nog een verrassing aan zat te komen. Toen we voorstelden naar het vliegveld te gaan, rond de avond, dacht ze dat als super-verrassing Tom en Anique uit het vliegtuig zouden stappen. Was het maar waar, dat zou voor mij ook een geweldige verrassing zijn geweest, maar het is niet zo. Aufa, die wat heeft opgevangen, begint ook te treuren omdat Tom en Anique niet komen. Ach gut, volgende keer zullen we het vliegveld maar overslaan.



Over het stuk naar Ampenan rijden we lang. Het is zondag, een mooie dag om te trouwen in Lombok, dus staan we wel 2 keer te wachten tot er een bruiloftsstoet voorbij is. En een mooie dag om op pad te gaan. Tegen de schemering gaat iedereen weer naar huis. Nu dus... Stapvoets komen we vooruit.  Opan weet nog een binnendoorweggetje. Maar daar treffen we dus het derde bruiloftsgezelschap, een dwarse vrachtauto, en heel veel motortjes.
Als we in Ampenan zijn aangekomen nemen we afscheid van iedereen. We vonden het een geweldige dag. Jammer dat je dit soort dingen niet kunt doen tijdens de ramadanmaand. Jammer!
Als we in Senggigi zijn, lopen we nog even naar Pasar Seni en eten een klein hapje bij Coco Loco. We krijgen er een lekker drankje bij, ook iets wat we nooit in het hoogseizoen hebben gehad, sirsaksap. Mjammie!
Als we weer bij Bumi zijn willen we graag wat foto's op facebook plaatsen, zodat mensen thuis mee kunnen genieten. Helaas laat de verbinding het niet toe. Morgen nog maar eens proberen dan.

 

 
Maandag 18 maart

Vandaag een pelan-pelan dagje, lekker rustig aan.
Na het ontbijt starten we de laptop maar weer eens op en gaan we aan de slag met de foto’s. Als we daarmee bezig zijn, krijgen we bezoek van Daan. Gezellig, maar ze kan niet lang blijven. Ze vraagt of we vanmiddag bij haar thuis langs willen komen. Tuurlijk, doen we!
Als we even later de foto’s hebben uitgezocht en een deel zelfs al op Facebook hebben gezet, gaan we en stukje wandelen. We zijn nog niet op het strand geweest, dus gaan we nu de ‘lange’ route maken, via het strand naar Pasar Seni. Het is vooral een langzame route.



Bij Senggigi Beach Hotel houden we een tussenstop, bij het kraampje van Awal. Nu we hier buiten de ramadan zijn, kunnen we weer genieten van een cappuccino en pisang goreng met eersteklas zeezicht. En natuurlijk veel gezelschap. Dit is het vaste koffiestekje van veel vissers en verkopers. Aanspraak genoeg dus. Na een gezellig half uurtje wandelen we verder. Het is heerlijk weer, erg warm, maar met een lekker windje van zee. Druk is het niet op het strand, maar dat is het eigenlijk zelden, zelfs niet in het hoogseizoen.
De volgende rustplek is Coco Loco. Daar nemen we nog een lekker sapje. Ja, je moet veel drinken als het warm is.
Daarna hobbelen we via de hoofdstraat terug naar Loco. Het is inmiddels middag geworden, dus lopen we door naar Daan. Daan, Sane en Zara zitten ons al op te wachten.  En de dames hebben nog wat lekkers voor ons gemaakt. Het lijkt op de nagasari die we een jaar of wat geleden hebben gehad, maar dit zijn rolletjes van bladeren, gevuld met iets kleverigs en zoets. Best wel lekker! Ik geloof dat ze verwachten dat we de hele schaal in een keer leeg eten, maar dat gaat echt niet lukken. Als we weer naar het hotel gaan, krijgen we een zakje mee, voor als we weer honger hebben. Nou, dat komt zelden voor in Lombok.
Met Daan gaat het trouwens prima, ze werkt nu al weer een hele tijd bij Asmara restaurant, in de bediening. Ze heeft het er erg naar de zin. Als ik het zo hoor denk ik ook dat ze een prima baas heeft getroffen, met hart voor het personeel.  Je hoort hier nog wel eens andere verhalen…
Verder verandert Daan niet veel, het blijft een leuke spontane meid. Hoewel ze naar Lombokse begrippen wel de leeftijd ervoor heeft, moet ze nog niet aan trouwen denken. Ze geniet van haar werk, van de vrijheid en van haar familie. Trouwen en thuiszitten kan altijd nog, zegt ze. Ik geef haar groot gelijk, naar ons idee is ze nog jong, en getrouwde dames zijn hier toch minder vrij dan bij ons. Je wordt min of meer geacht je eigen familie te verlaten en (dicht) bij de schoonfamilie te gaan wonen.  Werken kan wel, maar vaak komt het er toch op neer dat de vrouw thuis blijft en voor de kinderen zorgt.
Niks mis mee, maar het moet wel een bewuste keuze zijn.
Maar we hebben meer mensen horen zeggen dat trouwen niks is, om ze een jaartje later getrouwd en met kinderen weer te ontmoeten. Het kan snel gaan in Lombok.  
Voor het avondeten worden we verwacht in Ampenan. Deze keer bij Pak Umpuk en Ibu Misroh.
We beginnen niet met eten voor ze hebben beloofd ook een keer bij ons te komen eten. We hebben vandaag bij Dedi gevraagd of het mogelijk is om een dinertje voor vrienden te geven in het receptiegebouwtje. Dat is geen probleem. We hebben ook al een kok gevonden. Dani, die een paar jaar geleden ook bij Bumi Adita heeft gewerkt, werkt er nu weer, en we konden ons nog herinneren dat ze toen een keer overheerlijke loempia’s heeft gemaakt als afscheidsmaaltje toen we weer naar huis gingen.
We hebben haar gevraagd en ze vindt het leuk om voor ons te koken. In Ampenan neemt iedereen de uitnodiging aan, leuk, kunnen we een keer iets terug doen!
Maar nu eten we dus weer in Ampenan.


speciaal voor Jeanne en Bonnie, om even te oefenen (overhoring volgt over 16 dagen);
linksboven: Aufa - rechtsboven: Opan (Krisna), Pak Umpuk en Peter
linksonder: Sanita en Riskya - rechtsonder: Ibu Diah, Ida en Aufa
:)

Met Pak Umpuk spreken we af morgen naar Sekotong te gaan. Daar lopen wat koraaltransplantatie-projecten, waar hij aan heeft meegeholpen. Dat vinden we leuk om te zien, maar natuurlijk zijn de eilandjes daar, zoals Gili Nanggu en Gili Sudak, ook de moeite waard om te bezoeken.
Na het eten babbelen we gezellig na, de hele ‘Ampenan’-club is weer verzameld . Laat op de avond heeft Opan nog een vraagje voor ons. Morgenvroeg moet hij een presentatie geven op school. Iets heel belangrijks voor zijn afstuderen. Hij zou het een eer vinden als wij daarbij aanwezig willen zijn. Oeps, daar komt hij lekker op tijd mee…
We overleggen snel en besluiten dat we het niet kunnen maken om niet te gaan. De presentatie is rond 9 uur in de ochtend, dan kunnen we daarna door naar Sekotong.  
Om niet op en neer te blijven rijden, vragen we aan Opan of Pak Umpuk dan ook mee kan. Ja, geen probleem, zegt Opan, maar Pak Umpuk kijkt bedenkelijk. Hij denkt dat hij dan het beste buiten kan wachten, want hij heeft geen nette kleren om mee naar de universiteit te gaan, zegt hij.
Daar hadden we even niet aan gedacht. Dan worden wij natuurlijk ook geacht in nette kleren te gaan. Jippie! We verzinnen er wel wat op.
Opan heeft nog een bericht, van Ibu Wita. Ze heeft de school bezocht waar ze het winkeltje over wil nemen, en alles is verder in orde. Dat is geweldig, dan kan ze binnenkort haar winkel openen! We gaan deze week nog even langs om alles verder te regelen.
Maar nu gaan we naar ons hotel. Morgen weer een vol programma, nu dus maar eens gaan slapen!

 
Dinsdag 19 maart

Even na 7 uur schuiven we aan aan de ontbijttafel. Rond half 8 komen er nog een paar gasten om te ontbijten. Als ze al een tijdje zitten zonder dat er iemand komt (Abdul is druk in de keuken bezig met ons ontbijt)  vraag ik maar even wat ze willen eten, nasi, pannenkoek of toast met omelet.  
Als ik de bestelling doorgeef in de keuken, zegt Abdul dat ze pas om 8 uur kunnen ontbijten, want Dani komt pas om 8 uur. Tja, ga dat die andere gasten maar eens uitleggen…ons omeletje komt nu net uit de pan. Dat mag Abdul lekker zelf gaan vertellen. Of hij kan natuurlijk ook gewoon even doorbakken voor de andere gasten.  Ik bemoei me er niet mee en ga lekker ontbijten.
Even later druipen de andere gasten zonder ontbijt af. Blijkbaar hebben wij een streepje voor hier.  
Om half 9 zijn we in Ampenan. Opan en Ida zijn druk met allemaal doosjes eten. Die moeten mee naar school, voor de toehoorders van de presentatie. Misschien krijgen wij ook wel een doosje. Ze hebben geluk dat we meegaan, die stapels op de motor mee nemen zou niet zo handig zijn.
Pak Umpuk staat ook klaar om mee te gaan. Hij zegt dat hij wel bij de auto wacht tot we klaar zijn. Dat vind ik ongezellig. We proberen hem nog wel over te halen gewoon mee te gaan. Niet dat die presentatie keileuk zal zijn, maar met Pak Umpuk erbij is het vast leuker.
We hebben even kritisch door onze kleerkast ‘gelopen’. Ik heb maar gekozen voor een sarong die ik afgelopen zomer van Pak Di heb gekregen. Helemaal Lombok stijl. Topje erbij, bloesje erover, netste schoenen aan. Moet kunnen vind ik. Peter heeft bij wijze van hoge uitzondering maar een lange broek aan gedaan en een overhemd. Helemaal universiteitsproof, vinden we.
Maar Pak Umpuk kan er ook mee door, in zijn vrijetijdskleding, al denkt hij daar anders over.
We halen hem over door te zeggen dat hij straks tegen iedereen kan zeggen dat hij op de universiteit heeft gezeten. Ze hebben er vast een stoel waar hij even kan zitten. En natuurlijk helpt het als we zeggen dat we het veel fijner vinden als hij meegaat, ook voor de mentale ondersteuning van Opan.
Opan en Ida rijden op de motor voor ons. Wij volgen zo goed en kwaad mogelijk met de auto. De stapels doosjes met lekkere dingen gaan al in de eerste bocht om. Cakejes en pakjes drinken rollen door de auto. Die zoeken we straks wel weer bij elkaar.
We komen op tijd aan bij de universiteit. Als we de doosjes weer een beetje gefatsoeneerd hebben, gaan we het gebouw binnen.  Alles ziet er grauw, stoffig en oud uit. We lopen door naar de bovenverdieping, waar het bloedheet is. De collegezalen zien er anders uit dan in Nederland. De studenten ook.

Universiteit in Lombok....iets anders dan in Nederland

Hier lopen meer mensen in de lelijke IKIP-schooluniformjasjes. Glimmende dunne babyblauwe colbertjasjes. Geen gezicht, vind ik, maar hier dus verplicht bij speciale gelegenheden.
Opan is op van de zenuwen. Hij heeft een deel van de presentatie in powerpoint staan, maar krijgt de laptop niet aangesloten op de beamer. Gelukkig kan Peter assisteren. Ida is druk in de weer met de doosjes. Opan moet nog voldoende toehoorders bij elkaar zien te krijgen. Blijkbaar moet er een minimum aantal mensen in de zaal zitten. Wij schijnen niet mee te tellen, het moeten waarschijnlijk studenten zijn.
Pak Umpuk en ik zitten in de gang te smelten van de hitte. Peter en ik krijgen veel bekijks. Een paar studentes gaan aan Pak Umpuk allerlei vragen over me stellen. Waar ik vandaan kom, wat ik hier doe, standaard rijtje. Hij zegt dat ze het me ook zelf kunnen vragen. Als ze Engels studeren kunnen ze dat met mij oefenen, spreken ze liever Indonesisch, dan kan dat ook met mij. Ja, dit soort vragen kan ik bijna dromen, waar kom je vandaan, waarom ben je hier, ben je getrouwd, kinderen???
Als Opan zijn toehoorders compleet heeft en de leerkrachten/professoren er ook zijn, worden we de zaal in geroepen. Jippie, voor ons zijn er nog net 3 plekjes vooraan vrij. We gaan zitten, maar Pak Umpuk propt zich toch nog ergens verder naar achteren op een bankje. Hij is duidelijk niet op zijn gemak.
Ida gaat de doosjes uitdelen. Voor iedereen een klein doosje, voor de 2 professoren een groter doosje. Verschil moet er zijn.
Dan begint de presentatie. Arme Opan, zijn stem trilt, hij is moeilijk te verstaan, maar dat komt ook door het rumoer in de gang. Het verhaal is ook niet al te boeiend. Het gaat voornamelijk over een stageopdracht. Opan heeft een lesmethode bedacht voor middelbare scholieren, om fouten met he/she/him/her/his/hers te voorkomen. Deze presentatie gaat niet over die methode, maar over de manier van testen. Hoe bepaal je of de methode succesvol is? Dus met een groep die de nieuwe lessen volgt, en een referentiegroep die de standaard lessen volgt. Hoe bepaal je wie de nieuwe lessen krijgt, wie de standaard, dat soort dingen. Een heel theoretisch statistisch verhaal, met formules en moeilijke woorden, veelal letterlijk opgelezen vanaf de powerpoint-presentatie.
De toehoorders zijn vooral druk met eten en drinken. Ik probeer het verhaal te volgen, maar raak snel de draad kwijt. Ik vraag me ook af wat dit met Engels studeren te maken heeft.
Leer de studenten eerst gewoon huis-tuin en keuken Engels. Dat is al moeilijk genoeg. Dit soort dingen voegt naar mijn idee weinig toe aan de studie Engels.
Als Opan eindelijk uitgepraat is, moeten er 3 vragen uit de zaal komen. Die komen er en Opan weet overal redelijk antwoord op te geven. Dan komen de professoren aan het woord. De eerste begint in het Engels, maar gaat snel over op Indonesisch. Als hij daarover commentaar krijgt van de studenten, gaat hij weer moeizaam verder in het Engels. De andere spreekt prima Engels, maar met een vreselijk Amerikaans accent. Tot overmaat van ramp zegt hij dat ‘de buitenlandse toehoorders’ vast ook nog wel een opmerking hebben. Nou, eigenlijk niet….we zitten hier alleen omdat we gevraagd zijn.
Maar we vertellen dat we het een mooi verhaal vonden, heel interessant. Positief blijven….des te eerder is Opan afgestudeerd.
Dan is het blijkbaar afgerond. Iedereen vertrekt weer, een hoop rommel en lege doosjes achterlatend. Wij nemen onze nog volle doosjes maar mee, kunnen we vast nog wel iemand blij mee maken.
Opan is dolblij dat het erop zit. Hij kan zijn overhemd uitwringen.
Eén van de professoren wil nog even nader kennismaken met ons. Hij weet wie we zijn, en hij vertelt dat hij zelf ook heeft gestudeerd dankzij de hulp van een Nederlands gezin. We houden nog een beleefdheidspraatje en nemen dan afscheid.
Sekotong roept, we willen graag weg uit dit hete hok….
Opan en Ida blijven nog even, dus nemen we afscheid. Heerlijk om buiten weer wat frisse lucht te krijgen, hoewel het ook buiten erg warm is.

wachten op het bootje naar de mooie eilandjes bij Sekotong

raadselachtige foto aan de rechterkant....aan wie geef ik dat gele flesje zonnebrandcreme??? Vast niet aan Pak Umpuk of de kapitein?!

In de auto doe ik snel wat luchtigers aan. Als we eenmaal de drukte van Mataram uit zijn, gaat het vrij vlot. Voorbij Lembar wordt de omgeving weer heel mooi. We rijden door tot we tegenover Gili Sudak zijn. We hebben hier ooit ergens een bootje met kapitein gehuurd om over te steken. Bij een echte ‘balie’ waar je de bootjes kon regelen. Maar Pak Umpuk pakt het op een andere manier aan. Gewoon bij een huisje aan het water stoppen en vragen. Dat is veel goedkoper.
Met hem erbij zeker, maar als wij dat alleen zouden proberen, betwijfel ik of dat ook op zou gaan.
Terwijl Pak Umpuk onderhandelt, kleedt Peter zich ook snel om. Dan wachten we even tot er een bootje komt. Het is een goede bijverdienste voor de vissers hier. Na de vroege vangst nog wat toeristen overzetten of een half dagje rondvaren.
Even later komt er een bootje met kapitein en ankerman aan. We stappen in en varen weg. Eerst naar Gili Sudak. Peter en Pak Umpuk gaan snorkelen. Ik mag het eiland op, maar vermaak me ook wel in het bootje. Dat heeft een afdakje, ik zit dus lekker in de schaduw. En de twee mannen hebben heel veel te vertellen en te vragen. Prima oefening voor me, want ze spreken nauwelijks Engels.  
Ze zijn vooral geïnteresseerd in de landbouw in Nederland, of we daar ook veel rijstvelden hebben. Nou, niet echt. Ik probeer uit te leggen wat er bij ons groeit, en hoe dat wordt bewerkt, geoogst, dat er weinig handwerk aan te pas komt. Volgens mij begrijpen ze er niet veel van. Maar dat kan natuurlijk ook aan mijn Indonesisch liggen.
Peter en Pak Umpuk genieten, het is hier heerlijk rustig, geen andere toeristen, duikers of snorkelaars te zien. We liggen met het bootje boven het koraaltransplantatie-project. Op de bodem van de zee liggen een soort lage tafels van betonijzer. In deze omgeving groeit veel gezond koraal. Van dat koraal worden stukjes afgeknipt. Die stukjes worden met een of andere pasta in een soort betonnen vaasje geplakt. De ‘vaasjes’ worden in de ijzeren tafel gezet. Als het koraal verder gegroeid is, wordt het er weer afgehaald en op andere plekken ‘geplant’. De zee hier is dus een soort kweekkas voor jong koraal.
De reden dat dat hier gebeurt is dat het hier vrij ondiep is, en de waterkwaliteit goed is. Doordat het niet zo diep is, is het voor duikers gemakkelijker om de koralen onder water te knippen, plakken en planten.
De stukjes koraal mogen niet boven water komen.
Nog een goede reden om de projecten in ondiep water te doen is dat ik de tafels met baby-koraaltjes zo vanuit de boot kan zien, zonder het water in te hoeven. Helemaal geweldig vind ik.


links; 'archieffoto'uit november 2012, het koraal wordt getransplanteerd, rechts hetzelfde koraal in maart 2013. Er zit groei in!
Als Peter en Pak Umpuk na een uurtje snorkelen weer aan boord komen, zijn ze razend enthousiast. Het is hier zo mooi. En Pak Umpuk is blij te zien dat het koraal, dat hij mede heeft geplant, al echt aan het groeien is.
We besluiten voor de lunch naar het volgende eilandje te varen. Gili Sudak, geloof ik. We zijn er vaker geweest, ook voor de lunch. Maar toen zaten we bij een ander restaurantje. Deze is nieuw. Er zitten een paar toeristen, niet veel. Na enig aandringen krijgen we Pak Umpuk zo ver dat hij met ons mee gaat eten. Wel zo gezellig, vinden we. We zitten lekker op het strand. Op deze eilandjes liggen altijd hele mooie schelpen. Ik heb er op de 5 meter van de boot naar ons tafeltje al een paar verzameld. Ze liggen nu op tafel naast me. Even later komt er een klein meisje, dochtertje van de ober, denk ik. Ze brengt me een hele mooie schelp, vast in opdracht van papa, en rent dan snel weg. Wat lief!
Ik bestel een nasi goreng, met een glaasje vers kelapa muda sap, kokoswater. Even later komt de ober vertellen dat de jongen die de palmboom in moet om de kokosnoten te plukken even weg is, geen verse kelapa muda dus. Er is ook altijd wat met mijn drankjes op Gili Sudak. Een paar jaar geleden kreeg ik geen verse sapjes uit de blender omdat ze geen stroom hadden. Geen stroomstoring of zo, maar toen was er op het eiland gewoon geen elektriciteit. Waarom er dan een hele pagina verse sapjes op de kaart stond??? Vast gekopieerd van een menukaart op een moderner eiland.
Maakt niet uit, een flesje gewoon water smaakt ook prima.
Het eten is weer heerlijk, het gezelschap ook, en het uitzicht is formidabel.
Na het eten trekt Pak Umpuk zich even terug, tijd om te bidden. Peter en ik maken een wandelingetje over het strand. Als ik mijn handen vol schelpen heb, en Peter ook, wandelen we terug naar de boot.
Nog even een rondje zwemmen om af te koelen, dan varen we verder. Op naar het onbewoonde eilandje tussen Nanggu en Sudak in. Ik mag weer van boord, maar er zitten al 2 andere mensen op het eiland. Het onbewoonde eiland delen met 2 anderen is niet zo leuk, dus blijf ik lekker dobberen, foto’s maken, reisdagboekje bijwerken. Pak Umpuk en Peter snorkelen rond het eiland. Als ze een tijdje  later terugkomen lijkt Peters hoofd wel een tomaat. Ja, de zon komt extra hard aan als je in het water ligt. Insmeren alleen is dan niet altijd voldoende. Volgende keer maar een mutsje opzetten.


Als iedereen weer aan boord is, varen we terug naar het vasteland. Het was een heerlijke middag. Pelan pelan rijden we terug naar Ampenan. Daar komen we uiteraard niet weg voor we wat hebben gedronken. Maar om bij zijn huis te komen valt niet mee. Het lijkt wel nationale boomkapdag in Pondok Perasi…. Waarschijnlijk hebben ze gezamenlijk bij de lokale Boels een kettingzaag gehuurd of zo.  Overal wordt driftig gehakt en gezaagd, de hele straat langs het strand ligt bezaaid met takken en stammen.  Met moeite vindt Peter een plekje waar de auto veilig kan staan.
Ibu Misroh heeft de thee al klaar, met wat lekkers erbij, tempe goreng en zoete ramboetan.   En dan te bedenken dat we straks nog naar Adi en Nur gaan, waar we zijn uitgenodigd voor het avondeten. Na 2 glaasjes thee en een paar lekkere hapjes excuseren we ons. We zien elkaar vast snel weer terug.
Als we in Loco aankomen, staat Boung ons al op te wachten. Hij en Sareah zouden ook meegaan naar Mangsit, naar Adi en Nur. Helaas kan het bezoek niet doorgaan, Adi is nog aan het werk voor Lombok Dive, en Nur is nog bij hun thuis, hier in Loco. Dat is helemaal geenprobleem, vinden we, net zo handig eigenlijk.  Dan frissen we even op en gaan we Nur gewoon hier in Loco bezoeken.
Een uurtje later wandelen we naar Boung en Sareah. Nur zit buiten op de berugak, met Anna. Het is leuk om haar weer te ontmoeten en haar vol trots te horen vertellen over haar zwangerschap. Als alles goed gaat, worden Adi en Nur over een paar maanden papa en mama. Ja, zo gaat dat hier, en ik vind Adi zelf nog net een kind, volgens mij is hij 19, maar hij zou in Nederland zo voor een 16-jarige door kunnen gaan.
Niet veel later komt Adi ook terug van het werk.
We hebben een paar cadeautjes meegebracht, die we hadden gekocht als bedankje voor het eten dat we zouden krijgen bij Adi en Nur thuis. Voor Boung, Adi of wie maar wil, hebben we ook nog wat visspulletjes meegebracht. Haakjes, wat nepaas, dingen waarvan we zelf ook niet precies weten wat het is of hoe het werkt, maar dat ‘vissen’ ze hier wel uit. Adi, zoon van een visser, vindt het allemaal heel interessant. Samen met Boung wordt alles uitgebreid bekeken en besproken. We kletsen gezellig bij, terwijl Sareah ons van allerlei lekkers voorziet. Er wordt ons duidelijk gemaakt, dat we deze week toch ook nog een keer bij Adi en Nur in Mangsit moeten komen. Ze wonen bij Adi’s familie in huis.  Vorige vakantie stond dat bezoek ook gepland, maar door een onverwacht ziekenhuisbezoek in ons programma, is dat er niet van gekomen. Voor de laatste vakantiedagen hadden we toen al zoveel uitnodigingen, dat het bezoek er helemaal bij is ingeschoten. Om te voorkomen dat het bezoek nu weer mislukt, plannen we direct een afspraak voor morgenavond. Boung en Sareah gaan dan uiteraard ook mee.
Het is al laat als we weer naar Bumi Aditya gaan. Peter heeft met Pak Umpuk afgesproken om morgen weer te gaan duiken. Ik twijfel nog of ik meega. Dat bedenk ik morgenvroeg nog wel. Ik zal er eens een nachtje over slapen…




Op een onbewoond eiland........

 

 
Woensdag 20 maart

Vroeg in de ochtend krijgt Peter een sms’je. Pak Umpuk voelt zich niet lekker, hij heeft last van zijn oren en gaat vandaag liever niet duiken. Dan ziet Peter ook af van het duikdagje, dat komt dan een andere keer wel weer. Ik had al min of meer besloten ook niet mee te gaan, dus hebben we vandaag weer een rustdag.
We gaan maar na 8 uur ontbijten, dan is Dani er en kunnen we direct wat afspraken maken voor het dinertje dat we vrijdagavond willen geven voor onze vrienden uit Ampenan.
Dani gaat voor ons koken en we moeten bespreken wat we allemaal willen eten.
In elk geval moet het moslim-proof eten zijn, geen babi pangang dus, wat Dani als hindoe vast wel lekker klaar kan maken.
We leggen uit dat we het liefst gewoon lokaal eten willen hebben en noemen een paar gerechten op die we zelf lekker vinden. Wat onze vrienden lekker vinden weten we eerlijk gezegd niet zo goed, want ze eten zelden als wij erbij zijn.
In elk geval gaan we voor saté, iets van vis, rendang, garnalen. Verschillende soorten groente, kroepoek, nasi. Dani stelt zelf nog een paar andere gerechten voor, wij vinden het allemaal prima, we laten ons verrassen. Als toetje willen we graag wat lekker fruit. Onder andere doerian, niet dat we er zelf gek op zijn, maar een paar vrienden in Ampenan zijn het zeer zeker wel. Maar nee, dat kunnen we beter niet doen, zegt Dani. Doerian is veel te duur. Wij betalen, dus dat zou geen probleem moeten zijn, maar ze houdt voet bij stuk, geen doerian. Ananas is op het moment ook te duur, die krijgen we dus ook niet. Bananen, sinaasappels, salak en ramboetan mag dan weer wel. Tja…
Dani pakt het grondig aan en maakt ter plekke een complete bestellijst, van hoofdingrediënten tot kruiden, olie, uien, alles wordt tot in detail opgeschreven, compleet met huidige marktprijzen.
Het wordt een diner voor 12 personen, maar Dani draait er haar hand niet voor om.
We geven haar een voorschot om de inkopen van te doen en we spreken af dat we zelf zorgen voor drinken. Koffie en thee wordt wel door Dani of Bumi Aditya  verzorgd. We weten dat thee of water standaard is bij het eten, maar we vinden het ook wel leuk om te trakteren op frisdrank, sinas, cola, sprite. Dan wordt het vast en zeker een geslaagd etentje, ook voor de jeugd.



Als we alles besproken hebben, gaan we een stuk wandelen. De strandroute naar Pasar Seni. Met een  stop bij het tentje van Awal en zijn vrouw.
Als we aan komen lopen worden er al stenen schoongeveegd waar we op kunnen zitten.  We bestellen allebei een ABC-cappuccino. Lekker. Even later staat er ook weer een bord pisang goreng voor onze neus. Moeten we er straks weer allemaal aflopen…
We kletsen wat met Awal en zijn vrouw, met de vissers die langskomen en met de verkopers. Nee, we hoeven nog steeds geen petje, geen T-shirt, geen sarong en geen houtsnijwerk. Armbandjes, parels, horloges en dvd’s ook niet. Op een gegeven moment hoor ik iets ritselen in de boom boven me en valt er iets naast me op de grond. Twee flinke vechtende gekko’s. Blij dat ik niet iets verder naar links zat…
Als we verder lopen gaan we nog eens op zoek naar Adam. We hebben hem nog niet ontmoet, en ook nu is hij weer niet bij zijn verkoopkraampje in het straatje naast Senggigi Beach Hotel. We hebben weliswaar geen pennen/sleutelhanger/boekenlegger bestelling voor hem, maar zouden het wel leuk vinden om hem te spreken. Volgende keer beter.
We wandelen verder en besluiten bij Asmara te gaan lunchen. Kunnen we direct even bijkletsen met Daan, want die zal nu waarschijnlijk aan het werk zijn.
Inderdaad, ze is er en is blij dat er iemand komt. We zijn de 2e gast voor vandaag. Met 3 serveersters hebben ze het dus niet echt druk gehad vanochtend. Het is overal erg rustig in Senggigi. We zijn nooit eerder in het restaurant van Asmara geweest, het ziet er netjes uit, netter dan de restaurants waar we normaal gesproken komen.
Daar zal de prijs dan ook wel naar zijn. Maar het eten dat we krijgen is wel erg lekker. En de bediening is natuurlijk super! Daan is wel een beetje nerveus,  ze moet ons nu natuurlijk op een andere manier behandelen dan wanneer we elkaar gewoon in de kampung tegenkomen.  
Maar ze doet het prima, en we zijn heel blij dat ze hier zo’n goede baan heeft gevonden.
Als Daan na het eten bij ons staat te praten, begint ze ineens te gillen en springt ze een meter achteruit. Ik kijk om waar ze zo van schrikt en zie nog net een hele grote varaan (denk ik) wegschieten. Hij is wel een meter lang en is net zo geschrokken van Daan als Daan van hem.  Tja, zo’n beest verwacht je niet in een restaurant. Daan vertelt dat ze het ‘beestje’ eerder ook al is tegengekomen in de Italiaanse kruidentuin bij het restaurant. Gezellig!  
We vragen Daan of ze vanavond misschien zin heeft om mee te gaan naar Mangsit, naar Nur en Adi.
Dat vindt ze geweldig. Ze mist Nur en veel andere vriendinnen uit Loco die inmiddels getrouwd zijn. De meeste leeftijdsgenootjes van haar zijn weg getrokken uit de kampung. Vanavond kan ze dan in elk geval weer even bijkletsen met Nur.
Later in de middag rijden we even naar Ampenan. Kopje koffie drinken…
Net voor we in Ampenan zijn stoppen we voor een stinkende lekkernij….doerian. We willen er 3 kopen. Niet voor onszelf, maar om weg te geven. Vanochtend heb ik Dani gevraagd wat een normale prijs is.
Nu mijn onderhandelcapaciteiten maar eens testen bij de verkoopster die met de vruchten aan de kant van de weg zit.
Volgens Dani kosten ze ongeveer 20.000 rp per stuk. Voor zie ik nog net een lokale dame één doerian kopen voor 25.000 rp. Ligt dus redelijk in de buurt.
Als ik aan de beurt ben vraag ik in mijn beste bahasa Indonesia de prijs voor één doerian. Flauw hoor, ik betaal de toeristenprijs…40.000 rp. Veel te duur, en ik zeg dat ik er 3 wil hebben. Dan kan ik er ineens 3 kopen voor 100.000 rp. Nog te veel vind ik, en zeg dat de mevrouw voor me er 1 kocht voor 25.000 rp.
Dan wil ik voor 3 stuks niet meer dan 80.000 geven. Lachend gaat de verkoopster akkoord.
Voor dat geld worden de stekelige vruchten ook nog voorzien van een handig draagkoordje.
Ze mogen achter in de auto liggen, en met een rotvaart, alle ramen ver open, rijden we naar Pondok Perasi. Zul je net zien, nu we de auto uit stinken, is de weg geblokkeerd. Leuk hoor, moeten we ook nog een stuk omrijden. Gelukkig is Peter aardig thuis in de wirwar van straatjes hier en niet veel later mogen we uit de auto. Frisse lucht, heerlijk!   Bij Opan en Ida en familie Umpuk zijn de deuren dicht, dus lopen we door naar Ibu Diah. Die is uiteraard wel thuis, iemand moet bij de winkel-aan-huis blijven. We geven een doerian af en ze is er heel blij mee. Zaldi zal helemaal gelukkig zijn, zegt ze, hij is er gek op. Zelf vindt ze het ook lekker, maar met mate.
Wij kunnen ons nog steeds niet voorstellen dat er mensen zijn die dit lekker vinden. Het stinkt verschrikkelijk en naar ons idee komt de smaak aardig overeen met de geur.
Als we goed en wel zitten, komt Pak Umpuk er ook aan. Ibu Diah zet ons weer allerlei lekkers voor. Bananen, chips, sinaasappelsap en nog iets, dat we niet kennen. Als Pak Umpuk het ziet, zet hij het snel weg. Dat is niets voor ons, zegt hij. Ja, dan wil ik dus helemaal weten wat het is! Het is een tak met donkerpaars/rode besjes . De vorm lijkt op flinke bosbessen, de kleur is iets anders.  We mogen even kijken wat het is, Pak Umpuk zelf neemt een besje en zet ze dan weer ver van ons weg. Hallo….ik wil ook proeven! Aarzelend zoekt hij een geschikt exemplaar voor me uit. Ik moet met de nagel er een barstje inmaken, erin knijpen en de vrucht uitzuigen. Veel zit er niet in, een beetje gelei-achtig sap, erg zuur, maar wel lekker. Verder zit er een keihard pitje in, net een steentje. De schil gooi je weg.
Ibu Diah, die wel in de gaten heeft dat ik het leuk vind om dingen uit te proberen, kijkt lachend toe.
Ik vraag Pak Umpuk nog eens waarom dit niet geschikt zou zijn voor ons, zelf vindt hij het ook lekker.  
De verklaring is me niet geheel duidelijk. Maar het komt erop neer dat dit meer iets is voor lokale mensen dan voor toeristen, en hoge gasten zet je zoiets al helemaal niet voor, vindt hij.
Tja, smaken en ideeën verschillen. Ik laat ze me in elk geval lekker smaken.
Peter en ik willen eigenlijk nog even naar Mataram. Inkopen doen. We willen voor Anique een speciaal souvenir meenemen. Boeken voor de opleiding verpleegkundige. In het Indonesisch. Met het oog op een stage of vrijwilligerswerk op Lombok zou het handig zijn als ze de taal, met name de vaktaal, wat beter beheerst. In de grote toko buku bij Mataram Mall kunnen we vast wel wat boeken vinden.
Maar tegen de tijd dat we willen gaan, begint het te regenen. Niet een beetje regen. Het giet, en binnen een paar minuten staat alles blank.
Dan stellen we het shoppen maar even uit. Met dit weer kun je beter binnen blijven. Als na een tijd de regen wat minder wordt, gaan Peter en Pak Umpuk even naar buiten, onder het afdak zitten, kijken naar de regen.
Ida en Ibu Misroh zijn ook gekomen en ik blijf binnen met de dames. En het wordt heel gezellig. Heel typisch, als er mannen bij zitten, zeggen de vrouwen niets. Maar nu vragen ze me de oren van de kop. Uiteraard in het Indonesisch, dus af en toe begrijp ik er niet veel van, maar ik vind het leuk om nu eens echt met de vrouwen alleen te kunnen praten, over het leven in Nederland, kinderen, het huishouden. Gewoon gezellig kletsen. Ik denk dat we de mannen maar vaker even naar buiten gaan sturen.
Het wil maar niet helemaal droog worden, maar tegen 6 uur stappen we toch op, want om 7 uur moeten we naar Adi en Nur.
In Loco regent het ook, en alles is één grote modderboel. We pikken Boung, Sareah, Anna en een zus van Wawan thuis op. Ook Daan zit daar te wachten, scheelt weer een paar meter waterlopen.
Op weg naar Mangsit is het slecht. Het eerste deel, over de gewone weg, is al lastig omdat je door de regen nauwelijks een paar meter kunt zien. Als we rechtsaf slaan wordt het nog erger. Het pad is veranderd in een grote modderstroom. Heel handig, zeker als het ook nog eens helemaal donker is. Maar we vinden de weg, en even later parkeren we bij Adi’s familie voor de deur.
Daar mogen we iedereen een handje geven. Er wonen verschillende generaties bij elkaar.
Nur vindt het leuk dat we komen, en helemaal leuk dat Daan er ook bij is.
We worden uitgenodigd om in een kamer te gaan zitten, terwijl de dames het eten klaar zetten. We zitten in een grote kring, en alle ruimte in het midden komt vol te staan met schalen eten. Sareah heeft ook nog van alles meegebracht. Honger hoeven we niet te lijden vanavond.  Uiteraard krijgen we ook weer de nodige vissen ‘op een stok’, kan niet anders bij een vissersgezin.
Nur eet nog niet veel, sinds ze zwanger is houdt ze niet veel binnen. Het is aan haar te zien, ze was altijd al een tenger poppetje, nu is ze echt mager. Daan voelt zich hier helemaal thuis, kletst met iedereen, zorgt dat iedereen voldoende te eten en drinken krijgt. Peter en ik zijn zo te zien vanavond de eregasten. Wij krijgen een heel groot glas thee, de anderen krijgen een klein glas. Ja, verschil moet er weer zijn.
Als het eten is afgeruimd, weten we niet goed wat de bedoeling is. Wat mij betreft kunnen we wel weer naar huis gaan, iedereen kwettert door elkaar, voornamelijk in Sasak. Tot overmaat van ramp wordt de tv ook nog aangezet. Met alleen maar hele flauwe Indonesische programma’s. Heel erg boeiend is dat niet.
Maar we vinden het lastig om nu al aan te geven dat we willen gaan, iedereen schijnt het nog naar zijn zin te hebben.
Op een gegeven moment  zie ik Sareah heel erg gapen. Een goed moment om te vragen of ze misschien naar huis wil… Ja, inderdaad, Sareah is erg moe en zou wel graag opstappen. Dan passen wij ons graag aan, en we nemen van iedereen afscheid.
Even later hobbelen we weer terug over het modderpad. De regen is opgehouden, gelukkig.
In Loco zetten we iedereen weer uit de auto en dan drinken we samen nog rustig een glaasje fris op ons terrasje. Dan naar bed, morgen op tijd er weer uit, Pak Umpuk is weer opgeknapt en morgen willen hij en Peter gaan duiken. 

 

 
Donderdag 21 maart

Vandaag wordt dus een Gili-dagje. Duiken, relaxen op de boot en genieten van zon, zee en mooie strandjes.
Als we in Teluk Nare aankomen zie ik een bekende, Pak Isnani. Hij beheert zo’n beetje het havengebeuren hier en  hij is de oom van Hermawati, een meisje dat via Impian Anak wordt gesponsord.
Ik vraag aan hem hoe het met Hermawati gaat, of ze al weet naar welke school ze volgend schooljaar gaat. Als alles goed gaat, rondt ze in juni de SMP-Junior Highschool af.
Pak Isnani zegt dat het nog niet zeker is of ze verder leert. Dat ligt er aan of de familie geld heeft voor haar opleiding.
Vreemd, ze wordt tocht via Impian Anak geholpen, geld lijkt mij dus niet direct het probleem.
Blijkbaar is het nog niet helemaal duidelijk hoe alles werkt. Vorig jaar weet ik zeker dat Opan haar alles uitgebreid heeft uitgelegd, we zaten er zelf bij. In mijn beste Indonesisch leg ik nu dus nog maar eens uit hoe het werkt. Ze kan gewoon door naar een SMA of SMK. Als de kosten tenminste binnen de perken blijven. Maar we hebben tot nu toe nooit problemen gehad met deze scholen, dan zou het met haar dus ook moeten lukken. Voor de zekerheid geef ik hem nog een keer het telefoonnummer van Opan en zeg dat hij hem altijd kan bellen voor vragen of informatie. Vergeleken met de andere kinderen woont Hermawati nogal in een uithoek, Opan en Ida komen hier niet maandelijks op visite, maar als er iets is zijn ze altijd te bereiken. In elk geval zal ik Opan straks doorgeven dat het verstandig is om op korte termijn toch even bij Hermawati langs te gaan. Het zou zonde zijn als ze door een misverstand stopt met studeren. Communicatie blijft een lastig ding hier…
Het is niet druk op de boot, heerlijk zo buiten het hoogseizoen. Na de ochtendduik gaan we eten bij Kiki Novi. Het eten is weer overheerlijk. Tijdens de middagduik is het nog rustiger. Een groep studenten die vanochtend op de boot was, blijft vanmiddag op Trawangan voor wat speciale oefeningen.
Als we na de duiken weer naar het vasteland varen, gaan we maar op het dak zitten. De zee gaat weer flink tekeer en zo blijven we tenminste droog.
Tussen Teluk Nare en Senggigi krijgen we een flinke stortbui over ons heen, gelukkig zitten we in de auto!
In Senggigi schijnt de zon, er is geen druppel regen gevallen.  We drinken nog wat met de hele club bij Yunas, daarna gaan we terug naar Bumi. Even een beetje opruimen, duikspullen schoonmaken en zelf opfrissen.
Vanavond worden we verwacht bij Mohni en Sofi in Montong. Het wordt een gezellige avond met heerlijk eten.



 

 
Vrijdag 22 maart

We willen vandaag met Pak Harfin naar het zwembad. Pak Umpuk gaat ook mee.
We zitten op tijd aan de ontbijttafel, en hoeven slechts 40 (!) minuten te wachten op ons boterhammetje. Volgens mij moest het meel nog gemalen worden, het ei nog gelegd en de thee nog geplukt. Maar het smaakt prima, dat dan weer wel.
Om 9 uur halen we Pak Umpuk op in Ampenan. Voor we naar Mataram gaan, moeten we eerst een glaasje thee drinken.
Als we een half uurtje later bij Pak Harfin aankomen, treffen we hem alleen thuis. Zo te zien lag hij op de bank te slapen. Hij maakt ons duidelijk dat Ibu Wita niet thuis is. Ook de kinderen zijn er niet.

op weg naar het zwembad

Wat jammer, denken we. Nu kunnen we Pak Harfin moeilijk meenemen. Pak Umpuk probeert Ibu Wita te bellen, maar ze neemt niet op. Pak Harfin loopt weg en komt even later terug, met zijn zwemspullen… Blijkbaar vindt hij het geen probleem om mee te gaan.
We laten Pak Umpuk maar een briefje schrijven voor Ibu Wita, zodat ze weet waar Pak Harfin is gebleven. De sleutel wordt bij de buren afgegeven.     
Dan rijden we met zijn allen naar Mataram Mall. Peter weet de weg wel, maar laat het Pak Harfin, die naast hem zit, ‘vertellen’ hoe hij moet rijden. Met Pak Harfins gebaren en gebrekkige spraak en een beetje van Peters eigen wegenkennis komen we een heel eind.
Het zwembad zit tegen Mataram Mall aan. We parkeren de auto en lopen de Mall in.
Voor 20.000 rp per persoon hebben we een privé-buitenbad. Andere gasten zijn er niet.
Pak Harfin is helemaal opgewekt, hij heeft er zin in.  
Ik laat het zwemuitje aan me voorbijgaan en ga even inkopen doen.     
Voor Aufa wil ik een klein cadeautje kopen. Een leuk spelletje of een popje.
Dat spelletje lukt niet echt. Ik kan niets vinden, geen spelletjes tenminste. Alleen maar spullen met blingbling lampjes, batterijen en waar je eigenlijk helemaal niets mee kunt doen.
Een leuke pop valt ook niet mee. Er zijn barbies, best wel duur en niet leuk, vind ik tenminste.
Gewone leuke popjes hebben ze niet. Dan maar een setje van 3 kleine popjes. Beetje knullige dingen, maar spotgoedkoop en leuker dan de barbies. De verkoopster snapt er niks van, de barbies zijn toch veel mooier?!
Als ik de popjes heb afgerekend, ga ik naar mijn favoriete winkel, de toko buku. Eerst zoek ik wat boekjes voor mezelf, sprookjes, gewone kinderleesboekjes.  Alles waarmee ik wat Bahasa Indonesia kan oefenen.
Daarna ga ik op zoek naar boeken voor Anique. Ik kom al snel uit bij de schoolboeken, biologie, anatomie, van basisschool tot en met SMA, Highschool.
Ik zoek een paar boekjes uit met veel plaatjes, ‘leest’ wat prettiger.     
Een verkoper komt vragen of ik alles kan vinden. Nou, deels, ik leg uit wat ik precies zoek. Dan leidt hij me naar een tafel met boeken voor specifieke verplegersopleidingen. Of Anique daar wat mee kan weet ik niet, maar ik kies toch maar een paar boekjes uit.
Peter zou me bellen als ze klaar zijn met zwemmen, maar ik heb nog niks gehoord.
Ik besluit nog maar even naar de hoogste verdieping te gaan en in de grote huishoudartikelenwinkel een grote plastic opbergbox te halen. We hebben er één waarin we alle duikspullen bewaren die bij Pak Umpuk blijven als we naar Nederland gaan. Maar we willen nu graag wat meer spullen hier laten. Veel dingen gebruiken we in Nederland nauwelijks, zonde om dat steeds mee op en neer te slepen.
Met een jumbo-box ga ik even later de winkel weer uit. Ik heb nog steeds niets van Peter gehoord, en ga de spullen maar naar de auto brengen. Dat is lastig….we hebben een zilvergrijze auto, dat weet ik zeker. Maar daarvan staan er verschillende op de parkeerplaats, allemaal ongeveer op de plek waar onze auto ook staat. En ik heb de auto nog niet zo goed bekeken dat ik weet hoe hij eruit ziet. Alle auto’s hier lijken op elkaar, vind ik. Een taxichauffeur komt naar me toe en biedt me een ritje aan. Nee, niet nodig , ik heb zelf een auto, zeg ik, en laat de sleutel zien.
Tja, nu alleen nog uit zien te vinden van welke auto die sleutel is. Ik probeer de afstandsbediening, maar geen enkele auto reageert erop. Dan maar alle auto’s met de sleutel proberen. De taxichauffeur staat het van een afstand te bekijken. Nu weet hij zeker dat alle toeristen een beetje gek zijn….
Gelukkig is het bij de 2e auto raak, de sleutel past!
Ik zet alle spullen in de auto en loop weer terug naar het winkelcentrum.   
Als ik bij het zwembad kom, zie ik Pak Harfin naar de kleedkamer lopen. Even later komt Pak Umpuk  naar me toe. Het zwemuurtje was erg leuk. Ze hebben fanatiek geoefend. Groot voordeel is dat Pak Harfin meer dan watervrij is. Nog voordat Peter en Pak Umpuk het in de gaten hadden, lag hij al in het water.
Geen idee waar ze de oefeningen of ideeën vandaan hadden, maar hij heeft een hele sessie gehad.
Van speciale oefeningen voor de ‘getroffen’ arm en voet, tot liedjes zingen en hardop zwemslagen  tellen. Jammer dat ik niet een beetje daarvan heb meegekregen… Moet een mooi gezicht zijn geweest!
Pak Harfin ziet er moe uit, maar hij straalt helemaal. Hij heeft zichtbaar genoten. Het was de eerste keer dat hij weer in het water lag nadat hij is getroffen door het herseninfarct, zo’n 8 maanden geleden.   
We overwegen om nog een drankje te nemen in het leuke ‘onderwater’ restaurantje op de bovenverdieping, maar de roltrappen werken niet en om met Pak Harfin alle trappen op te gaan is nu misschien een beetje veel van het goede. Pak Umpuk zegt ook al dat we beter bij hem thuis straks wat kunnen drinken. Och ja, vergeten, het is vrijdag, einde van de ochtend. Dan wil iedereen naar huis voor het wekelijkse moskeebezoek.
Maar eerst gaan we Pak Harfin naar huis brengen. Peter laat hem nog maar een keer uitleggen hoe we het beste naar zijn huis kunnen rijden. Hij krijgt voldoende therapie vandaag!
Ibu Wita is inmiddels thuis. Ze was met de jongste 2 kinderen naar de puskesmas, een soort gezondheidscentrum, waar het babietje een vaccinatie heeft gekregen. Ik vraag welke, maar dat weet ze niet.
We bespreken nog wat dingen voor haar nieuwe winkeltje. Pak Umpuk is erbij en vertaalt/bemiddelt.
Het moet vreselijk frustrerend zijn voor Pak Harfin, hij sprak altijd prima Engels, maar nu kan hij niet veel zeggen. Ik hoop zo dat er nog vooruitgang zit in zijn spraak, maar veel hoop is er niet, zegt Ibu Wita.

de nieuwe keuken van Ibu Misroh en Pak Umpuk

Aufa, Siska, Sintiana

Als we even later weer terug rijden naar Ampenan, komen we in een opstopping op het smalle weggetje langs het strand. Er was duidelijk een vechtpartij aan de gang. Veel verhitte mensen, een hoop geschreeuw en geduw. Zo ineens is het over en druipt iedereen af. We rijden door en vragen Pak Umpuk of hij weet wat er aan de hand is. We krijgen wat gemompel als antwoord. Met andere woorden; ik weet het wel, maar geef liever geen antwoord. Dan dringen we maar niet verder aan.
De mensen zijn hier af en toe een beetje heetgebakerd, zal wel aan de tropische temperaturen liggen of zo.
Als we bij zijn huis aankomen, gaat Pak Umpuk eerst naar de moskee. Wij krijgen van Ibu Misroh allebei een bordje rudjak. We hebben er vaak over gehoord, maar het nog nooit gehad. Het is niet al te rijp fruit met een pittig zoet sausje. Heerlijk!
Aufa is heel blij met de poppetjes. Ze gaan direct kennis maken met het popje dat we vorig jaar voor haar hebben meegebracht uit Nederland.
Als Pak Umpuk even later terugkomt, kijkt hij heel verbaasd, bijna verschrikt. Wat heeft Ibu Misroh ons nu weer voorgeschoteld? Rudjak? Dat is toch niets voor ons!
Geen idee wat hij over ons eetgedrag denkt, maar de vrouwen hier weten wel wat we lekker vinden!
Ik vind het sowieso leuk om van alles te proberen.  
Maar de rudjak alleen is nog niet genoeg. Pak Umpuk gaat de barbecue aansteken. Geen Weber, geen gekke toeters en bellen. Gewoon een vuurtje van kokosschillen en een beetje hout in een ijzeren bakje. Daar komen zo een paar mooie kakelverse visjes op te liggen. Ibu is druk bezig in de keuken. Het ziet er naar uit dat we hier gaan lunchen.  Op het menu staat vis, nasi, kerupuk en blad van de ubi. Weer een soort groente die ik nooit eerder heb gehad. En ik maar denken dat het kangkung was….
Ook Aufa is aan het werk, samen met Siska kookt ze een hele maaltijd van zand, water en steentjes. Leuk om te zien hoe kinderen zich altijd het beste vermaken met de meest simpele dingen.
Terwijl we zitten te eten gaat Pak Umpuks telefoon. Het is voor mij, zegt hij.
Inderdaad, het is Ihwan, een man die ik eigenlijk alleen ken via Facebook. Hij heeft wel vaker bij Lombok Dive gedoken en heeft met Pak Umpuk samengewerkt aan koraalprojecten.
Het is er nog nooit van gekomen om elkaar in Lombok te ontmoeten, maar nu moet het er toch maar een keer van gaan komen.
Ik moet even omschakelen. Maar het lukt me, in het Indonesisch maak ik een afspraak via de telefoon! Zondagochtend, 10 uur, bij Pak Umpuk thuis. Ben benieuwd of dat goed gaat komen…



Bij Puput

Na het eten wandelen we met Pak Umpuk een rondje door Pondok Perasi. We willen even op visite bij een nieuw sponsorkindje, Puput. Ze wordt gesponsord door familie Van Dijck. Bonnie en Jeanne komen haar in juli zelf ook opzoeken. Het had even wat voeten in de aarde om een kindje te vinden. Niet dat er geen kinderen zijn die hulp nodig hebben, dat is het probleem niet.
Maar we hadden gevraagd naar een meisje dat na de vakantie naar de eerste klas van de basisschool gaat. Pak Umpuk stelde direct Puput voor, maar hij wist niet zeker of ze al op school zat. Uit navraag bij haar familie bleek dat ze al in de eerste klas zat.
Dat bracht ons even in een dilemma. Aan de verhalen te horen, was het wel een meisje dat de hulp heel goed kon gebruiken. Dus hebben we snel overlegd met de sponsors. Ze hadden er alle begrip voor en vonden het niet erg dat ze al een jaartje ouder was. Nu gaan we dus even langs om kennis met haar te maken en een foto te maken.
Pak Umpuk loopt mee.  Puput woont bij haar opa en oma. Haar moeder werkt al jaren in Maleisië. Waar haar vader is weet niemand.  In elk geval bemoeit hij zich nooit met zijn dochtertje. De familie woont dicht bij het strand, in een heel eenvoudig huisje. In een ruimte tegen het huisje aan wordt veel vis verwerkt. Puput is erg verlegen, weet niet goed wat ze met ons aan moet.
Pak Umpuk praat even met haar over school en vertelt ons dan geschrokken dat Puput nu al in de 2e klas van de basisschool zit. Oeps…hebben we weer wat uit te leggen aan de sponsors. Maar nu we haar en haar omgeving hebben gezien, staat voor ons al vast dat ze in ons project wordt opgenomen. Mochten de sponsors liever een jonger kindje hebben, dan gaan we haar zelf helpen.
Gelukkig is dat niet nodig. Na het zien van de foto’s wisten de sponsors ook genoeg. Dit meisje kan de hulp goed gebruiken.
Na het bezoek aan Puput lopen we nog een stukje door de kampung. Leuk om overal bekende kinderen te zien.  Vooral het bezoekje aan Hanafi stemt ons blij. Hij ziet er zo goed en vrolijk uit! Dat hebben we wel eens anders meegemaakt.
Als afsluiting van de Pondok Perasi Tour neemt Pak Umpuk ons nog mee naar een visverwerkingsbedrijfje.   
Het is leuk en interessant om te zien hoe hier alles wordt gedaan. Beslist anders dan de grote bedrijven in Nederland, waar de vis vaak al gefileerd en ingevroren van de boot af komt.

Een paar vrolijke fotomodelletjes, Hanafi en Zaldi


Hier is alles handwerk. En hygiëne??? Tropische temperaturen, alles in de buitenlucht….moet je denk ik maar niet te veel over nadenken.
Het is hartstikke gezellig hier op straat, hele gezinnen zitten lekker buiten op de vrije vrijdagmiddag. Maar we moeten nu echt opstappen. Vanavond hebben we het grote diner bij Bumi Aditya.
En we zouden nog voor drinken zorgen. Dani hebben we niet meer gesproken, we hebben dus geen idee hoe het zit met de voorbereidingen. We gaan dus maar snel richting Senggigi.
Eerst rijden we door naar Pasar Seni. Even wat souvenirs kopen. Voor Tom vinden we een paar hele mooie gekko’s. Die vinden nog wel een plekje ergens op zijn slaapkamermuur.
Dan nog iets voor Anique. Daarvoor komen we uit bij de Asmara Souvenirshop. We vinden een prachtige Boeddha en mooi eenvoudig armbandje, Daan die aan het werk is in het restaurant, kijkt even mee en is er ook van overtuigd dat Anique het mooi zal vinden.
Dan haasten we ons naar de supermarkt voor een paar flessen frisdrank. Intussen is het flink gaan regenen, maar gelukkig zijn we met de auto.
Daarna gaan we terug naar Bumi Aditya. Dani is druk in de weer in de keuken. De eetzaal is nog een grote puinhoop.  
Peter gaat maar eens voorzichtig vragen of ze nog weten dat we vanavond een etentje hebben en of de tafels mogen verschoven. Even later gaan de jongens aan het werk en samen met Peter richten ze de zaal netjes in.
Ik ga met Dani aan de slag in de keuken. Eerst maar eens borden, bestek en glazen bij elkaar zoeken. Dat valt niet mee. Het mag hier dan wel een hotel zijn; 12 sets eetgerei zijn niet gemakkelijk te vinden.
Wat een puinhoop is het in de keuken. Ik begrip niet hoe Dani hier zo uitgebreid kan koken.  Er staan al grote schalen met lekker eten klaar. Alles is ook nog eens heel mooi opgemaakt, met mooie groene bladeren eronder, mooi gesneden tomaat en komkommer erbij. Het ziet er super uit.
Maar nog niet alles is klaar. Ik spring bij waar mogelijk.
Van afwassen (lastig met een miezerig straaltje koud water en geen ruimte om iets neer te zetten) tot gamba’s bakken.
Als Peter naar Ampenan gaat om iedereen op te halen, kleed ik me snel om en duik dan maar weer de keuken in. Het is even stressen om alles op tijd af te krijgen en tussendoor ook nog de tafel gedekt te krijgen, met voldoende spullen…
Dan blijkt dat er geen rooster is om de saté op te grillen. Een paar stukjes betonijzer die bij de bouw liggen zijn te klein, dat werkt niet. Dan maar even naar Peter bellen, die is gelukkig nog in Ampenan en kan het rooster van Pak Umpuk meebrengen. Een feestje zonder saté kan echt niet!
Als Peter met de gasten aankomt, sta ik nog boven een pan olie te zweten in de keuken. Nog een paar gamba’s frituren. Het is een gigantische chaos in de keuken, maar de gasten kunnen alvast aan tafel. 

de mooie keuken van ons hotel

Pak Umpuk en Opan willen komen helpen, maar dat willen we niet. Nu zijn ze onze gasten.
Als we bij hen op visite zijn, mogen we ook nooit helpen. Nu doen wij alles zelf.
Dat blijkt verschrikkelijk moeilijk voor ze te zijn, zich laten bedienen door ons.
Na een klein half uurtje rennen en stressen zitten we eindelijk allemaal aan tafel.
Het is leuk te zien hoe iedereen zit te genieten. De dames allemaal netjes opgetut voor het uitje. Dit is veel leuker dan vorig jaar bij Cafe Montong. Toen hadden we ook lokaal eten, maar met een toeristische slag (dus veel minder pit en smaak dan echt lokaal eten). Dit is echt het eten wat de mensen thuis ook maken, maar dan zelden voor zichzelf, en nooit met zoveel variatie in één maaltijd.
Dani heeft echt een geweldige prestatie neergezet.
Helaas kan ze zelf niet lang blijven, haar man komt haar ophalen en we hebben al begrepen dat zijn wil wet is. Ze vindt het heel vervelend, want nu kan ze niet meer opruimen. We verzekeren haar dat we heel blij zijn met haar hulp en dat we er zelf voor zorgen dat straks alles wordt opgeruimd.  Maar dat hadden we misschien beter niet kunnen zeggen, nu voelt ze zich nog ellendiger omdat ze moet gaan.
Intussen zit iedereen nog lekker te smullen. Het is geweldig om te zien. Fijn dat we deze mensen nu eens een avond kunnen verwennen! Al blijven ze erbij dat het eigenlijk niet gepast is dat ze zich door ons laten bedienen.
Maar aan alle mooie dingen komt een eind. Na nog een rondje koffie, thee en cappuccino is het tijd om af te sluiten. Er is nog veel eten over. We verpakken zoveel mogelijk om mee te geven aan de gezinnen uit Ampenan, maar zonder bakjes en schaaltjes is dat best lastig. Wat we niet mee kunnen geven, zetten we in de koelkast, dat eten Dedi en zijn vrienden morgen wel een keer op.
Dan gaat Peter weer een rondje Ampenan doen. Ik stort me maar op de afwas…jippie.
Dedi en zijn collega’s kijken vreemd op als ik de tafels af ga ruimen. Dat doen zij wel!
Echt niet, wij hebben gegeten, wij hebben een puinzooi veroorzaakt, daar ga ik hun niet mee opzadelen.
Maar daar willen ze niet van weten, ze helpen in elk geval mee. Eerlijk gezegd ben ik er wel een beetje blij mee. Ik weet niet goed waar ik moet beginnen. De hele keuken staat nog vol met smerige pannen en schalen. In de eetzaal staan bergen afwas. Alles moet afgewassen worden onder dat miezerige straaltje koud water. Met een vage spons en nog een paar centiliter afwasmiddel in de fles. Uiteraard in het donker, buiten bij een te laag stenen aanrechtje, met een klein plekje om de schone spullen neer te zetten.
Tja, waar begin je dan? Eerst maar eens in de keuken. Daar zal ruimte gecreëerd moeten worden om schone spullen neer te zetten. Alle smerige spullen stapel ik buiten in het zand op de grond op. Dan de tafel en het gasfornuisje maar even flink afsoppen (is geloof ik al jaren niet meer gedaan).      
Daarna afwassen, in het stralende licht van een zaklampje.
Lang leve de vaatwasmachines…helaas hebben ze die hier niet.
Als Peter terug is ben ik nog niet op de helft, ondanks de hulp van Dedi en een vriend.
Dedi vindt het trouwens maar vreemd dat we zelf meehelpen met opruimen, dat hebben ze nog nooit meegemaakt hier!
Een uur later komt er een einde aan de schoonmaak-ellende. Wat zijn we toch verwend in Nederland, bedenk ik me.
We stoppen Dedi en zijn hulp een bedankje toe en gaan moe maar voldaan naar bed.
Het was weer een geweldige dag!

 

 
Zaterdag 23 maart

Peter gaat vandaag duiken. Ik neem een dagje vrij en blijf lekker in Loco/Senggigi.
Voor Peter gaat eten we samen een hapje bij Yunas, naast Lombok Dive.
Dan blijft de hotelkeuken na onze poetsbeurt van afgelopen nacht tenminste nog even schoon.
Als de duikers weg zijn loop ik terug naar Bumi Aditya. Daar haal ik nog wat kleren door een sopje, ruim wat op en zoek alvast wat spullen uit die we in elk geval hier laten liggen.
Daarna ga ik gebruik maken van het supersnelle internet en plaats wat foto’s op facebook. ’s Middags en ’s avonds lukt dat vaak niet.
Tegen de middag ga ik een stuk wandelen. En nog een paar souvenirs kopen. Handig als we wat zwaardere spullen hier kunnen laten liggen, kunnen er weer wat extra leuke spulletjes uit Lombok mee naar Nederland.
Ik eet een hapje bij Angel, mijn standaard plek als ik alleen ben. Geen idee waarom. Maar het eten is er altijd lekker en je zit er niet altijd alleen, wat bij veel andere restaurantjes wel het geval is. Zeker nu buiten het hoogseizoen.
Ook komen er wel eens wat verkopers binnenwandelen. Niet altijd gezellig als je met je gezin zit te eten, maar als ik alleen ben, heb ik er helemaal geen moeite mee.
Rond 4 uur krijg ik een sms van Peter, ze zijn op de terugweg.
Dan loop ik maar naar Bumi Aditya. Even nog een paar foto’s proberen te laden, daarna terug naar Lombok Dive.
Adi en Aan zijn al terug met de materialenauto. Als ik er net ben, komt Peter ook aanrijden.
Met de vaste groep drinken we wat bij Yunas.
Gezellig, Opan en Ida komen ook nog langs. Ze hebben ons advies opgevolgd en zijn net naar Teluk Nare geweest om Hermawati te bezoeken. Ze hebben doorgesproken welke mogelijkheden Hermawati heeft voor het volgende schooljaar. Waarschijnlijk gaat ze naar SMK. Een meer beroepsgerichte opleiding, vergelijkbaar met MBO. Nu we nog even rustig samenzitten nemen we nog wat andere dingen door voor Impian Anak.
Het schooljaar in Lombok loopt op zijn einde en verschillende kinderen gaan volgend jaar naar een andere school. Het is voor ons handig om ongeveer te weten wat de kinderen dan gaan doen.
Maar het is moeilijk om dat soort dingen ver van tevoren te plannen. Dat doen veel mensen in Lombok pas op het laatste moment. Decanen, studievoorlichting, open dagen, dat zijn allemaal dingen die hier nog niet zijn ingeburgerd. We hebben het idee dat de studiekeuze vaak meer afhangt van het beschikbare budget dan van de wens, voorkeur of prestaties van een kind.
Voor we weer naar Bumi Aditya gaan nemen we afscheid van Corry. De komende dagen duikt Peter niet meer, en zullen we haar waarschijnlijk niet meer tegenkomen. Maar we hopen elkaar nog vaak op Lombok te ontmoeten!
Ik heb zelfs nog een afscheidscadeautje voor Corry, na het kopen van alle souvenirs moet er wat gewicht uit onze bagage. Dus krijgt ze een paar dikke boeken, waar ik zelf hier niet doorheen kom. Hoe graag ik ook lees, hier komt het er zelden van, en dan is het handiger om wat dunnere boeken te pakken, die krijg ik tenminste uit in de vakantie.
Voor het avondeten gaan we nog even buurten bij Adi en Mariam. Als we aankomen is Adi nog niet thuis.
Maar mijn Indonesisch gaat vooruit, het Engels van Mariam ook, dus kunnen we al een aardig gesprekje voeren. Maar als Adi even later thuiskomt, schakelen we toch automatisch weer over op Engels.
Voor het eten gaan we vanavond niet ver. We besluiten nog een keer luxe te eten, lekker chinees bij Graha. Onze favoriete ober is er weer, Made uit Loco. Hij is altijd erg vriendelijk en als je hem ziet word je vanzelf vrolijk.
De bestelling van Peter kent hij al; sweet sour pork. Van de ‘speciale’ menukaart.  
Omdat varkensvlees hier niet door iedereen gewaardeerd wordt, staan deze gerechten niet op de standaard menukaart. Maar liefhebbers, zoals Peter, kunnen het wel bestellen.
Bij het eten bestellen we een sirsak-sapje. Die vonden we een paar dagen geleden erg lekker!
En dat is het nog steeds. Het maakt ons nieuwsgierig naar de vrucht zelf, we kunnen er ons niets bij voorstellen. Moeten we toch nog maar een keer op de markt gaan kijken, dit seizoen zijn er toch heel andere dingen te koop dan in juli of augustus. Misschien komt het er morgen of overmorgen nog van. Maar nu gaan we naar bed. Het belooft morgen weer een drukke dag te worden.

 
Zondag 24 maart

We zijn om 10 uur in Ampenan, voor onze afspraak met Ihwan. Het is gezellig bij Pak Umpuk, maar we zien geen Ihwan. Zal ik gisteren dan toch iets anders hebben afgesproken via de telefoon?
Een kwartiertje later komt Ihwan aan, en het eerste wat hij zegt is ‘sorry, ik ben een beetje te laat’.
Mooi, lag het toch niet aan mijn Indonesisch!
Onder het genot van lekkere hapjes kletsen we bij, voornamelijk over duiken. Hoe kan het ook anders met 3 duikers…
Ihwan en Pak Umpuk gaan komende week weer een koraaltransplantatie-project doen in Sekotong. Vergelijkbaar met wat we afgelopen week hebben gezien, maar nu werken ze met tafels van pvc-buizen in plaats van ijzer. Een stuk lichter, zou je denken, maar de buizen zijn gevuld met beton, zodat ze niet wegdrijven.
De vrouwen zijn allemaal druk aan het koken. Er is vanavond een herdenkingsplechtigheid voor Pak Di. Veel mensen komen eten.
Rond de middag krijgen we al een voorproefje van al het lekkers, ook Ihwan wordt gevraagd mee te eten.


Als we zitten te eten, barst er weer een flinke bui los. De regen valt met bakken uit de hemel.
Mooi om te zien, zeker hoe alle kinderen genieten van het water.
Als het weer droog is, vertrekt Ihwan. Wij gaan met Opan en Pak Umpuk een stukje door de wijk lopen. We willen graag de basisschool zien, SDN21, waar veel Impian Anak kinderen uit Pondok Perasi-Ampenan naar toe gaan.
Het is een school zoals je er veel ziet in Lombok. Eenvoudige lage gebouwen, golfplaten dak, kale speelplaats. Volgens Pak Umpuk is het kwalitatief niet de beste school. Mensen die het zich kunnen permitteren laten de kinderen liever naar een andere school gaan, SDN5, aan de andere kant van de grote weg, waar we een paar jaar geleden een keer op bezoek zijn geweest. Die school is duurder, maar veel beter. De aansluiting naar het vervolgonderwijs is gemakkelijker voor kinderen die op de betere basisschool hebben gezeten. Riskya, Pak Umpuks oudste dochter, heeft op SDN5 gezeten, en hij hoopt dat Aufa er ook naar toe kan.  
Ook zien we de moskee van dichtbij. Het is leuk om iets meer van het dorp te zien, meestal komen we niet verder dan de weg langs het strand en de huizen waar de kinderen wonen.



Het is opvallend hoeveel miniwinkeltjes er zijn. Mensen verzinnen van alles om iets bij te verdienen.
Maar het winkeltje van Ibu Diah is toch wel de mooiste, vinden we.
Als we terugkomen, lopen we even bij haar langs. Het is er ontzettend druk. Veel vrouwen uit de buurt helpen met koken. En dat allemaal op de grond, in het eenvoudige keukentje…
Het is ons niet helemaal duidelijk of we nu ook zijn uitgenodigd voor het herdenkingsmaal. Lastig, als we het navragen, zullen ze niet zeggen dat we niet welkom zijn, maar we weten ook niet of er speciale regels of zo zijn. Ik kan me voorstellen dat het niet de bedoeling is dat vrouwen met de mannen mee eten. We zien wel hoe of wat. In elk geval geven we Ibu een bijdrage voor het geheel. Zal wel welkom zijn met zoveel eters. Achteraf horen we van Pak Umpuk dat de meeste mensen die komen eten een bijdrage geven.
We moeten nog even naar Senggigi, nog wat inkopen doen en even naar Lombok Dive.
Als we gaan, wordt er gevraagd of we vanavond weer komen. Dat zal dan wel voor de herdenkingsbijeenkomst zijn.
Of voor mijn verjaardag. Morgen ben ik jarig en ik heb wel wat dingen opgevangen over een feestje. Maar hoe of wat weet ik niet.
Als we even later in de auto zitten, krijgt Peter een sms. Hij rijdt, dus kijk ik wat het is. Een sms van Pak Umpuk. Hoe oud ibu Marianne morgen wordt. Oeps, die had ik vast niet mogen zien. Namens Peter stuur ik maar een antwoord terug.
In Senggigi gaan we snel op zoek naar een kleinigheidje als afscheidscadeau voor Daan. Lastig, maar na even zoeken vinden we bij de ‘souvenirsupermarkt’ een zilveren ketting met een mooi hangertje. Misschien niet direct haar smaak, ze houdt meer van stoerdere dingen, maar bij haar werkuniform zal het heel mooi staan.
Als we vragen of het ingepakt kan worden als cadeau, krijgen we er gratis en voor niks een heel mooi schelpendoosje bij. Wat een service, maarja, we zijn ook wel goede klanten hier.
Bij Bumi frissen we ons even op. Dani is weer aan het werk en komt ons nog een paar afscheidscadeautjes brengen. Een flesje ‘traditional medicine’, zoiets als de minyak gosok, die hier als medicijn/smeerseltje voor van alles en nog wat wordt gebruikt. Maar deze versie is door haar moeder gemaakt, met heel veel speciale kruiden.
Ook heeft ze zelf nog rijstkoekjes gemaakt, die we thuis kunnen bakken. En nog een zoete lekkernij, knapperige zoete koekjes, netjes per stuk verpakt. Wat lief! En dat allemaal omdat ze het zo waardeerde dat we haar eergisteren de kans hebben gegeven om voor ons te koken.
Als we weer een keer een feestje willen houden, weten we wie de catering mag verzorgen!
Maar nu moeten we naar een ander feestje. Of in elk geval naar Ampenan.


Als we aankomen weten we niet goed waar we naar toe moeten. Naar Ibu Diah of naar Pak Umpuk.
Maar Pak Umpuk is buiten, daar dus maar even kijken wat de bedoeling is. Dan horen we dat de herdenking al voorbij is. Alle gasten zijn weer naar huis. Vreemd, dat was dan heel snel, zo lang zijn we niet weg geweest, hooguit een uur.
Bij Pak Umpuk gaan we buiten op het terrasje zitten. Opan en Ida zijn er ook, en alle kinderen lopen rond. De deuren gaan dicht, de gordijnen ook. Iedereen loopt een beetje geheimzinnig heen en weer. Op een gegeven moment zitten alleen Peter en ik nog buiten. Ze voeren iets in hun schild, maar wat?
Dit heeft ongetwijfeld met mijn verjaardag te maken.
Dan gaat de deur open en vraagt Ida of we binnen komen. Daar is het donker. Zodra ik binnenkom gaat er een feest/kerstverlichting aan, rond een mooi tapijtje op de grond. Daar staat een krukje op met prachtige verjaardagstaart. De mooiste die ik ooit heb gehad! Maar het allermooiste is dat al onze vrienden uit Ampenan; Pak Umpuk, Ibu Misroh, Ibu Diah, Opan, Ida, Wahyudi, Sanita, Zaldi, Riskya en Aufa in de kamer zitten en Happy Birthday beginnen te zingen. Wahyudi begeleidt het geheel op gitaar.
Ik had van alles verwacht, maar dit niet. Och ja, dan maar weer even kippenvel en tranen in de ogen.
Dit is een heel bijzonder verjaardagsfeestje, jammer dat Tom en Anique er niet bij kunnen zijn.
Als ik door iedereen uitbundig ben gefeliciteerd, mag ik de kaarsjes uitblazen. 2 Kaarsjes in de vorm van een vier. Vandaar dat sms-je vanmiddag. Dat hebben ze dan wel heel snel geregeld!


Daarna mag ik de taart aansnijden. Zonde om zo’n mooie taart in stukjes te snijden, maar laten staan is nog meer zonde. Als iedereen een bordje met taart heeft, gaan we lekker smullen. Het is vooral erg zoet, maar ik geniet ervan! En als de taart op is, komt er nog een compleet diner voor ons. Waarschijnlijk van het herdenkingsmaal, waarvan we nog steeds niet weten of we er eigenlijk bij hadden moeten zijn.
Er zitten een paar pittige gerechten bij, maar veel honger heb ik niet meer.
Wahyudi vermaakt ons met zang en gitaar. Pak Umpuk vertelt mooie verhalen, over vroeger, toen het duiken nog heel anders was. Toen Lombok nog nauwelijks toeristen kreeg. In de pakweg 30 jaar dat hij al duikt, heeft hij heel wat meegemaakt. En hij kan er prachtig over vertellen.
Het wordt laat vanavond, maar dat maakt niet uit. Nu kunnen we nog gezellig bij elkaar zitten. Morgen vliegen we weer naar Nederland.
We willen morgen heel graag nog even naar de markt, voor Anique wat lekker fruit uitzoeken, voor Tom op zoek naar kerupuk ceker ayam, de befaamde kippenpotenkroepoek.
Pak Umpuk belooft met ons mee te gaan. Wat we verder morgen nog doen zien we wel. In elk geval gaan Pak Umpuk en Opan mee naar het vliegveld. Vooral Pak Umpuk wil zo lang mogelijk bij ons blijven. Ze kunnen met ons met de auto heenrijden, en we geven ze wel geld om met een taxi terug te rijden.
Rond middernacht is het welletjes geweest en nemen we afscheid. We zouden met alle plezier langer willen blijven, maar het was een lange vermoeiende dag voor iedereen. Ida ligt zelfs al lekker te slapen bij Pak Umpuk en Ibu Misroh op de vloer. Tijd om naar huis te gaan!
Bij Bumi zetten we snel nog een paar foto’s op facebook. Dan duiken we ook het bed in. Voorlopig weer de laatste keer in Lombok.

 

 
Maandag 25 maart

Leuk, onze facebookpagina begint vol te lopen met reacties op de foto’s van het verjaardagsfeestje van gisteravond! Nu ben ik echt jarig. Weer eens wat anders dan in het koude Nederland, waar de winter maar niet van ophouden weet. Wat zal dat morgen tegenvallen. Van een hele dikke 30 graden naar de Nederlandse vrieskou.
Maar daar denken we nog maar even niet aan. Om 8 uur zijn we bij Lombok Dive. Niet om mee te gaan naar de gili’s, maar om afscheid te nemen van de club die vandaag gaat duiken.
Dat zijn er niet veel, alleen Adi en Aan treffen we op het kantoor. Mohni is op Trawangan gebleven.
Als de jongens weg zijn, pakken we een kopje thee en een klef zoet broodje bij Yunas. Gaat in elk geval sneller dan bij Bumi. Als we even later naar Ampenan willen gaan, zien we Ibu Ana staan wachten op een bemo. Die gaat vast ook naar Ampenan, inkopen doen voor de warung. Even navragen, inderdaad, ze gaat naar de markt.
Dan mag ze wat ons betreft meerijden, wij moeten toch die kant op. Dus rijden we met zijn drieën Senggigi uit. Ibu Ana heeft een jerrycan bij zich en ze vertelt dat ze die onderweg even ergens af moet geven.
Dat is geen probleem, we stoppen wel.
Met Ibu Ana erbij hoef je verder niet zoveel te zeggen. Af en toe ja of nee.  En Peter neemt dat heel letterlijk. Ibu Ana kletst er lustig op los en als ze op een gegeven moment zegt dat ze hier de jerrycan af moet geven zegt Peter ja en rijdt hij door. Jaja, hij was goed op aan het letten wat Ibu Ana allemaal kletst. Gelukkig luistert hij wel als ik zeg dat we even moeten stoppen en kan Ibu Ana haar jerrycan afleveren. Op de terugweg pikt ze hem gevuld weer op.
Wij zijn ook van plan naar Kebon Roek markt te gaan, maar we hebben afgesproken om dat samen met Pak Umpuk te doen. Dus zetten we Ibu Ana bij de markt af en rijden we naar Pondok Perasi.
Daar moeten we uiteraard eerst wat drinken voor we verder gaan. Terwijl we aan een koel glaasje water zitten, vertelt Pak Umpuk dat Ibu vanochtend al naar de markt is geweest en fruit voor ons heeft gekocht. Ze kon geen goede verse sirsak vinden, maar wel srikaya, dat lijkt erop.
Het is een mooie vrucht. Van buiten lijkt het vaag op een artisjok, maar het is heel iets anders. Onder de dikke schil zitten heel veel witte partjes, elk met een pit. Het vruchtvlees is zacht, beetje zoet, beetje melkachtig. Niet te vergelijken met wat voor fruit dan ook in Nederland. Het eten vergt wat tijd en gefriemel, maar het is wel heel lekker!
Dus, zegt Pak Umpuk, hoeven we nu niet meer naar de markt te gaan.


Maar wij willen eigenlijk heel graag naar de markt….misschien kan Pak Umpuk zich dat niet goed voorstellen. We zeggen dat hij niet mee hoeft te gaan, dat we alleen ook wel kunnen. Maar dat kan natuurlijk niet…. Dus lopen we even later met zijn drieën naar de markt. De auto laten we maar staan, heel ver is het niet en parkeren bij de drukke markt is niet handig.
Bij de markt is het als gewoonlijk vreselijk druk, vreselijke puinhoop, maar ik vind het geweldig. Heerlijk kijken naar mensen, verkoopwaar, alle mooie kleuren, lekkere en minder lekkere geuren. Hier kan wat mij betreft geen toeristische topattractie tegenop.
Al snel krijgen we in de gaten dat Pak Umpuk hier niet vaak komt. Onderweg heb ik een boodschappenlijstje doorgegeven, kippenpoten-kroepoek, salak, mangistan, ramboetan, lengkeng.
Pak Umpuk loopt zoekend rond en vraagt links en rechts waar we alles kunnen vinden. Terwijl Pak Umpuk nog zoekende is, houdt Peter zich bezig met fotograferen, ik geniet van alles om me heen.
Al snel zie ik ergens iets wat op verse kaneel lijkt. Effe eraan snuffelen, ja, het is kaneel. Pak Umpuk is een goede begeleider. Hij vraagt me even opzij te gaan en gaat onderhandelen over de prijs, want als ze mij zien wordt de prijs veel hoger. Alsof de verkoopster me niet al lang heeft gezien. Peter en ik vallen hier ook niet op….groot en wit.
Och, voor de prijs hoeven we het niet te laten en met een paar zakjes kaneel lopen we even later weer verder.
Inmiddels is Pak Umpuk erachter gekomen dat de  fruitafdeling op de eerste verdieping is. Dat hadden we zelf een jaar of 4 geleden ook al ontdekt. Volgens mij is Pak Umpuk hier echt nooit eerder geweest.
Boodschappen doen is vast vrouwenwerk. Ik zie al snel de meeste dingen die we nodig hebben liggen.
Maar Pak Umpuk is kritisch. Het moet nog helemaal mee naar Nederland, dus het moet vers zijn, niet te rijp, niet te groot, niet te klein. Bij alle verkopers wordt het fruit bekeken, betast, geroken. Maar niets kan zijn goedkeuring krijgen. Al snel komt Pak tot de conclusie dat je voor fruit beter naar Cakra kunt gaan. Maar dat is niet echt in de buurt, zeker niet zonder auto, dus moeten we hier toch maar wat zien te verzamelen. En we willen gewoon een paar dingetjes meenemen, geen handelsvoorraden of zo.
Uiteindelijk wordt er wat onderhandeld en hebben we een paar zakken gevuld met fruit. Natuurlijk mag ik die niet dragen. Dat doet Pak Umpuk voor me. Ik vind dat zo erg, maar het alternatief, dat ik ook wat draag, vindt Pak Umpuk onverdraagbaar. Tja, dan loop ik maar als een grote verwende witte mevrouw  achter hem aan. Peter is inmiddels buiten zicht, die vermaakt zich prima met de camera.
Als we voldoende fruit hebben om onze koffers royaal op de 20 kilo te krijgen, dalen we weer af naar de begane grond. Daar treffen we Peter ook weer. In een ooghoek zie ik nog de besjes liggen, die Ibu Diah een paar dagen geleden voor ons had, toen Pak Umpuk dat geen goed idee vond.
Die wil ik ook graag hebben, Anique vindt het vast leuk om ze te proeven. Pak Umpuk begrijpt er niets van, waarom wil ik nou zoiets meenemen?  Ja, vreemde mensen die Nederlanders.


Met een paar takken vol besjes lopen we even later verder. We hebben het hele boodschappenlijstje afgewerkt, behalve de kippenpotenkroepoek. Dat is iets lastigs. Steeds als ik erover begin kijkt Pak Umpuk bedenkelijk. Als hij nou eens gewoon zou zeggen wat ermee aan de hand is!
Als ik dat vraag gaat hij bellen. Ik kan het niet meer volgen. Even later blijkt dat Wahyudi de opdracht heeft gekregen om de kroepoek te gaan kopen en naar Ampenan te brengen. Hier op de markt hebben ze de kroepoek ook wel, maar niet zo’n goede. Als ik dat had geweten, was ik er niet meer over begonnen. Maar ja, we hebben niets meer in te brengen, alles is al geregeld.
Na een laatste blik op de markt lopen we met een paar flinke tassen vol fruit en maar liefst 4 euro armer weer naar Pondok Perasi. Het is echt bloedheet vandaag. Van Pak Umpuk mag ik nu ook een tasje dragen, met de kleine besjes, die weegt niks. Onderweg krijg ik nog de opdracht om goed op te letten met wat ik eet als we in Lombok zijn. Nooit zomaar fruit of iets proberen, ook niet als ik het op de markt krijg. Ik begrijp het niet helemaal. Is hij bang dat ik in het bos giftige besjes ga eten, of dat mensen me bedorven fruit gaan verkopen? Ik weet het niet.
In elk geval begrijpt hij niet dat ik dingen eet die ik niet ken. Dat is misschien niet erg Lomboks.
Wat de boer niet kent….
Als we weer bij zijn huis zijn, heeft Ibu Misroh al wat lekkers voor ons klaarstaan. Nu iets erg zoets, iets met gelei, kleefrijst en suiker.  Terwijl we zitten te eten wordt er bij Ibu Diah een doos gehaald.
Daar wordt al het fruit vakkundig in verpakt. Maar niet voordat we ruim de helft hier hebben verdeeld. Zoveel kunnen we echt niet meenemen naar Nederland. Het is uberhaupt de vraag of het fruit goed aan gaat komen.
Net voor de doos dicht wordt geplakt, komt Wahyudi aan met de kroepoek. Twee flinke zakken vol met ongebakken kippenpootjes. Niet de drumsticks die we in Nederland eten. Dit zijn de velletjes van de dunne pootjes en teentjes, die we in Nederland weggooien. Ze worden gemarineerd en gedroogd. Daarna gebakken en dan zijn ze erg lekker. Voor de liefhebbers, ik heb het recept ooit ergens gevonden op internet. Maar zelf hebben we niet zo heel veel kippen, en om die 4 kippen en 1 haan nou de pootjes af te snijden vinden we zielig. Het lijkt me ook een vreselijk gepruts om de pootjes/tenen te ontvellen, dus kopen we ze maar hier.
Of koopt Wahyudi ze hier. Hij is speciaal naar een plek gegaan waar ze de beste kerupuk ceker ayam hebben. Ja, het is voor Tom, en dan is alleen het beste goed genoeg!   Als we afgerekend hebben met Wahyudi haast hij zich weer naar zijn werk.
Wij nemen weer voor even afscheid en gaan naar Bumi Aditya. Voor we in gaan pakken willen we snel afscheid nemen van Daan.

Ze is thuis met haar moeder en Zara. We willen niet te lang blijven, maar we komen niet weg voor we iets hebben gedronken. Ze hebben speciaal voor ons verse kelapa muda gehaald. Daan mag de kokosnoot vakkundig onthoofden.   Op de berugak zitten een paar dames die vragen wanneer we weer naar de waterval gaan. Het duurt even voor we begrijpen dat ze, inmiddels heel wat jaartjes geleden, met ons mee zijn geweest toen we met alle kinderen van Proyek kampung Loco naar Senaru zijn geweest. Ja, zo worden we beroemd in Lombok…jaren later hebben ze het er nog over.
Als we gaan geven we Daan haar cadeautje, het kettinkje in een mooi doosje. Daan pakt het doosje aan, zegt dankjewel en zet het dan weg. We zeggen dat er nog iets in zit, maar naar Lombokse traditie wordt het niet uitgepakt waar wij bij zijn. Jammer, maar we horen later wel of ze het leuk vond. Zara is nieuwsgieriger. Als Daan met ons meeloopt, zien we Zara snel het doosje pakken en open maken.
Bij Boung en Sareah volgt het volgende afscheid. Bah, ik haat dit, elke keer weer. Konden we die laatste uurtjes maar gewoon overslaan. Het kleine dochtertje van Ani en Wawan kijkt me, vanaf oma's velige arm, weer eens met grote bange ogen aan. Wat zal ze blij zijn dat die gekke witte mensen weer naar huis gaan. Peter geniet nog van een laatste kopje echte Lombok koffie. Als we even later naar het hotel lopen, krijgen we een sms van Mohni, hij is teruggekomen van de gili’s en wil graag nog even afscheid komen nemen. Een paar minuten later komt hij nog even langs.
Daarna gaan we snel inpakken. Gelukkig kunnen we veel spullen hier laten, anders kon de doos fruit niet mee. Als beide tassen een acceptabel gewicht hebben, gaan we nog even mandiën en dan nemen we afscheid van Dedi en zijn collega’s. Nu eens niet tot volgend jaar, maar tot over een paar maanden. Och, is er toch nog iets leuks aan dit afscheid, het is niet voor zo heel lang.
In Ampenan leveren we de boxen af met spullen die hier blijven staan. Alles is muis/rat-safe ingepakt. Iedereen is een beetje stilletjes. Opan en Ida komen ook langs. Ida komt net van school en ziet eruit alsof ze een Hollandse winter gaat trotseren. En het is hier bloedheet. Hoe houdt ze het vol?!   Op school is deze outfit verplicht, maar nu zou ze toch iets uit kunnen doen. Blijkbaar heeft ze weinig last van de warmte.
Van Hamdi krijgen we nog een berichtje, hij vindt het jammer dat we elkaar maar zo weinig hebben gezien. Ja, vinden we ook, maar we hebben het ook best wel druk gehad. En gezien de situatie wilden we deze week zoveel mogelijk in Ampenan zijn. In de zomer komen we zeker weer naar Batu Tumpeng.

Even later volgt er een intensief sms-verkeer tussen Hamdi en Pak Umpuk en krijgen we via Pak Umpuk de vraag of Hamdi misschien met ons mee kan rijden naar het vliegveld, vanuit Batu Tumpeng. Oeps, dat weten we niet. We worden door een chauffeur van het autoverhuurbedrijf weggebracht, Opan en Pak Umpuk gaan ook al mee en de achterste bank kan niet uitgeklapt worden, daar ligt onze bagage. Een extra lifter wordt dus lastig, helaas…
Dan volgt de vraag of we misschien via Rumak kunnen rijden, want Hamdi wil ons nog iets meegeven.
Dat moet te regelen zijn met de chauffeur, meestal rijden ze toch via die route.
Dan moeten we echt afscheid nemen. Het wordt geen gemakkelijk afscheid van de vrouwen in Ampenan. We hebben zo’n fijne tijd gehad, veel mooie maar ook verdrietige momenten gedeeld.
Nu wordt het dus tranen met tuiten. Vooral Ibu Diah heeft het erg moeilijk.
Samen met Pak Umpuk en Opan rijden we naar Bagus Cars. Daar ontmoeten we meneer Nyoman weer.     Terwijl we op de chauffeur zitten te wachten die ons naar het vliegveld brengt, rekent Peter af en is Pak Umpuk helemaal verrukt over de deur die automatisch openschuift als je ervoor staat. Grappig, dat soort dingen zijn in Lombok heel bijzonder.
Als we met de chauffeur onderweg zijn, wordt er weer druk ge-sms’t tussen Pak Umpuk en Hamdi.
Bij Rumak staat Hamdi langs de weg te zwaaien. Even stoppen dus.
Veel tijd hebben we niet, maar even afscheid nemen moet kunnen. Van Hamdi moeten we meekomen naar een berugak aan de kant van de weg. Ook de chauffeur, die er net zo weinig van begrijpt als ik, moet meekomen. Dan zie en hoor ik waarom…. Heni en kleine Habil zitten op de berugak, met nog een paar mensen.  Tussen hen in staat een prachttaart, zo mogelijk nog mooier dan die van gisteren. Als ik dichterbij kom, begint iedereen voor me te zingen. Gisteren had ik wel een vaag vermoeden dat er iets voor mijn verjaardag was geregeld, nu overvalt het me compleet. Ik was mijn hele verjaardag al vergeten.
Als iedereen is uitgezongen mag ik de kaarsjes uitblazen. Dan krijg ik een mes in handen geduwd en mag ik de taart in stukjes snijden. Zonde…
Ik krijg één bordje voor mezelf. De andere mensen geef ik maar een stuk plakkerige smeltende taart op de hand. De chauffeur kijkt net zo verbaasd als Peter en ik, maar laat zich de taart ook prima smaken.



Ik was al een beetje emotioneel vandaag, en dit soort verrassingen maakt het er niet minder op. Waar hebben we het aan verdiend om hier zo op handen gedragen te worden? Af en toe is het een beetje te veel van het goede.
Ik vind het heel vervelend om nu direct weer door te gaan, maar het vliegtuig wacht niet op ons. We moeten echt weer verder. Sorry sorry sorry.
Het laatste stuk naar het vliegveld rijdt vlot. Zeker als we van Pak Umpuk weer een keer het verhaal horen over zijn vliegervaring. Jaren geleden, toen hij nog een heel jong mannetje was, heeft hij een keer gevlogen. Hij moest een luxe-duikklant begeleiden en die ging dus vliegen.
Na een lange dag werken stapte hij in het vliegtuig. Doodeng, uiteraard. En heel verlegen. Nadat hij de vlucht had overleefd, moest iedereen uitstappen. Toen had hij een probleem. In de spanning en paniek kreeg hij de gordel niet los. Hij is toen maar blijven zitten tot iedereen om hem heen uitgestapt was. Vervolgens heeft hij zich over de stoel omlaag laten glijden terwijl de gordel nog vast zat. Op de vraag waarom hij niet een stewardess om hulp heeft gevraagd, kregen we een geweldig antwoord. Hij was zo verlegen, en die meisjes waren zo mooi en schoon, ze roken zo lekker. Die durfde hij niet lastig te vallen met zoiets doms.
We hebben het verhaal al zo vaak gehoord, maar het blijft leuk. Zeker als je bedenkt dat de gordel in het vliegtuig dezelfde sluiting heeft als de duikgordels. Och ja, het zal wel komen door  de mooie stewardess  die hem het hoofd op hol heeft gebracht.
Als we op het vliegveld aankomen worden we voor de deur afgezet. Opan en Pak Umpuk lopen mee naar binnen. We vragen even na of het mogelijk is om in te checken en daarna terug te gaan naar de openbare ruimtes. We willen graag nog samen wat drinken en dat is handiger als we onze bagage kwijt zijn.
Dat blijkt te kunnen. Terwijl Peter en ik inchecken, kijken Opan en Pak Umpuk nog even rond op het vliegveld. Niet dat er heel veel is te zien…
Als we weer bij elkaar zijn, drinken we samen nog een ijscappuccino in een restaurantje. De taartjes die in de vitrine liggen slaan we maar over. We hebben even genoeg taart gehad. En de stemming is er nu ook niet meer naar.
Pak Umpuk houdt nog een heel officieel toespraakje, om ons te bedanken voor ons bezoek, voor alles wat we voor zijn familie en voor de mensen in Lombok doen. Heel lief, maar ik word er niet meer vrolijker van. We stamelen een bedankje voor alles wat zij voor ons doen, alle vriendschap, gastvrijheid, begeleiding, hulp bij Impian Anak. Wat we geven krijgen we dubbel en dik terug.
Dan moeten we echt vertrekken. Er volgt een heel moeilijk afscheid, wat mij betreft mag dat de volgende keer weer in Ampenan. Dan ben ik een beetje ‘opgeknapt’ tegen dat we op het vliegveld zijn.
Gelukkig hoeven we niet meer lang te wachten. Een kwartier 'te vroeg' zitten we al in de lucht, nog zwaarmoedig van het afscheid, maar ook blij weer naar huis te gaan, want voor een eerste vakantie zonder kinderen was dit ook wel lang genoeg.
Volgende keer dus weer lekker lang met zijn viertjes naar Lombok!

 


info@impian-anak.com - tel: +31 478 539091 - Bankrekening: NL77 KNAB 0205 9517 32 t.n.v. Stg. Impian Anak te Blitterswijck.             .